De Nieuwe Man heeft een baard en kan niet zonder barbershop
Artikel beluisteren
Iets schrijven over de toename van gezichtsbeharing bij mannen (ook wel bekend als ‘het laten staan van een baard’) is gelijktijdig iets schrijven over het zeldzamer worden van een gladde, fris geschoren kin. Nou ja, uitgezonderd de baardjes die veelvuldig worden bijgeknipt en de kin vrijlaten, zoals je ze bij stijlbewuste jongemannen met precisietrimmers nogal eens tegenkomt. En die als het ware the best of both worlds meepikken.
Terug naar de basis: in vergelijking met de vorige eeuw en de jaren ‘0 van deze eeuw zit de baard volgens alle statistieken in de lift. Wie weleens door een stadscentrum loopt en zich verbaasd over de snelle verschraling van het winkelaanbod, merkt doorgaans op dat twee type winkels zich aan de malaise onttrekken en relatief weinig last hebben van de honger naar online shoppen. Op eerste plaats zijn dat de opticiens en gehoortoestellenketens, en ten tweede, jawel, de (doorgaans hippe) barbershops. Branches, kortom, waarbij persoonlijke aandacht een wezenlijk onderdeel van de winkelervaring is.
Boomende barberbranche
Wie het over baarden wil hebben, kan niet voorbijgaan aan (a) de fundamentele keuze van een man om wel of geen baard te laten staan en (b) wat voor type baard hij zichzelf dan vervolgens aanmeet en hoe slordig dan wel precies die baard wordt onderhouden. Net zoals er momenteel een kwantitatieve trend te bespeuren is naar meer baarden is er eveneens een kwalitatieve trend waarbij mannen steeds meer aandacht besteden aan hun baard, deels door zelf voor de spiegel aan het hobbyen te slaan, deels door regelmatig bij de barbier langs te gaan.
Een stad die in de recente geschiedenis veel voor de emancipatie van de baard, en voor de beharing van de man in z’n geheel heeft betekend, is Rotterdam. In 2011 begon daar, op de Nieuwe Binnenweg, het inmiddels illustere miljoenenbedrijf Schorem. Wie zich daar, zoals ondergetekende, wel eens heeft laten behandelen komt niet snel meer op het idee om dagelijks een elektrisch scheerapparaat over wang en kin heen en weer te bewegen, tenzij je zo’n hectisch bestaan leidt dat je elke andere methodiek als te tijdrovend moet afserveren.
Cool is zo’n scheerapparaat uit de fabriek allang niet meer; dat begrijpt iedereen.
Hoewel er een natuurlijk plafond zit aan het percentage mannen dat voor een baard kiest, en er altijd een fiks aantal mannen zal blijven dat zweert bij de frisheid van de gladgeschoren gezichtshuid, is er alle reden om te denken dat de baard voorlopig nog wel terrein zal winnen.
In navolging van het eerlijk gebakken brood, de vegetarische lunchhapjes en de gebutste, onbespoten appels of peren, is het de moderne barbier namelijk gelukt een zweem van authenticiteit rond zijn ambacht te creëren. En probeert zowat elke barbershop een nostalgische sfeer op te roepen van liefdevol handwerk, met kammen, scharen, crèmes en pommades die alleen in vaardige handen tot hun recht komen. Waardoor de klant bewust of onbewust, als hij eenmaal perfect bijgepunt weer buiten staat, een deel van dat authentieke imago op zichzelf projecteert.
Het gevolg van deze (schijn van) verwennerij is dat wie ‘nee’ zegt tegen een baard in feite ‘nee’ zegt tegen de tegen betaling beschikbare gastvrijheid en het kunstenaarschap van de barbier. ‘Nee’ tegen een uitdrukkingsvorm die iets zegt over je persoonlijkheid. En ‘nee’ tegen misschien wel het meest natuurlijke dat een man overkomt: continue haargroei. En daarmee zowat ‘nee’ tegen het man-zijn zelf.
Betekenis van de baard
Naast de technische noodzakelijkheden bij het verzorgen van een baard is er de psychologische duiding van de wens een baard te laten groeien. De psychologie-van-de-koude-grond brengt de keuze voor een baard doorgaans in verband met de hang naar mysterie. De bebaarde man zou daadwerkelijk iets te verbergen hebben of in ieder geval de (gevaarlijke?) indruk willen wekken dat hij iets te verbergen heeft.
Controleerbaarder dan de motieven van mannen om een baard te laten groeien (gesteld dat ze dat zelf zouden weten en het motief verder zou gaan dan ‘het staat me goed’), is hoe erop gereageerd wordt. Neem als voorbeeld de zeven jaar oude baard van koning Willem-Alexander. Die werd bijna unaniem positief gerecenseerd, zowel door het publiek als door de royalty-verslaggevers. Hij zou er meer ‘persoonlijkheid’ door hebben gekregen en er bij wijze van bonus ook nog meer ‘gezag’ mee uitstralen.
De roddelpers sprak dit oordeel niet tegen, maar slingerde wel het gerucht de wereld in dat het een vakantiebaardje betrof en dat Máxima er dusdanig tevreden over was dat WA meteen, als was in haar handen, overstag ging bij haar suggestie de extra baardgroei te handhaven. En of die volgzaamheid nou van toegenomen personality en gezag getuigde? Niet echt, natuurlijk.
Komen we – naast het reeds genoemde mysterie – bij een tweede, generieke eigenschap die de baard wordt toegedicht: senioriteit en wijsheid. Niet voor niets kunnen we ons Sinterklaas en de Kerstman niet zonder enorme witte baard voorstellen. Ook bij de geestelijkheid (denk aan ayatollahs en rabbi’s) is de baard niet weg te denken. Waarbij het Sikh-geloof nog het verst gaat in de verplichtstelling van de baard: daar luidt de stelregel dat het godslasterlijk is ‘het lichaam zoals God het geschapen heeft te veranderen’, inclusief dus de haargroei.
Man-o-sphere
Toch lijkt het een illusie om een min of meer eenduidige interpretatie van het fenomeen ‘baard’ te geven. Afhankelijk van de cultuur en de plek op aarde kunnen de mannelijke motieven om baarden te laten staan volledig verschillen. Hoogstens valt er enige consistentie te bespeuren in de toegenomen aandacht van westerse mannen voor hun eigen baardgroei, en wat je er allemaal mee zou kunnen. Zich vertalend in meer aandacht voor het ‘stijlvol’ dragen van een baard en het maken van een ‘bewuste keuze’ welk soort baard het beste bij jouw innerlijk en/of imago past. Dit alles aangejaagd door de eerder genoemde barbershops.
In de veel bekeken en nogal controversiële docu Louis Theroux: Inside the manosphere, een portret van succesvolle male-influencers, zie je hoe twintigers zich naar het miljonairschap vloggen, met hun uiterlijk als essentieel onderdeel daarvan. Bij hun veroveringstocht en de cruciale rol van de camera op decimeterlengte van hun gezicht kan een hyperbewustzijn over de eigen baardgroei, en het uitproberen van allerlei verschillende baardjes (welke levert de meeste clicks op?), niet ontbreken. En gezien de variëteit aan baardjes ontbreekt die dan ook niet.
Hoewel deze mannelijke influencers zwaar onder vuur liggen vanwege hun vermeende misogynie is er na het zien van deze docu maar één conclusie mogelijk: als je uitgebreide annex obsessieve aandacht voor je uiterlijk voornamelijk als feminien beschouwt, zijn deze zogenaamde macho-influencers zo feminien als maar zijn kan.
Chauvinistisch
Om chauvinistisch af te sluiten: de Rotterdamse barbiers van Schorem verdienen intussen miljoenen aan het ontluikende stijlbewustzijn van de man, wereldwijd. Met hun eigen merk pommade, ‘Reuzel’ geheten, exporteren ze behalve de belofte dat je haar optimaal, in de voorbedachte vorm, blijft zitten, ook een algemeen gevoel van stoerheid: de-man-neemt-zijn-dingen-in-eigen-hand!
Niet in de laatste plaats zijn eigen haar.
Wynia’s Week verschijnt drie keer per week, 156 keer per jaar, met even onafhankelijke als broodnodige artikelen en columns, video’s en podcasts. De groei en bloei van Wynia’s Week is te danken aan de donateurs. Doet u al mee? Doneren kan op verschillende manieren. Kijk HIER. Hartelijk dank!


















