Ook de nieuwe polarisatie komt van links; dit keer van lang opgeleid links
Artikel beluisteren
Na het onderwerp meer dan vijftig jaar te hebben bestudeerd, kan ik U meedelen dat het antwoord op de vraag of polarisatie de schuld is van rechts of van links eenduidig luidt: links is de aanstichter van polarisatie.
We hoeven niet helemaal terug naar Karl Marx, die klassenstrijd zag als de oplossing voor alles. In de Verenigde Staten bereikte de politieke polarisatie zes jaar geleden een hoogtepunt aan het slot van de jaarlijkse State of the Union-toespraak van de president in 2020.
Terwijl Donald Trump afsloot met ‘The best is yet to come. Thank you all. Bless you and God bless America,’ scheurde Nancy Pelosi, voorzitter van het Huis van Afgevaardigden en twintig jaar lang partijleider van de Democraten, op het podium achter hem het papier met daarop zijn speech ostentatief in tweeën.
In de Nederlandse verhoudingen zou dit zijn alsof de voorzitter van de Tweede Kamer nadat de koning op Prinsjesdag de troonrede heeft voorgelezen achter hem die troonrede doormidden scheurt. Nederland volgt al tachtig jaar bijna alle Amerikaanse trends, maar deze niet. Hier roepen alle Kamerleden – van regeringspartijen én van oppositiepartijen – op de derde dinsdag in september driewerf ‘Hoera!’ Ongeacht of ze het eens zijn met wat de regering de koning zojuist heeft laten voorlezen, of niet.
Polarisatie en verkiezingen.
In de politiek is polarisatie het accentueren van tegenstellingen tussen politieke partijen. Zulks is in verkiezingstijd noodzakelijk. Vervolgens worden de rijen gesloten in het algemeen belang. Dat werkt zolang er niet al te vaak verkiezingen zijn. Een democratie heeft een minimumperiode tussen verkiezingen nodig om niet vast te raken in polarisatie.
Maar de gemiddelde levensduur van een kabinet was tussen 1966 en 1982 minder dan twee jaar, herinnert Hans Wansink ons in zijn boek Ontketend Nederland. Geen wonder dat de PvdA op aanstichten van Nieuw Links eind jaren ’60 en begin jaren ’70 een polarisatiestrategie voerde. Links zocht de ideologische tegenstellingen constant op. Men wilde niet langer compromissen. Men wilde een kloof.
Die kloof moest duidelijkheid scheppen voor de kiezer. Deze strategie leverde eerst het kabinet-Den Uyl (1973-1977) op en daarna de kabinetten-Van Agt (1977-1982). De ontsporende verzorgingsstaat en tweede oliecrisis smoorden die eerste polarisatiegolf en Nederland ontpolariseerde van 1982 tot 1994 onder de kabinetten-Lubbers waarna de ‘paarse’ kabinetten van VVD met PvdA het definitieve einde van de polarisatie leken te markeren.
Polarisatie en ratio
Buiten de politiek is polarisatie echter continue. Daar bakent de ene groep zich voortdurend af van de andere. Ons soort mensen verschilt van hun. Dat is de basis van de natiestaat, de Eredivisie, de Koninklijke Haagsche Golf & Country Club, de Vereniging van Vrijzinnige Protestanten Nederland en nog veel meer organisaties. Om onderscheid te tonen dragen mensen vlaggen, oranje shirtjes, clubdassen, hoofddoekjes of andere polariserende parafernalia.
Maar in dit leven vraagt alles om mate. Ook polarisatie. De rede is het enige instrument om verschillende groepen vreedzaam met elkaar te laten samenleven. Bij tussen groepen onvermijdelijke meningsverschillen is het zaak om via inhoudelijk argumenteren tot een vergelijk te komen in plaats van de ander vanwege zijn lidmaatschap van de andere groep tot persona non grata te verklaren. Dat kunnen polariserend aangelegde mensen slecht. Het meest treffende voorbeeld van polarisatie in de Nederlandse geschiedenis leverde één van de inmiddels gefortuneerde leden van Nieuw Links.
Marcel van Dam: keihard op de man
De eerste mijlpaal van de nieuwe post-lubberiaanse golf van polarisatie werd op 15 februari 1997 ferm de grond in gedreven toen in het tv-programma Het Lagerhuis duo-presentator Marcel van Dam in discussie ging met Pim Fortuyn, die net zijn boek Tegen de islamisering van onze cultuur had gepubliceerd.
Van Dam bleek niet geïnteresseerd in de voors en tegens van islamisering, of in onze cultuur. Hij speelde op de man en haalde meteen de toen al meer dan een halve eeuw oude Tweede Wereldoorlog erbij. (In Nederland het favoriete polariseringswapen): ‘Als ik lees dat u dingen schrijft als: Eén land, één volk, één natie, dan roept u de sfeer op waarmee de NSB voor de oorlog stemmen probeerde te winnen.’ Fortuyn antwoordde: ‘Het zijn allemaal leugens. En dat verwondert me niets. Jij hebt me een paar jaar geleden in een interview al met Adolf Eichmann vergeleken. Dat was zo’n vieze, glibberige tekst dat ik er juridisch niets aan kon doen.’
Lesmateriaal voor jong en oud
Het hele transcript van deze woordenwisseling op de publieke omroep lijkt mij als lesmateriaal bij het vak burgerschapskunde van nut:
Van Dam: ‘U liegt, u liegt, en u bent niet alleen een leugenaar, maar u bent een ophitser waarmee u het Nederlandse volk…’
Fortuyn: ‘En u bent een populist en een onder-de-gordel-werker.’
Van Dam: ‘Populist? Populist? Weet u wat ik zo vreselijk vind?’
Fortuyn: ‘Ja? Ik vind u vreselijk.’
Van Dam: ‘Dat u potentiële angsten bij het Nederlandse volk tegen vreemdelingen exploiteert…’
Fortuyn: ‘Weet u wat u doet met dit debat. Ik heb…’
Van Dam: ‘…exploiteert om die boekjes, die overigens nog voor geen gulden informatie bevatten, om dat te verkopen.’
Fortuyn: ‘Alweer zo’n beschuldiging. Wat ik probeer met mijn boek…’
Van Dam: ‘U bent een buitengewoon minderwaardig mens. Weet u dat?’
Fortuyn: ‘Ik probeer in mijn boek het debat te verbreden mijnheer Van Dam en die politiek correcte kerk van u te bestrijden.’
Van Dam: ‘Debat te verbreden? U probeert mensen tegen elkaar op te hitsen.’
Fortuyn: ‘Toon mij dat aan.’
Van Dam: ‘Waarom denkt u dat Janmaat u een zetel aanbiedt?’
Fortuyn: ‘Moet ik daar verantwoording voor afleggen?’
Van Dam: ‘Ja, daar moet u verantwoording voor afleggen, ja.’
We zijn nu 29 jaar verder en BNN/VARA schuwt deze ad hominem-aanpak nog steeds niet. Bijvoorbeeld inzake de vraag of lichamelijk kan worden vastgesteld of iemand man of vrouw is, of dat zulks bepaald wordt door de opvatting daarover van de betreffende persoon. J.K. Rowling, de auteur van de Harry Potter-boeken, is een van de mensen die zich tegen die tweede opvatting uitspreekt met als resultaat dat op de website Joop van de publieke omroep BNN/VARA staat ‘Met elke euro naar J.K. Rowling betaal je mee aan de vernietiging van trans levens.’ Dat is polarisatie in de Van Dam-traditie. Met als enige verschil dat de gulden is vervangen door de euro.
De wetenschap van polarisatie
Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) onderzoekt elke twee jaar hoe uiteenlopend mensen in Nederland denken over verschillende onderwerpen. De onderzoekers zien de standpunten niet verder uiteen lopen en signaleren dus geen toenemende polarisatie. Ook in de Verenigde Staten laat onderzoek zien dat de ideologische scheidslijnen niet scherper zijn dan voorheen. Toch ervaart bijna iedereen toenemende polarisatie.
De wetenschap herdefinieerde daarom het probleem. Het gaat nu bij polarisatie niet om de inhoud van ideologische tegenstellingen maar om de gevoelens jegens de tegenstander. Deze ‘affectieve’ polarisatie is wel sterk gegroeid. Mensen hebben een grotere hekel aan hun politieke tegenstanders dan vroeger.
Polarisatie der gediplomeerden
Waarom wordt die affectieve polarisatie groter? Dat gebeurt als er meer scheidslijnen tussen groepen bestaan dan alleen ideologische, volgens wetenschappers. Neem bijvoorbeeld de inkomensgrens. Zolang er genoeg rijke socialisten bestaan en genoeg arme mensen geloven in de vrije markt, zullen links en rechts het oneens zijn, maar geen affectieve polarisatie ervaren. Als alle armen links zijn en alle rijken rechts heb je echter de polarisatiepoppen aan het dansen.
De scheidslijnen die de huidige groei van affectieve polarisatie in financieel genivelleerd Nederland veroorzaken liggen niet op het vlak van inkomen, maar op het vlak van opleiding. Ik doel niet op het verschil tussen hoog opgeleide en laag opgeleide Nederlanders. De eerste groep is namelijk bijna uitgestorven. Ik doel op het verschil tussen lang opgeleide Nederlanders en minder lang opgeleide Nederlanders, oftewel mensen met universitaire of hbo-dipoma’s en mensen zonder.
Zij die zich ideologisch ‘sociaal liberaal’ noemen – van heel D66 tot Femke Halsema en een hele generatie VVD’ers – beschikken over die diploma’s. Sterker nog; zij vinden blijkbaar dat zij erover moeten beschikken, zo zagen we tijdens de kabinetsformatie toen een beoogd D66-bewindspersoon zich gediplomeerder voorgaf dan ze was.
Van ideologie naar deskundologie: van ‘fout’ naar ‘dom’
Die lang opgeleide ‘sociaal liberalen’ gebruiken ‘deskundigheid’ als polarisatiewapen. Ze worden daarbij geholpen door media die slechts de zorgvuldig geselecteerde ‘deskundige’ interviewen die hun eigen standpunt verkondigt en zo net doen of ze objectief verslag geven.
Polarisering vandaag de dag betreft naast immigratie en islam vooral onderwerpen die eerder technisch dan ideologisch van aard zijn: klimaatverandering, energievoorziening, stikstofdepositie, wolven- en ander faunabeheer.
Ten aanzien van immigratie is het standpunt der gediplomeerden: ‘geen probleem/van alle tijden/niks aan te doen’; ten aanzien van islam is het ‘niet over praten/gaat vanzelf over.’ Op de technische onderwerpen zijn de lang opgeleiden ervan overtuigd de wetenschap aan hun kant te hebben. Zij vinden de tegenpartij niet alleen dom. Zij zijn als een leraar die bozer wordt naarmate leerlingen hem maar niet begrijpen. Zo neemt bij links de affectieve polarisatie toe. Terwijl rechts het gewoon inhoudelijk oneens blijft, maar net als de leerling niet bozer wordt op de tegenstander dan voorheen.
Van arbeidend links naar sociaal liberaal
In de geschiedenis van de polarisatie is dit een interessante verschuiving. Arbeidend links was vroeger ook al overtuigd van zijn wetenschappelijk gelijk. Karl Marx had immers ‘bewezen’ dat de ineenstorting van het kapitalisme onvermijdelijk zou komen. Marxistische ‘wetenschap’ overspoelde de universiteiten, maar arbeidend links stond sterk in zijn gelijk en werd niet boos omdat de tegenstander de communistische leer niet begreep.
Pas met de nieuwe polarisatiegolf werden tegenstanders weggezet als intellectueel ‘dom’ en moreel ‘fout’. Vide het schoolvoorbeeld van Marcel van Dam die Pim Fortuyn in de eerste plaats aanvalt als ‘fout’ en in tweede instantie als schrijver van boekjes ‘die voor geen gulden [sic] nieuwe informatie bevatten.’
Op deze tweede golf surfen de nieuwe linkse mensen, de lang opgeleiden, de gediplomeerden, het uit ‘Paars’ geboren ‘sociaal liberaal’. Zij hanteren als polarisatiewapens op het morele vlak bij voorkeur ‘haat zaaien’ en ‘mensen tegen elkaar opzetten’ en op het intellectuele vlak ‘liegen’ en ‘desinformatie’.
Van polarisatie naar agressie
Polarisatie komt van links; een eeuw geleden van arbeidend links, een halve eeuw geleden van ‘Nieuw Links’ en nu van het sociaal liberale lang opgeleide links. Leidt dat tot agressie van links? Links zegt van niet. Integendeel: Polariserend links beticht rechts van agressie. Maar wat te denken van ‘Kick out Zwarte Piet’ en het gedrag van linkse mensen die van de overheid meer maatregelen tegen klimaatverandering willen? Daartoe met een bord op het Malieveld gaan betogen is minder agressief dan daartoe een weg blokkeren waarmee je andere mensen in hun vrijheid beperkt. Dat ziet iedereen, slim of dom.
De oplossing
Het Sociaal Cultureel Planbureau schrijft stichtelijk: ‘Sterke beelden over polarisatie zijn niet zonder gevolgen. Een gepolariseerde samenleving – of dat nu daadwerkelijk zo is of door mensen zo wordt beleefd – kan ervaren vijandigheid tussen politieke tegenstanders aanwakkeren. Dat kan op den duur de sociale cohesie en het functioneren van de democratie aantasten. Daarom is het belangrijk om in het politieke debat een harde toon en vijandige houding te vermijden en de inhoud centraal te stellen.’
In feite vraagt het Planbureau ‘gediplomeerd lang opgeleid links’ niet alleen om depolarisatie (zoals onder Paars) maar om het politieke debat inhoudelijk te voeren. Is dat teveel gevraagd? In ieder geval zou het helpen als juist de lang opgeleide mensen ein bisschen Verständnis leerden tonen: Andersdenkenden niet voor dom uitmaken maar hun zorgen en vragen beleefd beantwoorden. (Ook helpt het om het demonstratierecht uitsluitend uit te oefenen op de daartoe aangewezen plekken.)
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!Â






















