Is Nederland een democratie of een aristocratie?

De populariteit van Pim Fortuyn maakte duidelijk: het Nederlandse volk is niet meer zo volgzaam.

De term “democratie” is een samenvoeging van twee Griekse woorden. Het woord “demos”, dat “volk” betekent. En het woord “kratos”, dat “macht” betekent. In de Griekse mythologie is de god Kratos de god van de macht. Democratie betekent dat het volk aan de macht is, dat het volk de heerschappij heeft.

In Nederland mag het volk in beginsel één maal in de vier jaar stemmen tijdens verkiezingen voor de Tweede Kamer. Iedere stemgerechtigde mag stemmen op een persoon van wie de naam op een lijst staat. Die lijst is niet opgesteld door het volk. Die lijst is opgesteld door politieke partijen. De namen van de personen, die op de lijst staan, zijn door politieke partijen als kandidaten voor de Tweede Kamerverkiezingen op de lijst gezet. Het volk mag alleen stemmen op kandidaten die op de lijst staan. Een stemgerechtigde mag niet stemmen op een persoon die niet op de lijst staat, ook al zou de stemgerechtigde veel liever op die persoon willen stemmen dan op iemand die op de lijst staat.

Het volk mag machteloos toezien

De uitslag van de verkiezingen is bepalend voor de samenstelling van de Tweede Kamer, voor de zetelverdeling daarin. Na de verkiezingen gaan politieke partijen met elkaar onderhandelen wie met wie gaat samenwerken, wat voor regering er zal komen en wat voor beleid van zo’n regering zou mogen worden verwacht. Het volk heeft op dit proces geen enkele invloed.

Het volk mag slechts machteloos toezien. Het volk heeft geen macht om zelf te beslissen op wie men stemt, om zelf te beslissen wie met wie gaat samenwerken in een regering, om zelf te beslissen wat voor regering er komt en om zelf te beslissen welk beleid door die regering zal worden gevoerd. Het volk is in Nederland niet aan de macht, heeft niet de heerschappij. Nederland is dus geen democratie.

Tot in de jaren zestig van de vorige eeuw was dat in de praktijk niet zo’n probleem. Het volk was toen volgzaam. En autoriteit was een vanzelfsprekendheid. Het grootste deel van het volk in de provincies Noord Brabant en Limburg was katholiek en stemde vrijwel automatisch KVP. Carl Romme was de voorman en een door katholieke kiezers erkende autoriteit. Bovendien mochten katholieken van de bisschoppen niet op de PvdA stemmen. Die PvdA was in Nederland boven de grote rivieren juist dikwijls populair. Dat was onder de voorman Willem Drees, vadertje Drees, autoriteit bij uitstek.

Alles veranderde eind jaren zestig van de vorige eeuw. Met de studentenopstand van 1968 in Parijs en de algemene staking in heel Frankrijk. En met de Maagdenhuisbezetting van 1969 in Amsterdam. Autoriteit was plotseling geen vanzelfsprekendheid meer. Of het nou op straat was ofwel in de kerk. Gijs van Hall, de toenmalige burgemeester van Amsterdam, was een van de eerste slachtoffers. Kerken begonnen leeg te lopen.

D66: gekozen burgemeester, premier, referenda…

Een paar jaar eerder ontstond D’66. De D stond voor Democraten. Voorman was Hans van Mierlo, die stoute democratiseringsplannen had: een gekozen burgemeester, gekozen premier, referenda. Het kwam er niet van. Hoewel D’66 bij de Tweede Kamerverkiezingen van 1971 van 7 naar 11 zetels steeg, hield PvdA-leider Joop den Uyl toen de boot af bij het streven van Hans van Mierlo naar een progressieve volkspartij. Bij de volgende verkiezingen viel D’66 terug van 11 naar 6 zetels.

Gebleken is dat gevestigde politieke partijen niets moeten hebben van democratiseringsplannen als die van Hans van Mierlo. Het is zelfs zover gekomen, dat uitgerekend een latere voorman van D’66 eraan heeft meegewerkt, dat niet alleen het correctief referendum er voorlopig niet zal komen, maar dat ook het reeds bestaande raadgevend referendum werd afgeschaft. De naam van D’66 zou na deze geste eigenlijk beter kunnen worden veranderd in AntiD’66.

Het is natuurlijk niet zo gek, dat machthebbers er niets voor voelen om hun macht op te geven via een democratiseringsproces. Maar hier speelt ook een betweterigheid mee, die deels berust op feiten en deels op vooringenomenheid, en die resulteert in een onwil om de macht aan het volk te laten. Zelfs de Founding Fathers van de Verenigde Staten van Amerika hadden ermee te maken tijdens de Constitutional Convention in 1787.

Een rechtstreekse verkiezing door het volk van de President van de Verenigde Staten wilde toen bijna niemand. Er was ook verzet tegen verkiezing door het Congres. Dat was in strijd met het beginsel van scheiding der machten. Compromis was een Electoral College en het spreiden van verkiezingen over de verschillende staten. Wie in een staat de meeste stemmen wint, krijgt alle kiesmannen van die staat.  Bij gebrek aan de nodige kiesmannen werden Al Gore in 2000 en Hillary Clinton in 2016 niet President, ofschoon ze landelijk wel de meeste stemmen kregen.

Het begrip “aristocratie” is een samenvoeging van twee Griekse woorden. Het woord “aristos”, dat “de beste” betekent. En het woord “kratos”, dat ‘”macht” betekent. Een aristocratie is in feite een regeringsvorm waarbij de macht, de heerschappij in handen is van een kleine groep, van een elite.

Een aristocratie wordt niet verkozen door de bevolking, maar zij komt op vanuit de heersende elite.

Aldus: http://www.woorden.org/woord/aristocratie

Hoezo: ‘representatieve democratie’?

Een regeringsvorm, waarbij de macht niet in handen is van het volk maar van een kleine groep, die hebben we in Nederland. Een regering, die niet wordt verkozen door de bevolking, die hebben we in Nederland. Het Nederlandse systeem heet dan wel ‘representatieve democratie’. Maar dat is het niet. Leden van de Tweede Kamer heten dan wel ‘volksvertegenwoordigers’. Maar dat zijn ze niet. Ze zijn representanten van politieke partijen, vertegenwoordigen die politieke partijen in de Tweede Kamer. Ze worden geacht de politieke lijn, beginselen en beleidswensen van hun politieke partij te volgen. Doen zij dit niet, dan kunnen ze door die partij worden geroyeerd.

Als Kamerleden kunnen ze niet worden ontslagen. Verlaten ze zelf een partij, maar blijven ze in de Tweede Kamer als Kamerleden zitten, dan worden ze beschuldigd van zetelroof. Een duidelijke aanwijzing, dat ze blijkbaar niet worden beschouwd als echte volksvertegenwoordigers, maar als ontrouwe vertegenwoordigers van politieke partijen.

Aristocratie heeft altijd betekend, dat personen uit een hoge klasse de macht hadden. Historisch gezien waren dat de adel, de geestelijkheid, de rijken, mensen met een staat van dienst, bekwame, geschoolde mensen met ervaring en kennis van zaken. ¹

Montesquieu: de drie gescheiden machten

Volgens de Griekse filosoof Plato is aristocratie de meest ideale regeringsvorm en horen mensen met persoonlijkheid en genialiteit de macht te hebben (Boek Politeia uit 381 voor Christus).

Er zijn ongetwijfeld mensen die dat nu nog steeds vinden. Maar intussen hebben we wel Charles Montesquieu gehad, de Franse filosoof (1689-1755) wiens ideeën over de trias politica internationaal grote invloed hebben gehad op de staatsinrichting.

Volgens Montesquieu is er niet één macht maar  zijn er drie machten, de wetgevende macht, de uitvoerende macht en de rechtsprekende macht, en dient er een evenwicht te bestaan tussen die machten. In Nederland en in veel andere Europese landen is er geen strikte scheiding der machten, is het beter te spreken van spreiding van machten.

De wetgevende macht moest volgens Montesquieu in handen zijn van het volk, de uitvoerende macht in handen van de koning en de rechtsprekende macht in handen van onafhankelijke rechters. Tegenwoordig is de uitvoerende macht meestal in handen van de regering, in plaats van de koning. ²

Waarom  moet volgens Montesquieu de wetgevende macht in handen zijn van het volk? Omdat in een vrij land iedereen die in het bezit kan worden geacht van een vrije wil, zichzelf dient te besturen. Zoiets is in grote landen onmogelijk en stuit ook in kleine landen op bezwaren. Daarom dient het volk vertegenwoordigers aan te stellen. ³

In Nederland is de wetgevende macht in handen van representanten van politieke partijen. Niet in handen van het volk. In Nederland bepalen politieke partijen wie met wie gaat samenwerken en wie met wie gaat regeren. Niet het volk. In Nederland bepalen politieke partijen welk beleid een regering gaat voeren. Niet het volk.

In Nederland oefenen politieke partijen macht uit op twee stoelen. Zowel de wetgevende macht als de uitvoerende macht. Het volk zit er naast, kijkt er naar, en ziet dat de macht, die in een democratie aan het volk toekomt, wordt opgeëist door een klein deel van dat volk. Nederland is dus een aristocratie. Misschien niet van het kaliber dat Plato voor ogen had als de meest ideale regeringsvorm, een elite van mensen met persoonlijkheid en genialiteit, die volgens Plato de macht behoren te hebben. Maar wel beantwoordend aan de definitie van aristocratie als een regeringsvorm waarbij de macht, de heerschappij in handen is van een kleine groep.

Probleempje: het Nederlandse volk is niet meer zo volgzaam

Het volk is in Nederland tegenwoordig niet meer volgzaam. Grote delen van dat volk worden iedere dag uitstekend geïnformeerd door pers, TV, internet en sociale media. Ze zijn goed op de hoogte.

En ze zijn dikwijls ontevreden met het huidige politieke systeem. Dat blijkt uit het zich van tijd tot tijd afkeren van gevestigde politieke partijen en steun verlenen aan aantrekkelijk lijkende nieuwkomers.  

Pim Fortuyn meldde zich met zijn Lijst Pim Fortuyn (LPF). “Ik zeg wat ik denk en ik doe wat ik zeg.”

Hij werd razend populair, zei dat hij premier van Nederland zou worden, maar werd op 6 mei 2002 vermoord. Zijn afscheidsdienst op 10 mei 2002 bracht een ongekende mensenmassa op de been.

Pim Fortuyn zette het debat over integratie en immigratie op de agenda, vond dat de grenzen dicht moesten en wilde minder asielzoekers. Zo joeg hij politiek Nederland tegen zich in het harnas. ⁴

Na de dood van Pim Fortuyn werden op 15 mei 2002 26 personen van de LPF tot Tweede Kamerlid gekozen. De LPF was daarmee de tweede grootste fractie in de Tweede Kamer en dit leidde toen tot deelname aan het kabinet Balkenende I. Onderling gekrakeel en verdeeldheid had tot gevolg dat de LPF bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2006 geen zetels haalde en in 2008 werd ontbonden. ⁵

Wilders, Baudet…

Geert Wilders bewonderde Pim Fortuyn. Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2010 steeg zijn PVV van 9 naar 24 zetels. Wilders stelde voor een minderheidskabinet te vormen van VVD en CDA, dat van de PVV gedoogsteun zou krijgen. Dat kabinet, Rutte I, kwam er uiteindelijk. Maar de sfeer was niet best. En de boel klapte in april 2012. ⁶  Bij nieuwe verkiezingen verloor de PVV 9 zetels.

Nu is er dan Forum voor Democratie van Thierry Baudet. “Ideologisch verschillen de programma’s van de PVV en Forum niet zo veel. Beide zijn anti-Europa, anti-euro, voor directe democratie, anti-migratie en anti-establishment. Baudet brengt zijn boodschap positiever en minder scherp dan Wilders. Het maakt Forum in de ogen van kiezers een alternatief voor de fellere Wilders.” ⁷

Voor kiezers was het dat blijkbaar wel.

Omdat Forum voor Democratie tijdens de verkiezingen van maart 2019 als winnaar uit de bus kwam, werd de partij van Thierry Baudet als ‘grootste partij’ aangewezen in de Eerste Kamer, ook al heeft ze met 12 zetels evenveel zetels als de VVD. ⁸

Maar dat wil nog niet zeggen dat ze door de gevestigde politieke partijen wordt gepruimd als een partij waarmee zij zouden willen samenwerken. VVD-coryfee Hans Wiegel heeft het geprobeerd in Zuid-Holland, maar kwam er niet uit en maakte pas op de plaats. ⁹ ChristenUnie en SGP bleken toch  onvoldoende vertrouwen te hebben in Forum voor Democratie om verder te onderhandelen. ¹º  

Gevestigde partijen hebben weinig zin in nieuwkomers

Het ziet er na deze ervaringen van drie nieuwkomers naar uit dat gevestigde politieke partijen niet echt zin hebben om met hen samen te werken. Als reden worden politieke verschillen genoemd. Maar in Nederland zijn er altijd politieke verschillen tussen partijen geweest en niettemin hebben die partijen altijd wel een modus gevonden om in enige vorm in een coalitie met elkaar samen te werken.

Gevestigde politieke partijen lijken eerder hun aristocratische machtspositie niet te willen opgeven.

Dat kan niet meer. “De gevestigde partijen zullen zich moeten bezinnen. Forum voor Democratie dezelfde behandeling geven als de PVV is geen optie meer.” (De Volkskrant van 22 maart 2019) ¹¹

Over de vraag of het nodig is het Nederlandse parlementaire stelsel aan te passen heeft zich een staatscommissie gebogen onder voorzitterschap van Johan Remkes. Op 13 december 2018 is het eindverslag van deze staatscommissie gepubliceerd. “De grote maatschappelijke en technologische veranderingen maken het noodzakelijk ons parlementair stelsel toekomstbestendig te maken. Na honderd jaar is het hoog tijd voor aanpassingen van onze democratie en rechtsstaat,” concludeerde commissievoorzitter Remkes. ¹²  De commissie heeft een top 7 gemaakt van haar aanbevelingen:

  •  Aanpassing van het kiesstelsel voor de Tweede Kamer;
  •  Invoering correctief bindend referendum;
  •  Invoeren van de gekozen formateur;
  •  Instellen van een Constitutioneel Hof;
  •  Opstellen van een Wet op de politieke partijen (Wpp);
  •  Meer democratische kennis en vaardigheden in het onderwijs;
  •  Invoeren terugzendrecht voor de Eerste Kamer.

En een bindend referendum, daar hebben de regeringspartijen ook geen zin in

Over een correctief bindend referendum is bij de huidige regeringspartijen weinig enthousiasme te bespeuren. In het regeerakkoord is afgesproken dat er geen bindend correctief referendum komt.

Het CDA wil het niet. De ChristenUnie wil het niet. De VVD ook niet, maar wil het rapport bestuderen. “Democratie is te belangrijk om alleen aan politici over te laten”, zei een VVD-Kamerlid. ¹³

Uit de mond van een politicus klinkt dat bemoedigend. Het argument van de ChristenUnie om tegen een correctief bindend referendum te zijn is curieus. “Een correctief bindend referendum staat op gespannen voet met de representatieve democratie. Het is dus niet alleen een probleem van praktische uitvoerbaarheid en betere randvoorwaarden, maar een principiële aangelegenheid.” ¹⁴

De staatscommissie-Remkes was ingesteld teneinde te onderzoeken of het nodig is het huidige Nederlandse parlementaire stelsel aan te passen. En dan valt onder dat onderzoek net zo goed het thans bestaande systeem van hetgeen in Nederland ‘representatieve democratie’ wordt genoemd.

Een correctief bindend rendement staat inderdaad op gespannen voet met het systeem dat in Nederland ‘representatieve democratie’ wordt genoemd. Maar dat systeem staat nu juist zelf op gespannen voet met wat democratie is.

Aristocratie of democratie?

Het Nederlandse systeem wordt ook wel beschouwd als een tussenvorm tussen aristocratie en democratie. Maar dan is de benaming ‘representatieve democratie’ misleidend en doet deze de betekenis van het woord ‘democratie’ geweld aan.

Max van Duijn schreef in mei 2019 in Elsevier:

“Representatieve democratie is eigenlijk een contradictio in terminis. Volgens Rousseau kan soevereiniteit niet worden gerepresenteerd, omdat ze bestaat uit de algemene wil. Afgevaardigden van het volk zijn om die reden slechts zaakwaarnemers die niet vrijelijk kunnen beslissen. Daarom kun je gekozen bestuurders onmogelijk verzoenen met democratie. Vrijwel alle politieke theoretici aan het eind van de achttiende eeuw die conceptuele precisie op prijs stelden, waren het met Rousseau’s analyse eens. En zo is het nog steeds. De belangrijkste hedendaagse theoretici van de democratie erkennen ruiterlijk het aristocratisch karakter van ons politieke systeem.” En verder:

“Nederland is een gemengd stelsel, waarin het aristocratische element domineert. En dat gemengde stelsel wil ik behouden. Maar het democratische element moet wel sterker.” Van Duijn wil echter geen normatief oordeel vellen over referenda. ¹⁵

Toch is een bindend correctief referendum een ideaal middel om van een aristocratie een democratie te maken. Het moge dan onmogelijk zijn om in een land het volk zichzelf te laten besturen, dat neemt niet weg dat men het volk best het laatste woord kan geven om parlement en regering te corrigeren. Via een bindend correctief referendum. In Zwitserland bestaat zo’n systeem al anderhalve eeuw.

Zwitsers zijn ermee opgegroeid, zien het als hun democratisch recht. En Zwitserse regeringen stellen zich bescheiden op, in de wetenschap dat wetsvoorstellen en beleidsplannen zomaar door het volk kunnen worden afgeschoten. Het volk is in Zwitserland aan de macht.

Het volk aan de macht, ook in Nederland?

Dat moet in Nederland toch ook kunnen. De staatscommissie-Remkes heeft nota bene invoering van een correctief bindend referendum al voorgesteld. De aristocratische gevestigde politieke partijen zijn voorlopig bezig die invoering tegen te houden. Uit zichtbaar eigenbelang, op basis van doorzichtige, niet overtuigende, als democratisch gepresenteerde ondemocratische argumenten.

De laatste stunt is een nieuwsbericht van de Rijksoverheid van 1 juli 2020, dat Minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het kiesstelsel gaat wijzigen. Op zo’n manier dat de kiezer een stem kan uitbrengen op een partij of op één kandidaat van die partij. Waarmee maar weer eens bevestigd is, dat het gevestigde politieke partijen alleen maar te doen is om het belang van de eigen partijen, niet om het belang van het volk, niet om het wezen van de democratie.

Het argument van Ollongren voor haar wijzigingsvoorstel is tegelijkertijd zonderlijk en lachwekkend. “Door de kiezer de mogelijkheid te geven een stem uit te brengen op een partij of op een kandidaat krijgt hij of zij meer invloed op wie er bijvoorbeeld in de Tweede Kamer komt.” Kiezers hebben nu al de mogelijkheid om voorkeurstemmen  te geven. Voorts gaat het er niet om dat de kiezer meer invloed krijgt op wie er in de Tweede Kamer komt. In een democratie behoort het volk daar eigenlijk juist een beslissende invloed op te hebben.  

Hoe lang nog?

Hoe lang zal het nog duren voordat Tweede Kamerleden, die zich volksvertegenwoordigers wanen, beseffen dat ze dat niet zijn? Omdat ze niet door het volk als kandidaat-Kamerlid zijn aangewezen, omdat het volk hen niet kan en mag controleren, en omdat het volk hen niet kan en mag corrigeren?

“Er is geen crisis van de democratie, er is een crisis van de gevestigde partijen. Zij zitten op een doodlopend spoor, maar blijken niet bij machte bij te sturen. Op de lange termijn zouden gevestigde partijen wel gek zijn als ze op deze doodlopende weg doorgaan.” ¹⁶ Nogmaals: hoe lang nog?

Noten

¹ Aldus: Aristocratie – Betekenis en kenmerken, Historiek.
https://historiek.net/aristocratie-kenmerken-betekenis/80073/

² Aldus: Trias politica: machtenscheiding en machtenspreiding, Montesquieu Instituut.
https://www.montesquieu-instituut.nl/id/vhnnmt7lidzx/trias_politica_machtenscheiding_en

³ Trias politica: machtenscheiding en machtenspreiding, Montesquieu Instituut.
https://www.montesquieu-instituut.nl/id/vhnnmt7lidzx/trias_politica_machtenscheiding_en

⁴ ‘Ideeën van Pim Fortuyn zijn springlevend’, de Kanttekening 8 mei 2016.
https://dekanttekening.nl/samenleving/de-ideeen-van-pim-fortuyn-zijn-springlevend/

⁵ Opkomst en ondergang van de LPF, PARLEMENT.com.
https://www.parlement.com/id/vhdjhx1hxotm/opkomst_en_ondergang_van_de_lpf

⁶ Waarom mislukte regeren met PVV-steun?
https://npofocus.nl/artikel/7493/waarom-mislukte-regeren-met-pvv-steun

⁷ Aldus: Zal Forum voor Democratie slagen waar de PVV dat niet deed? Trouw 29 maart 2019.
https://www.trouw.nl/nieuws/zal-forum-voor-democratie-slagen-waar-de-pvv-dat-niet-deed~be8fca02/

⁸ FVD wordt ‘grootste partij’ in Eerste Kamer.
https://www.metronieuws.nl/in-het-nieuws/2019/05/fvd-wordt-grootste-partij-in-eerste-kamer

⁹ Wiegel maakt ‘pas op de plaats’, maar FvD, VVD en CDA praten verder in Zuid-Holland, De Volkskant, 16 april 2019.
https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/wiegel-maakt-pas-op-de-plaats-maar-fvd-vvd-en-cda-praten-verder-in-zuid-holland~bf10820d/

¹º Forum voor Democratie en CU/SGP gaan niet onderhandelen in Zuid-Holland, NRC 5 juni 2019.
https://www.nrc.nl/nieuws/2019/06/05/besprekingen-in-zuid-holland-met-forum-voor-democratie-lopen-stuk-a3962651

¹¹ Weghonen van populistisch rechts is geen optie meer. De Volkskrant, 22 maart 2019.
https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/weghonen-van-populistisch-rechts-is-geen-optie-meer~b372eafd/

¹² Zie: Staatscommissie parlementair stelsel publiceert eindverslag.
https://www.tweedekamer.nl/nieuws/kamernieuws/staatscommissie-parlementair-stelsel-publiceert-eindverslag

¹³ Commissie-Remkes pleit voor het referendum, maar willen we dat nog wel? Nieuwsuur, Binnenlandse Politiek, 13 december 2018.
https://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2263400-commissie-remkes-pleit-voor-het-referendum-maar-willen-we-dat-nog-wel.html

¹⁴ Op gespannen voet met de representatieve democratie.
https://wi.christenunie.nl/referendummaar

¹⁵ Ons politiek stelsel is niet democratisch maar aristocratisch, door Max van Duijn, Elsevier 13 mei 2019.
https://www.elsevierweekblad.nl/opinie/opinie/2019/05/687889-687889/

¹⁶ Citaat van Tom van der Meer in zijn boek ‘Niet de kiezer is gek’.