Na 7 jaar vond het KNMI 7 oude hittegolven terug. Dat is een belangrijke overwinning van de wetenschap op het klimaatalarmisme

WW Jaspers 14 februari 2026
Het idee dat extreem weer veel extremer toeneemt (zowel in frequentie als in hevigheid) dan de relatief zeer geringe toename van de gemiddelde temperatuur is een van de mantra’s van de klimaatalarmisten. Beeld: YouTube.

Artikel beluisteren

Eindelijk rechtvaardigheid voor Clintel, de klimaatkritische club van onder anderen wetenschapsjournalist Marcel Crok. Clintel vocht al sinds 2018 de claim van het KNMI aan dat er tegenwoordig veel meer hittegolven in Nederland voorkomen dan vroeger.

Strijdpunt was de zogeheten ‘homogenisatie’ die het KNMI had doorgevoerd in temperatuurmetingen van voor 1950. Daardoor kon het KNMI met terugwerkende kracht zestien hittegolven van voor 1950 uit de statistiek weghalen. Nogal wiedes dat je dan uitkomt op de conclusie dat er tegenwoordig veel vaker hittegolven voorkomen.

Homogenisatie is een procedure om langlopende reeksen metingen op elkaar af te stemmen. In 1950 ging het KNMI over op een ander soort veldmeetkastje met thermometer, en dan is het altijd de vraag of de 20 of 30 graden Celsius die het nieuwe kastje meet, onder alle omstandigheden echt hetzelfde is als 20, respectievelijk 30 graden zoals gemeten door het oude kastje.

Geen detail

De details van die homogenisatie zijn ingewikkeld en voor liefhebbers heel interessant, en zijn allemaal bij Clintel terug te vinden. Maar waar het op neerkwam: Crok en collega’s fileerden de homogenisatie van het KNMI, en toonden aan dat die een te grote temperatuurcorrectie naar beneden op de oude metingen toepaste.

Jarenlang negeerde het KNMI die bezwaren, want waarom zou je als wetenschappelijk instituut zo’n stelletje amateurs serieus nemen? Pas toen ze hun analyse in een peer-reviewed wetenschappelijk tijdschrift gepubliceerd kregen, kon het KNMI er niet meer omheen. Ze herzagen hun homogenisatie, waardoor zeven van de zestien geschrapte hittegolven terugkeerden in de statistiek. Dat is geen detail: de heetste zomer van de vorige eeuw, in 1947, telde oorspronkelijk vier hittegolven, raakte er door de eerste homogenisatie drie kwijt, en heeft ze nu allemaal weer terug.

Betekent de door Clintel afgedwongen correctie nu dat Nederland niet opwarmt? Nee, en dat beweert Clintel ook niet. Nederland warmt ongeveer net als de hele rest van de wereld op, maar de uitwerking daarvan op extreem weer blijkt een stuk minder duidelijk dan het KNMI jarenlang heeft beweerd. Het idee dat extreem weer veel extremer toeneemt (zowel in frequentie als in hevigheid) dan de relatief zeer geringe toename van de gemiddelde temperatuur is een van de mantra’s van de klimaatalarmisten.

Dat Nederland deze eeuw – gemiddeld over een heel jaar – 2 of 3 graden warmer wordt stelt niks voor, sterker nog, het is een voordeel. Dus hoe hou je dan het verhaal overeind dat klimaatverandering levensgevaarlijk is, ook voor Nederland? Daar heb je als klimaatalarmist die hittegolven van meer dan 30 graden (en extreme stormen en stortbuien) voor nodig.

Martijn van Calmthout, voormalig chef van de wetenschapsredactie van de Volkskrant, publiceerde daar in 2024 een boekje over, Niet Normaal, dat onbedoeld heel aardig illustreert hoe slecht onderbouwd dat alarmisme is.

Grootmoedige winnaar

De fittie tussen Clintel en het KNMI was typisch een geval waar ik als journalist de popcorn bij pakte en achterover leunde. Of die homogenisatie nu wel of niet door de beugel kon, zou uiteindelijk wel duidelijk worden, en het raakte niet aan de onderwerpen waar ik me de afgelopen jaren op focuste. Ik heb nog steeds vertrouwen in de wetenschap, maar je moet wel heel veel geduld hebben eer je resultaat ziet van het zelfreinigend vermogen in die branche.

Deze correctie heeft dus zeven jaar geduurd, terwijl dat in een week geregeld had kunnen zijn als het KNMI meteen met de vier Clintellers om tafel was gaan zitten. Niettemin, Clintel toont zich grootmoedig in de overwinning: ‘We prijzen het KNMI voor hun veel professionelere aanpak bij het produceren van hun tweede versie van het homogenisatie-rapport. Ze nodigden nota bene een van onze co-auteurs [Frans Dijkstra – AJ] uit om als reviewer op te treden. (-) Zulke transparantie is essentieel in het vaak gepolariseerde klimaatwetenschapsdebat.’

Zo hoort het. Vergeet niet dat een instituut als het KNMI geen monoliet is: daarbinnen moeten vanaf het eerste uur ook onderzoekers zijn geweest die serieus naar de bezwaren van Clintel wilden kijken, waarschijnlijk tegen druk van collega’s en leidinggevenden in. Wanneer je als buitenstaander tenslotte gelijk krijgt, moet je vooral benadrukken dat dit winst voor iedereen en voor de wetenschap is. En die accountability is een stuk belangrijker dan alleen die zeven gerehabiliteerde hittegolven.

Wie het klimaat een beetje kent – dat wil zeggen: het ideologische klimaat in de media – kan wel raden hoe de claim van Clintel zeven jaar lang is afgedaan: wappiegedoe betaald door Big Oil, klimaatontkenning, ze hebben geen poot om op te staan, zie onze Factcheck (die dan slechts het oorspronkelijke verhaal van het KNMI herkauwt).

Marcel Crok kreeg z’n eerste landelijke bekendheid doordat hij in 2005 de Glazen Griffioen won. Dat was een jaarlijkse prijs voor wetenschapsjournalistiek van de VU waar nog serieus prijzengeld aan vast zat ook: 10.000 euro. Hij won de prijs met een uitvoerig geresearched, kritisch verhaal over de ‘hockeystick’: een beroemde, mondiale temperatuurreconstructie door Michael Mann, destijds de meest prominente klimaatwetenschapper ter wereld.

Crok was toen journalist bij het maandblad Natuurwetenschap & Techniek. Ik was daar destijds eindredacteur, en heb intensief met hem samengewerkt aan dat baanbrekende verhaal. Tegen het heersende narratief in gaan was ook toen al ‘omstreden’, dat wil zeggen: de Volkskrant was er fel op tegen dat iemand kritisch schreef over de opwarming van het klimaat. Tijdens de feestelijke prijsuitreiking zat eerder genoemde Martijn van Calmthout, toen nog in functie als chef wetenschap, achterin de zaal ‘boeh’ te roepen. Die prijs is snel daarna een stille dood gestorven. Er is niet eens meer een officiële lijst van prijswinnaars terug te vinden.

Enorme loopgravenoorlog

We konden toen nog niet voorzien dat de hockeystick-affaire ook internationaal een enorme loopgravenoorlog zou worden tussen het vooral Amerikaanse klimaat-establishment en een scala aan klimaatkritische, klimaatsceptische en ook regelrecht klimaatontkennende groeperingen, waarbij over en weer met modder is gesmeten. In de VS zijn processen gevoerd over al of niet vermeende misdragingen, en het voorlopige eind van het liedje is nu dat Michael Mann enorme schadevergoedingen moet betalen aan enkele van zijn critici wegens smaad en kwaadaardige juridische vervolging.

Met het stilletjes afschaffen van de Glazen Griffioen is kritische wetenschapsjournalistiek in Nederland meer en meer naar de marge gedrongen. Er bestaat nog wel een prijs voor wetenschapsjournalistiek, de Gouden Beitel, maar die wordt sinds jaar en dag gewonnen door intens brave, naadloos in het narratief van de ‘kwaliteitsmedia’ passende verhalen, geschreven door een select groepje wetenschapsjournalisten die mekaar allemaal al hun hele carrière lang kennen. Voor het prijzengeld van zo´n 500 euro hoef je dat ook al niet te doen, inzenden.

Jarenlang sappelen

De moraal van dit verhaal is dat de ‘kwaliteitsmedia’ mensen met tegendraadse opvattingen veel te makkelijk wegzetten als randfiguren die je niet serieus moet nemen, en als het even kan moet beschuldigen corrupt te zijn. Daar kan ik als auteur van De Stikstoffuik natuurlijk over meepraten, maar door het onwaarschijnlijke succes van dat boek heb ik niks te klagen.

Maar iemand als Crok heeft jarenlang moeten sappelen omdat hij door zijn niet-goedgekeurde mening over klimaat nergens in de gangbare media aan de bak kwam. Veel mensen denken dat zulke dissidenten er warmpjes bij zitten door donaties van duistere figuren, maar dat is een mythe. Alleen schaamteloze oplichters harken tonnen binnen van goedgelovige mensen.

Mensen als Han Lindeboom (door D66 gecancelde stikstofonderzoeker), Henry Prins (onafhankelijk onderzoeker van de staat van de natuur) of Wouter de Heij (kritische onderzoeker van Aerius en stikstofmodellen) zijn stille helden die duizenden uren van hun tijd besteden aan het bestrijden van institutionele onzin en politieke waanzin. Integer, deskundig, gratis, en als dank door een deel van of heel het establishment verketterd. Het kan jaren duren eer de politiek, staatswetenschapsinstituten en de media erkennen dat ze een punt hebben, zoals het RIVM vorig jaar nog moest doen met hun compleet verzonnen ‘stikstof uit zee’.

Hou ze in ere.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!