‘Aan de slag’ met het kabinet-Jetten betekent vooral: meer geld voor minder sociale zekerheid

WW Tamminga 24 februari 2026
De lasten voor de burgers stijgen, maar de verzorgingsstaat krimpt. Beeld: YouTube.

Artikel beluisteren

Krimpflatie. Kent u dat woord?

U koopt een vertrouwd product, maar dan blijkt dat er minder in de verpakking zit. De reep chocola is wat kleiner. Het pak waspoeder wat minder gevuld. Je voelt je opgelicht. Het product is gekrompen, maar kost hetzelfde. Stiekeme prijsverhoging.

Producenten doen ‘t, politici ook. Rob Jetten (D66), Dilan Yeşilgöz (VVD) en Henri Bontenbal (CDA), de producenten van het coalitieakkoord van het kabinet-Jetten, zijn op de krimpflatietour.

Sterker nog: de lasten voor de burgers stijgen, maar de inhoud van de sociale verzorgingsstaat, een politiek ‘kernproduct’, krimpt. Het Centraal Planbureau (CPB) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) hebben de gevolgen van het coalitieakkoord afgelopen week in kaart gebracht.

Zekerheid neemt af

De minderheidscoalitie remt de groei van de zorguitgaven, verhoogt het eigen risico in de zorg en snijdt in sociale regelingen.

Een voorbeeld. Het maximumdagloon, de basis voor onder meer WW-uitkeringen voor werknemers met hogere inkomens, gaat met 20 procent omlaag. Dat kost zo’n 150.000 mensen een aanzienlijk bedrag, tot mogelijk 926 euro bruto per maand becijfert het CPB in een voetnoot. ‘De zekerheid van het inkomen neemt af door het coalitieakkoord’, zegt het Planbureau onomwonden.

Wat krijgt u dan wél voor de hogere lastendruk? Ongeveer 42.000 extra militairen. Fijn voor ons gevoel van veiligheid. Of het de economie zal stimuleren, is een vraag waar ik binnenkort op deze plaats op terugkom.

De beoogde militaire paraatheid zorgt voor een opmerkelijke verschuiving in de economie. De groei van de werkgelegenheid in de marktsector groeit tot 2030 nog maar 0,1 procent per jaar. De rijksoverheid, die onder het kabinet-Schoof drastisch zou krimpen, wordt een banenkampioen: 0,6 procent groei per jaar. Dat zijn vooral militairen. De gezondheidszorg? Ondanks het terugdringen van de groei van de collectieve zorguitgaven, groeit de werkgelegenheid met 1,4 procent.

Overheid en zorg zullen de loonstrijd aanwakkeren op de permanent krappe arbeidsmarkt. Met alle mogelijke gevolgen voor inflatie van dien.

Bureaucratie

Het kabinet-Jetten geeft met deze beleidskeuzes een extra impuls aan de trend van voortdurend stijgende collectieve uitgaven. Dat is in 2020 begonnen met de grootscheepse steun aan bedrijven na de corona-uitbraak. Vervolgens kregen burgers extra steun voor hun energiekosten. Daarna volgden onder meer het Stikstoffonds, geschrapt door het kabinet-Schoof, nu in de herhaling, plus als nieuwste: defensiemiljarden. De strijd tegen het coronavirus werd gevolgd door de strijd tegen opwarming van de aarde en die door de strijd tegen mogelijke indringers (fysiek of online) uit het Oosten.

Maar waar is de strijd tegen de overheidsbureaucratie gebleven? Er was een kortstondige oprisping dat de groei van het aantal ambtenaren van de rijksoverheid ontspoord was. Van 125.446 voltijdbanen (2020) naar 157.019 (2024). De complexiteit van beleid en regels én de bemoeizucht zijn hieraan debet. Actie was geboden… maar nu?

‘Het coalitieakkoord heeft een beperkt effect op de complexiteit van het belasting- en toeslagenstelsel’, concludeert het CPB. De kinderbijslag wordt misschien wat simpeler, maar de zorgtoeslag juist niet. Kortom: stilstand.

Doelstelling gemist

Onder de streep mist het kabinet-Jetten zijn doelstelling van ‘structureel 1,5 procent economische groei’. De groei komt zelfs marginaal lager uit dan eind vorig jaar nog geraamd, namelijk op 1,2 procent per jaar. Na zoveel fanfare (‘Aan de slag’), na het coalitieakkoord waarin economische groei ‘een van onze belangrijkste missies’ heette, is dat een grote tegenvaller, terwijl het regeren nog niet eens is begonnen.

In hun akkoord beloven de partijen dat er bijgestuurd zal worden als de 1,5 procent niet wordt gehaald. Dat moet nu dan toch gebeuren…

Bijsturen betekent: extra overheidsuitgaven. Gevolg: de staatsschuld loopt op, of de collectieve lastendruk stijgt, of beide een beetje (meest voor de hand liggende uitkomst). Het rekenwerk van het Centraal Planbureau geeft geen inzicht in de ontwikkeling de komende jaren van de groei van lastendruk, de som van belastingen en premies ten opzichte van het bbp (nationale productie van goederen en diensten).

De laatste raming van de collectieve lastendruk, van vorig jaar, kwam voor 2027 uit op ruim 39 procent. Dat zal nu met de lastenverzwaring om de defensie te betalen wel 40 procent worden. Historisch hoog.

Landsverdediging is een klassieke overheidstaak. Op korte termijn zal de beoogde groei van de defensie-uitgaven niet gehaald worden, denkt het CPB. De levering van nieuw materieel zal langer duren dan het coalitieakkoord stelt. Dat is dan weer een ‘meevaller’.

Windsubsidies

In de klimaatpolitiek zie je de ontsporingen aankomen. Het Planbureau voor de Leefomgeving denkt dat subsidies voor windparken (60 miljard euro tot 2055) windenergie op zee zullen stimuleren. ‘Met de toename van de productie van elektriciteit uit wind in Nederland neemt de export van elektriciteit uit Nederland toe, waardoor bovenop de verwachte afname van broeikasgasemissies in Nederland ook de emissies van de elektriciteitsproductie buiten Nederland dalen.’

Ooit was Nederland het land van Hans Brinkers die met zijn vinger de dijk dichtte en een overstroming voorkwam. Nu zwaait hij met windmolens en redt hij de wereld.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!