<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	xmlns:media="http://search.yahoo.com/mrss/"
>

<channel>
	<title>Literatuur - Wynia&#039;s Week</title>
	<atom:link href="https://www.wyniasweek.nl/category/literatuur/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.wyniasweek.nl/category/literatuur/</link>
	<description>Altijd scherp, altijd spraakmakend</description>
	<lastBuildDate>Wed, 08 Apr 2026 12:11:50 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	
	<item>
		<title>Hoe een ‘godslasterlijke’ katholiek 60 jaar geleden de emancipatie van homo’s in een stroomversnelling bracht</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/hoe-een-godslasterlijke-katholiek-60-jaar-geleden-de-emancipatie-van-homos-in-een-stroomversnelling-bracht/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2026-04-09</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Hans Wansink]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 09 Apr 2026 03:49:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[1966]]></category>
		<category><![CDATA[Geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<category><![CDATA[Tolerantie]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=81513</guid>

					<description><![CDATA[<p>Het jaar 1966 was in veel opzichten een kanteljaar in onze recente geschiedenis. De schrijver Gerard Reve speelde een hoofdrol in de strijd voor emancipatie van homoseksuelen, signaleer ik in Ontketend Nederland. Dat had alles te maken met de publicatie in maart 1966 van zijn brievenroman Nader tot U &#8211; en vooral met het daaropvolgende [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/hoe-een-godslasterlijke-katholiek-60-jaar-geleden-de-emancipatie-van-homos-in-een-stroomversnelling-bracht/">Hoe een ‘godslasterlijke’ katholiek 60 jaar geleden de emancipatie van homo’s in een stroomversnelling bracht</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph">Het jaar 1966 was in veel opzichten een kanteljaar in onze recente geschiedenis. De schrijver Gerard Reve speelde een hoofdrol in de strijd voor emancipatie van homoseksuelen, signaleer ik in <em><a href="https://www.wyniasweek.nl/product/ontketend-nederland-van-provo-tot-pvv/">Ontketend Nederland</a></em>. Dat had alles te maken met de publicatie in maart 1966 van zijn brievenroman <em>Nader tot U &#8211;</em> en vooral met het daaropvolgende proces tegen Reve wegens ‘smadelijke godslastering’. Vandaar dat ik wat uitgebreider stil sta bij wat Gerard Reve zijn ‘rampjaar’ noemde.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Uit de kast komen is ook nu nog geen lichtvaardige actie, maar tot diep in de jaren zestig was afwijzing de standaardreactie op homo’s en lesbo’s die van hun seksualiteit geen geheim maakten. Seksueel verkeer van een meerderjarige met een minderjarige van hetzelfde geslacht was volgens artikel 248bis van het Wetboek van Strafrecht verboden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het betekende dat de belangenvereniging voor homo’s, het COC, geen rechtspersoonlijkheid kon verwerven en dus zeer behoedzaam moest opereren. De besloten vereniging functioneerde als een soort schuilkelder voor homoseksuelen. Het politieke karakter van het COC moest worden verhuld. Alles wat kon worden opgevat als ‘propaganda voor de homoseksuele levenswijze’ moest worden vermeden.</p>



<h2 class="wp-block-heading">‘Godslasterlijk en immoreel’</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Maar halverwege de jaren zestig besloot het COC, met Reve als één van de boegbeelden, het debat over erkenning van homoseksuelen aan te zwengelen. In 1965 lanceerde het COC het tijdschrift <em>Dialoog.  </em>Daarin werd Reves ‘Brief aan mijn Bank’ gepubliceerd. Die bevatte de volgende passage:</p>



<p class="wp-block-paragraph">‘Als God zich opnieuw in de Levende Stof gevangen geeft, zal Hij als Ezel terugkeren, hoogstens in staat een paar lettergrepen te formuleren, miskend en verguisd en geranseld, maar ik zal Hem begrijpen en meteen met Hem naar bed gaan, maar ik doe zwachtels om Zijn hoefjes, dat ik niet te veel schrammen krijg als Hij spartelt bij het klaarkomen.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het nummer werd wijd verspreid; ook de leden van de Tweede Kamer kregen een exemplaar toegestuurd. De bijdrage van Reve was voor SGP-parlementariër C.N van Dis aanleiding om op 22 februari 1966 Kamervragen te stellen aan minister van Justitie Ivo Samkalden en minister van Cultuur Maarten Vrolijk (beiden PvdA). ‘Moeten de ministers niet erkennen, dat het artikel godslasterlijk, immoreel, bestiaal en zelfs satanisch van inhoud is en derhalve uitermate krenkend voor de godsdienstige gevoelens van zeer velen in ons volk?’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op 28 maart antwoordden de ministers dat door het Openbaar Ministerie een vervolging wegens smadelijke godslastering tegen Reve zou worden ingesteld. </p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">‘Ik ben ervan overtuigd’, blikte Gerard Reve in 1995 terug, ‘dat het jaar negentienhonderd zes en zestig in belangrijke mate een rampjaar was. Niet voor de wereld en evenmin voor mijn Geliefde Land en Volk, maar voor mij, schrijver dezes, zelve.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Reve verklaarde zich nader: ‘Waarom was 1966 een rampjaar? Omdat in dat jaar mijn roman <em>Nader Tot U</em> verscheen, die in één klap aan alle twijfel een einde maakte: Gerard Reve was wel degelijk van de herenliefde, en meende dat gegeven als motief in zijn werk een plaats te moeten geven. Genoemde tegennatuurlijke geaardheid was toen nog allerminst chic, doch een lelijk stigma. In datzelfde jaar werd ik rooms-katholiek, wat in Nederland net zo erg was en nog steeds is. Men kan dus spreken van een dubbele vernedering, die ik door mijn eigenaardige karakter zelf gezocht heb.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Reve had het boek opgedragen aan zijn vriend Willem Bruno van Albada. Tot ontsteltenis van vader en moeder Van Albada: ‘Begrijpen jullie nu helemaal niet, dat het in de publiciteit brengen van onze naam (&#8230;) voor ons een klap is die hard aan komt?’ Er viel dus voor Reve en zijn partner ook persoonlijk nog een wereld te winnen.</p>



<h2 class="wp-block-heading">‘Mooie stukken’</h2>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Nader tot U </em>hield in het hele jaar 1966 de gemoederen bezig. Binnen enkele maanden was het al aan een vierde druk toe. Voor- en tegenstanders kwamen in de pers uitgebreid aan het woord. Algemeen was het oordeel dat er niemand in Nederland ooit zo had geschreven over homoseksualiteit én over God als Gerard Reve. Maar strafbaarstelling werd door de meeste commentatoren afgedaan als ‘niet meer van deze tijd’. Dat gold ook voor veel gelovigen zelf. Typerend was de reactie van de bekende KVP-politica Marga Klompé:</p>



<p class="wp-block-paragraph">‘Ik vond hele mooie stukken in dat boek, maar als u mij vraagt of dat mijn meest favoriete lectuur is, da zeg ik nee! Maar als ik dan zo’n boek lees, dan probeer ik mij af te vragen wie de man is, die dat boek heeft geschreven. Als je dat doet, word je niet zo gauw gechoqueerd.’ </p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="8473891437" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">De officier van justitie betrok in zijn dagvaarding een passage uit <em>Nader tot</em> <em>U</em> die aansloot bij het door Van Dis gewraakte citaat uit <em>Dialoog</em>: </p>



<p class="wp-block-paragraph">‘En God Zelf zou bij mij langs komen in de gedaante van een eenjarige, muisgrijze ezel en voor de deur staan en aanbellen en zeggen: “Gerard, dat boek van je – weet je dat ik bij sommige stukken gehuild heb?” “Mijn Heer en mijn God! Geloofd weze Uw Naam tot in alle Eeuwigheid! Ik houd zo verschrikkelijk veel van U”, zou ik proberen te zeggen, maar halverwege zou ik al in janken uitbarsten, en Hem beginnen te kussen en naar binnen trekken, en na een geweldige klauterpartij om de trap naar het slaapkamertje op te komen, zou ik Hem drie keer achter elkaar langdurig in Zijn Geheime Opening bezitten, en daarna een present-eksemplaar geven, niet gebrocheerd, maar gebonden – niet dat gierige en benauwde – met de opdracht: <em>Voor De Oneindige. Zonder Woorden</em>.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Gerard Reve stond op 20 oktober 1966 terecht voor de Amsterdamse rechtbank. De officier van Justitie eiste een boete van honderd gulden. De rechtbank ontsloeg Reve op 3 november van rechtsvervolging, maar het was een dubbelzinnig vonnis. Het college beschouwde de gewraakte passages namelijk wel als godslastering, maar vond dat zij geen smadelijk karakter hadden. Dit was voor zowel Gerard Reve als de officier van justitie aanleiding om in beroep te gaan.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Geen statisch Godsbeeld</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Dit hoger beroep diende op 17 oktober 1967 voor het Amsterdamse gerechtshof. De advocaat-generaal eiste eveneens honderd gulden boete. Gerard Reve besloot zijn verdediging zelf te voeren. Essentieel in zijn pleitrede was de formulering van zijn Godsbegrip: </p>



<p class="wp-block-paragraph">‘Ik bezit geen statisch Godsbeeld, maar als ik van God een definitie zou moeten geven, dan zou die thans luiden: “God is het diepst verborgene, meest weerloze, allerwezenlijkste en onvergankelijkste in onszelf” (…) En ik vermag niet in te zien, waarom dit Godsbeeld minder recht op expressie zou hebben dat dat van bijvoorbeeld de God der wrake, die mensen tot het bedrijven van zonden predestineert, om ze vervolgens voor deze zonde voor eeuwig te verdoemen.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Reve voegde er nog aan toe dat ‘het liefste, meest schuldeloze schepsel dat ik ken is, naast de olifant, de Ezel (…) Het is geen toeval, dat volgens de overlevering de Ezel één van de slechts twee uitverkoren Dieren is, die aanwezig mogen zijn bij de Geboorte van God.’</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een stap vooruit</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Het Hof sprak Reve op 31 oktober volledig vrij, omdat uit niets was gebleken dat hij bedoeld had God te beschimpen of te honen. De advocaat-generaal ging in cassatie bij de Hoge Raad, maar zijn beroep werd op 2 april 1968 niet ontvankelijk verklaard. Reve noemde het arrest van de Hoge Raad een stap vooruit, ‘omdat van nu af aan de bedoelingen van de auteur en niet de opvattingen van de lezers beslissend zijn.’ </p>



<p class="wp-block-paragraph">Wel pleitte hij voor afschaffing van het verbod op smalende godslastering. Het zou nog tot 1 maart 2014 duren voordat het betreffende artikel 147 van het Wetboek van Strafrecht zou worden geschrapt. </p>



<figure class="wp-block-image size-full is-resized"><img fetchpriority="high" decoding="async" width="605" height="341" src="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/Afbeelding1-1.png" alt="" class="wp-image-81515" style="width:801px;height:auto" srcset="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/Afbeelding1-1.png 605w, https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/Afbeelding1-1-300x169.png 300w, https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/Afbeelding1-1-600x338.png 600w" sizes="(max-width: 605px) 100vw, 605px" /></figure>



<p class="wp-block-paragraph"><em><br></em>Hans Wansink is historicus en journalist. Onlangs verscheen bij Uitgeverij Blauwburgwal zijn boek ‘Ontketend Nederland. Van Provo tot PVV’. Het boek kost €29,95 en is&nbsp;<a target="_blank" href="https://www.wyniasweek.nl/product/ontketend-nederland-van-provo-tot-pvv/">HIER</a>&nbsp;te bestellen<strong>.</strong></p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Wynia’s Week</strong> verschijnt 156 keer per jaar en wordt <strong>volledig mogelijk gemaakt</strong> door de donateurs. Doet u mee? <a target="_blank" href="http://www.wyniasweek.nl/doneren/"><strong><em>Doneren kan zo</em></strong></a>. <strong>Hartelijk dank!</strong> </p>



<p class="wp-block-paragraph">. </p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/hoe-een-godslasterlijke-katholiek-60-jaar-geleden-de-emancipatie-van-homos-in-een-stroomversnelling-bracht/">Hoe een ‘godslasterlijke’ katholiek 60 jaar geleden de emancipatie van homo’s in een stroomversnelling bracht</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/WW-Wansink-9-april-2026-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/WW-Wansink-9-april-2026-300x170.jpg" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/WW-Wansink-9-april-2026.jpg" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/WW-Wansink-9-april-2026-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/WW-Wansink-9-april-2026-150x150.jpg" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/04/WW-Wansink-9-april-2026.jpg" length="26616" type="image/jpeg" />
	</item>
		<item>
		<title>Van het deugpronken van onze literaire elite wordt niemand wijzer &#8211; en het is nog discriminatie ook</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/van-het-deugpronken-van-onze-literaire-elite-wordt-niemand-wijzer-en-het-is-nog-discriminatie-ook/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2026-01-27</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Aart G. Broek]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 27 Jan 2026 04:49:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Cultuur]]></category>
		<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<category><![CDATA[Woke]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=77778</guid>

					<description><![CDATA[<p>Aan lankmoedigheid had de Curaçaose auteur Tip Marugg (1923-2006) een bloedhekel: ‘Als ze daar bij jullie in Nederland maar niet mijn roman waarderen, omdat ze het zo alleraardigst vinden dat hier in de wildernis van Curaçao een neger een pen weet vast te houden en zélfs in het Nederlands weet te schrijven. Hoe vernederend wil [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/van-het-deugpronken-van-onze-literaire-elite-wordt-niemand-wijzer-en-het-is-nog-discriminatie-ook/">Van het deugpronken van onze literaire elite wordt niemand wijzer &#8211; en het is nog discriminatie ook</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph">Aan lankmoedigheid had de Curaçaose auteur Tip Marugg (1923-2006) een bloedhekel: ‘Als ze daar bij jullie in Nederland maar niet mijn roman waarderen, omdat ze het zo alleraardigst vinden dat hier in de wildernis van Curaçao een neger een pen weet vast te houden en zélfs in het Nederlands weet te schrijven. Hoe vernederend wil je het hebben!’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Marugg was een blanke man, zijn moedertaal was Papiaments (de creoolse taal van zijn geboorte-eiland Curaçao), hij beheerste het Nederlands meesterlijk en hij had er wel degelijk een voortreffelijke roman in geschreven.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In het jaar dat Marugg mij het manuscript toevertrouwde, in 1988, verscheen de roman onder de titel <em><a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/de-morgen-loeit-weer-aan/9200000032455247/&amp;f=txl">De morgen loeit weer aan</a></em> bij uitgeverij De Bezige Bij en beleefde daarop vele herdrukken. Hij verwoordde zijn vrees om niet vanwege de kwaliteit van de roman te worden uitgegeven, maar om wazige ideële redenen. Hij doelde op het vermeend deugdzame handelen van hoger opgeleide Nederlanders om geen verwerpelijke stempels als ‘discriminatie’, ‘kolonialisme’ en ‘moederlandse arrogantie’ opgeplakt te krijgen. Het intimiderende stel ‘diversiteit en inclusie’ bestond toen nog niet. De praktische gedachten erachter waarden echter al volop rond. Die bereikten het eiland in de gedaante van ‘lankmoedigheid’, dat wil zeggen: het jubelend prijzen van middelmatig handelen, reguliere vorming en van doorsnee brouwsels.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Onwankelbare hooghartigheid</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Die lankmoedigheid steekt inmiddels vernietigend de kop op in het Nederlandse culturele veld. Met een onwankelbare hooghartigheid worden prijzen uitgereikt aan – mogelijk alleraardigste – mensen waarvan het werk geen uitzonderlijke kwaliteit heeft of zelfs uitgesproken verwerpelijke aspecten kent. Marugg keert zich om in zijn graf door de toewijzing van De Gouden Ganzeveer aan Gershwin Bonevacia, een auteur met een Afro-Curaçaose achtergrond. Marugg zou Bonevacia ongetwijfeld alle goeds in de wereld hebben gegund, maar geen vernederende lankmoedigheid: ‘Hoe alleraardigst… een pen weet vast te houden…‘</p>



<p class="wp-block-paragraph">Bonevacia heeft nog lang niet het niveau bereikt van gelauwerden die hem voorgingen, zoals Adriaan van Dis, Geert Mak, Jan Brokken, Arnon Grunberg, Ian Buruma, Antjie Krog, David van Reybrouck en Annejet van der Zijl. Je plaatst een brugklasser niet over naar de universiteit. Dat zou valse waardering zijn en zodoende pakt die overplaatsing naar hogere regionen – voor de betrokkene – schaamtevol uit. Bonevacia voldoet (nog) niet aan de verwachtingen die er op zijn schouders worden gelegd met die prijs, hoe ‘alleraardigst’ ook zijn gedichten, theaterwerk en podcasts mogen zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Niet minder schaamtevol is de toekenning van de prestigieuze P.C. Hooft-prijs aan Anja Meulenbelt. Met alle recht en alleszins overtuigend plaatste Harrie Verbon hier gepaste <a href="https://www.wyniasweek.nl/anja-meulenbelt-bewijst-het-goedpraten-van-moord-verkrachting-en-terreur-is-in-nederland-prijswaardig-geworden/">kanttekeningen bij</a>.&nbsp; In Nederland is het ‘prijswaardig’ geworden om moord, verkrachtingen en terreur, in casu als die van Hamas, begripvol en zelfs instemmend te verdedigen, zoals Meulenbelt heeft gedaan. Hoe weerzinwekkend de prijswaardigheid van Anja M. is, wordt nog tastbaarder wanneer bekeken in het licht van de toekenning van een andere hoogst prestigieuze prijs.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Nadat, in 2021, de Surinaams-Nederlandse schrijfster Astrid Roemer de Prijs der Nederlandse Letteren was toegekend, werd bekend dat zij zich begripvol had uitgelaten over de zogeheten ‘decembermoorden’. Door toedoen van de latere president Desi Bouterse werden, in 1982, vijftien [!] prominente Surinamers &#8211; tegenstanders van zijn bewind &#8211; standrechtelijk gedood. Verontwaardiging in geschoolde Nederlands-Surinaamse kringen over Roemers goedgezinde opstelling naar de despoot. Vervolgens besloten de verantwoordelijke instellingen – het Nederlandse Letterenfonds en Literatuur Vlaanderen – de beoogde feestelijke prijsuitreiking door de koning van België in zijn paleis niet door te laten gaan. Astrid Roemer zou zich op schaamteloze wijze hebben gecompromitteerd. Zodoende had zij tevens de jury beschaamd. De reuring die het een en ander opleverde heb ik voor deze website hier <a href="https://www.wyniasweek.nl/neem-astrid-roemer-serieus-en-onthoudt-haar-de-prijs-der-nederlandse-letteren/">onder de loep genomen</a>.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op 7 oktober 2023 vielen in Israël minstens 1200 doden [!], hoofdzakelijk Joden, door gruwelijk gewelddadig handelen van Hamas-strijders en andere Palestijnen. Anja Meulenbelt liet zich meerdere malen begripvol uit over die slachting, zelfs al op 8 oktober van dat jaar (<a href="https://www.bnnvara.nl/joop/artikelen/zo-kijken-wij-naar-de-aanval-op-israel-de-pressurecooker-die-gaza-heet-is-ontploft">op de BNNVARA-website Joop</a>). De moordpartij en het aantal doden blijken onvoldoende om haar de P.C. Hooft-prijs te onthouden. Is de Palestijnse terreurdaad wellicht wél voldoende om van de toekenning geen feestje te maken, zeker nu bekend is in welke mate Iran &#8211; de stuwende kracht en donor achter Hamas &#8211; dood en verderf zaait onder de eigen protesterende bevolking?</p>



<p class="wp-block-paragraph">Nee, er komt toch een feestelijk prijsuitreiking, zo bevestigde het bestuur van de Stichting P.C. Hooft-prijs mij. Het bestuur wenst zich niet uit te spreken over de standpunten van Meulenbelt en reduceert bijgevolg de literatuur tot een kinderlijk bellenblazen zonder enige betekenis, maar wel van ’literaire kwaliteit’.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Morele correctheid</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Terzijde, maar niet om terzijde te schuiven: de &#8216;literaire kwaliteit&#8217; van het werk van beide auteurs stel ik niet ter discussie. Al dan niet literair verpakt, waarom is de ene jury beschaamd door de begripvolle opstelling naar de moord op vijftien Surinamers en waarom is de andere jury nog niet bereid om de moord op 1200 Israëliërs en de moord op duizenden Iraniërs op enigerlei wijze te laten meewegen in een beoordeling?</p>



<p class="wp-block-paragraph">Met andere woorden, waarom worden er &#8211; terugblikkend &#8211; aan Astrid Roemer hogere eisen van morele correctheid gesteld dan aan Anja Meulenbelt? Er is sprake van een pijnlijk discriminatoir handelen inzake een auteur van kleur en een blanke c.q. witte schrijfster, zo komt mij voor. Ik legde deze aangelegenheid dan ook voor aan de Nationaal Coördinator tegen Racisme en Discriminatie, Rabin Baldewsingh. Het zal hem, mede gegeven zijn Surinaamse achtergrond, interesseren, maar hij blijft mij vooralsnog een antwoord schuldig.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een zekere grilligheid is eigen aan onze ‘woke’ culturele elite waar het de concrete invulling van hun gevoelens voor ‘sociale rechtvaardigheid’ betreft. Wie of wat voor deugdzaam doorgaat en de schreeuw om ‘<em>social justice’</em> vertolkt, wordt bij ongeschreven en onschendbaar decreet afgekondigd. Tegenspraak is uit den boze. Hierdoor ondergaat een bekend gezegde enige verschuiving, wanneer de praktijk weerbarstig blijkt: beter ten hele gedwaald dan ten halve gekeerd. Voor onze ‘woke’ letterenclan was Desi Bouterse een dictator voor wie Roemer zich niet gunstig had mogen uitspreken. Voor diezelfde clan is de verdediging van de moorddadige Ali Khamenei en zijn vazallen – waaronder Hamas – ‘prijswaardig’. Punt.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Vooral eigenbelang</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Mede door het grondig onderbouwde werk <em>We have never been woke</em> van de Amerikaanse socioloog Musa al-Ghrabi – <a href="https://www.wyniasweek.nl/ondanks-al-het-gepraat-over-woke-heeft-de-culturele-elite-de-ongelijkheid-juist-bestendigd/">recentelijk hier besproken</a> – weten we dat een ‘woke’ elite, zoals die in de letteren, bovenal het eigenbelang voorstaat. In één slogan wordt al-Ghrabi’s studie raak samengevat: ‘<em>How a new “woke” elite uses the language of social justice to gain more power and status, without helping the marginalized and disadvantaged.’ </em>In het Engels wordt dit ‘<em>virtue signalling’</em> genoemd, waarvoor in het Nederlands ‘deugpronken’ als vertaling opgang maakt. Die elite heeft slechts tot doel de bestendiging van haar eigen status, de dominante groepsnormen en legitimiteit van haar bestaan.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dit zorgt dan ook voor een bestendiging van de maatschappelijke status quo. Van enige verbetering van de ‘gekoesterde’ slachtoffers is geen sprake: geen Surinamer of moslim is wijzer geworden van het veronderstelde deugdzame handelen van de respectieve jury’s. Zoals Marugg al wist: ‘De morgen loeit weer aan en is niet te vertrouwen’.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong><em>Wynia’s Week</em></strong><em> verschijnt 156 keer per jaar en wordt <strong>volledig mogelijk gemaakt</strong> door de donateurs. Doet u mee, ook in het nieuwe jaar? <strong><a href="http://www.wyniasweek.nl/doneren/">Doneren kan zo</a></strong>. <strong>Hartelijk dank</strong></em></p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/van-het-deugpronken-van-onze-literaire-elite-wordt-niemand-wijzer-en-het-is-nog-discriminatie-ook/">Van het deugpronken van onze literaire elite wordt niemand wijzer &#8211; en het is nog discriminatie ook</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/ww-1-1-150x150.png" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/ww-1-1-300x170.png" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/ww-1-1.png" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/ww-1-1-150x150.png" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/ww-1-1-150x150.png" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/ww-1-1.png" length="232397" type="image/png" />
	</item>
		<item>
		<title>Vergeet Harry Mulisch en Gerard Reve. De enige dode Nederlandse schrijver die nog boeken verkoopt is… Appie Baantjer</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/vergeet-harry-mulisch-en-gerard-reve-de-enige-dode-nederlandse-schrijver-die-nog-boeken-verkoopt-is-appie-baantjer/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2026-01-06</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Roelof Bouwman]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 06 Jan 2026 04:48:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=76743</guid>

					<description><![CDATA[<p>Hij overleed in 2010, maar zijn naam staat nog steeds twee keer per jaar hoog in de bestsellerlijsten. Volgende week verschijnt deel 98 in de door hem gestarte ‘De Cock’-reeks en ook komt er een comeback op tv. Hoe flikt Appie Baantjer dat toch? &#160;&#160; Met het waarheidsgehalte van veel Nederlandse uitdrukkingen is het nogal [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/vergeet-harry-mulisch-en-gerard-reve-de-enige-dode-nederlandse-schrijver-die-nog-boeken-verkoopt-is-appie-baantjer/">Vergeet Harry Mulisch en Gerard Reve. De enige dode Nederlandse schrijver die nog boeken verkoopt is… Appie Baantjer</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><em>Hij overleed in 2010, maar zijn naam staat nog steeds twee keer per jaar hoog in de bestsellerlijsten. Volgende week verschijnt deel 98 in de door hem gestarte ‘De Cock’-reeks en ook komt er een comeback op tv. Hoe flikt Appie Baantjer dat toch? &nbsp;&nbsp;</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Met het waarheidsgehalte van veel Nederlandse uitdrukkingen is het nogal behelpen. Dat geldt ook voor het gezegde ‘Wie schrijft, die blijft’. Oorspronkelijk – dat wil zeggen zo’n honderd jaar geleden – was het een verkoopslogan voor kantoorartikelen. Niet lang daarna werd het een gemeenplaats met een wat diepere betekenis. Iets in de trant van ‘Wie schrijft, zal in zijn geschriften voortleven’.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In de praktijk komt daar bar weinig van terecht. Neem de Nederlandse literatuur van de negentiende eeuw. Maar heel weinig boeken uit dat tijdvak zijn in de boekhandel nog te koop. Eigenlijk heeft alleen <em><a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/max-havelaar/9300000226406819/&amp;f=txl">Max Havelaar</a></em> van Multatuli de tand des tijds ongehavend doorstaan. Louis Couperus (<em>Eline Vere, De stille kracht</em>), Marcellus Emants (<em>Een nagelaten bekentenis</em>), Hildebrand (<em>Camera Obscura</em>), Frederik van Eeden (<em>Van de koele meren des doods</em>): wie leest ze nog? </p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Pijnlijk moment</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Zelfs veel topauteurs uit de twintigste eeuw zijn weggezakt uit ons collectieve geheugen. &#8216;Na mijn dood,’ voorspelde Gerard Reve in 1982 in een interview, ’word ik op de scholen tien jaar vrijwillig gelezen en daarna nog eens tien jaar verplicht. Dan noemen ze een straat naar me. En dan ben ik helemaal vergeten. Niemand weet toch meer wie Tweede van der Helst was?&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dat had Reve goed gezien. De zelfbenoemde volksschrijver overleed in 2006 en van zijn populariteit is weinig meer over. De publicatie van Nop Maas’ driedelige Reve-biografie <em><a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/gerard-reve-1-de-vroege-jaren/1001004006555816/&amp;f=txl">Kroniek van een schuldig leven</a></em> (2009-2012) bracht zijn naam even terug in het centrum van de literaire belangstelling. Verder is er vooral vergetelheid. Een pijnlijk moment deed zich voor op zijn tiende sterfdag, toen Matthijs van Nieuwkerk het studiopubliek van <em>De wereld draait door</em> vroeg wie er weleens iets van Reve had gelezen. Niemand, zo bleek.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Harry Mulisch verging het niet veel beter. Nadat zijn postuum verschenen dagboekaantekeningen (<em><a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/leven-letteren-logboek-2-1991-1992/1001004005762791/&amp;f=txl">Logboek 1991-1992</a></em>) en de onvoltooid gebleven roman <em><a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/de-ontdekking-van-moskou/9200000046552364/&amp;f=txl">De ontdekking van Moskou</a></em> waren geflopt, verscheen in 2020 &#8211; ter gelegenheid van Mulisch’ tiende sterfdag &#8211; de aforismenbundel <em><a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/ik-kan-niet-dood-zijn/9300000005461600/&amp;f=txl">Ik kan niet dood zijn</a></em>. Een notering in de Bestseller 60, de wekelijkse boekenhitparade van de CPNB, bleef wederom uit. Dat trieste lot trof ook <em><a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/de-wondergrijsaard/9300000005461596/&amp;f=txl">De wondergrijsaard</a></em>, het tezelfdertijd verschenen portret van Mulisch in zijn laatste jaren, geschreven door Onno Blom.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Wie eeuwige roem wil vergaren, zo lijkt het, kan in Nederland maar beter geen schrijver worden. Tenzij… je naam Appie Baantjer is.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De voormalige rechercheur van het voormalige Amsterdamse politiebureau Warmoesstraat overleed -net als Mulisch &#8211; in 2010, twee jaar na publicatie van zijn zeventigste detectiveroman over zijn alter ego Jurriaan de Cock (‘met ceeooceekaa’). Al in 2006 was, na elf seizoenen, een einde gekomen aan de televisieserie <em>Baantjer, </em>uitgezonden door RTL.Vergetelheid lonkte.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Nauwelijks concessies</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Maar het liep totaal anders. In 2012 werd de Baantjer-reeks hervat, uiteraard met toestemming van de erven, en verscheen deel 71: <a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/baantjer-71-de-cock-en-de-onzichtbare-moordenaar/9200000002078487/&amp;f=txl"><em>De Cock en de onzichtbare moordenaar</em></a>. Geschreven door Peter Römer, wiens vader Piet de hoofdrol vertolkte in de televisieserie.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Aanvankelijk betrof het bewerkte tv-scenario’s; later, vanaf deel 76, origineel werk. Helemaal in de oergezellige stijl van de overleden meester, dus met een hoofdpersoon die zich onthoudt van vloeken, schieten en vreemdgaan. Vaste prik bleven De Cocks moeie voeten, zijn bezoeken aan het ‘etablissement’ van Smalle Lowietje en zijn periodieke ruzies (‘eruit!’) met commissaris Buitendam.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="8473891437" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Ook houdt Römer stug vol dat bureau Warmoesstraat &#8211; een kwart eeuw geleden gesloten &#8211; nog steeds in vol bedrijf is. Met concessies aan de criminele en politionele werkelijkheid is hij sowieso weinig scheutig. Nieuw op het bureau is eigenlijk alleen de jonge rechercheur Lotty Schouten en ook is De Cock inmiddels zo modern dat hij een mobiele telefoon gebruikt, zij het spaarzaam.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De herstart van de boekenreeks ging aanvankelijk niet van een leien dakje. De nieuwe titels &#8211; met bovenaan op het omslag, zoals gebruikelijk, in rode kapitalen de naam ‘BAANTJER’ en daaronder een typisch Amsterdams straatbeeld &#8211; verkochten weliswaar goed, maar top-drie-noteringen bleven uit. Sinds de verschijning in 2022 van deel 90 (<em><a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/baantjer-90-de-cock-en-moord-op-stand/9300000041104949/&amp;f=txl">De Cock en moord op stand</a></em>) is dat echter veranderd en prijkt er &#8211; net als vroeger &#8211; weer elke zes maanden een nieuwe Baantjer op een podiumplaats in de Bestseller 60. Als het huidige tempo wordt volgehouden, verschijnt begin 2027 deel 100.  </p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Uitweg gevonden</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Maar dat is nog niet alles. Want in het najaar van 2026 komt <em>Baantjer </em>ook terug op televisie, bij SBS en Videoland. Er zijn tien nieuwe afleveringen in voorbereiding, met &#8211; het lijkt een riskante keus – zanger, acteur en cabaretier Thomas Acda in de rol van rechercheur De Cock. ‘De revival past in een bredere trend van nostalgie-tv,’ constateerden mediawatchers.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Maar dat is natuurlijk niet de kern van de zaak. Van Baantjer, zo becijferde zijn <a href="http://partnerprogramma.bol.com/click/click?p=1&amp;t=url&amp;s=1434258&amp;url=https://www.bol.com/nl/nl/p/baantjer-alias-de-cock/9300000153879436/&amp;f=txl">biograaf Geertje Bos</a> in 2008, zijn meer dan zeven miljoen boeken verkocht. Daar kan geen enkele andere Nederlandse auteur aan tippen. Minstens zo uniek: ook vijftien jaar na zijn dood is het lezerspubliek nog altijd niet uitgekeken op de wereld die Baantjer in zijn boeken heeft geschapen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De faam van schrijvers is meestal slechts van korte duur. Baantjer heeft echter een uitweg gevonden. Wat hadden Reve, Mulisch en al die andere literaire kanonnen met hun dedain voor ‘politieromannetjes’ graag met hem willen ruilen.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em><strong>Wynia’s Week</strong></em><em> verschijnt 156 keer per jaar en wordt <strong>volledig mogelijk gemaakt</strong> door de donateurs. Doet u mee, ook in het nieuwe jaar? </em><a href="http://www.wyniasweek.nl/doneren/"><strong>Doneren kan zo</strong>.</a><em> <strong>Hartelijk dank!</strong> </em></p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/vergeet-harry-mulisch-en-gerard-reve-de-enige-dode-nederlandse-schrijver-die-nog-boeken-verkoopt-is-appie-baantjer/">Vergeet Harry Mulisch en Gerard Reve. De enige dode Nederlandse schrijver die nog boeken verkoopt is… Appie Baantjer</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/bouwman-150x150.png" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/bouwman-300x170.png" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/bouwman.png" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/bouwman-150x150.png" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/bouwman-150x150.png" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2026/01/bouwman.png" length="274476" type="image/png" />
	</item>
		<item>
		<title>De deug- en klimaatromans van Tommy Wieringa en Ilja Leonard Pfeijffer drukken literatuur naar de zijlijn</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/de-deug-en-klimaatromans-van-tommy-wieringa-en-ilja-leonard-pfeijffer-drukken-literatuur-naar-de-zijlijn/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2025-10-09</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Hans Van Willigenburg]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 09 Oct 2025 03:49:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Boeken]]></category>
		<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=73352</guid>

					<description><![CDATA[<p>Ooit, nog niet zo heel lang geleden, draaide het merendeel van de literaire romans om helden of heldinnen die het op welke manier dan ook tegen de wereld opnamen, er in ieder geval hun eigen weg in zochten en door de schrijver in kwestie van een boeiende levensloop en/of karakter werden voorzien. De aantrekkingskracht van [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/de-deug-en-klimaatromans-van-tommy-wieringa-en-ilja-leonard-pfeijffer-drukken-literatuur-naar-de-zijlijn/">De deug- en klimaatromans van Tommy Wieringa en Ilja Leonard Pfeijffer drukken literatuur naar de zijlijn</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph">Ooit, nog niet zo heel lang geleden, draaide het merendeel van de literaire romans om helden of heldinnen die het op welke manier dan ook tegen de wereld opnamen, er in ieder geval hun eigen weg in zochten en door de schrijver in kwestie van een boeiende levensloop en/of karakter werden voorzien.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De aantrekkingskracht van de literatuur was tweeërlei: de beschreven personages waren op een interessante manier afwijkend, uitzonderlijk, normaal, eigenwijs, obsessief, dapper, laf dan wel lui (denk aan de Russische klassieker <em>Oblomov</em>) en door de stilistisch fraaie manier waarop hun lotgevallen werden beschreven, was het een extra genot dergelijke romans te lezen. Met de aantekening dat de epische kracht in literaire plots niet per se bij individuen vandaan hoeft te komen, maar ook uit families, syndicaten, bendes, vriendenclubs of andere formaties kan bestaan.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Memorabel drama</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">In het verlengde van de ongelijke strijd tussen de alomvattende wereld en de opgevoerde personages is het zogenaamd ‘menselijke tekort’ heel lang (en terecht) beschouwt als een wezenskenmerk van literatuur, ofwel: falen is per definitie een vruchtbaarder uitgangspunt voor memorabel drama dan slagen. Niet voor niets beweerde de eveneens Russische legende, Lev Tolstoj, reeds lang geleden dat ‘alle gelukkige gezinnen op elkaar lijken, en elk ongelukkig gezin ongelukkig is op zijn geheel eigen wijze’, suggererend dat over een gelukkig gezin weinig boeiends valt te schrijven. En het juist daarom niet voor de hand ligt zulks als het onderwerp van een literaire roman te kiezen (tekort aan ‘menselijk tekort’).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hoewel je onmogelijk kunt beweren dat er een tijdperk is geweest waarin elke roman die het licht zag een schelmenroman was, kun je diezelfde schelmenroman wel degelijk zien als de oervorm van de literatuur. Denk aan de liederlijke hoofdfiguur in <em>Ik, Jan Cremer</em>, aan de dubieuze Humbert Humbert uit <em>Lolita</em> (Vladimir Nabokov), aan de naar romantiek hunkerende Emma Bovary uit Gustave Flauberts <em>Madame Bovary</em>, aan Sancho Panza uit <em>Don Quichotte</em> en niet in de laatste plaats aan Odysseus, de roerganger van het klassieke epos de <em>Odyssee</em>. Ja, mislukking, triomf, verlies, vreugde, schaamte, stoerheid, liefde, kilte, seksdrive, frigiditeit, beschaving, barbarij: een beetje roman schudt de lezer tussen deze uitersten – die het leven de moeite waard maken, betekenis verlenen – heen en weer.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Of moet ik zeggen: schudde?</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Sinds enige tijd is er namelijk een heel ander soort, veel fletsere (misschien moet je zeggen ‘veiligere’) roman in opkomst. Een roman waarin de schrijver eerst en vooral een wereldbeeld aan de lezers wil opdringen. Romans waarbij personages niet zozeer meeslepende, worstelende, wispelturige en tegenstrijdige mensfiguren op zichzelf zijn, maar gereduceerd worden tot plat illustratiemateriaal van wat de schrijver over klimaat, racisme, ongelijkheid, gender en/of kolonialisme wil beweren. Romans, kortom, die amper nog op romans lijken; eerder doen denken aan colleges of sluitende betogen die ons, lezers, met alle geweld van iets willen overtuigen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een schoolvoorbeeld van een dergelijke roman is <em>Nirwana</em> (2023) van onze hedendaagse Harry Mulisch, genaamd Tommy Wieringa. De meeste interviews die Wieringa rond de verschijning gaf handelden dan ook niet over de roman zelf (laat staan over het plot of de personages). Nee, ze gingen over de afkeurenswaardige, op fossiele brandstoffen draaiende, kapitalistische wereldorde waarover Wieringa in zijn boek geen enkele twijfel laat bestaan dat de hoofdpersoon, de hedonistisch ingestelde kunstenaar Hugo Adema, er zijns inziens het perfide sluitstuk van is. Verschrikkelijk! Daarmee werd de roman gereduceerd, gestript annex uitgekleed tot ‘haakje’ voor een gesprek over de schuldige, witte man en diens vermeende hoofdrol in de ondergang van de planeet. Een staaltje politieke agitatie waar de auteur dan ook nog eens van harte aan meewerkte, alsof zijn domineeschap hem nader aan het hart ligt dan zijn boek.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Vertragende preken</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Zelfs de intens brave site scholieren.com komt inzake <em>Nirwana</em> tot de conclusie dat de geëtaleerde liefdesperikelen en broederhaat (met tweelingbroer Willem Adema) ruim voldoende zouden zijn geweest voor een spetterende roman, maar dat Wieringa er ‘jammer genoeg’ een hele winkel aan moralistisch-modieuze thema’s aan heeft toegevoegd. De site schrijft letterlijk: ‘Wieringa haalt ook de klimaatcrisis erbij, het consumptiepatroon van de moderne mens, de natuurproblematiek met zijn opvatting over&nbsp;Nirwana, de infantiliteit van de moderne mens en zeker ook die van politici. Uitgewerkte liefdesrelaties worden verbonden aan de filosofie van meditaties. Het zijn uitstapjes die eigenlijk niet per se in deze roman hadden gehoeven. Bijna vijfhonderd bladzijden volschrijven over zoveel verschillende thema&#8217;s haalt ook de vaart uit het verhaal.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Was het uitgesponnen <em>Nirwana</em>, en het uitsmeren van je wel degelijk aanwezige talent over vermeend actuele thema’s, maar een incident. Maar nee, Wieringa’s laatste bestseller lijkt eerder de vaandeldrager van een nieuwe, ogenschijnlijk dominante richting in de literatuur waarbij de deug- en klimaatromans steeds dikker worden, steeds hoger op de boekentafels liggen opgestapeld en, ondanks hun vertragende preken, als warme broodjes over de toonbank vliegen.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="8473891437" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Kijk alleen al naar het recente verkoopsucces van literaire titels als <em>Hotel Europa </em>en <em>Alkibiades</em> van Ilja Leonard Pfeijffer, die te lezen zijn als doorwrochte traktaten tegen achtereenvolgens het massatoerisme en de vermeende aanval op de democratie. Het koopkrachtige VPRO/GL-PvdA/BNNVARA/D66-publiek legt zulke dikke pillen maar al te graag op de spreekwoordelijke salontafel. En doet niets liever dan de eigen welgesteldheid met een antikapitalistische roman van een deugend randje voorzien. Daarbij achteloos de kleine kring van critici negerend die nog het lef heeft dergelijke romans te benoemen als &nbsp;‘edelkitsch’.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het zou te kort door de bocht zijn het teruglopende marktaandeel van Nederlandse literatuur in de totale boekenverkoop (jaarlijks 4 tot 6 procent afname) enkel en alleen op het conto van hyper-moraliserende auteurs als Wieringa en Pfeijffer te schrijven: misschien behoren zij juist vanwege hun politieke stelligheid – die in linkse kringen vaak ‘engagement’ wordt genoemd – tot de best verkopende literaire schrijvers. En zorgen ze ervoor dat het marktaandeel niet nog harder achteruit holt. Al valt niet uit te vlakken dat naarmate de literaire toptitels in de kiosken en boekhandels thematisch en inhoudelijk steeds meer gelijkenis vertonen met de opiniepagina’s van de zogenaamde kwaliteitskranten, en qua strekking net zo tendentieus worden, er voor consumenten steeds minder reden is om nieuwsgierig te zijn naar nieuwe literaire romans (laat staan ze uit te lezen). &nbsp;&nbsp;</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Sharia-achtige controle</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Ronduit verontrustend is, tenslotte, dat uitgerekend in de literair hoog in aanzien staande <strong>NRC</strong> het fictieve karakter van literaire romans – het speelse, fantasievolle, ambigue dat literatuur zo boeiend maakt – niet langer een pre lijkt, maar een reden om de betreffende schrijver het vuur eens stevig aan de schenen te leggen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Zo ondervond de Franse schrijfster Félicia Viti onlangs tegenover <em>NRC</em>-inquisiteur Isa Davids dat laatstgenoemde ernstige twijfels had over haar roman <em>Het verticale meisje</em>. Want, zo sluimerde door in Davids’ vraagstelling, ze nam erin niet expliciet genoeg afstand van het seksuele geweld dat ze opvoerde. Dit wantrouwen leidde uiteindelijk tot de volgende vraag aan Viti: ‘In hoeverre beschouwt u uw roman als een aanklacht tegen seksisme?’. De schrijfster daarmee uitnodigend een keurmerk van deugdzaamheid op haar eigen werk te plakken, of anders het risico te lopen door de <em>NRC</em> als heulend met seksisme te boek te komen staan.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Aannemend dat de Isa Davids-en model staan voor de richting die de literaire kritiek aan het opgaan is, en alles op alles zullen zetten hun controle op de literatuur tot sharia-achtige proporties te zullen verstevigen, luidt het advies richting de literaire vrijdenker: zoek de avontuurlijke, literaire boeken voortaan in de eerste plaats bij de kleinere uitgeverijen en de eigenzinniger fondsen. &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;</p>



<p class="wp-block-paragraph">De mainstream-literatuur dreigt namelijk een bijsluiter te worden van het partijprogramma van GroenLinks-PvdA dan wel, nog linkser, de Partij voor de Dieren. Of is dat al.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong><em>Wynia’s Week</em></strong><em> brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, <strong>156 keer per jaar</strong>, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. <strong><a href="https://www.wyniasweek.nl/doneren/">Doet u mee</a></strong></em><strong><em><a href="https://www.wyniasweek.nl/doneren/">?</a></em></strong><em> Hartelijk dank! </em></p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/de-deug-en-klimaatromans-van-tommy-wieringa-en-ilja-leonard-pfeijffer-drukken-literatuur-naar-de-zijlijn/">De deug- en klimaatromans van Tommy Wieringa en Ilja Leonard Pfeijffer drukken literatuur naar de zijlijn</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/10/hans--150x150.png" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/10/hans--300x170.png" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/10/hans-.png" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/10/hans--150x150.png" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/10/hans--150x150.png" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/10/hans-.png" length="337891" type="image/png" />
	</item>
		<item>
		<title>Onze schrijvers zijn sulletjes geworden. Geen wonder dat bijna niemand nog Nederlandse literatuur leest</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/onze-schrijvers-zijn-sulletjes-geworden-geen-wonder-dat-bijna-niemand-nog-nederlandse-literatuur-leest/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2025-02-18</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Roelof Bouwman]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 18 Feb 2025 04:51:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Boeken]]></category>
		<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=64605</guid>

					<description><![CDATA[<p>Sinds 1997 maakt de stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek bij de start van het nieuwe jaar de ‘CPNB Top 100 bestverkochte boeken’ bekend. Voor fanatieke lezers of mensen die het om wat voor reden dan ook interessant vinden om de boekenmarkt te volgen, is het een niet te missen informatiebron. Met z’n allen, [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/onze-schrijvers-zijn-sulletjes-geworden-geen-wonder-dat-bijna-niemand-nog-nederlandse-literatuur-leest/">Onze schrijvers zijn sulletjes geworden. Geen wonder dat bijna niemand nog Nederlandse literatuur leest</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph">Sinds 1997 maakt de stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek bij de start van het nieuwe jaar de ‘CPNB Top 100 bestverkochte boeken’ bekend. Voor fanatieke lezers of mensen die het om wat voor reden dan ook interessant vinden om de boekenmarkt te volgen, is het een niet te missen informatiebron.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Met z’n allen, zo berekende het CPNB, kochten we vorig jaar ruim 43 miljoen boeken (ongeveer evenveel als in 2023) met een totale waarde van 690 miljoen euro (in 2023 was dat was 685 miljoen euro). Een stabiel beeld dus, zoals dat heet. Maar is dat goed nieuws?</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is maar net hoe je het bekijkt. In 2008, toen Nederland anderhalf miljoen inwoners minder telde dan nu, gingen er nog 50 miljoen boeken over de toonbank. Ook, zo meldde het CPNB, weegt de kleine omzetstijging in 2024 niet op tegen de kostenstijgingen waar ook het boekenvak mee te maken heeft. En inderdaad: de gerealiseerde omzetgroei van 0,7 procent bleef ver achter bij de inflatie: die bedroeg vorig jaar 3,3 procent.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Literatuur als nicheproduct</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Minstens zo interessant is de CPNB-informatie op titelniveau. Wat direct opvalt, is dat er in de Top 100 over 2024 maar heel weinig Nederlandse literaire romans staan: slechts zeven stuks. De hoogste klasseringen zijn voor <em>Ik kom hier nog op terug</em> van Rob van Essen (nummer 12) en <em>Luister</em> van Sacha Bronwasser (32). &nbsp;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Wie alleen let op de talkshows, de boekenbijlages van de dagbladen en de ruimhartige media-aandacht voor winnaars van literaire prijzen, zou kunnen gaan vermoeden dat we verzot zijn op bellettrie van eigen bodem. Maar dat is dus schijn. Nederlandse literatuur &#8211; elke boekhandelaar weet het &#8211; is de laatste jaren een nicheproduct geworden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hoe zou dat toch komen?</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </strong></p>



<p class="wp-block-paragraph">Vorig jaar, op 24 juni, overleed Jan Cremer. <em>NRC</em> herdacht hem als de ‘gewone jongen’ die de literatuur ‘ruigheid en publiciteitsstunts’ bracht.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Maar dat was natuurlijk niet het hele verhaal. Cremer maakte deel uit van een buitengewoon succesvolle lichting Nederlandstalige schrijvers met niet te missen kenmerken: dominant, stoer, levenslustig, ongepolijst. Denk als grootheden als Jan Wolkers (1925-2007), Harry Mulisch (1927-2010), Willem Frederik Hermans (1921-1995), Gerard Reve (1923-2006) en de Vlaming Hugo Claus (1929-2008).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Met hun libido was het dik in orde en dat mocht iedereen weten. ‘Meestal zijn de vrouwen waar ik op val blond, hebben blauwe ogen, moeten tegen een stootje kunnen, goed in de keuken zijn en een goede kameraad zijn,’ zei Jan Cremer in 2019 tegen <em>Playboy</em>. ‘In mijn kring komen geen feministen voor. Een leuke vrouw is voor mij nog steeds gewoon een lekker wijf waar je een borrel mee kan drinken en waar je goed mee kan lachen en waar je de liefde mee kan bedrijven. Waar zijn ze anders voor, zou ik haast zeggen.’</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Loodgietende prijsdieren</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Ook Harry Mulisch cultiveerde zijn reputatie als <em>player</em>. ‘Vroeger zei ik weleens dat er met vrouwen niet te praten valt’, zei hij in 2008 tegen <em>HP/De Tijd</em>. ‘Dat was vooral om te plagen. Zoiets badinerends zou ik nu niet meer zeggen. Er zijn natuurlijk best vrouwen met wie je kunt praten, alleen ken ik er niet zo veel van.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Gerard Reve op zijn beurt deed vooral in zijn brievenbundels uitvoerig verslag van zijn talloze avonturen met loodgietende prijsdieren en andere meedogenloze jongens, terwijl Wolkers naar eigen zeggen ‘de ene meid na de andere’ versierde. Ook W.F. Hermans deed op zijn manier zijn best. Hij maakte geen geheim van zijn bewondering voor Sylvia Kristel (‘Ze lust er wel pap van, dat lijdt geen twijfel’), maar kon uiteraard niet verhinderen dat het Hugo Claus was die in 1974 een liefdesbaby bij haar verwekte.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Auto’s en motoren</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Poseren met ontbloot bovenlijf of in zwembroek? Mulisch, Reve, Cremer en Claus schrokken er niet voor terug en voorop <em>Groeten van Rottumerplaat</em> (1971) stond zelfs een piemelnaakte Wolkers. Ook typische mannenspeeltjes als auto’s en motoren waren nooit ver weg. Op de cover van <em>Ik Jan Cremer </em>(1964) zagen we de auteur op een Harley Davidson, Hermans vertelde graag hoe hij was gecrasht met zijn Austin-Healey 3000 (geen schrammetje, uiteraard), Mulisch liet zich veel en vaak zien in zijn olijfgroene Triumph TR 5 cabriolet en Wolkers sierde in 1977 de voorpagina van de <em>Haagse Post</em>, samen met zijn zojuist aangeschafte zilveren Jaguar.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Schrijvende machomannen, bestaan die nog in het Nederland van 2025? Welke hedendaagse topauteurs kunnen we ons voorstellen op een motor, als partner van een wereldberoemde actrice of als strandhunk? Hoeveel mannen identificeren zich met Murat Isik of zouden graag op Arnon Grunberg willen lijken?</p>



<p class="wp-block-paragraph">Nederlandse literatuur, zo wil een hardnekkig gerucht uit de boekenbranche, wordt nog hoofdzakelijk gelezen door vrouwen van middelbare leeftijd. Dat krijg je er dus van.&nbsp;</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong><em>Roelof Bouwman</em></strong><em>&nbsp;is columnist en adjunct-hoofdredacteur van Wynia’s Week. Hij schrijft over politiek, geschiedenis en media.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong><em>Wynia’s Week</em></strong><em>&nbsp;verschijnt drie keer per week,&nbsp;<strong>156 keer per jaar</strong>&nbsp;met even onafhankelijke als broodnodige artikelen en columns, video’s en podcasts. U maakt dat samen met de andere donateurs mogelijk. Doet u weer mee,&nbsp;</em><a href="https://www.wyniasweek.nl/doneren/"><strong><em>ook in 2025</em></strong></a><em>? Hartelijk dank!</em></p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/onze-schrijvers-zijn-sulletjes-geworden-geen-wonder-dat-bijna-niemand-nog-nederlandse-literatuur-leest/">Onze schrijvers zijn sulletjes geworden. Geen wonder dat bijna niemand nog Nederlandse literatuur leest</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/02/bouwman-150x150.png" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/02/bouwman-300x170.png" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/02/bouwman.png" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/02/bouwman-150x150.png" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/02/bouwman-150x150.png" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2025/02/bouwman.png" length="341814" type="image/png" />
	</item>
		<item>
		<title>Jan Oegema laat zien hoe Lucebert heeft geworsteld met nazi-Bert</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/jan-oegema-laat-zien-hoe-lucebert-heeft-geworsteld-met-nazi-bert/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2024-09-04</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Hans Wansink]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 04 Sep 2024 03:50:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<category><![CDATA[Lucebert]]></category>
		<category><![CDATA[Tweede Wereldoorlog]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=58924</guid>

					<description><![CDATA[<p>De dichter en beeldend kunstenaar Bert Swaanswijk, beter bekend als Lucebert, gold decennialang als boegbeeld van artistiek-progressief Nederland. Hij vestigde zijn reputatie als rebel in 1948 met zijn ‘minnebrief aan onze gemartelde bruid Indonesia’, een felle aanklacht tegen de politionele acties. Hij trok ten strijde tegen racisme, onrecht, onderdrukking, de autoriteiten in het algemeen en [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/jan-oegema-laat-zien-hoe-lucebert-heeft-geworsteld-met-nazi-bert/">Jan Oegema laat zien hoe Lucebert heeft geworsteld met nazi-Bert</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph">De dichter en beeldend kunstenaar Bert Swaanswijk, beter bekend als Lucebert, gold decennialang als boegbeeld van artistiek-progressief Nederland. Hij vestigde zijn reputatie als rebel in 1948 met zijn ‘minnebrief aan onze gemartelde bruid Indonesia’, een felle aanklacht tegen de politionele acties.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hij trok ten strijde tegen racisme, onrecht, onderdrukking, de autoriteiten in het algemeen en de katholieke kerk in het bijzonder. De letterkundige Jan Oegema vergelijkt in zijn nieuwe boek <em>Keizersdrama</em> Luceberts status zelfs met die van Mandela, Havel, Che Guevara en Gandhi.</p>



<h2 class="wp-block-heading">8 februari 2018</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Als aanvoerder van de vernieuwers van de poëzie onder wie Remco Campert, Gerrit Kouwenaar, Jan Elburg en Simon Vinkenoog kreeg Lucebert de eretitel Keizer der Vijftigers. Zijn experimentele dichtkunst (zonder hoofdletters) werd overladen met prijzen, waaronder de P.C. Hooftprijs en de Prijs der Nederlandse Letteren.</p>



<p class="wp-block-paragraph">En toen werd het 8 februari 2018. Vierentwintig jaar na zijn dood verscheen een nieuwe biografie van Lucebert, een kleine duizend pagina’s dik, van de hand van Wim Hazeu. Het was voorpaginanieuws. Wat niemand wist, hoogstwaarschijnlijk ook zijn vrouw niet, kwam alsnog aan het licht.</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">Bert Swaanswijk voelde zich als negentienjarige bijzonder thuis als vrijwillige arbeidskracht in nazi-Duitsland. Hij schreef zijn vriendin Tiny Koppijn zestig brieven en kaarten, vaak ondertekend met Sieg Heil. Ze stonden bol van Hitlerliefde en Jodenhaat. Swaanswijk was in de ban van de rol die hij als dichter en kunstenaar zou gaan vervullen in Hitlers nieuwe Europese orde.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De dochter van Koppijn bezorgde de explosieve correspondentie aan de biograaf toen die zijn manuscript eigenlijk al voltooid had. Hazeu moest letterlijk kotsen toen hij de eerste brieven had gelezen. Misschien nog wel kwalijker was het feit dat Lucebert zijn geheim in zijn graf had meegenomen. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld progressief boegbeeld Günther Grass die schoon schip maakte aan het eind van zijn leven.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hazeu kon niet anders dan zijn tekst volledig omgooien.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Seculiere heilige</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Maar, bezwoer Hazeu, we moesten de scheiding tussen werk en auteur ondanks alles wel blijven respecteren. ‘Aan Luceberts kunstenaarschap is geen afbreuk gedaan.’ Bijna alle columnisten, letterkundigen en collega’s zeiden het Hazeu na.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze operatie <em>damage control</em>, vindt Jan Oegema, was voorspelbaar, voorbarig en vooral veel te gemakkelijk: ‘De mate van identificatie is adembenemend, passend bij de seculiere heilige die hij van meet af aan is.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Oegema vervolgt: ‘De adolescent splitsen van de kunstenaar, de kunstenaar vervolgens van zijn werk: als het allemaal zo makkelijk is kunnen we inderdaad fatsoenlijk verder. In dit geval echter heeft de autonomie van het kunstwerk alles van een handig geloofsartikel, de beweringen demonstreren hoe slim we als linkse <em>upper class</em> onze helden in bescherming nemen.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="8473891437" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">In zijn essay <em>Keizersdrama</em> onderzoekt Oegema hoe Lucebert in zijn werk is omgegaan met zijn verzwegen oorlogsverleden. De dichter en zijn werk kunnen helemaal niet los van elkaar worden gezien, luidt de conclusie. Lucebert zit levensgroot in zijn werk. En wie met Oegema zijn verzameld werk nog eens nauwgezet doorneemt, struikelt over de aanwijzingen hoe Lucebert heeft geworsteld met ‘nazi-Bert’.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Zo lezen we in de bundel <em>apocrief </em>het gedicht ‘school der poëzie’:</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>ik ben geen lieflijke dichter</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>ik ben de schielijke oplichter</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>der liefde, zie onder haar de haat</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>en daarop een kaaklende daad.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>lyriek is de moeder der politiek,</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>ik ben niets dan omroeper van oproer</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>en mijn mystiek is het verdorven voer</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>van leugen waarmee de deugd zich uitziekt.</em></p>



<h2 class="wp-block-heading">Man voor een spiegel</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Oegema ziet de oudere Lucebert tegen zichzelf praten, opvallend vaak en allesbehalve vleiend. Meer dan twee pagina’s lang neemt Oegema’s opsomming van zestig oordelen van Lucebert over zichzelf in beslag. Van ‘arrogant ondier’, ‘kwetsbare komediant’, ‘martelaar van falen’, ‘salonleeuw in gewetensnood’, ‘vergeelde avantgardist’, ‘valsspeler’ tot en met ‘zondenbok’.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een motief dat bij Lucebert opduikt is dan ook voorspelbaar: de spiegel. Een man voor een spiegel, hoe akelig het is daarin te kijken en hoe verleidelijk om de blik te ontwijken. Een voorbeeld:</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>zo zie je jezelf? de genadeloze hij</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>kijkt graag in de mottige spiegel</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>van eenzaam worstelen liefst even</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>buiten beeld wordt hij wel gewaar:</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>gekruizigd bloed met tranen als dolken</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Zo toont Oegema overtuigend aan dat er kunstenaars zijn bij wie werk en persoonlijkheid onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Bovendien, schrijft de letterkundige, ‘Lucebert wierp zich op als linksige revolutionair en zo iemand mag je politiek en maatschappelijk de maat nemen. Een leidersfiguur vráágt daarom’.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Jan Oegema: <strong>Keizersdrama. Lucebert opnieuw</strong>, Boom, 208 pagina’s, 23,90 euro.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="https://www.wyniasweek.nl/author/hanswansink/" target="_blank" rel="noreferrer noopener"><strong><em>Hans Wansink</em></strong></a><em> is historicus en journalist en publiceert over boeken in Wynia’s Week. Hij was redacteur van NRC Handelsblad, Intermediair en de Volkskrant.</em>&nbsp;</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong><em>Wynia’s Week </em></strong><em>verschijnt ook dit jaar 104 keer met even onafhankelijke als broodnodige berichtgeving. Plus video’s en podcasts. De donateurs maken dat mogelijk. </em><a href="https://www.wyniasweek.nl/doneren/" target="_blank" rel="noreferrer noopener"><strong><em>Doet u mee?</em></strong></a><em> Hartelijk dank!</em>&nbsp;</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/jan-oegema-laat-zien-hoe-lucebert-heeft-geworsteld-met-nazi-bert/">Jan Oegema laat zien hoe Lucebert heeft geworsteld met nazi-Bert</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/09/WANSINK-150x150.png" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/09/WANSINK-300x170.png" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/09/WANSINK.png" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/09/WANSINK-150x150.png" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/09/WANSINK-150x150.png" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/09/WANSINK.png" length="147215" type="image/png" />
	</item>
		<item>
		<title>Maryse Condé overstijgt etnische scheidslijnen en geeft zwarte identiteit een menselijk gezicht</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/maryse-conde-overstijgt-etnische-scheidslijnen-en-geeft-zwarte-identiteit-een-menselijk-gezicht/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2024-04-06</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Aart G. Broek]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 06 Apr 2024 03:47:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Cariben]]></category>
		<category><![CDATA[Kolonialisme]]></category>
		<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=55016</guid>

					<description><![CDATA[<p>Het gelauwerde werk van Maryse Condé (1937-2024) is een scherpe kritiek op voormalige en hedendaagse zwart-identitaire bewegingen. Condé overstijgt moeiteloos etnische scheidslijnen in haar overrompelende oeuvre aan romans. Door schandalen van grensoverschrijdende aard werd in 2018 de Nobelprijs voor Literatuur niet uitgereikt. Als alternatief werd een respectabele prijs in het leven geroepen: the New Academy [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/maryse-conde-overstijgt-etnische-scheidslijnen-en-geeft-zwarte-identiteit-een-menselijk-gezicht/">Maryse Condé overstijgt etnische scheidslijnen en geeft zwarte identiteit een menselijk gezicht</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><em>Het gelauwerde werk van Maryse Condé (1937-2024) is een scherpe kritiek op voormalige en hedendaagse zwart-identitaire bewegingen. Condé overstijgt moeiteloos etnische scheidslijnen in haar overrompelende oeuvre aan romans.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Door schandalen van grensoverschrijdende aard werd in 2018 de Nobelprijs voor Literatuur niet uitgereikt. Als alternatief werd een respectabele prijs in het leven geroepen: the New Academy Prize for Literature.&nbsp; Deze prijs werd toegekend aan de Afro-Caribische Maryse Condé. Zij werd geboren op Guadeloupe in 1937 en overleed afgelopen week in Parijs. Haar romans zijn een weldaad voor de Cariben én de rest van de wereld.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Condé ondermijnt de ‘zwarte eenheid’</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Condé beantwoordt als geen ander uit de archipel aan de eisen die aan hedendaagse auteurs gesteld kunnen worden: ze schept personages met wie lezers wereldwijd zich kunnen identificeren om hun menselijk handelen, denken en voelen. Die zijn grillig, ontembaar en overschrijden steevast etnische grenzen. Condé rukt zich in haar literatuur los van voorgebakken groepsidentiteit. Zij weet overtuigend de veelzijdigheid van ervaringen en van nieuwe&nbsp; identificatiemogelijkheden onder woorden te brengen. Het gelauwerde werk van Maryse Condé is zodoende een scherpe kritiek op voormalige en hedendaagse zwarte-identiteitsbewegingen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Vanaf haar eerste roman <em>Hérémakhonon</em> (1976) heeft Condé systematisch ingehakt op het ongenuanceerd verheerlijken van zwarte etniciteit. In het verlengde ligt het geselen van het evenzo ongenuanceerd aanscherpen van wrok tegen alles wat westers en blank is. Zij ondermijnt krachtig de etnisch gekleurde ‘zwarte eenheid’ die is gebaseerd op een ellendig verleden en op verbittering.</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">De Afro-Caribische banden met Afrika worden door Condé scherp geproblematiseerd in deze eerste roman en in de roman <em>Une saison à Rihata</em> (1981). ‘Ik heb me vergist, vergist van voorouders. Ik heb mijn heil daar gezocht waar het niet te vinden was’, concludeert de hoofdpersoon in <em>Hérémakhonon</em>: een eenheid op etnische basis is een illusie. Van de ellende in je verleden is het geluk in jouw toekomst niet te maken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In <em>Moi, Tituba, sorcière</em> (1986) worden aspecten van de westerse, in het bijzonder de joodse, beschaving in een gunstig licht geplaatst, tegenover gerechtvaardigde kritiek op weer andere aspecten. Enerzijds worden mensenrechten door dik en dun verdedigd, anderzijds is er intolerantie en discriminatie.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een vergissing</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Condé’s bestseller, de dubbeldikke roman <em>Ségou</em> (1984/1985), ondergraaft het door literaire en wetenschappelijke stereotyperingen dichtgegroeide beeld van de slavernij. Zij realiseert dit door in detail de invloed van het Arabische expansionisme en van de Afrikaanse collaboratie bij de slavenhandel &#8211; plundering, verkrachting, verkoop, terreur, opstanden en wat dies meer zij &#8211; te beschrijven. Condé vervreemdt zodoende haar lezers van het vertrouwde en maakt hen vertrouwd met het vreemde.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In <em>Traversée de la mangrove</em>, uit 1989, wordt het Afro-Caribische nationalistische denken en het gebrek aan tolerantie en inlevingsvermogen onder de scherp geslepen loep gelegd en verschroeid. Of, zoals dat in de Nederlandse vertaling <em>Tocht door de mangrove</em> (1991) heet: ‘Net als jullie was ik er heel lang van overtuigd dat je nationalistisch moest eten, nationalistisch moest drinken en nationalistisch moest naaien! Ik verdeelde de wereld in twee kampen: wij en de klootzakken! Nu heb ik ontdekt dat dat een vergissing is. Een vergissing!’&nbsp;</p>



<h2 class="wp-block-heading">Rampzalige processen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De hoofdpersoon Francis Sancher &#8211; met een praktisch onontwarbare Europese, Latijns-Amerikaanse en Caribische achtergrond &#8211; bezit ‘meer menselijkheid en geestelijke rijkdom dan al onze creoolse praatjesmakers bij elkaar.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">Condé verliest vanzelfsprekend de rampzalige processen in het verleden en heden niet uit het oog: de <a href="https://en.wikipedia.org/wiki/Middle_Passage" target="_blank" rel="noreferrer noopener"><em>middle passage</em></a>, de slavernij, de contractarbeid, de martelingen onder de handen van koloniale overheersers en wat al niet meer. Ze begaat echter niet de fout alle blanken uit het verleden schuldig te verklaren en die van het heden en de toekomst op de koop toe.</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="8473891437" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">Wat van evenredig groot zo niet van groter belang is, zij begaat niet de fout om alle Afro-Caribische mensen uit het verleden tot willoze slachtoffers of zondeloze martelaren van een systeem te maken en daarmee die van het heden en de toekomst op de koop toe. Bij Condé zijn intriges, haat, begrip, liefde, lafheid, vooroordelen, veroordelingen, moed, afgunst en al het andere aan menselijke eigenschappen geen selectief etnisch gebonden grootheden maar aspecten van complexe mensen en hun complexe samenlevingsvormen.&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;</p>



<p class="wp-block-paragraph">De complexiteit van het menselijk handelen heeft Condé evenzo meeslepend in beeld gebracht in <em>La vie scélérate</em> (1987), waarvan onder de titel <em>Het valse leven</em> (1993) een Nederlandse vertaling is uitgekomen. Deze roman is een koestering van de Cariben en zijn mensen door de acceptatie van alle mogelijke eigenaardigheden, extremiteiten en groteske aangelegenheden – als vanzelfsprekend opnieuw ongeacht de etnische achtergrond. Het valse leven heeft een indrukwekkende reikwijdte en diepgang door de tekening van vier generaties, hun sociale mobiliteit, hun geografische spreiding, hun zeer uiteenlopende en veelvuldig tegenstrijdige aspiraties, hun onderlinge relaties en hun banden met derden, en een schier eindeloze reeks aan dikwijls zeer weerbarstige menselijke kenmerken.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Meeslepende reis</h2>



<p class="wp-block-paragraph">We krijgen het Caribische samenleven voorgeschoteld in een speurtocht van Coco naar de geschiedenis van haar familie. Coco, geboren in 1960, behoort tot de jongste generatie van deze familie. Die speurtocht gaat met meer of minder bereidwillige hulp van familieleden terug tot aan haar in 1948 overleden overgrootvader Albert Louis.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Albert zwoer ooit als jongen van twaalf, dat hij niet zou leven en sterven op de suikerrietplantages zoals zijn vader. Het oudste, tastbare levensteken dat Coco van Albert aantreft, is een door hem ondertekend contract van ‘dinsdag 14 maart 1904’ om twee jaar mee te werken aan het graven van het Panamakanaal. Met Alberts ontberingen, overlevingsstrategieën, idealen, teleurstellingen en succesvolle ondernemingen wordt de roman op de rails gezet en begint een meeslepende tocht door de twintigste eeuw en naar uiteenlopende delen van de Cariben, elders in de Nieuwe Wereld en in Europa.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Mangroven</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Vooral door haar grootvader Jacob, een van Alberts zonen, met een niet minder intrigerende levensloop dan zijn vader besluit Coco uiteindelijk dat verleden op schrift te stellen, wat feitelijk de roman is. ‘Het zou het verhaal worden van heel gewone mensen, die een heel gewoon leven leidden, maar ondertussen wel bloed aan hun handen hadden. (&#8230;) Dat verhaal moest ik vertellen, het zou mijn eigen monument voor onze doden worden. Een heel ander boek dan de ambitieuze boeken waarvan mijn moeder had gedroomd, Zwarte revolutionaire bewegingen en meer van dat soort dingen. Een boek zonder grote beulen of roemrijke martelaars. Maar dat toch zijn gewicht aan mensenlevens in de schaal zou leggen. Het verhaal van mijn familie.&#8217; Het verhaal van families zoals er talloos vele zijn, wereldwijd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Met het te boek stellen van de geschiedenis van haar familie wordt door Coco geen enkele poging ondernomen om het heden tot Afrikaanse ‘roots’ te herleiden. De geschiedenis van de Caribische mensen heeft meer overeenkomsten met het onontwarbare wortelstelsel van mangroven. Coco leert dit te accepteren, inclusief de grillige en soms uitgesproken weerzinwekkende vertakkingen in het modderige verleden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="3067971725" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">Het moet dan ook niemand meer verbazen dat de rol van zowel Afro-Caribische mensen als blanken in <em>Het valse leven</em> door Maryse Condé aanzienlijk genuanceerder wordt getekend dan we in teksten tegenkomen die door zwart identitair gedachtegoed zijn gevoed, zoals de historische Négritude, de Black Power-beweging en het Rastafarianisme of zoals de hedendaagse roep om <em>safe spaces,</em> om het vertrek van de zwarte Zwarte Piet en het felle dekoloniseringsdebat.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Met de roman geeft Condé aan Coco, haar familie en zodoende eenieder in de Cariben én daarbuiten een stem die onverbloemd en zonder afkeuren verwoordt wat dat verleden behelst aan &nbsp;identificatiepunten. Die zijn zowel in als buiten de eigen regio te vinden, binnen en buiten de eigen etnische groep. Voor een benauwd nationalisme met uitgesproken etnische contouren – van welke ‘kleur’ dan ook &#8211; heeft Condé geen enkele plaats ingeruimd. Ze zou erop blijven hameren, steeds weer verrassend uitdagend verpakt. Dit maakt haar werk tot wereldliteratuur en een zegenrijk geschenk voor ieder.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een toekomst zonder etnische enclaves</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Met haar oeuvre heeft Condé een overweldigende bijdrage geleverd aan het doorgronden van wie wij als mens zijn. Ze deed dit met overtuigende kracht, met gepaste pretenties en toonde zich vertrouwd&nbsp; met onvermijdelijke beperkingen. ‘Er ligt nog zoveel terrein braak’, zoals Jacob opmerkt, &#8216;Vol brandnetels, guinea gra en manzels marie die naar je kuiten klauwen.&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het verleden laat zich ook niet voor eens en altijd vastleggen en eenduidig interpreteren. Dat hoeft ook niet en moet ook niet gewild worden. Dit voorkomt het slaafse buigen voor versteende voorstellingen van het verleden en laat meer ruimte voor een creatieve invulling van de toekomst &#8211; een toekomst zonder etnische enclaves.&nbsp;</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Een tiental van <strong>Condé’s romans</strong> werd vertaald naar het Nederlands en gepubliceerd door uitgeverij In de Knipscheer, Haarlem. Dit is ook de uitgever van een verzameling essays van Aart G. Broek onder de titel <strong>Het zilt van de passaten; Caribische literatuur in de twintigste eeuw</strong>. Het meest recente werk van Condé verschijnt bij uitgeverij Orlando in Amsterdam.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong><em>Dr.&nbsp;</em></strong><a href="https://www.wyniasweek.nl/author/aartgbroek/"><strong><em>Aart G. Broek</em></strong></a><em>&nbsp;is (historisch) socioloog en letterkundige.&nbsp;</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong><em>Wynia’s Week&nbsp;</em></strong><em>verschijnt 104 keer per jaar met even onafhankelijke als broodnodige berichtgeving. De donateurs maken dat mogelijk. </em><a href="https://wyniasweek.us4.list-manage.com/track/click?u=cd1fbe814cacc472f38470314&amp;id=c0053aab54&amp;e=93b53dd2f7" target="_blank" rel="noreferrer noopener"><strong><em>Doet u mee?</em></strong></a><em> Hartelijk dank!&nbsp;</em></p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/maryse-conde-overstijgt-etnische-scheidslijnen-en-geeft-zwarte-identiteit-een-menselijk-gezicht/">Maryse Condé overstijgt etnische scheidslijnen en geeft zwarte identiteit een menselijk gezicht</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/04/AartGBroek-6-4-24-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/04/AartGBroek-6-4-24-300x170.jpg" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/04/AartGBroek-6-4-24.jpg" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/04/AartGBroek-6-4-24-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/04/AartGBroek-6-4-24-150x150.jpg" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2024/04/AartGBroek-6-4-24.jpg" length="54736" type="image/jpeg" />
	</item>
		<item>
		<title>Hoe visionair was Jean Raspail?</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/hoe-visionair-was-jean-raspail/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2022-08-10</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[René ter Steege]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 10 Aug 2022 05:50:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Immigratie]]></category>
		<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<category><![CDATA[Viktor Orbán]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=30144</guid>

					<description><![CDATA[<p>Veel van de hedendaagse problemen rond immigratie kan men terugvinden in Le Camp des Saints, meent René ter Steege. Het boek van de Franse schrijver Jean Raspail verscheen in 1973.. Le Camp des Saints, een dystopie over migranten die Europa overspoelen, geniet een cultus-status in zeer rechtse kringen. Ook de Hongaarse premier Viktor Orbán is [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/hoe-visionair-was-jean-raspail/">Hoe visionair was Jean Raspail?</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph"><em>Veel van de hedendaagse problemen rond immigratie kan men terugvinden in Le Camp des Saints, meent René ter Steege. Het boek van de Franse schrijver Jean Raspail verscheen in 1973..</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Het_legerkamp_der_heiligen" target="_blank" rel="noreferrer noopener"><em>Le Camp des Saints</em></a>, een dystopie over migranten die Europa overspoelen, geniet een cultus-status in zeer rechtse kringen. Ook de Hongaarse premier Viktor Orbán is sinds kort fan. ‘Ik heb net de Hongaarse vertaling gelezen van <em>Le Camp des Saints</em> van de Franse schrijver Jean Raspail’, vertelde Orbán onlangs aan Hongaarstalige Roemenen. ‘En ik kan het iedereen aanbevelen die wil begrijpen waarom het Westen zich niet meer kan of wil verdedigen.’</p>



<h2 class="wp-block-heading">Klassieker zonder mega-oplagen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Het was een voetnoot in een toespraak waarin Orbán onlangs West-Europa verweet de niet-westerse immigratie zo lang te hebben aangemoedigd of getolereerd, dat de bevolkingssamenstelling er drastisch door veranderde. Maar hij wist Hongarije voor dat onheil te behoeden, zei hij zonder valse bescheidenheid. Zijn rede zat vol onbetamelijk geachte termen, althans voor ons West-Europeanen die ‘diversiteit’ dienen te eren. (<a href="http://miniszterebnok.hu" target="_blank" rel="noreferrer noopener">Voor de Engelse tekst</a>)</p>



<p class="wp-block-paragraph">Orbán prees een al in 1973 in bescheiden oplage verschenen boek dat bij immigratie-sceptici hoog staat aangeschreven, een klassieker die nooit mega-oplagen bereikte. Het verzekerde Jean Raspail (1925-2020) van een cult-status, zeker bij de alt-right beweging in de Verenigde Staten waar in 1975 de Engelse vertaling verscheen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Raspails bewonderaars eren behalve zijn literaire ook zijn ‘visionaire’ gaven. Hij zou een halve eeuw geleden al hebben voorzien dat Europa steeds verder wordt overspoeld door immigranten en daarmee zijn ondergang tegemoet gaat.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Bij elk incident met migranten, vluchtelingen, asielzoekers enzovoort grijpen Fransen en Amerikanen nogal eens terug naar <em>Le Camp des Saints</em>.&nbsp;</p>



<h2 class="wp-block-heading">Verbazende overeenkomsten</h2>



<p class="wp-block-paragraph">En ook wie niet gelooft in visionaire gaven van wie dan ook, kan zich verbazen over de overeenkomsten tussen Raspails boek en de actualiteit in Frankrijk en elders in Europa. Zoals in Utrecht, waar Nederlandse wachtenden op een sociale huurwoning ‘statushouders’ voor moeten laten gaan. In <em>Le Camp des Saints</em> dwingt de Franse regering de eigen bevolking om hun woning open te stellen voor de nieuwkomers.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De overrompeling van het Italiaanse eilandje Lampedusa, de volksverhuizing van 2015 richting West-Europa, het schisma tussen voor-en tegenstanders van migratie, de problemen rond discriminatie, criminaliteit en terrorisme, de anti-racistische preken in politiek en media: met een beetje goede wil kan men ze terugvinden in Raspails meesterwerk.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Front National </h2>



<p class="wp-block-paragraph">Raspail was een overtuigd royalist die de Franse Revolutie verafschuwde en in 1993 op de Place de la Concorde in Parijs een eerbetoon organiseerde aan de daar 200 jaar eerder onthoofde koning Lodewijk XVI. Hij haatte het echter als mensen hem een rechtse extremist vonden, alleen maar omdat hij Front National-oprichter Jean-Marie Le Pen en diens dochter Marine bewonderde.</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">Op congressen van het Front National, later omgedoopt tot Rassemblement National, signeerde Raspail tot op hoge leeftijd zijn boeken, waarbij zijn vele fans hem eerden als een profeet. (Op zo’n congres had iemand ook een stand ingericht als eerbetoon aan een, volgens hem, andere grote ziener, de antisemitische schrijver Louis-Ferdinand Céline. Daar was het lang niet zo druk als bij de signeertafel van Raspail.)</p>



<h2 class="wp-block-heading">Geen ‘politiek’ boek</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In een gesprek dat ik met hem had noemde Raspail <em>Le Camp des Saints</em> hier en daar ‘inderdaad excessief’, maar ook een roman, geen ‘politiek’ boek. Hij veroorloofde zich slechts de vrijheden van een romancier. Kort daarop moest hij zich weer de lof als ziener laten aanleunen, toen een schip met Iraakse vluchtelingen strandde niet ver van de villa aan de Côte d’Azur waar hij zijn grootste succes had geschreven.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Le Camp des Saints</em> (<a href="https://www.bol.com/nl/nl/p/de-ontscheping/9200000054623797/" target="_blank" rel="noreferrer noopener">De Ontscheping</a>) vertelt de uittocht van een miljoen paupers die in de Golf van Bengalen schepen enteren en koers zetten naar Europa. Startsein gaf, zijns ondanks, de Belgische consul in Calcutta die enkele arme sloebers een visum had beloofd. Het nieuws verspreidde zich razendsnel, met als gevolg dat een legioen van paupers het consulaat binnendrong en de diplomaat vertrapte.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een vreedzame invasie</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De ‘armada van de wanhoop’, door Raspail ook aangeduid als ‘het beest’, wordt geleid door een misvormde dwerg die zich als profeet heeft opgeworpen. De vloot zwelt steeds verder aan op weg naar het beloofde land. Voor de kust van Zuid-Afrika beveelt de dwerg zijn volgelingen om aan land te gaan, maar de marine van de toenmalige apartheidsstaat opent het vuur en de vloot hervat de reis. Hoe dichter bij Zuid-Europa, hoe meer arme drommels schepen enteren en zich bij de armada aansluiten. Weldoeners, onder wie bekende artiesten en politici, charteren schepen om de vloot te voorzien van drinken, voedsel en de beste wensen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Terwijl de voorhoede aan land gaat in Zuid-Frankrijk, vlucht een groot deel van de bevolking naar het noorden als blijkt dat de Franse marine weigert de schepen de grond in te boren. Het betreft immers een vreedzame invasie, beschermd door westerse, humanitaire waarden. De uit Latijns-Amerika afkomstige paus, alweer een juiste voorspelling, had bovendien aangedrongen op een warm welkom.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een gepensioneerde professor</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Andere Fransen, onder wie veel ‘progressieven’ en figuren uit de amusementswereld, spoeden zich naar het zuiden om de nieuwkomers te verwelkomen. Met vrouwen loopt het daar nogal eens slecht af; ze moeten hun menslievendheid bekopen met opsluiting in bordelen voor hindoes. (Raspail had het niet aangedurfd om de invasiemacht uit Arabieren of Afrikanen te laten bestaan, wat in de Franse context logischer zou zijn geweest. Hij had echter geen zin in de voorspelbare rel.)</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="8473891437" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">Vanuit een villa aan de kust slaat een gepensioneerde professor de invasie gade. Hij weigert te vertrekken, in tegenstelling tot veruit de meeste streekbewoners, en pakt zijn geweer om desnoods strijdend ten onder te gaan. Zijn eerste slachtoffer is een student uit Parijs die, de lof zingend van wat later de ‘diversiteit’ zou heten, de villa van de oude man komt kraken. De professor, Raspails alter ego, voorziet dat de migranten hun ‘geschiedenis van onderlinge haat’ meenemen naar Frankrijk.</p>



<p class="wp-block-paragraph">En verdomd, nauwelijks was Raspail overleden of Frankrijk werd opgeschrikt door dagenlang aanhoudende rellen en schietpartijen in de stad Dijon tussen Marokkaanse en Tsjetsjeense jongeren.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een geëerd schrijver</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Op dat moment was Jean Raspail al lang niet meer de verwenste rechts-extremist, maar een geëerd schrijver die later werk bekroond zag met de Prix de l’Académie Française. Een van zijn vele boeken, <em>Qui se souvient des hommes…</em>, eert met uitsterven bedreigde indianen in Patagonië, een lot dat volgens de schrijver ook West-Europa wacht als de immigratie aanhoudt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Geen wonder dat het boek in de smaak viel bij Viktor Orbán. Mogen we Franse literaire critici geloven, dan hebben ook oud-presidenten als François Mitterrand, Ronald Reagan en Donald Trump het gelezen. Steve Bannon, oud-adviseur van Trump en een leidend figuur in de alt-right beweging, had het lang op zijn nachtkastje liggen. Ook Samuel Huntington, schrijver van de <em>Clash of Civilizations</em>, kreeg een exemplaar. Vanzelfsprekend behoort het tot de lievelingsliteratuur van Jean-Marie en Marine Le Pen.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Ovatie</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Orbán, iemand met nare, autoritaire trekjes, kreeg kort na zijn toespraak in Roemenië een heldenwelkom op de Conservative Political Action Conference in Dallas, Texas. Zijn uitroep ‘the globalists can all go to hell!’ bezorgde hem een staande ovatie. Ook zijn vergelijking van Afrikaanse en Arabische migranten met de hordes van Dzjenghis Khan viel in goede aarde.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Orbán ontmoette Trump, de belangrijkste spreker, maar kon geen tijd vrijmaken voor president Joe Biden.&nbsp; Amerikaanse mediaverslagen van Orbáns speech in Dallas verwijzen vaak naar zijn eerdere lofzang op <em>The Camp of the Saints</em>. Ze vermelden niet of het boek op de conventie te koop was, maar die kans is groot.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Journalist en vertaler&nbsp;</em><a href="https://www.wyniasweek.nl/author/renetersteege/" target="_blank" rel="noreferrer noopener"><strong><em>René ter Steege</em></strong></a><em>&nbsp;was lang redacteur van Het Parool en schreef onder meer een biografie van Marine le Pen.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Wynia’s Week wordt mogelijk gemaakt&nbsp;<strong>door de donateurs</strong>. Mogen we u noteren? Dat kan&nbsp;</em><a href="https://www.wyniasweek.nl/doneren/" target="_blank" rel="noreferrer noopener"><strong><em>HIER</em></strong></a><em>. Hartelijk dank!</em></p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/hoe-visionair-was-jean-raspail/">Hoe visionair was Jean Raspail?</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/08/ReneterSteege-10-8-22-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/08/ReneterSteege-10-8-22-300x170.jpg" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/08/ReneterSteege-10-8-22.jpg" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/08/ReneterSteege-10-8-22-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/08/ReneterSteege-10-8-22-150x150.jpg" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/08/ReneterSteege-10-8-22.jpg" length="73256" type="image/jpeg" />
	</item>
		<item>
		<title>Jeroen Brouwers en de man uit de Atrebatenstraat</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/jeroen-brouwers-en-de-man-uit-de-atrebatenstraat/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2022-05-18</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Syp Wynia]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 18 May 2022 05:51:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[België]]></category>
		<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=25977</guid>

					<description><![CDATA[<p>Op 11 mei 2022 overleed de schrijver Jeroen Brouwers, in Maastricht. Daar tekende zich een zoveelste overeenkomst af met die andere grote schrijver, W.F. Hermans. Die verkoos net als Brouwers op latere leeftijd een leven in België, ook uit een zekere afkeer van Nederland. Maar beiden overleden uiteindelijk in Nederland: Hermans in Utrecht, Brouwers dus [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/jeroen-brouwers-en-de-man-uit-de-atrebatenstraat/">Jeroen Brouwers en de man uit de Atrebatenstraat</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph">Op 11 mei 2022 overleed de schrijver Jeroen Brouwers, in Maastricht. Daar tekende zich een zoveelste overeenkomst af met die andere grote schrijver, W.F. Hermans. Die verkoos net als Brouwers op latere leeftijd een leven in België, ook uit een zekere afkeer van Nederland. Maar beiden overleden uiteindelijk in Nederland: Hermans in Utrecht, Brouwers dus in Maastricht.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ik heb bij toeval iets met beide schrijvers en met hun band met België. In Hermans’ Brusselse jaren – de eerste helft van de jaren negentig &#8211; woonde hij daar bij mij om de hoek. Tot een ontmoeting kwam het nooit, al zag ik Hermans wel dikwijls op ons gemeenschappelijke metrostation, Mérode in de Brusselse gemeente Etterbeek. Dat was ook een soort herhaling van zetten, want eerder woonde ik in Groningen ook al pal naast Hermans, zij het dat hij toen inmiddels verhuisd was naar het rietendakendorp Haren.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Meteen na de dood van Hermans schreef ik een artikel over zijn Brusselse jaren, dat – zo bleek later – Jeroen Brouwers weer mede inspireerde tot het schrijven van een boekje over Hermans in België: ‘Het aardigste volk ter wereld, W.F.&nbsp;Hermans&nbsp;in&nbsp;Brussel’. &#8216;Een hommage&#8217; noemde hij het, dan wel &#8216;een bijdrage aan&nbsp;Hermans&nbsp;biografie&#8217;.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dat bracht mij weer tot een interview met Brouwers, die ik in 1996 opzocht in zijn vrijwel onvindbare verblijfplaats in de bossen van Belgisch Limburg. Een heel rustig bestaan had Brouwers daar niet, want hij bewoonde daar een weliswaar alleraardigst vakantiehuisje, dat evenwel illegaal gebouwd was en al helemaal niet permanent bewoond mocht worden. Maar daar moest ik maar niets over schrijven, vond Brouwers.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dat Jeroen Brouwers het nog een kwart eeuw heeft volgehouden na dat voor mij memorabele gesprek in die Belgische bossen heeft mij zeer verbaasd. Hij maakte een breekbare indruk en hoestte dat het een aard had. Hij reed mij later nog terug naar het treinstation – Genk, meen ik – en ik nam bezorgd afscheid.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Hieronder het resultaat van die visite aan Jeroen Brouwers, waarbij W.F. Hermans het belangrijkste onderwerp was. Zo bekeken is de cirkel rond. Jeroen Brouwers, geboren in Batavia (Nederlands-Indië), werd 82 jaar.</em></p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>De man uit de Atrebatenstraat</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Precies één keer schudden Willem Frederik&nbsp;Hermans&nbsp;en Jeroen Brouwers elkaar de hand en werden er enkele woorden uitgewisseld. Op een warme nazomeravond in 1971 trof de jonge Brouwers, toen staflid van de Belgische uitgeverij Manteau,&nbsp;Hermans&nbsp;na de première van diens toneelstuk ‘Dutch Comfort’ op de Brusselse Grote Markt. Naderhand zouden ze nog wel eens corresponderen, maar het bleef bij die ene ontmoeting.</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Eigenlijk heeft die ontmoeting er weinig mee te maken dat ik nu dit boek over&nbsp;Hermans&nbsp;in&nbsp;Brussel&nbsp;heb geschreven,&#8217; zegt Jeroen Brouwers in zijn nagenoeg onvindbare woning in de bossen van Belgisch Limburg, waar hij na zestien Nederlandse jaren domicilie heeft gekozen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Dat ik dat heb gedaan heeft wel veel te maken met literatuur, zoals met een van mijn jeugdwerkjes, ‘Groetjes uit&nbsp;Brussel’, uit 1969. Dat waren zwerftochten door&nbsp;Brussel, maar dan steeds geassocieerd of gerelateerd aan de literatuur. Hier schreef Baudelaire dat vers, daar schreven de gezusters Brönte dat en hier woonde Victor Hugo. En over de Nederlandse literatuur: daar heeft Multatuli Max Havelaar geschreven, daar woonde Du Perron, daar woonde Greshoff en in die kroeg kwamen ze allemaal bij elkaar.’</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Uit Parijs</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Toen ik dat destijds schreef vroeg ik me af: Is het nu helemaal uit met de Nederlandse literatuur in&nbsp;Brussel? Enfin, ik ging weg en na een jaar of twintig vestigde&nbsp;Hermans&nbsp;zich plotseling in&nbsp;Brussel. En ik vroeg mij af waarom hij dat gedaan had. Hij kwam terug uit Parijs, wilde per se naar het noorden en bleef in&nbsp;Brussel&nbsp;steken. Juist in&nbsp;Brussel. Nu was ik wel op de hoogte van bepaalde&nbsp;Brussel-passages in werken van&nbsp;Hermans, zoals in ‘De tranen der acacia&#8217;s’. Maar toen begon hij in interviews te zeggen dat hij al sedert 1938 verliefd was op&nbsp;Brussel. Dat is nogal wat anders dan dat je zegt: &#8216;Ik woon hier graag&#8217;.&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Ik ben me daar eens in gaan verdiepen. En toen hij stierf dacht ik, dan zal ik maar een bijdrage aan de In Memoriams schrijven onder het hoofd &#8216;Hermans&nbsp;in&nbsp;Brussel&#8217;. Want hij had eigenlijk ook in&nbsp;Brussel&nbsp;moeten sterven, wij hadden hem hier moeten verstrooien. Van een artikel werden het er al twee en het boek dijde steeds verder uit. En dat ik&nbsp;Hermans&nbsp;niet persoonlijk heb gekend? Nou ja, God, ik zou het boek ook geschreven kunnen hebben als ik die hand op de Grote Markt niet van hem had gehad. Die kleine correspondentietjes verbinden hem dan nog meer met mij dan die kleine, korte persoonlijke ontmoeting.&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">Op het waarom van&nbsp;Hermans&#8217; beslissing om wat zijn laatste levensjaren zouden blijken in&nbsp;Brussel&nbsp;door te brengen heeft Brouwers geen definitief antwoord. &#8216;In het boek som ik alle varianten in zijn antwoorden op. Hij wilde dichter bij zijn zoon en diens gezin in Broek in Waterland zitten, Parijs was niet meer op te brengen, misschien was er iets met de gezondheid van zijn vrouw, misschien zou hij zelf ziek worden &#8211; die dingen. Hij moet in&nbsp;Brussel&nbsp;dan ook naar het ziekenhuis. Hij rookte als een gek, he? Tenslotte drie pakjes Gauloises per dag. Daar is hij in zijn Parijse tijd nog mee opgehouden en in&nbsp;Brussel&nbsp;heeft hij geen sigaret meer gerookt. Maar toen was de hele zaak al kapot en hoorde je&nbsp;Hermans&nbsp;op kilometers afstand hoesten.&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph">De oudste connectie van&nbsp;Hermans&nbsp;met&nbsp;Brussel&nbsp;blijkt een met zijn ouders bevriend echtpaar uit de Brusselse deelgemeente Ukkel; een contact opgedaan tijdens hun huwelijksreis naar het groothertogdom Luxemburg, kort voor de Eerste Wereldoorlog. Het echtpaar uit Ukkel zou nog model hebben gestaan voor enkele personages in&nbsp;Hermans&#8217; De tranen der acacia&#8217;s. In 1938 belandde&nbsp;Hermans&nbsp;in&nbsp;Brussel&nbsp;op schoolreisje en dronk met zijn zusje Cornelia &#8211; die in de eerste oorlogsdagen zelfmoord zou plegen &#8211; zowaar een glaasje fris op het terras van het etablissement ‘La Terrasse’ nabij het Brusselse Jubelpark, vlakbij zijn latere Brusselse woning.&nbsp;Hermans&nbsp;zou er in zijn laatste levensjaren weer regelmatig komen. Direct na de Bevrijding dook&nbsp;Hermans&nbsp;trouwens weer in de Belgische hoofdstad op.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Surrealistisch België</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Als&nbsp;Hermans&nbsp;dan zo verknocht was aan&nbsp;Brussel, waarom ging hij dan na zijn aftocht uit Groningen in het begin van de jaren zeventig naar Parijs, vroeg ook Jeroen Brouwers zich af. &#8216;Ik weet het niet. Hij heeft ook zijn hele leven een hang naar Parijs vertoond. Hij zag&nbsp;Brussel&nbsp;in ieder geval als een surrealistisch oord. Hij hield van&nbsp;Brussel, juist omdat het zo&#8217;n gistketel van spanningen en tegenstrijdigheden was. Het surrealisme is in België en, nog meer bepaald, in&nbsp;Brussel,&nbsp;ontstaan en daar voelde&nbsp;Hermans&nbsp;zich zeer toe aangetrokken. Ik denk dat hij daarom in&nbsp;Brussel&nbsp;is gaan zitten en niet in Gent of Antwerpen of zo. Hoewel ik weet dat hij ook in Antwerpen heeft rondgekeken naar een huis, werd het toch&nbsp;Brussel. Ik denk dat hij zich daar meer thuisvoelde.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Net als ikzelf in mijn Brusselse jaren, die Babelse taalverwarring in&nbsp;Brussel&nbsp;&#8211; dat vond&nbsp;Hermans&nbsp;machtig interessant. In mijn tijd, zo in de jaren zestig, kon je in een volksbuurt als de Marollen nog het allerauthentiekste Brussels horen. Men sprak daar een dertiende-eeuws Nederlands, Diets zeg maar.&nbsp;Hermans&nbsp;zou ook zeker over&nbsp;Brussel&nbsp;geschreven hebben, ware het niet dat er oorlog ontstond tussen&nbsp;Hermans&nbsp;en NRC Handelsblad. Er zijn nog wel pogingen geweest tot bemiddeling, maar toen was het al te laat omdat hij stierf. Anders had hij voor NRC daar zeker over geschreven. Dus over de taal die hem aantrok en de architectuur.&nbsp;Brussel, zoals dat gebouwd is dat door koning Leopold II, een negentiende-eeuwse stad naar voorbeeld van Parijs, dat een schitterende stad moet zijn geweest en dat&nbsp;Hermans&nbsp;straat na straat heeft zien afbrokkelen en afbreken.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="8473891437" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Hij heeft op de televisie gezegd dat hij van plan was een boek over&nbsp;Brussel&nbsp;te schrijven, maar vager kan het niet omschreven worden: ‘een boek over&nbsp;Brussel’. Ik vraag me af waar het over zou zijn gegaan. Hij wilde in ieder geval door middel van foto&#8217;s vastleggen wat er nog te zien was. Wat hem aantrok was de negentiende-eeuwse sfeer die in&nbsp;Brussel&nbsp;van zijn jeugd was blijven hangen, die hij steeds vergeleek met de sfeer in Duitse residentiestadjes. Die sfeer had je in mijn tijd, in de jaren zestig, ook nog. Als je mij foto&#8217;s laat zien uit 1890 of zo, dan zeg ik: ja, zo heb ik&nbsp;Brussel&nbsp;nog gekend. Al die tijd niet veranderd, tot opeens die kaalslag begon. Dat is wat&nbsp;Hermans&nbsp;heeft gezien en misschien terug heeft gezocht.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;En dan, zo merkwaardig, dat hij mij in de jaren zeventig schrijft dat hij vermoedt dat mijn taalgebruik is aangetast door mijn langdurige verblijf in het &#8216;Het Land der Atrebaten&#8217;. En verdomd, dan komt hij vijftien jaar later zelf in de Atrebatenstraat in&nbsp;Brussel&nbsp;te wonen. In ‘Ruisend gruis’ komt hij op het idee om het Berlaymontgebouw van de Europese Commissie als een koffiepak vacuüm te zetten. Na zijn dood ziet dat gebouw er, ingepakt vanwege de asbest die er inzit, plotseling uit alsof zijn wens in vervulling gaat.’</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Stroomuitval</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">‘Hermans&nbsp;zei ook tegen een journalist over&nbsp;Brussel&nbsp;dat je het zo gek niet kunt bedenken of het zou kunnen gebeuren. Bijvoorbeeld dat je &#8217;s morgens de voordeur open doet en dat je stoep weg is, of zo. Een paar maanden na zijn dood word ik gebeld: er is door bevriezing van de waterleiding een gat in het wegdek van de Atrebatenstraat geslagen! Dat is toch prachtig, zo ken ik&nbsp;Brussel&nbsp;ook wel. Net zoals&nbsp;Hermans&nbsp;geen tekstverwerker wilde omdat&nbsp;Brussel&nbsp;er om bekend staat dat de stroom er zo vaak uitvalt. Dat weet ik nog wel uit mijn eigen Brusselse jaren: dat de tv opeens uitgaat en je in het pikkedonker zit.&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Al pratend moet Brouwers gaandeweg toegeven dat de overeenkomsten tussen&nbsp;Hermans&nbsp;en hem niet ophouden bij&nbsp;Brussel. &#8216;In karakterologische zin &#8211; dat weet ik natuurlijk niet, ik kende die man niet persoonlijk. Maar wel in literaire zin, natuurlijk, als je al van overeenkomsten mag spreken bij schrijvers van verschillende generaties. Ik las&nbsp;Hermans&nbsp;al in mijn puberteit, toen ik zestien was of zo. En de rest van mijn leven, mijn lees-leven, is gelijktijdig opgelopen met het groeien van&nbsp;Hermans&#8217; oeuvre.&#8217;</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Mussen</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Als romanschrijver heb ik van meet af aan, vanaf de allereerste werkjes het dogma van hem overgenomen dat er bijvoorbeeld geen mus van het dak mag vallen zonder dat het ergens in het verhaal een consequentie moet hebben. Je raakt dan beïnvloed door een schrijver en dat eigen je jezelf toe. Al ga je na verloop van tijd ook je eigen weg. Dan ga je inzien: ach, die mussen, wat een onzin, je mag best mussen van het dak laten vallen.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Ook&nbsp;Hermans&nbsp;de polemist is een belangrijke leermeester van mij geweest. Als polemist hield&nbsp;Hermans&nbsp;er nogal eigengereide opvattingen op na. Voor&nbsp;Hermans&nbsp;was polemiek oorlog en zoals dat gaat in een oorlog: alles mag. Ook liegen, of suggereren, of lasteren. En dat mag voor mij niet; als ik polemiseer komt dat er allemaal niet aan te pas. Wat je beweert moet je bewijzen. Hij verdraaide soms expres om maar bij zijn eigen conclusie uit te komen.’</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Zinloos leven</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;En verder heb ik de cynische, of zeg maar pessimistische kijk op de wereld met&nbsp;Hermans&nbsp;gemeen. Het leven is zinloos, dat is het axioma van&nbsp;Hermans. Dat is een eigen karaktertrek van mij die toevallig overeenkomt met&nbsp;Hermans. Dat je als polemist uiteindelijk toch gelijk krijgt &#8211; dat was bij&nbsp;Hermans&nbsp;zo en dat komt wel overeen met mij, dat het leidt tot verbittering. Want ten koste waarvan krijg je je gelijk? Je krijgt eerst zo veel emmers stront over je heen, dat je dat dan maar gelaten moet laten gebeuren om vervolgens jaren later te horen: &#8216;Ja, je had toch gelijk&#8217;. Maar ja, wat heb je er dan aan?’</p>



<p class="wp-block-paragraph">‘Je kunt wel zaken aan de kaak stellen en revolutie veroorzaken met veel geknal en gedaver en vuurwerk, maar denk maar niet dat dat je in staat stelt iets te veranderen. Dat zal&nbsp;Hermans&nbsp;ongetwijfeld ook ergens op de helft van zijn leven hebben ingezien. Want zijn laatste polemiek was over de Weinreb-geschiedenis. Hoe men&nbsp;Hermans&nbsp;daar niet over belasterd heeft &#8211; zeer ten onrechte, want de man had gelijk.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;En dan, dat&nbsp;Hermans&nbsp;zich afzet tegen de geringe belangstelling voor België en Vlaanderen in Nederland, dat hebben we ook gemeen. Het interesseert de Hollander geen pest, geen pest. De belangstelling voor Vlaanderen in Nederland is doof, blind en kreupel. Het interesseert geen hond in Nederland! Niks!&nbsp;Hermans&nbsp;en ook ik hebben ons daar altijd tegen verzet. Als je daar tegen ten strijde trekt wordt dat eigenlijk alleen op prijs gesteld in België. Nadat ik hier in België in 1976 eerst uitgekotst ben &#8211; zo&#8217;n voorbeeld van een gelijk dat je tenslotte toch krijgt &#8211; krijg je twintig jaar later ridderlinten. Dat geeft de voldoening dat je je niet altijd als een Don Quichot hebt vergist. Maar het dringt niettemin niet in Nederland door.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="3067971725" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Er dringt in Nederland überhaupt nooit iets door van wat er in het buitenland plaatsvindt. Een paar maanden terug kreeg ik in Parijs de Prix Femina Etranger, een toch niet onbelangrijke onderscheiding. Waar men in Nederland als het ware schouderophalend aan voorbijgaat. Vergelijk dat eens, het is opnieuw een overeenkomst met&nbsp;Hermans, met het Nederlands elftal dat een of ander succesje heeft behaald in een of ander buitenland. Dat wordt ontvangen aan het Hof, krijgt schouderkloppen van de koningin, ze krijgen een lint, ze krijgen een onthaal in Rotterdam of Amsterdam dat het niet mooi meer is. Urenlang op de televisie. Maar kunst in het buitenland? Hollanders halen daar hun schouders voor op.&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Brouwers laat zijn afkeer van sport tussen de regels door ook blijken door Marco van Basten in een bijzinnetje van zijn jongste boek als &#8216;een schaatser&#8217; te omschrijven. Nee dat was geen vergissing, buldert Brouwers het uit. &#8216;Hermans&nbsp;leefde in een totale minachting voor sport. Ik ook.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">‘Enfin, ik laat dat boek in een eerste versie lezen aan Freddy de Vree,&nbsp;Hermans&#8217; eigen Brusselse Eckermann, en ik zeg: &#8216;Hermans&nbsp;is vergeten gestorven, maar van de enkel van Van Basten weten wij alles&#8217;. Waarop De Vree tegen mij zegt: &#8216;Ja sorry, maar wie is die Van Basten in godsnaam?&#8217; En ik zeg: &#8216;O, leuk, niet iedereen weet wie Van Basten is, daar maak ik wat van&#8217;. We dachten aan iets anders waar een enkel bij te pas komt, ijshockey of fietsen. Toen hebben we er een schaatser van gemaakt. Die grap is tot achter de redactie in de uitgeverij doorgevoerd. En je zult zien dat er zeikerds zijn die dat boek gaan bespreken en daar over gaan vallen.&#8217;</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Reve</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Brouwers stelt dat&nbsp;Hermans&nbsp;eigenlijk weinig meer deed. Zoals hij een paar jaar geleden al bezwaar maakte tegen de verheerlijking van De Grote Drie (Mulisch,&nbsp;Hermans, Reve), al zou het maar zijn omdat Mulisch de enige is die nog belangrijk werk aflevert. Brouwers wil die uitlating nu bijstellen &#8211; althans voor de ook al in België woonachtige Reve. &#8216;Reve is er nu weer met een groot werk. Die raakte naar de achtergrond. Maar dat etiket moet ik herzien nu hij ‘Het boek van Violet en Dood’ heeft gepubliceerd. Goh, schrijf zo maar eens: voorbeeldig, prachtig, briljant. Die verhalen kennen we allemaal wel, maar dat heeft hij hernomen en opnieuw met die taalpracht gepresenteerd. Nou, daar is Reve weer.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Maar&nbsp;Hermans&nbsp;schreef niet meer, niet in&nbsp;Brussel&nbsp;in ieder geval. Afijn, hij zei het zelf: hij had geen zin meer. &#8216;Ik geloof niet dat ik er nog zo&#8217;n zin in heb en dat ik nog zin heb om lang te leven&#8217;. Dat soort opmerkingen plaatste hij steeds. ‘Malle Hugo’, dat in zijn Brusselse tijd is verschenen, is voor het overgrote deel oud werk. Dat Boekenweekgeschenk van hem bleek te berusten op een manuscript van decennia her. Verder deed hij niks. ‘Ruisend gruis’ is het enige werk van zekere omvang dat in&nbsp;Brussel&nbsp;ontstaan is.&nbsp;Hermans, die altijd zo&#8217;n grote productie had gehad, begon moe te worden in&nbsp;Brussel. Al verlegde hij zijn activiteiten wel naar de radio. Het leek of hij aan een afscheidstournee bezig was.&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hermans&#8217; dagindeling in&nbsp;Brussel&nbsp;was ook niet meer die van een schrijver, stelt Brouwers. &#8216;Wandelen, rondstruinen… misschien heeft hij zijn hele leven zo geleefd hoor, dat weet ik niet. Dat het een man was die het schrijven maar uitstelde en tenslotte, tegen het eind van het etmaal, wroeging kreeg en zei: &#8216;God, ik heb niks gedaan vandaag. Kom ik ga nog even in twintig minuten twee bladzijdjes schrijven&#8217;. Misschien had hij het bourgondische dat in&nbsp;Brussel&nbsp;begon te overheersen ook al in Parijs en heeft hij altijd zo geleefd. Maar toen in ieder geval altijd in combinatie met hard werken en veel tekst produceren en dat viel in&nbsp;Brussel&nbsp;af.&#8217;</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Gezelligheid</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Ik veronderstel dat het genieten van de goede kant des levens altijd al in&nbsp;Hermans&nbsp;aanwezig was. Je hebt van&nbsp;Hermans&nbsp;het idee dat het een nurkse, zure en onbenaderbare man was. Maar ik denk dat het een mythe is. Ik denk dat het een erg op gezelligheid gestelde man was.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Wel was hij erg wantrouwig natuurlijk, met als gevolg dat zijn vriendenkring maar erg klein was. In&nbsp;Brussel&nbsp;waren dat Sylvia Kristel die hij al twintig jaar kende en haar vriend Freddy de Vree die hij al dertig jaar kende. Ik denk dat hij zijn gezelschap uitermate streng balloteerde en op de proef bleef stellen. Totdat ze door de wol geverfd en door de hoogovens van zijn kritiek heen waren gegaan tot ze het verdienden zijn vrienden te zijn.&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph">Waarom&nbsp;Hermans&nbsp;kort voor zijn dood nog naar Utrecht moest, weet Brouwers ook niet. Maar dat hij slechts in gezelschap van zijn weduwe, zijn zoon en zijn schoondochter is gecremeerd lijkt hem wel&nbsp;Hermans&#8217; laatste wens. &#8216;Hermans&nbsp;zag ik niet aan voor het type schrijver dat doodgaat en dan met een gigantisch gezelschap wordt begraven. Hij zou dat gewantrouwd hebben. Opeens staat daar honderdvijftig man rond dat graf te schreien en wie zijn dat dan allemaal? Nee, dat zou hij niet goed hebben gevonden.’</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="9582227423" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Wel vind ik, hij is bijna een jaar dood nu, dat het niet op een andere manier… Dat er geen academische zitting of zo plaats heeft gevonden waar&nbsp;Hermans&nbsp;werd geëerd, dat vind ik raar. De man is dood, hij is verdwenen en het is net of hij nooit bestaan heeft. Dat hij niet met groot eerbetoon wenste te worden begraven wil toch niet zeggen dat men hem niet een dergelijk eerbetoon kan geven in de Nieuwe Kerk in Amsterdam of zo? Dat vind ik vreemd. Een van de grootste schrijvers van de laatste halve eeuw zeg maar, die mag men een dergelijk eerbetoon toch wel geven?’</p>



<p class="wp-block-paragraph">&#8216;Hij zal wel te veel vijanden hebben gemaakt, maar dan nog! Nederland is al te achteloos met&nbsp;Hermans&nbsp;omgesprongen. Dan nog moet je de grootheid bezitten je daarover heen te zetten en te zeggen: &#8216;Nu gaan wij niet de persoon&nbsp;Hermans&nbsp;eren, maar de schrijver en de denker die hij geweest is. Dat doet men tenslotte met een politicus of een ander beroemd lijk wel.&#8217;</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong><em><a href="https://www.wyniasweek.nl/over-syp-wynia/">Syp Wynia</a></em></strong><em> is uitgever van online magazine <a href="http://www.wyniasweek.nl">Wynia’s Week</a>, dat op woensdag en zaterdag verschijnt en digitaal aan de abonnees wordt gezonden.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong><em>Wynia’s Week</em></strong><em> is gratis, maar niet goedkoop. Donaties zijn zeer welkom. Doneren kan <strong><a href="https://www.wyniasweek.nl/doneren/">HIER</a></strong>. Hartelijk dank!</em></p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/jeroen-brouwers-en-de-man-uit-de-atrebatenstraat/">Jeroen Brouwers en de man uit de Atrebatenstraat</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/05/grotetwee-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/05/grotetwee-300x170.jpg" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/05/grotetwee.jpg" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/05/grotetwee-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/05/grotetwee-150x150.jpg" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2022/05/grotetwee.jpg" length="87460" type="image/jpeg" />
	</item>
		<item>
		<title>Neem Astrid Roemer serieus en onthoud haar de Prijs der Nederlandse Letteren</title>
		<link>https://www.wyniasweek.nl/neem-astrid-roemer-serieus-en-onthoudt-haar-de-prijs-der-nederlandse-letteren/?utm_source=mailchimp&#038;utm_medium=email&#038;utm_campaign=2021-09-01</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Aart G. Broek]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 01 Sep 2021 05:50:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Literatuur]]></category>
		<category><![CDATA[Woke]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.wyniasweek.nl/?p=18690</guid>

					<description><![CDATA[<p>Bij de toekenning van de P.C. Hooftprijs, in 2016, werd Astrid Roemer geprezen voor de indrukwekkende verknoping van literaire experimenten en politiek engagement in haar werk. ‘Naar het oordeel van de jury leidt dat tot romans die tegelijk scherpe en relevante interventies in het publieke debat zijn én complexe literaire verbeeldingen van de geschiedenis van [&#8230;]</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/neem-astrid-roemer-serieus-en-onthoudt-haar-de-prijs-der-nederlandse-letteren/">Neem Astrid Roemer serieus en onthoud haar de Prijs der Nederlandse Letteren</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p class="wp-block-paragraph">Bij de toekenning van de P.C. Hooftprijs, in 2016, werd Astrid Roemer geprezen voor de indrukwekkende verknoping van literaire experimenten en politiek engagement in haar werk. ‘Naar het oordeel van de jury leidt dat tot romans die tegelijk scherpe en relevante interventies in het publieke debat zijn én complexe literaire verbeeldingen van de geschiedenis van Suriname.’ Roemer accepteerde de karakterisering instemmend.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Recentelijk benadrukte Roemer in een interview met Iwan Brave, dat haar overpeinzingen – ook de uitspraken die zij op haar Facebookpagina als bericht plaatste – nooit losse flodders zijn. Zij uitte zich uitsluitend weldoordacht en die uitingen behoren alle haar ‘artistieke vrijheid’ toe, waarop zij vervolgt: ‘Ik zal de vrijheid blijven nemen om de realiteit op een artistieke wijze weer te geven. Ik ben geen historicus.’ (<em>Trouw</em>, 25 augustus 2021). Roemer onderstreepte het creatief integrale karakter van al haar gepubliceerde uitingen eveneens in het tijdschrift <em>HP/de Tijd</em> (25 augustus 2021).</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Verpakking</strong><strong></strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">De literaire schatbewaarders verzameld in de Nederlandse Taalunie, Literatuur Vlaanderen en het Nederlands Letterenfonds denken daar anders over. Wát Literatuur te vertellen heeft, legt geen gewicht in de schaal. Hóe een auteur het ‘wat’ weet te verpakken, maakt literatuur tot Literatuur (met hoofdletter). Dát kan leiden tot de toekenning van de belangwekkende Prijs der Nederlandse Letteren, waarvoor die schatbewaarders verantwoordelijkheid dragen uit naam van Nederlandse en Belgische ministers.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Roemer mag romans, verhalen, gedichten en toneelstukken hebben geschreven, maar hierin zijn geen persoonlijke standpunten verwerkt die er wezenlijk toedoen. Dat haar gelauwerde oeuvre op uitdagende persoonlijke standpunten gegrondvest zou zijn, is een hersenspinsel. Zo begrijp ik uit de toelichting op het besluit om de auteur Astrid Roemer wél die staatsprijs toe te kennen, maar deze niet op feestelijke wijze door de Belgische koning te laten overhandigen. Lees mee op de website van de Prijs der Nederlandse Letteren: ‘De prijs wordt toegekend voor het gehele oeuvre van een schrijver in de genres poëzie, proza en/of drama. Persoonlijke standpunten van auteurs worden niet in aanmerking genomen bij de beoordeling van hun oeuvre.’ Wát Roemer te vertellen heeft, doet niet ter zake. Het gaat blijkbaar om de verpakking.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Dekolonisering</strong><strong></strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Tot die standpunten behoren – zo weten inmiddels ook de verantwoordelijke personen voor de toekenning van de prijs – de overtuiging dat de gewezen Surinaamse president Desi D. Bouterse een doorslaggevende rol heeft gespeeld in het dekoloniseringsproces waarin Surinamers zich bevinden. Die rol mag een vijftiental doden hebben opgeleverd in december 1982 en Suriname praktisch bankroet hebben neergelegd bij Chan Santokhi, die Bouterse opvolgde als president, Roemer is de mening toegedaan dat Bouterse een hartgrondige dankbetuiging verdient. Roemer: ‘onze SURINAAMSE GEMEENSCHAP heeft D. D. B. hard nodig gehad om ZELFBEWUSTER te worden. Merci Man.’ Wat de uitspraak van het Surinaamse gerechtshof ook vermag, voor Roemer is Bouterse geen moordenaar, maar heeft hij ‘het bewustzijn van onze [Surinaamse] burgers enorm verrijkt’.</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="6482869211" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is het goed recht van Roemer om deze mening te zijn toegedaan. Wát Roemer heeft te vertellen, wordt sowieso niet meegenomen in de beoordeling van haar werk, ook al zou je dat wel verwachten. Lees mee met deze beoordeling van de jury onder voorzitterschap van prof. dr. Yves T’Sjoen: <em>&#8220;Met haar romans, toneelteksten en gedichten bekleedt Astrid H. Roemer een unieke positie in het Nederlandstalige literatuurlandschap. Haar&nbsp;werk is onconventioneel, poëtisch en doorleefd. Roemer slaagt erin thema’s uit de recente grote geschiedenis, zoals corruptie, spanning, schuld, kolonisatie en dekolonisatie, te verbinden met de kleine geschiedenis, het verhaal op mensenmaat&#8221;</em>.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Besluit</strong><strong></strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Zoals gezegd, de persoonlijke standpunten worden niet meegenomen in de beoordeling. Wát Roemer ons thematisch voorschotelt, is niet van belang. Wát ze ons heeft te vertellen over corruptie, kolonisatie en dekolonisatie, en evenzeer aanwezige thema’s als migratie, seksuele oriëntatie, racisme, dictatuur en emancipatie doet er blijkbaar niet toe voor T’Sjoen <em>cum suis</em>.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Toch zitten politiek bestuurders, verantwoordelijke organisaties en adviserende deskundigen met de uitspraken van Roemer in hun maag, zo blijkt, nu zij nog wat nadrukkelijker met die standpunten worden geconfronteerd. Lees verder mee met voornoemde toelichting van de Taalunie: &#8220;Wij nemen stellig afstand van de standpunten en uitspraken van mevrouw Roemer. Daarom hebben wij gezamenlijk besloten, in samenspraak met Literatuur Vlaanderen en het Nederlands Letterenfonds, dat wij het niet passend vinden om de prijsuitreiking door te laten gaan.”</p>



<p class="wp-block-paragraph">De weerzin tegen enkele van Roemers standpunten laat je direct volgen op de uitspraak dat de toekenning van de prijs niets van doen heeft met haar standpunten. Je bent echter zo erg gechoqueerd door bepaalde standpunten die recentelijk (over)belicht zijn, dat je de koninklijke prijsuitreiking niet laat plaatsvinden. Voortschrijdend inzicht en schaamte?</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Bewonderenswaardig</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">De Caraïbische literatuur – waartoe die uit Suriname ook wordt gerekend – heeft drie Nobelprijswinnaars voor Literatuur opgeleverd: Saint John Perse (Guadeloupe, 1887 &#8211; 1975), Derek Walcott (Saint Lucia, 1930 &#8211; 2017) en V.S. Naipaul (Trinidad, 1932 &#8211; 2018). Die prijs is deze auteurs ongetwijfeld niet alleen toegekend omdat ze het Frans respectievelijk het Engels zo geweldig beheersten en zulke prachtige talige constructies aan poëzie of proza wisten te creëren. Ze hadden inhoudelijk wat te vertellen, dat als bewonderenswaardig gekwalificeerd mag worden. Ze bliezen vanaf hun Caraïbische eilanden geen kleurrijke zeepbellen op de passaat de wereld in.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Voor deze Nobelprijswinnaars geldt een uitdagende verknoping van literair experiment en maatschappelijk engagement, zoals dit geldt voor Roemer (en voor praktische alle opmerkelijke auteurs). Evenals deze Nobelprijswinnaars gebruikt Roemer uiteenlopende genres en media om zich te uiten. Het is je als literaire schatbewaarders &#8211; of je nu in Zweden of in de Benelux zetelt &#8211; geraden om daar volop rekening mee te houden. Literaire auteurs nemen standpunten in, die mede het fundament vormen van hun teksten &#8211; al dan niet als ‘literair’ te bestempelen. Met wát de auteurs hebben te zeggen – hoe dan ook verpakt – staan ze midden in de samenleving, met hóe ze dat ‘wat’ bij je neerleggen, mogen ze je verrassen en aandacht opeisen, maar dat ‘hóe’ komt bij Caraïbische prijswinnaars als Roemer toch echt niet exclusief op de eerste plaats.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Schaamte</strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Het is een gotspe om het werk van literair auteurs te reduceren tot een kleurrijk bellenblazen dat geen vlieg kwaad doet. Er is natuurlijk sprake van een noodgreep. Uit schaamte, zo mag gevoeglijk aangenomen worden. De Nederlandse en Belgische literaire schatbewaarders van de Taalunie, Literatuur Vlaanderen en het Nederlandse Letterenfonds hechten ongetwijfeld veel meer belang aan literatuur dan inzake Roemer naar voren komt. De betreffende organisaties, de adviserende jury, de ministers en een of meerdere koninklijke hoogheden zijn in verlegenheid gebracht. Door Roemer?</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Roemer riep recentelijk (en niet voor het eerst): ‘Ik denk diep na voordat ik publiceer’ (<em>Trouw</em>). </strong>De vraag moet gesteld worden of er wel voldoende diep is nagedacht door degenen die de standpunten van Roemer – al dan niet verwerkt in literair werk – hebben bestudeerd en adviseerden of besloten om haar de belangrijke staatsprijs te geven. Dat nadenken lijkt, terugblikkend, toch niet toereikend te zijn geweest, wat beschamend uitpakt. Niet Roemer gaat de mist in bij de toekenning van de staatsprijs, maar deze literaire schatbewaarders.</p>



<p class="wp-block-paragraph">    <script async src="https://pagead2.googlesyndication.com/pagead/js/adsbygoogle.js"></script>
    <ins class="adsbygoogle" style="display:block" data-ad-client="ca-pub-1798243564608352" data-ad-slot="8473891437" data-ad-format="auto" data-full-width-responsive="true"></ins>
    <script>(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});</script>
    </p>



<p class="wp-block-paragraph">De koning en ministers worden dan ook resoluut uit de wind gehouden. Er wordt zelfs een argument op een websitepagina geworpen, dat de maatschappelijke reikwijdte en het belang van literatuur ondermijnt. Geen feestelijkheden, maar wel een prijs voor uitspraken die een integraal onderdeel van het denken van Roemer vormen. Het antwoord op de vraag wie hier de mist ingaat, is wel duidelijk.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Samenhang</strong><strong></strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Roemers standpunten vormen een vrij samenhangend geheel en de uitspraken over Bouterse komen niet uit de lucht vallen. De loftuitingen aan het adres van de gewezen legerleider en president van Suriname zijn de uiterste consequentie van een specifiek denken over dekoloniseren. Roemers denkbeelden werden luidkeels bejubeld in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw en worden sindsdien minder luidruchtig nog steeds her en der gekoesterd. Die waren losjes verbonden met het zorgvuldig onderbouwde gedachtegoed van de psychiater/filosoof Franz Fanon (Martinique, 1925 &#8211; 1961).</p>



<p class="wp-block-paragraph">In zijn fameuze publicaties &#8211; waaronder <em>Peau noire masques blancs</em> (1952) en <em>Les damnés de la terre </em>(1961) &#8211; tekent hij de pijnlijke gevoelens van vernedering in gekoloniseerde mensen en hun samenlevingen, die onvermijdelijk leiden tot agressie en geweld. Als geen voor hem wist Fanon de mentale gevolgen van kolonisering en de zware inspanningen om zich ervan te bevrijden, te beschrijven. Het was voor activistische lezers van zijn werk een eenvoudige stap om oorzaak en gevolg om te draaien: om zich te bevrijden van het koloniale juk diende geweld gebruik te worden. Waarvan akte, zo meent Roemer inzake Bouterse.</p>



<h2 class="wp-block-heading"><strong>Koloniaal</strong><strong></strong></h2>



<p class="wp-block-paragraph">Hoe je het ook draait of keert, een cadeautje zonder feestelijke verpakking is nog steeds een cadeautje &#8211; i.c. 40.000 euro &#8211; waarmee je de auteur feliciteert. Literair experiment en politiek engagement gaan bij Roemer hand in hand. Nu weten de literaire schatbewaarders wat dit engagement behelst en willen zij wél het geld storten, maar het niet koninklijk overhandigen! Beter ten hele gedwaald dan ten halve gekeerd, zal toch niet het adagium van de literaire schatbewaarders zijn? Hoe koloniaal wil je het hebben!</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ongepaste uitspraken? Dan trek je niet alleen de feestelijkheden in, maar houd je de prijs ook bij Roemer vandaan. De schatbewaarders hebben het volste recht te concluderen dat wat Roemer bejubelt – hoe fantastisch haar beheersing van het Nederlands ook mag zijn – geen dekoloniseren is (al schreeuwt zij in KAPITALE LETTERS van wel), maar dat Bouterse cum suis met verve het gewelddadig koloniaal bewind voortzetten. Dat verdient geen prijs. Het bejubelen ervan evenmin.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dekoloniseren moet van twee kanten komen.</p>
<p>Het bericht <a href="https://www.wyniasweek.nl/neem-astrid-roemer-serieus-en-onthoudt-haar-de-prijs-der-nederlandse-letteren/">Neem Astrid Roemer serieus en onthoud haar de Prijs der Nederlandse Letteren</a> verscheen eerst op <a href="https://www.wyniasweek.nl">Wynia&#039;s Week</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
		<media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2021/09/astridroemer-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image"  /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2021/09/astridroemer-300x170.jpg" width="300" height="170" medium="image"  isDefault="true" /><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2021/09/astridroemer.jpg" width="600" height="340" medium="image"  /></media:group><media:content url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2021/09/astridroemer-150x150.jpg" width="150" height="150" medium="image" /><media:thumbnail url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2021/09/astridroemer-150x150.jpg" width="150" height="150" /><enclosure url="https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2021/09/astridroemer.jpg" length="79264" type="image/jpeg" />
	</item>
	</channel>
</rss>
