Een omwenteling in Iran zou voor het hele Midden-Oosten een gamechanger zijn – maar zorgt ook voor mentale pijn bij onze linkse politici en media

WW Eppink 13 januari 2026
Een Iran waar vrouwen zichzelf bevrijden, past niet in het progressieve wereldbeeld met Donald Trump als ‘de grote satan’. Beeld: YouTube

De Britse acteur John Cleese (86) kapittelde onlangs de BBC om duidelijk te maken dat ze de opstand in Iran ‘over het hoofd zagen’. De stilte van de BBC stak schril af bij de aandacht voor Gaza. Cleese noemde het ‘beschamend’. Nederlandse media draalden ook, de Volkskrant voorop. Het protest lag aan ‘prijsstijgingen’. De Iraanse opstand in Iran is wellicht de eerste revolutie die wordt voortgestuwd door sociale media; oude media misten de boot.

Een andere schrik was de arrestatie (volgens sommigen ‘ontvoering’) van de Venezolaanse president Nicolás Maduro, die door Amerikaanse veiligheidstroepen van bed werd gelicht. In één dag zat hij in een Amerikaanse cel.

Dubbele schok

Het Iraanse bewind is nog niet bekomen van de twaalfdaagse oorlog met Israël en de vernietiging van de atoominstallaties door Amerikaanse bunkerbusters. De Amerikaanse aanpak in Venezuela produceerde een dubbele schok in Iran: een externe, dankzij de assertiviteit van Amerika, en een interne, door opstanden in Iraanse steden. In de regio ligt vooral de ‘kleine satan’ Israël op de loer, dat in Iran niet alleen kopstukken van Hamas liquideerde, maar ook toplieden van het Islamitische Revolutionaire Garde Corps (IRGC).

Venezuela gaf gewone Iraniërs weer moed en zo ontwikkelde zich een ‘Oost-Europa-effect’ dat digitaal grote afstanden overbrugt.

De Amerikanen leverden in Venezuela een huzarenstukje met de arrestatie van Maduro en president Trump zei dat Amerika wat betreft Iran ‘locked and loaded’ is. Toch is de situatie qua transitie naar een democratie in Venezuela anders dan in Iran. In Venezuela heeft Trump het politieke systeem als het ware onthoofd en werkt hij verder met de vice-presidente Delcy Rodrigues, ooit vurig pleitbezorger van Maduro. Zij heeft weinig keuze: doen wat Amerika zegt, of overplaatsing naar de cel naast die van Maduro.

In Venezuela zijn de politieke krachtsverhoudingen bekend. Er waren verkiezingen, weliswaar vervalst, maar er is inzicht in de verhoudingen. Er is een oppositie met Maria Machado als kopstuk. Ze mocht niet aan de presidentsverkiezingen meedoen wegens té populair. Venezuela kan op het spoor worden gezet met eerlijke verkiezingen, onder toezicht van Amerika. Andere landen zijn in de Trump-doctrine ‘Amerika voor de Amerikanen’ overbodig.

Plaag voor het Midden-Oosten

Dat ligt moeilijker in Iran. De laatste sjah, Mohammed Reza Pahlavi, regeerde van 1941 tot 1979. Zijn vader, die in 1921 na een staatsgreep aan de macht kwam, maakte een fatale misser door in de Tweede Wereldoorlog de kant van nazi-Duitsland te kiezen. Hij werd door de Britten naar Zuid-Afrika verbannen. Sjah Reza Pahlavi moest in 1979 het veld ruimen tijdens een volksrevolutie (hij vluchtte naar Egypte), terwijl ayatollah Khomeini terugkeerde vanuit ballingschap in Frankrijk.

Khomeini werd destijds in Europese progressieve kring omstandig geprezen. Een waanbeeld: de dictatuur werd voor de Iraniërs nóg erger. Iran exporteerde een eigen ‘islamitische revolutie’ en werd zo een plaag voor het Midden-Oosten. In de regio radicaliseerde de islam en het secularisme werd verdrukt. Hoofddoel van de ayatollahs werd de vernietiging van de staat Israël.

Als het klerikale regime valt

Het is in die situatie moeilijker een inschatting te maken van het politieke gemoed in Iran dan in Venezuela. Iran heeft eigenlijk nooit écht vrije verkiezingen gekend, maar wel potentaten en religieuze zendingsdrang. Bovendien is 60 procent van 92,8 miljoen burgers opgegroeid onder de ayatollahs. Iran kent hoogopgeleide mensen in grote steden maar ook een groot, arm platteland. Wat Venezuela en Iran wel gemeen hebben, is een exodus van goed opgeleide burgers. Er is, noodgedwongen, een grote Iraanse en Venezolaanse diaspora.

Er zijn vele groepen in Iran, maar globaal genomen zijn er twee die een politieke leegte zeggen te kunnen vullen, zodra het klerikale regime valt.

Allereerst de Nationale Raad van Verzet van Iran (NCRI), opgericht in 1981 en geleid door Maryam Rajavi die in ballingschap leeft bij Parijs. Doel is het islamitische bewind omverwerpen en vervangen door een seculiere, democratische republiek met scheiding van kerk en staat. Dat verzet heeft zich in het verleden ook gekeerd tegen het bewind van de sjah. Onder beide dictaturen werden vele duizenden verzetsstrijders geëxecuteerd. In 2009 kwam NCRI met foto’s van nucleaire installaties in Iran, als bewijs van pogingen voor de ontwikkeling van een atoomwapen. Bunkerbusters maakten recent een einde aan dit plan.

Rajavi heeft een tienpuntenplan gepresenteerd met als doel een seculiere, democratische republiek. De transitie zou moeten verlopen via een tijdelijke regering die tot taak heeft vrije verkiezingen te organiseren voor een grondwetgevende vergadering die binnen zes maanden een grondwet voorlegt. Minderheden krijgen het recht op een autonome deelstaat. Het tienpuntenplan heeft de steun van een meerderheid in het Amerikaanse Congres De NCRI geniet daar veel vertrouwen, onder zowel Republikeinen als Democraten.

Een tweede oppositiegroep staat onder leiding van Reza Pahlavi (1960), zoon van Mohammad Reza Pahlavi en de voormalige kroonprins. Tijdens de machtswisseling in Iran was hij als 17-jarige voor een luchtmachttraining in Amerika. Daar leeft hij sindsdien in ballingschap. In 1980 werd hij in Caïro ‘symbolisch’ tot sjah gekroond. Hij werd prominent lid van de ‘Iraanse Nationale Raad’, een instituut dat zich inzet voor een democratisch Iran.

Pahlavi’s verzetsactiviteiten vanuit Amerika beperken zich vooral tot diverse initiatieven die niet effectief van de grond kwamen. Hij werpt zich vooral op als ‘symbolische verzoeningsfiguur’. Hij wil een referendum organiseren over de vraag of Iran een democratie of een monarchie moet worden. Voor de korte termijn bepleit Pahlavi een ‘overgangsregering’, met zichzelf als ‘Leider van de Nationale Opstand’, compleet met ruime bevoegdheden. De transitie zou 18 tot 36 maanden moeten duren, indien nodig meer.

‘Geen mullah, geen monarch’

Voor de Amerikanen is dit een netelige kwestie. Mocht het klerikale bewind het veld ruimen, wat is dan het alternatief? Er zijn geen betrouwbare opiniepeilingen die de krachtsverhoudingen weerspiegelen. Aanhangers van Pahlavi noemen NCRI een ‘sekte’; bij de NCRI zien de zoon van de sjah als de ‘nieuwe monarch’. Daarom de slogan ‘geen mullah, geen monarch’. NCRI is een organisatie met basisstructuren; bij Pahlavi draait alles om Pahlavi; zijn naamsbekendheid is in Amerika troef.

Voorlopig kijken de Amerikanen de kat uit de boom. De enige manier om te achterhalen hoe de kaarten onder Iraanse kiezers liggen, is snel vrije verkiezingen organiseren.

Historische proporties

De toekomst van Iran treft niet alleen Iran maar de hele regio. Een verandering van historische proporties. Het eerste land dat dit beseft is Israël. Een democratisch Iran is geen eeuwige vijand meer, mogelijk zelfs een partner. Na decennia van terreur, georganiseerd en gefinancierd door Iran, is de architectuur ervan ingestort. Ook Arabische landen, zoals Saoedi-Arabië dat in een proces van hervormingen zit, kunnen weer normale relaties aangaan. De Abraham-akkoorden komen weer in zicht.

Er zijn grote geopolitieke gevolgen. De druiven zijn zuur voor Rusland en China die ineens twee pionnen verliezen: Iran én Venezuela. Voor Moskou vooral strategisch, voor China ook economisch. China is een economische reus, smachtend naar grondstoffen. De geopolitieke kaart zet Amerika centraal.

Mentale pijn zit in West-Europa, waar vooral progressieve politici en media een oogje dichtknepen bij Venezuela en Iran. Zij waren bijzonder pro-Palestijns, maar het lot van vrouwen in Iran boeide hen maar matig. In februari 2017 bracht de Zweedse rood-groene regering (de ‘eerste feministische regering’ ter wereld) een bezoek aan de leiders van Iran, in verplichte islamitische kledij. Een groter vrouwenverraad was niet mogelijk. Een Iran waar vrouwen zichzelf bevrijden, paste niet in het progressieve wereldbeeld, met Trump als ‘de grote satan’. Daarom miste de BBC de Iraanse revolutie en dacht de NOS dat het om ‘inflatie’ ging.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee, ook in het nieuwe jaar? Doneren kan zo. Hartelijk dank!