Tegen het Triodos-denken: Omwille van een goed pensioen zal ‘links’ van de effectenbeurs moeten leren houden

frentrop
Bestuursvoorzitter Marcel Zuidam van Triodos Bank luidt samen met collega’s de beursgong ter gelegenheid van de beursgang van Triodos, 18 juni 2025. Foto ANP / Hollandse Hoogte / Joris van Gennip

Pensioenfondsen zijn helemaal geen lange termijnbeleggers. Wie zegt dat ze dat wel zijn maakt zich schuldig aan misleiding. Pensioenfondsen hebben wel lange termijnverplichtingen. Maar die staan op de andere kant van de balans: bij de schulden. De bezittingen van pensioenfondsen daarentegen zijn voor het overgrote deel korte termijn. Zo vloeibaar als water.

Pensioenfondsen beleggen vrijwel al het geld dat ze van uw werkgever ontvangen in beursgenoteerde aandelen en leningen (obligaties). Dat zijn de waardepapieren die op de kortst mogelijke termijn (iedere werkdag) weer van de hand zijn te doen. Dat is namelijk de rol van de beurs: Het beleggers mogelijk maken snel hun bezit te verzilveren. Ze krijgen hun geld niet terug van het bedrijf waarin ze hebben belegd. Dat houdt zijn kapitaal en kan gewoon doorwerken. Aandeelhouders krijgen hun geld van een andere belegger.

Waarom pensioenfondsen in aandelen beleggen

De hamvraag is waarom pensioenfondsen beleggen in aandelen die iedere dag zijn te verkopen? Toen ik jong was mocht het ABP niet beleggen in aandelen. Dat vond de wetgever onnodig riskant. En waarom in beursgenoteerde aandelen? Pensioenfondsen hebben (mits ze geen rare dingen doen) nooit onverwacht geld nodig. Ze weten ruim van tevoren wanneer hun deelnemers met pensioen gaan en ze geld moeten uitkeren.

Dat pensioenfondsen nu wel mogen beleggen in aandelen is omdat ze alleen op die manier misschien de door de regering veroorzaakte inflatie nog bij kunnen benen. En dat ze beleggen in beursgenoteerde aandelen heeft te maken met vertrouwen. Als een pensioenfonds al zijn geld steekt in zaken die niet op een beurs verhandeld worden, dan weet immers niemand of die beleggingen wel hun waarde houden. De beurs produceert prijzen.

De hoogte van de prijs blijft een kwestie van vraag en aanbod. Een pensioenfonds kan zijn beleggingen wel voor het bedrag waarvoor het ze heeft gekocht in de boeken zetten, maar in het slechtste geval wil niemand ze kopen en zijn ze niets waard. In het beste geval stijgen ze in waarde, maar dat ziet u dan niet. U heeft geen idee of uw pensioenfonds zijn werk goed doet.

Het is teveel gevraagd om u verplicht een kwart van uw inkomen in te laten leveren zonder enig zicht op wat er de volgende decennia mee gebeurt. Daarom hebben pensioenfondsen de effectenbeurs nodig. Die geeft zelfs de meest antikapitalistische werknemer het vertrouwen dat zijn geld er nog is als hij het nodig heeft. Lang leve de effectenbeurs! zouden zowel werkgevers als werknemers en politici moeten roepen.

De hoogmoed van Triodos

Maar dat doen ze niet. Linkse mensen hebben in hun onderbuik zelfs een hekel aan de beurs. Slechts speculanten en sprinkhanen leven daar volgens hen. Triodos, de bank die de wereld wil verbeteren en de effectenhandel veracht, zoals een kunstenaar commercie, dacht het zelf beter te kunnen dan de beurs. We vragen gewoon kapitaal aan onze klanten. Als die dat geld weer dringend nodig hebben, zullen we zelf wel een koper vinden voor hun effecten.

Dat eerste bleek te lukken, dat tweede niet. Toen besloot de directie alsnog naar de beurs te gaan, waar de Triodos-effecten nu tegen heug en meug verhandelbaar zijn, maar wel tegen een lagere prijs dan de goedgelovige klanten zelf betaalden aan de bank.

Tja, het denken van de bank is gebaseerd op antroposofie, niet op economie. En bij mensen die het beter denken te weten leiden misstappen niet tot bescheidenheid: ‘Triodos wil het financiële systeem op de schop: het zou heel fijn zijn als meer mensen zouden snappen hoe geld werkt’, vertelde de bank vorige maand aan de lezers van de NRC.

Volgt beursgenoteerde onderneming de grutto?

Vanuit dezelfde misvatting als die van Triodos ontgaat linksdenkende mensen een groot actueel gevaar. Ze zien wel dat de grutto uitsterft op de Friese en Hollandse weiden. Het aantal broedparen daalt dramatisch. Maar ze zien niet dat de beursgenoteerde onderneming hetzelfde lot dreigt te ondergaan.

De Verenigde Staten zijn het land van de beursgenoteerde onderneming. Zoals Nederland goed is voor ongeveer 80 procent van de broedende grutto’s in Noordwest-Europa, zo zijn de Verenigde Staten de belangrijkste habitat van beursgenoteerde ondernemingen ter wereld.

Maar het aantal beursgenoteerde ondernemingen in de Verenigde Staten daalt schrikbarend. Op het hoogtepunt, in 2007, waren dat er 7800. Nu zijn dat er nog maar een stuk of 4700. Dat is nog veel in verhouding met Frankrijk of Duitsland met elk zo’n 400, maar in economische zin begint de beursgenoteerde onderneming te lijken op onze weidevogel.

Pensioenfondsen en beurs in symbiose

Dezelfde linksdenkende mensen die nu zeggen dat het verstandig is voor pensioenfondsen om – omdat Donald Trump zo onaardig is – minder in de Verenigde Staten beleggen, hebben dat niet eens in de gaten. Ze blijven zelfs nieuwe regels bedenken waar de paar hier in de Europese Unie nog aan de beurs genoteerde ondernemingen aan moeten voldoen, terwijl de Verenigde Staten werken aan minder regelgeving om zo nieuwe ondernemingen weer naar de beurs te trekken.

Pensioenfondsen en beursgenoteerde ondernemingen leven in symbiose. Ze kunnen niet zonder elkaar. Pensioenfondsen hebben beursgenoteerde ondernemingen nodig om in te beleggen. In grutto-termen: pensioenfondsen eten alleen beursgenoteerde ondernemingen. Die hebben op hun beurt pensioenfondsen nodig, omdat de mensen daar hun meeste spaargeld in moeten stoppen.

De meeste ondernemingen zijn niet aan de beurs genoteerd, want niet iedere onderneming is geschikt voor de effectenbeurs. Een beursgenoteerde onderneming moet zijn aandeelhouders redelijke stabiele winstontwikkeling in het vooruitzicht kunnen stellen. Dat kunnen alleen gevestigde ondernemingen die een stevige positie op de markt voor hun producten hebben verworven en beschikken over de juiste bestuursstructuur (governance) om te voorkomen dat de directie zich misdraagt.

Koester bedrijven van middelbare leeftijd

Dat zijn over het algemeen ondernemingen die hun wilde jeugdjaren achter de rug hebben. Pas op rijpere leeftijd kan een gezonde onderneming de woestenij van de private investeerders achter zich laten en op de openbare markt verschijnen. Daar kan de onderneming via pensioenfondsen die zijn aandelen kopen bijdragen aan een fatsoenlijke oude dag voor de werknemers van de vorige generaties.

Vanaf dit jaar zijn beursgenoteerde ondernemingen voor de jongere generaties nog belangrijker dan voor de ouderen, omdat pensioenfondsen het geld van jongeren voor een nog groter deel dan voorheen in aandelen gaan beleggen. Dat is de crux van het nieuwe stelsel.

Pensioenstelsel kan niet zonder goed werkende beurs

Maar dan moeten er wel genoeg beursgenoteerde ondernemingen zijn. Ook linksdenkende politici zijn altijd wel bereid na te denken over subsidies voor starters en investeringsfondsen voor nieuwe technologieën. Graag wateren zij stekjes. Maar zij vergeten de boomgaard te koesteren die er al staat. De effectenbeurs heeft welwillende verzorging nodig. Bij het nieuwe pensioenstelsel heeft de overheid ook tot taak om te zorgen dat effectenbeurzen optimaal functioneren. Voor zowel de korte als de lange termijn.

Het beursgenoteerde Triodos gaat verder alsof er niets gebeurd is en meldt de wereld: ‘De bank versterkt zijn maatschappelijke koers met een nieuwe adviesraad.’ Van de politiek wordt echter een ommekeer in het denken gevergd: Links moet van de beurs gaan houden.

Laat Marx zich maar omdraaien in zijn graf. Het socialistische denken bracht ons de AOW; een basisvoorziening. Daarvoor is de beurs niet nodig. Voor een goed pensioen op de lange termijn is het onbelemmerd functioneren van de effectenmarkt echter noodzakelijker dan ooit.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee, ook in het nieuwe jaar? Doneren kan zoHartelijk dank!