Kiezers verdeeld over Oekraïnebeleid en avondklok, maar meerderheid wil referendum terug

SYP160923-peilingen
De EU-regeringsleiders kwamen in juni 2005 in Brussel bijeen, nadat de Franse en de Nederlandse kiezers in referenda de Europese Grondwet hadden weggestemd. Veel Nederlanders zouden graag een (correctief) referendum ingevoerd willen zien. (Beeld: Maarten Hartman / ANP)

Wynia’s Week publiceert deze weken een reeks van onderzoeken naar wat de Nederlanders eigenlijk willen van de aanstaande Tweede Kamer en de volgende regering. Op 22 november wordt er immers een nieuwe volksvertegenwoordiging gekozen en die wordt geacht de wens van de bevolking te vertalen in overheidsbeleid.

Dat Den Haag naar de stem van Nederland luisterde was de afgelopen jaren allerminst vanzelfsprekend. Niet ten onrechte werd er de afgelopen tien jaar steeds vaker een kloof tussen het Binnenhof en het land gesignaleerd – en dan vooral een kloof met de regio en met niet-academici. Dat is een extra goede reden om in het zicht van nieuwe verkiezingen de kiezers – gesorteerd naar hun actuele partijkeuze – te vragen naar wat ze eigenlijk (anders) willen.

Daarom stelt Maurice de Hond van peil.nl om de paar weken op verzoek van Wynia’s Week enkele hele heldere, concrete vragen aan een representatieve groep van een kleine 5000 Nederlanders.

Kerncentrales, Nederland vol, nareizigers…

De afgelopen weken vroegen we al of Nederland (snel) nieuwe kerncentrales wil (61 procent zegt ja, onder hen best veel kandidaat-kiezers van Frans Timmermans van PvdA/GroenLinks die zelf tegen is). Slechts 22 procent van de gepeilde kiezers is tegen nieuwe kerncentrales– terwijl dat tot voor kort nota bene het staande beleid van de kabinetten-Rutte was.

Omdat de bevolking van Nederland snel groeit vroegen wij welke bevolkingsomvang men het liefst zou hebben over 10 jaar. 42 procent zou het liefst met 17 miljoen Nederlanders blijven (terwijl het al bijna 18 zijn) en 22 procent zou het liefst op 18 miljoen blijven steken. Er is dus bij lange na geen meerderheid voor de voorspelde snelle bevolkingsgroei naar 19 miljoen in de komende tien jaar. Slechts 15 procent voelt daar wel voor (zelfs onder D66-aanhangers wil maar 45 procent dat).

Het vierde kabinet-Rutte viel in juli over de vraag of het moeilijker moest worden voor asielzoekersom hun familie over te laten komen naar Nederland. Een ruime meerderheid (twee derde) kiest voor het standpunt van VVD, (gevolgd door CDA) – voor een strenger beleid voor nareizigers en dus tegen het standpunt van de coalitiepartijen D66 en ChristenUnie. Die meerderheid is zo overtuigend, dat de nieuwe Tweede Kamer en het volgende kabinet daar niet omheen kunnen.

Actiemacht, PVV, warmtepomp…

De afgelopen jaren liepen – soms piepkleine – actiegroepen met succes naar de rechter om het beleid qua klimaat en stikstof aan te scherpen. Dat had grote gevolgen. Die actiegroepjes kunnen bij de rechter namelijk doen alsof ze ‘het algemeen belang’ vertegenwoordigen. Links wil dat zo houden – logisch, want waar linkse partijen in het parlement geen meerderheid hebben kunnen ze het zo via de rechter alsnog regelen. Uit onze enquête blijkt, dat 58 procent het recht van actiegroepen om zich als vertegenwoordiger van het algemeen belang voor te doen willen inperken.

Ook opvallend is de ruime meerderheid (59 procent) die vindt dat politieke partijen de PVV van Geert Wilders niet (meer) moet uitsluiten van politieke samenwerking. Opvallend is ook, dat twee derde van de aanhang van Pieter Omtzigt tegen die buitensluiting is, terwijl Omtzigt daar zelf wel aan vasthoudt.

Een zeer overtuigende meerderheid (64 procent) is tegen het plan van CDA-minister Hugo de Jonge om de gas-cv te verbieden en de (dure) warmtepomp over ruim twee jaar verplicht te maken. Slechts 22 procent steunt die combinatie van verbod en plicht. Dat is ook een signaal waar geen enkel volgend kabinet omheen kan.

Referendum, avondklok, Oekraïnebeleid…

De jongste vragenreeks aan de representatieve groep Nederlanders stelden we rond vrijdag 8 september. Die vragen gingen over de wenselijkheid van een correctief referendum, over de eventuele terugkeer van de avondklok en over het Oekraïnebeleid.

De geraadpleegde kiezers blijken in ruime meerderheid (57 procent) voor het introduceren van een correctief referendum over nieuwe wetgeving, afgedwongen met een handtekeningenactie. Opmerkelijk is dat de weerstand – 36 procent van het geheel – vooral komt van de aanhang van partijen die nu regeren of in het verleden hebben geregeerd (‘de regeerpartijen’), zowel van links (PvdA/GroenLinks, D66, ChristenUnie) als van rechts en centrumrechts (CDA, VVD). Maar ook van de aanhang van Volt wil in meerderheid geen referendum.

Avondklok omstreden

We vroegen ook wat de kiezers vinden van de avondklok, zoals het kabinet-Rutte die begin 2021 invoerde als corona-maatregel en die uiteindelijk drie maanden duurde. Die maatregel is om tal van redenen omstreden, bijvoorbeeld omdat de effectiviteit wordt betwijfeld of omdat de vrijheidsontneming als buitenproportioneel wordt gezien.

We vroegen of de ondervraagden er voor of tegen zijn of er bij een pandemie weer zo’n avondklok ingesteld zou kunnen worden. Nederland blijkt daarover opvallend verdeeld, wat overigens ook duidt op een zeer gebrekkig draagvlak voor een avondklok die twee jaar geleden met massale politie-inzet werd afgedwongen. Ook hier weer opvallend: de aanhang van de ‘regeerpartijen’ van nu en wellicht straks, zowel van links als rechts, is vaak voor de mogelijkheid van de avondklok, de rest overwegend tegen.

Oekrainebeleid niet breed gesteund

Diezelfde kloof wordt zichtbaar in de vraag naar het regeringsbeleid met betrekking tot Oekräine. In de loop van vorig jaar voerde Nederland na aanvankelijke aarzeling de militaire steun fors op en het kabinet (bij monde van minister Wopke Hoekstra) wenste daarbij zelfs internationaal voorop te lopen en ‘aanjager’ te willen zijn. Dat laatste is onder de kiezers echter omstreden: 43 procent is voor, maar 42 procent tegen.

Uit deze eerste reeksen vragen kan alvast voorzichtig worden geconcludeerd dat op tal van cruciale onderwerpen kiezers in meerderheid afwijzend reageren op het kabinetsbeleid. In andere gevallen blijkt het draagvlak voor het beleid van de kabinetten-Rutte (zeer) beperkt. De steun van een deel van de linkse oppositie voor het beleid van de Rutte-kabinetten is dan wel weer opvallend. Ook interessant: de aanhang van NSC (Omtzigt) is qua standpunten doorgaans een tikje linkser dan die van BBB (Caroline van der Plas).

Wynia’s Week stelt de vragen die anderen vergeten te stellen. De lezers, kijkers en luisteraars maken dat mogelijk. Doet u mee? Hartelijk dank!