Door eigen risico niet te verhogen dwingen we jongeren om steeds meer te betalen voor de zorgkosten die vooral ouderen maken
Artikel beluisteren
De dag na Prinsjesdag maakt de eerste zorgverzekeraar, DSW, de premie voor volgend jaar bekend. Die premie gaat waarschijnlijk flink omhoog. Dat verwacht in elk geval de zorgverzekeraarvergelijkingssite Zorgwijzer. Zij verwachten dat de gemiddelde premie voor de basisverzekering zal stijgen van €159 per maand dit jaar tot €171 of €174 volgend jaar. Daarmee zijn verzekerden op jaarbasis in 2027 €144 tot €180 extra kwijt aan hun zorgverzekering. De premiestijging is met 7-9% een stuk hoger dan de gemiddeld inflatie van 3,3%.
Zorgwijzer noemt drie redenen voor deze forse premiestijging. Vorig jaar hadden de zorgverzekeraars een eenmalige meevaller doordat er een overschot in het Zorgverzekeringsfonds was van gemiddeld €105 per verzekerde. Dit overschot was het gevolg van het feit dat de lonen en het aantal werkenden de afgelopen jaren sneller dan gedacht zijn gestegen, waardoor de inkomensafhankelijke bijdrage die de werkgevers betalen aan de zorgverzekering hoger uitviel. Als gevolg van deze meevaller hoefden de zorgverzekeraars de premie vorig jaar niet te verhogen. De bijdrage die werkgevers betalen is inmiddels aangepast waardoor deze meevaller is verdwenen.
Reserves raken op
De tweede reden is dat de zorgkosten snel toenemen. Een belangrijke oorzaak hiervan zijn de snel stijgende loonkosten. In een aantal CAO’s in de zorg zijn flinke salarisstijgingen afgesproken. Aangezien ongeveer 70% van de zorgkosten bestaan uit loonkosten, nemen hierdoor de zorgkosten toe. Dit moeten we allemaal via de zorgpremie betalen. Daarnaast neemt het zorggebruik toe door de vergrijzing en door de beschikbaarheid van nieuwe en vaak dure medische technologieën, waaronder ook nieuwe geneesmiddelen.
De afgelopen jaren hebben de zorgverzekeraars de basispolis aangeboden voor een premie die lager was dan de kostprijs. Het verschil legden ze bij uit hun reserves. Bij sommige verzekeraars begint het deel van de reserves dat kan worden ingezet om de premiestijging te beperken op te raken. Hierdoor kunnen ze minder geld uit hun reserves inzetten om de premiestijging te beperken.
Het kabinet zou de premiestijging kunnen beperken door het eigen risico te verhogen. In het coalitieakkoord was afgesproken dat het eigen risico volgend jaar zou worden verhoogd van €385 naar €455. Uit de uitgelekte Prinsjesdagstukken blijkt echter dat het kabinet van plan is om deze verhoging met €60 een jaar uit te stellen. Hiermee hoopt het kabinet steun te krijgen voor de begroting van oppositiepartij PRO. Het gevolg is wel dat de premiestijging ongeveer €35 per jaar hoger uitvalt dan als deze verhoging van het eigen risico wel zou zijn doorgegaan.
Het is de vraag of de linkse oppositie met het uitstel van de verhoging van het eigen risico tevredengesteld is en de begroting van het kabinet zal steunen. Dat het kabinet-Jetten geen meerderheid heeft in de Tweede Kamer vormt een bron van onzekerheid voor zorgverzekeraars. Het is denkbaar dat er in de Tweede Kamer een meerderheid ontstaat om het eigen risico te verlagen, zoals het kabinet-Schoof van plan was. Dan zitten de zorgverzekeraars met de gebakken peren en moeten ze de premie verder verhogen.
Nog meer solidariteit van jongeren gevraagd
Door linkse partijen wordt het eigen risico vaak geframed als een boete op ziek zijn en een aanslag op de solidariteit. Het Nederlandse zorgstelsel is een van de meest solidaire stelsels ter wereld. Gezonde en zieke mensen betalen dezelfde premie. Door de zorgtoeslag, die lage inkomens compenseert voor de nominale premie en het verwachte eigen risico, zijn de premies grotendeels inkomensafhankelijk. Vergeleken bij andere landen zijn de eigen bijdragen die zorggebruikers betalen relatief laag. Arm en rijk hebben recht op dezelfde zorg en worden in de zorg gelijk behandeld. In veel andere Europese landen is de solidariteit in de zorg een stuk minder. Toch vinden met name linkse en populistische partijen dat jonge, gezonde mensen nog solidairder moeten zijn met ouderen en zorggebruikers.
Het lijkt solidair om in plaats van het eigen risico voor patiënten te verhogen de premie voor alle burgers te verhogen. Deze solidariteit wordt echter vooral opgebracht door jongeren. Zij maken weinig gebruik van zorg, betalen daardoor weinig of geen eigen risico, maar moeten wel meebetalen aan de hogere zorgpremie. Ouderen maken gemiddeld meer zorgkosten. Voor velen van hen maakt het niet of nauwelijks uit of het eigen risico omhoog gaat of de premie.
Jongeren hebben naast de steeds verder stijgende zorgpremie vaak ook nog andere lasten, zoals een studieschuld of hoge hypotheek. Door de krapte op de woningmarkt moeten jongeren zich vaak diep in de schulden steken om een huis te kunnen kopen of worden ze geconfronteerd met hoge huren. Ze hebben ook vaak jonge kinderen die kosten met zich meebrengen. Hun inkomenspositie is vaak onzekerder. Allemaal lasten waar oudere generaties vrijwel niet mee te maken hebben en waarin zij niet solidair zijn met de jongere generaties. Ouderen profiteren vaak van de sterk gestegen huizenprijzen als ze hun woning verkopen aan jongeren.
Debat nodig over solidariteit tussen de generaties
Het is te kort door de bocht om de stijging van het eigen risico steeds maar af te doen als een beperking van de solidariteit en jongere generaties te dwingen om steeds meer te betalen voor de zorgkosten die vooral door ouderen worden gemaakt. Er zou een bredere discussie moeten komen over de solidariteit tussen generaties, waarbij ook de solidariteit buiten de zorg betrokken zou moeten worden.
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!


