Vergeet Harry Mulisch en Gerard Reve. De enige dode Nederlandse schrijver die nog boeken verkoopt is… Appie Baantjer

bouwman
Volgende week verschijnt ‘De Cock en de moord in de donkere dagen’, deel 98 in de detectiveserie die in 1964 door Appie Baantjer werd gestart. Beeld: Wikipedia.

Hij overleed in 2010, maar zijn naam staat nog steeds twee keer per jaar hoog in de bestsellerlijsten. Volgende week verschijnt deel 98 in de door hem gestarte ‘De Cock’-reeks en ook komt er een comeback op tv. Hoe flikt Appie Baantjer dat toch?   

Met het waarheidsgehalte van veel Nederlandse uitdrukkingen is het nogal behelpen. Dat geldt ook voor het gezegde ‘Wie schrijft, die blijft’. Oorspronkelijk – dat wil zeggen zo’n honderd jaar geleden – was het een verkoopslogan voor kantoorartikelen. Niet lang daarna werd het een gemeenplaats met een wat diepere betekenis. Iets in de trant van ‘Wie schrijft, zal in zijn geschriften voortleven’.

In de praktijk komt daar bar weinig van terecht. Neem de Nederlandse literatuur van de negentiende eeuw. Maar heel weinig boeken uit dat tijdvak zijn in de boekhandel nog te koop. Eigenlijk heeft alleen Max Havelaar van Multatuli de tand des tijds ongehavend doorstaan. Louis Couperus (Eline Vere, De stille kracht), Marcellus Emants (Een nagelaten bekentenis), Hildebrand (Camera Obscura), Frederik van Eeden (Van de koele meren des doods): wie leest ze nog? 

Pijnlijk moment

Zelfs veel topauteurs uit de twintigste eeuw zijn weggezakt uit ons collectieve geheugen. ‘Na mijn dood,’ voorspelde Gerard Reve in 1982 in een interview, ’word ik op de scholen tien jaar vrijwillig gelezen en daarna nog eens tien jaar verplicht. Dan noemen ze een straat naar me. En dan ben ik helemaal vergeten. Niemand weet toch meer wie Tweede van der Helst was?’

Dat had Reve goed gezien. De zelfbenoemde volksschrijver overleed in 2006 en van zijn populariteit is weinig meer over. De publicatie van Nop Maas’ driedelige Reve-biografie Kroniek van een schuldig leven (2009-2012) bracht zijn naam even terug in het centrum van de literaire belangstelling. Verder is er vooral vergetelheid. Een pijnlijk moment deed zich voor op zijn tiende sterfdag, toen Matthijs van Nieuwkerk het studiopubliek van De wereld draait door vroeg wie er weleens iets van Reve had gelezen. Niemand, zo bleek.

Harry Mulisch verging het niet veel beter. Nadat zijn postuum verschenen dagboekaantekeningen (Logboek 1991-1992) en de onvoltooid gebleven roman De ontdekking van Moskou waren geflopt, verscheen in 2020 – ter gelegenheid van Mulisch’ tiende sterfdag – de aforismenbundel Ik kan niet dood zijn. Een notering in de Bestseller 60, de wekelijkse boekenhitparade van de CPNB, bleef wederom uit. Dat trieste lot trof ook De wondergrijsaard, het tezelfdertijd verschenen portret van Mulisch in zijn laatste jaren, geschreven door Onno Blom.

Wie eeuwige roem wil vergaren, zo lijkt het, kan in Nederland maar beter geen schrijver worden. Tenzij… je naam Appie Baantjer is.

De voormalige rechercheur van het voormalige Amsterdamse politiebureau Warmoesstraat overleed -net als Mulisch – in 2010, twee jaar na publicatie van zijn zeventigste detectiveroman over zijn alter ego Jurriaan de Cock (‘met ceeooceekaa’). Al in 2006 was, na elf seizoenen, een einde gekomen aan de televisieserie Baantjer, uitgezonden door RTL.Vergetelheid lonkte.

Nauwelijks concessies

Maar het liep totaal anders. In 2012 werd de Baantjer-reeks hervat, uiteraard met toestemming van de erven, en verscheen deel 71: De Cock en de onzichtbare moordenaar. Geschreven door Peter Römer, wiens vader Piet de hoofdrol vertolkte in de televisieserie.

Aanvankelijk betrof het bewerkte tv-scenario’s; later, vanaf deel 76, origineel werk. Helemaal in de oergezellige stijl van de overleden meester, dus met een hoofdpersoon die zich onthoudt van vloeken, schieten en vreemdgaan. Vaste prik bleven De Cocks moeie voeten, zijn bezoeken aan het ‘etablissement’ van Smalle Lowietje en zijn periodieke ruzies (‘eruit!’) met commissaris Buitendam.

Ook houdt Römer stug vol dat bureau Warmoesstraat – een kwart eeuw geleden gesloten – nog steeds in vol bedrijf is. Met concessies aan de criminele en politionele werkelijkheid is hij sowieso weinig scheutig. Nieuw op het bureau is eigenlijk alleen de jonge rechercheur Lotty Schouten en ook is De Cock inmiddels zo modern dat hij een mobiele telefoon gebruikt, zij het spaarzaam.

De herstart van de boekenreeks ging aanvankelijk niet van een leien dakje. De nieuwe titels – met bovenaan op het omslag, zoals gebruikelijk, in rode kapitalen de naam ‘BAANTJER’ en daaronder een typisch Amsterdams straatbeeld – verkochten weliswaar goed, maar top-drie-noteringen bleven uit. Sinds de verschijning in 2022 van deel 90 (De Cock en moord op stand) is dat echter veranderd en prijkt er – net als vroeger – weer elke zes maanden een nieuwe Baantjer op een podiumplaats in de Bestseller 60. Als het huidige tempo wordt volgehouden, verschijnt begin 2027 deel 100.  

Uitweg gevonden

Maar dat is nog niet alles. Want in het najaar van 2026 komt Baantjer ook terug op televisie, bij SBS en Videoland. Er zijn tien nieuwe afleveringen in voorbereiding, met – het lijkt een riskante keus – zanger, acteur en cabaretier Thomas Acda in de rol van rechercheur De Cock. ‘De revival past in een bredere trend van nostalgie-tv,’ constateerden mediawatchers.

Maar dat is natuurlijk niet de kern van de zaak. Van Baantjer, zo becijferde zijn biograaf Geertje Bos in 2008, zijn meer dan zeven miljoen boeken verkocht. Daar kan geen enkele andere Nederlandse auteur aan tippen. Minstens zo uniek: ook vijftien jaar na zijn dood is het lezerspubliek nog altijd niet uitgekeken op de wereld die Baantjer in zijn boeken heeft geschapen.

De faam van schrijvers is meestal slechts van korte duur. Baantjer heeft echter een uitweg gevonden. Wat hadden Reve, Mulisch en al die andere literaire kanonnen met hun dedain voor ‘politieromannetjes’ graag met hem willen ruilen.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee, ook in het nieuwe jaar? Doneren kan zo. Hartelijk dank!