Beton storten in gasputten is onverantwoord, omdat het geen rekening houdt met energieschaarste en geopolitieke spanningen
Artikel beluisteren
Bondskanselier Friedrich Merz noemt de Duitse Atomausstieg in 2023 een onomkeerbare beslissing. Dat is zijn reactie op de terechte kritiek van EU-leider Ursula von der Leyen dat het sluiten van alle kerncentrales in haar vaderland een strategische fout is. Andere EU-landen waaronder Nederland zetten logischerwijs juist in op meer grote en kleine uraniumcentrales, en op nieuwe thoriumtechnologie.
Toen ik de uitspraak van Merz las, moest ik meteen denken aan de Nederlandse door emoties gedreven discussie over beton storten in Groningse gasputten. Beton storten is ook een strategische fout. Het dient geen enkel concreet doel behalve het bevredigen van emoties.
Hoe kortzichtig kun je zijn?
Ik zeg dit met alle respect voor die emoties. Ik weet van naaste familie wat aardbevingsschade betekent. Die zeer begrijpelijke en terechte emoties mogen echter niet bepalend zijn voor landelijk langetermijnbeleid. Politieke energiebeslissingen behoren niet onomkeerbaar te worden gemaakt, want we kennen de toekomst niet. Wat als er oorlog uitbreekt, en we nergens meer gas, batterijen of zonnepanelen kunnen krijgen? Onze overheid bestookt ons met het aanschaffen van overlevingspakketten thuis, maar wil zelf de eerste levensbehoefte van aardgas onomkeerbaar onbereikbaar maken.
Friedrich Merz noemt het uitbannen van kernenergie onomkeerbaar. Rob Jetten wil het dichtdraaien van de gaskraan onomkeerbaar maken. De internationale energieprijzen en geopolitieke spanningen rijzen intussen de pan uit. Hoe kortzichtig kan de parlementaire democratie zijn? Gasputten open houden voor onverhoopte noodsituaties kost veel minder geld, schaarse arbeid en energie dan de symboolpolitiek van dichtmaken. Open houden is als een verzekering die je hoopt niet nodig te hebben, en het scheelt honderden miljoenen euro’s publiek geld. TNO vergelijkt gasputten volstorten met het weggooien van de sleutel van een kluis.
Laten premier Jetten en zijn bewindslieden zich vooral realiseren waar veel Groningse emoties vandaan komen. Dat kan de aardbevingsschade zelf zijn, maar vooral ook de manier waarop de overheid daar in de afgelopen vijftien jaar mee om is gegaan. Aanvankelijk was dat keiharde ontkenning van het probleem en ongebreidelde voortzetting van de gaswinning. Toen ontkenning niet meer mogelijk bleek kwamen de eindeloze onderzoeken, procedures en bureaucratie voor de schadeafhandeling. Er is misschien wel meer publiek geld uitgegeven aan die onderzoeken, procedures en bureaucratie dan aan daadwerkelijke schadevergoedingen.
Jetten zegt zelf: Het kan wél
Nog altijd wachten tienduizenden Groningse huishoudens op compensatie, soms al meer dan tien jaar. Dat veroorzaakt veel negatieve emoties, en het verspillen van honderden miljoenen euro’s aan het ondergronds storten van beton is totaal de verkeerde manier om die emoties te bevredigen.
Waarom gaan die honderden miljoenen komend voorjaar niet naar die tienduizenden wachtenden? Ik begrijp dat het bouwtechnische herstel zelf nog jaren kan duren, maar het uitkeren van de beloofde ‘vlotte ruimhartige compensatie’, zou toch in een paar maanden moeten kunnen. Jetten hanteert nota bene als motto ‘het kan wél’.
Dit is het moment om de daad bij dat woord te voegen, met een rationeel besluit dat er geen geld, menskracht en energie worden verspild aan het voorgoed onbereikbaar maken van een kostbare eerste levensbehoefte. Zo’n besluit zou helemaal niet suggereren dat er weer gaswinning in Groningen komt, alleen maar dat we ons logischerwijs voorbereiden op het onvoorstelbare allerergste: Oorlog. Ik verwacht niet dat die er komt, net zo min als dat ik brand in huis verwacht. Toch heb ik een brandverzekering, want ik ken de toekomst niet.
Beton storten blijkt complex en kostbaar
In plaats daarvan blijkt het motto van onze premier ‘het kan niet’. Ik hoor hem niet over een vlotte financiële afhandeling van aardbevingsschade voor tienduizenden echte mensen met echte problemen, maar des te meer over het verspillen van honderden miljoenen euro’s aan ondergronds beton storten waar geen Groninger beter van wordt.
De NAM geeft aan dat dat beton storten nog zeker tien jaar gaat duren, want het blijkt een complexe en kostbare operatie om 300 gasputten honderden meters onder de grond definitief dicht te maken. Jetten staat met zijn halsstarrige houding niet in verbinding met de realiteit van tienduizenden op compensatie wachtende Groningers, en met de toenemende energieschaarste en geopolitieke spanningen in de wereld.
Rechterlijke uitspraak kan klimaatbeleid op zijn kop zetten
Het is zaak dat de nieuwe premier met zijn regeringsploeg die beloofde verbinding met de realiteit wel maakt. Dat vergt visie in de echte wereld van miljoenen burgers, in plaats van de bijziendheid waarmee coalitie en oppositie elkaar in de Haagse schijnwereld vliegen proberen af te vangen. Die Haagse schijnwereld kan op 18 maart overigens danig in beroering worden gebracht, misschien door de gemeenteraadsverkiezingen, maar ook door een uitspraak van het Gerecht van de Europese Unie over de vermeende duurzaamheid van biomassa en commerciële bosbouw voor houtstook in energiecentrales.
Als de rechter oordeelt dat de huidige praktijken van houtige biomassa onterecht als duurzame activiteiten worden beschouwd, kan dat het nieuwe kabinet direct confronteren met harde keuzes. Het kan het einde betekenen van groene financieringen en nieuwe subsidies voor tientallen biomassaprojecten. Het kan tot sluiting van biomassacentrales leiden, en zelfs tot een grondige herziening van het Nederlandse klimaatbeleid. Laten we hopen dat de rechter houtige biomassa inderdaad als niet duurzaam aanmerkt, en daarmee het einde inluidt van het kappen en verbranden van levende bomen voor onze energiebehoefte.
Het Comité Schone Lucht (CSL), dat deze rechtszaak mede heeft aangespannen, bericht dat de Europese duurzaamheidsclassificatie onder vuur ligt. ‘De huidige Europese duurzaamheidsclassificatie heeft geleid tot een internationale houtindustrie, die door systematische bos- en kaalkap voor biomassa, biodiversiteit aantast, koolstofvoorraden in bossen vermindert en klimaat en luchtkwaliteit schaadt door de inzet van publieke middelen: jaarlijks gaat het om 22,5 miljard euro aan Europese subsidies’, aldus CSL.
Regering moet laten zien dat het wél kan: Stoppen met biomassa
Ook hier heeft premier Jetten met zijn regeringsploeg een uitgelezen kans om in verbinding met de werkelijkheid te laten zien dat het wél kan: Stoppen met houtige biomassa, stoppen met de perverse prikkels van miljardensubsidies voor een spijkerhard verdienmodel van commerciële boskap, en stoppen met houtverbranding die meer CO2 uitstoot dan steenkoolverbranding.
We gaan zien of de rechter en vervolgens het kabinet een einde maken aan deze ecocidale schande, die mede door toedoen van voormalig eurocommissaris Frans Timmermans nog altijd aanhoudt onder het mom van politiek bepaalde duurzaamheid.
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!






















