Rusland staat niet op instorten. Europa moet realistisch zijn, Oekraïne blijven steunen en zich voorbereiden op onderhandelingen
Artikel beluisteren
Elk jaar in mei kun je er de klok op gelijk zetten. De militaire parade op het Rode Plein in Moskou is dan immers steevast aanleiding om de kracht van Rusland en zijn autoritaire leider op de weegschaal te leggen. Vrijwel alle media wonden er ook dit keer geen doekjes om. Naarmate de parade elk jaar bescheidener van opzet en omvang wordt, horen we steeds luider dezelfde boodschap: Rusland staat volgens waarnemers op instorten en Poetin is bang om elk moment te worden afgezet.
Natuurlijk zou dat – als het waar is – goed nieuws zijn: de verschrikkelijke Russische oorlog tegen Oekraïne kan niet snel genoeg ophouden en idealiter volgt er regime change en krijgen we democratie in Moskou. Maar hoe realistisch zijn deze analyses? Doen we massaal aan wensdenken of is het politieke spin?
Nog even volhouden
‘Wat Poetins overwinningsparade zegt over Rusland in oorlog’, ‘Russen geloven niet langer in Poetins propaganda’, ‘Poetins paranoia was duidelijk zichtbaar tijdens de parade in Moskou’ en ‘Poetins geheime plan voor na de oorlog’ zijn zomaar wat koppen uit de internationale pers. De Britse Telegraph meldde dat Xi en Kim-Jong-Un verstek lieten gaan op het feestje van Poetin en dat hij er maar bekaaid af zou zijn gekomen met figuren als Lukashenko van Belarus, de koning van Maleisië en de president van Laos.
En diverse Nederlandse en Vlaamse media meldden vorige week dat Poetin zijn bunker bijna niet meer uit zou durven uit angst voor een staatsgreep, althans volgens een niet nader gespecificeerd ‘Europees’ inlichtingenrapport. Tegelijkertijd waren er berichten dat de Zweedse militaire inlichtingendienst de Russische economie ziet instorten.
Nog even volhouden dus, we zijn er bijna. Als er inderdaad een politieke boodschap aan ons – Europese burgers – in deze berichtgeving schuilt is, dan is het die wel.
Tja, het nieuws is voorspelbaar en we horen dit soort analyses al jaren. En daarom is het altijd goed om te factchecken. Is het bijvoorbeeld echt een signaal dat de Chinese en Noord-Koreaanse leiders verstek lieten gaan op 9 mei? Nee, zeker niet: Xi kwam alleen in 2015 en 2025 naar respectievelijk de 70- en 80-jarige herdenkingen, dus zijn afwezigheid dit jaar valt prima te verklaren.
Is er dan niets aan de hand in Rusland? Toch wel. Vladimir Poetin verliest zijn greep op Rusland, scheef ook The Economist in één van de betere, meer genuanceerde analyses vorige week. Ruim vier jaar na de Russische aanval op Oekraïne kun je natuurlijk haast niet anders verwachten. Maar het Britse blad ziet hooguit subtiele veranderingen, zoals een verschuiving in het taalgebruik van de Russische politieke en zakelijke elite. Daar wordt niet meer gesproken over ‘onze oorlog’ of ‘onze problemen’, maar als ‘zijn oorlog’ en ‘zijn problemen’.
Valse verwachtingen
Dat is natuurlijk geen rebellie. Poetins regime kan lang overleven en heeft nog altijd het monopolie op geweld, zo waarschuwt het weekblad. Poetin heeft zijn greep dus nog niet verloren, maar die begint wel te slijten. The Economist trekt een vergelijking met het schaakspel. Poetin zou last hebben van Zugzwang, een situatie waarbij elke zet die je nog kunt doen je eigen positie alleen maar verslechtert. Maar dat maakt Poetin juist gevaarlijk, omdat hij enorme schade kan aanrichten door bijvoorbeeld de repressie in eigen land op te voeren, door het starten van nóg een oorlog of door harder uit te halen naar Oekraïne.
Ook Ruslandkenner Mark Galeotti waarschuwt tegen valse verwachtingen. In The Spectator omschreef hij de vermeende dreiging van een staatsgreep tegen Poetin als onbetrouwbare of zelfs gemanipuleerde informatie (dodgy intelligence – in Groot-Brittannië hebben ze daar slechte ervaringen mee). Hij wijst in dat verband ook naar het Zweedse rapport dat in zijn ogen de druk op de Russische economie zwaar overschat.
Wanhopig verlangen naar einde oorlog
Waar hebben we dit soort rapporten aan te danken? Volgens Galeotti leeft er onder Europese politici een wanhopig verlangen naar een wonderbaarlijk einde (een deus ex machina) van de Oekraïne-oorlog. Het is volgens hem zeker niet de eerste keer dat een Europese inlichtingendienst opschrijft wat politici graag willen horen. Maar we moeten echt gaan oppassen, zegt hij, nu de NAVO volgens hem gesprekken zou hebben gevoerd met film- en televisieproducenten in de hoop de publieke opinie verder te kunnen beïnvloeden.
Die honger onder Europese leiders naar een snelle afloop van de Oekraïne-oorlog is logisch. De steun aan het land – hoe noodzakelijk ook – kost ons miljarden aan belastinggeld en heeft ons een uitzichtloos en kostbaar hybride conflict met Moskou opgeleverd. Het is niet voor niets dat er meer en meer stemmen in Europa opgaan om het contact met Poetin te herstellen. Denk bijvoorbeeld aan de opmerkingen van de Belgische premier Bart De Wever en onlangs van de voorzitter van de Europese Raad, António Costa, die – nadat hij zijn woorden had moeten nuanceren – nog altijd bevestigde dat er uiteindelijk met de Russische leider gesproken zal moeten worden.
Intussen evolueert het slagveld verder. Het jaarlijkse Russische lente-offensief is volkomen mislukt, al slagen de Russen er hier en daar in een klein beetje op te rukken. Maar de Oekraïners heroveren weer andere stukjes en beide partijen houden elkaar nog steeds in evenwicht – wat voor het kleinere Oekraïne natuurlijk absolute winst is. Intussen is de Oekraïense capaciteit voor zogenaamde deep strikes in het Russische achterland – tot wel 1500-2000 kilometer ver – nog meer gegroeid. Dat betekent dat niets meer veilig is in Europees Rusland, tot in de Oeral aan toe. Diverse belangrijke doelen, zoals wapenfabrieken, luchtmachtbases en olie-installaties, zijn al door de Oekraïners beschadigd – maar niet vernietigd.
De Russen gaan intussen onverdroten door met massale drone- en raketaanvallen op Oekraïense doelen. In dit opzicht – ook al zijn de Oekraïense aanvallen nog niet zo massaal als de Russische – slaagt Oekraïne er langzaam in om het gat te dichten. Wel weet het land de Russische aanvoerlijnen inmiddels tot op 100-120 kilometer diep achter de frontlijn te verstoren met nieuwe, lastig te onderscheppen Hornet-drones.
Rusland is niet verslagen
Een andere ontwikkeling is de opkomst van rijdende drones – zogenaamde UGV’s (unmanned ground vehicles) – waarvan Oekraïne er volgens eigen zeggen maar liefst 25.000 zou hebben besteld. Die wil het land uiteindelijk massaal inzetten als een soort cavalerie om haar eigen soldaten – waarvan het er eigenlijk te weinig heeft – te sparen en stukjes land te heroveren op de Russen. Ongetwijfeld zullen ook de laatstgenoemden met een dergelijk wapen of tegenmaatregelen voor de dag komen. Een technologische voorsprong is in deze oorlog doorgaans van korte duur.
Het moge duidelijk zijn, Rusland is geenszins verslagen en zal op korte termijn ook niet instorten. Het land is bovendien nog steeds in staat om het Iraanse regime van drones en onderdelen te voorzien. Zelf laat Rusland zijn dronefabrieken – bijvoorbeeld die in de Speciale Economische Zone van Alabuga in Tatarstan – flink uitbreiden, want hoe hoog de productie van drones ook moge zijn, de Oekraïners weten ze bijna allemaal neer te halen.
Rusland boert goed dankzij hoge olieprijs
Bovendien genereren Russische olie en gas meer geld op de wereldmarkt dan de afgelopen jaren. Het land boert immers goed als de olieprijs bijvoorbeeld boven de 60-70 dollar per vat ligt. Die prijs schommelt al enkele maanden rond de 100 dollar per vat en vanwege de problemen in de Perzische Golf is de verwachting dat de prijs nog lang hoog zal blijven.
Oekraïne doet intussen verwoede pogingen om die voor Poetin welkome hogere prijzen deels teniet te doen met aanvallen op de Russische olie- en gasinstallaties. Ook wordt de Russische schaduwvloot wereldwijd meer en meer gehinderd door inspecties, inbeslagnames en zelfs af en toe door een Oekraïense aanval, zoals enkele maanden geleden in de Middellandse Zee gebeurde. Maar het is niet genoeg. De olie-exporten van het land daalden volgens persbureau Reuters in april slechts 7%, terwijl de opbrengsten verdubbeld zouden zijn – dankzij de hoge olieprijs.
Beide partijen hebben hun oorlogskas stevig weten te spekken, want inmiddels mag Oekraïne eindelijk de geplande enorme financiële steun van de EU gaan ontvangen. Het land heeft ook nieuwe vrienden gemaakt onder de kapitaalkrachtige Golfstaten. Die zitten te springen om ervaring en producten op het gebied van drones en luchtverdediging.
Het einde van de oorlog is dus niet in zicht en zolang er geen harde, concrete aanwijzingen zijn van de val van Poetin of andere grote veranderingen in Rusland, is het zaak voor Europa om zich voor te bereiden op gesprekken. De oorlog duurt immers te lang en kost ons allemaal veel te veel – om over het menselijk leed maar te zwijgen.
Wees realistisch
Laat de uitkomst van de oorlog – een langdurige wapenstilstand in Oekraïne – daarom vooral realistisch zijn en laten we niet uitgaan van onhaalbare doelen zoals het volledig verslaan van Poetin, het opdelen van Rusland of zelfs het heroveren van al het verloren Oekraïens terrein.
NAVO- en/of EU-lidmaatschap zit er op dit moment niet in voor het heldhaftige Oekraïne, maar we moeten het land wel ‘dichtbij ons’ houden en blijven ondersteunen – ook in vredestijd. Daarom is een zwaarbewapend en neutraal Oekraïne, dat alleen op lange termijn het EU-lidmaatschap (of iets dat daar sterk op lijkt) kan verwerven, nog altijd het best haalbare resultaat.
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!



















