Versplinterd rechts moet krachten bundelen in Keerpunt ’27

JoostSchepel 25-7-26
Van boven naar onderen en van links naar rechts: Joost Eerdmans (JA21), Mona Keijzer, Geert Wilders (PVV), Lidewij de Vos (FVD), Caroline van der Plas (BBB) en Gido Markuszower (DNA). Beeld: kemalrijken.nl

Artikel beluisteren

Nu het nog maar kort zittende kabinet-Jetten onafwendbaar op een fiasco afstevent en uiterlijk in 2027 nieuwe Tweede Kamerverkiezingen kunnen worden verwacht, wordt het tijd voor versplinterd rechts om de koppen bij elkaar te steken en de handen ineen te slaan

Doen zij dat niet, dan is de kans levensgroot dat we met een volgend kabinet-Klaver zullen worden geconfronteerd. Na verkiezingen mag immers de grootste partij het initiatief voor regeringsvorming nemen.

Wat je ook van de fusie van de vroegere partijen PvdA en GroenLinks in de nieuwe partij PRO kunt vinden, feit is dat deze partij in de laatste opiniepeiling van Maurice de Hond eenzaam aan kop staat met 25 zetels, op afstand gevolgd door D66 (19), JA21 (18), FVD (17), VVD (17), PVV (17) en CDA (13).

Keerpunt ’72

De drie coalitiepartijen van het minderheidskabinet (D66, VVD, CDA) hebben nu virtueel samen nog maar 49 zetels en dus minder dan 1/3 deel van de Tweede Kamer. Versplinterd rechts (PVV, FVD, JA21, SGP, BBB) heeft volgens deze zelfde opiniepeiling nu virtueel samen 56 zetels. Het wordt dus tijd om de geschiedenis erbij te betrekken,

In 1972 waren er Tweede Kamerverkiezingen. Vóór die verkiezingen kwamen drie partijen, PvdA, D66 en PPR, met een gezamenlijk programma: Keerpunt ’72. Zij wilden hiermee een duidelijk en progressief blok vormen tegenover de in hun ogen zittende, behoudende politiek. Keerpunt ’72 was een gezamenlijk en kant en klaar regeerakkoord met stemmentrekkers Joop den Uyl (PvdA) en Hans van Mierlo (D66). De kiezers wisten vóór de stemming al precies wat dit blok wilde gaan doen.

Maar de drie partijen kregen bij die verkiezingen samen geen meerderheid, zo ging dat en zo gaat dat nog steeds in versplinterd Nederland. Uiteindelijk lukte het PvdA-formateur Jaap Burger om een ‘inbraak’ te plegen bij KVP en ARP door politici uit die partijen (waaronder Dries van Agt) persoonlijk te benaderen voor een ministerspost. Het daarop volgende kabinet-Den Uyl berustte niet op een regeerakkoord maar werd gedoogd door KVP en ARP en heeft het vier jaar volgehouden.

Keerpunt ’27

Terug naar het heden. Het is een illusie om te veronderstellen dat ‘middenpartijen’ VVD en CDA hun blokkades tegenover PVV en FVD op korte termijn zullen opheffen. Zolang er geen nieuwe Pim Fortuyn opstaat, die gezamenlijk rechts kan verenigen, zouden de partijen ter rechterzijde van de VVD zonder een echt kant en klaar regeerakkoord en zonder hun eigenheid op te geven met elkaar tot een aantal basisafspraken kunnen komen (Keerpunt ’27) in het bijzonder over vier beleidsonderwerpen waarop het in de afgelopen jaren (decennia) gruwelijk mis is gegaan en verder mis gaat: 1. Asiel en immigratie; 2. Klimaat en groene groei; 3. Stikstof en natuur en 4. de vraag of we verder moeten gaan op de weg naar EU-federalisering en EU-uitbreidingen?

Op al deze vier onderwerpen heerst een grote onvrede onder de bevolking, die geen ruimte krijgt omdat mensen al snel het etiket krijgen opgeplakt dat ze racist zijn, ontkenner van de wetenschap en/of tegenstander van de rechtsstaat.

Tegen de desastreuze progressieve politiek

Het is niet mijn intentie om hier een blauwdruk te geven voor een basisovereenstemming tussen bovengenoemde partijen, maar die is gelet op het huidige beleid van het kabinet-Jetten (en de eerdere kabinetten-Rutte) en de partijprogramma’s niet moeilijk te maken.

Waar Keerpunt ’72 zich keerde tegen de in hun ogen te behoudende politiek van die tijd, zou een Keerpunt ’27 zich moeten keren tegen de desastreuze gevolgen van de tot nu toe gevoerde progressieve politiek, in het bijzonder op de vier genoemde punten die prioriteit moeten krijgen overeenkomstig de wensen van een grote meerderheid van de bevolking.

Een gedoogconstructie met VVD en CDA

Essentieel onderdeel van een Keerpunt ’27 moet zijn dat geen uitsluiting van een van de deelnemende partijen zal worden geaccepteerd. Uiteraard zal getracht worden een wig tussen de partijen te drijven, maar standvastigheid is geboden: ‘samen uit, samen thuis’. Al deze partijen zijn stuk voor stuk democratisch. Je kunt Wilders van alles en nog wat beschuldigen, maar niet dat hij ondemocratisch zou zijn. Dit in tegenstelling tot elementen uit PRO (met name leden van de vroegere CPN, een van de partijen uit wie PRO is voortgekomen).

Uiteraard sluit een Keerpunt ’27 ook geen andere partijen uit, al zal samenwerking met PRO of D66 niet erg voor de hand liggen. In CDA en VVD (Klassiek Liberaal) zijn aanzienlijke krachten die ook ongelukkig zijn met het huidige D66-beleid van hun partij. Na verkiezingen, zeker als die twee partijen nog verder verzwakken door hun D66-imago, moet het mogelijk zijn (à la Jaap Burger in 1973) ervaren krachten uit die partijen voor een ministerspost te vinden en die partijen tot een gedoogconstructie te bewegen.

Ego’s zullen bij een Keerpunt ’27 over hun schaduw heen moeten springen. Daarom moet bij voorbaat de vaste afspraak gemaakt worden dat wie bij volgende verkiezingen de grootste partij van de aan Keerpunt ’27 deelnemende partijen wordt automatisch ook de premierskandidaat levert. Is dat JA21 dan wordt het premier Eerdmans, is dat de PVV dan wordt het premier Wilders en is dat de FVD dan wordt het premier De Vos. Geen maandenlange discussies over de rechtsstaat zoals door Pieter Omtzigt gevoerd voor de totstandkoming van het kabinet-Schoof.

Persoonlijk medewerkerscorps

Ook anders dan in het kabinet-Schoof benoemen ministers in Keerpunt ’27 naar Belgisch voorbeeld een ministerieel kabinet, een eigen, persoonlijk medewerkerscorps, waardoor de minister meer zeggenschap heeft en minder aan de leiband van de gevestigde ambtenaren hoeft te lopen.

Als de partijen rechts van de VVD tot zo’n Keerpunt ’27-programma kunnen komen, dan zijn de volgende Tweede Kamerverkiezingen een wenkend perspectief. Bij zo’n perspectief is de kans ook groter dat veel afgehaakten (‘het heeft geen zin om te stemmen, er verandert toch niets’) alsnog weer naar de stembus gaan.

Wynia’s Week kijkt komende maanden vooruit naar alternatieve coalitiemodellen. Deze reeks is op 13 juni geopend door Eduard Bomhoff.

Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!