Korte lijntjes: hoe draaideurpoliticus Stientje van Veldhoven (D66) probleemloos klimaatlobbyist kon worden en daarna weer net zo makkelijk klimaatminister

WW Schukkink 28 maart 2026
Klimaatminister Stientje van Veldhoven eerder dit jaar, toen nog als activistisch klimaatlobbyist. Beeld: LinkedIn.

Artikel beluisteren

Stientje van Veldhoven (D66) financierde als staatssecretaris een internationale organisatie waarin ze zelf een bestuursfunctie bekleedde. Vijf jaar geleden stapte ze tussentijds uit het derde kabinet-Rutte om een topfunctie te gaan bekleden bij een internationale klimaatlobby die royaal wordt gesubsidieerd door de Nederlandse regering. En nu is ze plotseling terug in de landspolitiek, als klimaatminister. Is Van Veldhoven activist, lobbyist of bewindspersoon? En: hoe klef mag het zijn?

Stientje van Veldhoven is de nieuwe minister van Klimaat en Groene Groei. Zij was vanaf 2012 Tweede Kamerlid voor D66 en bekleedde tweemaal de functie van staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat in het kabinet-Rutte III: van oktober 2017 tot november 2019 en van april 2020 tot juli 2021. Tussen deze periodes was ze minister voor Milieu en Wonen in hetzelfde kabinet. Van Veldhoven trok de aandacht toen ze in de blessuretijd van het derde kabinet-Rutte plotseling ontslag nam en een nieuwe functie accepteerde bij het Europese hoofdkantoor van een invloedrijke internationale klimaatorganisatie, ‘strategisch’ gevestigd in Den Haag.

Dubbele pet

Van Veldhoven onderhield als staatssecretaris en minister nauwe banden met internationale klimaatclubs. Eén daarvan was het Platform for Accelerating the Circular Economy (PACE), naar eigen zeggen een ‘neutraal, publiek-privaat samenwerkingsplatform dat wereldwijde changemakers en hun organisaties verbindt om de transitie naar een circulaire economie te versnellen’.

PACE werd in 2018 opgericht door het World Economic Forum (WEF) van Klaus Schwab en werd door Van Veldhoven als staatssecretaris jarenlang gefinancierd. In januari 2020 trad Van Veldhoven bovendien toe tot het bestuur van PACE; volgens de website is ze nog steeds vicevoorzitter. Die combinatie van functies en belangen is ongekend en verboden bovendien, maar trok tot dusverre opmerkelijk weinig aandacht.

Toen Van Veldhoven in 2020 opnieuw staatssecretaris werd, verlengde ze wederom – in 2018 deed ze het ook al voor de jaren 2019-2021 – de bijdrage van 200.000 euro voor PACE, bestemd voor de jaren 2022-2024. Daarnaast verstrekte zij een eenmalige subsidie van bijna een ton aan PACE voor ‘monitoringsonderzoek naar de transitie van de circulaire economie’. Kort en goed: Van Veldhoven verzorgde als staatssecretaris ruimhartig de financiering van een organisatie waarvan ze zelf bestuurder was.

In juli 2021 stapte Van Veldhoven uit het demissionaire kabinet-Rutte III en werd ze vicepresident en directeur van de Europese tak van het World Resources Institute (WRI) – WRI Europe. Het WRI is een internationale klimaatorganisatie met een hoofdvestiging in Washington D.C.; het Europese kantoor bevindt zich in Den Haag.

Wat opvalt is dat het WRI geen ‘gewone’ ngo is, maar een organisatie die zich al jarenlang – dus ook onder het bestuur van Van Veldhoven – richt op lobbyen bij overheden en het helpen van andere ngo’s met het pushen van klimaatalarmisme.

Invloedrijke ngo

Dat het WRI een invloedrijke ngo is, valt mede af te leiden uit de grote bedragen die de organisatie jaarlijks krijgt. Niet alleen van diverse nationale overheden (zoals Nederland, de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Australië en Duitsland), maar ook van miljardairs en multinationals. ‘Major donors (geldschieters die meer dan 750.000 dollar bijdragen) zijn onder meer de Bill & Melinda Gates Foundation, Jeff Bezos, Rockefeller, Google en IKEA. Ook de Europese Unie, de Verenigde Naties en de Wereldbank behoren tot de grote financiers. Opmerkelijk is dat het WRI tevens de moederorganisatie is van het door het WEF opgerichte PACE, waar Van Veldhoven dus sinds 2020 in het bestuur zit.

Op de LinkedIn-pagina van Van Veldhoven valt te lezen hoe zij als vicepresident van WRI Europa de hele wereld over reisde om bij allerlei grote conferenties aanwezig te zijn, vaak ook als spreker. Zo vloog ze in november 2025 naar Brazilië om te spreken bij de VN Climate Change Conference (COP30), was ze in januari van dit jaar nog bij het WEF in Davos om te pleiten voor ‘klimaatactie’, en was ze onder meer spreker bij het ‘Leaders of Progress Summit ‘van de VN, het door de Financial Times georganiseerde ‘Climate & Impact Summit’ in Londen en de jaarlijkse meeting van de Asian Infrastructure Investment Bank (AIIB) in Peking. Daar benadrukte ze het belang van een nauwere samenwerking tussen de EU en China bij het ‘accelereren van de globale groene transitie’.

Dat Van Veldhoven een actieve klimaatlobbyist is, blijkt ook uit EU-connecties die zij als vicepresident en chef-Europa van het WRI legde. In 2023 ging WRI Europa samenwerking aan met GLOBE EU, een platform van Europarlementariërs die zich bezighouden met klimaatbeleid. In datzelfde jaar ondertekenden het WRI en de Europese Investeringsbank (EIB) een ‘Memorandum of Understanding’. In deze overeenkomst worden volgens Van Veldhoven ‘EIB’s financiële en multilaterale expertise gecombineerd met WRI’s baanbrekende onderzoek en ervaring zodat wereldwijde financiering voor klimaat en biodiversiteit terechtkomt waar die het hardst nodig is’.

Gefinancierd met belastinggeld

In 2023 werd het ‘strategisch partnerschap’ tussen het WRI en het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken verlengd met zes jaar. Dat vierde het WRI met een post op LinkedIn: ‘Samen zullen we onze gezamenlijke doelstellingen opschalen om vooruitgang te boeken op het gebied van klimaat, natuur en mens.’

Gratis is de liaison tussen het WRI en Buitenlandse Zaken niet, althans niet voor de Nederlandse belastingbetaler. Hoewel het WRI de laatste jaren niet wordt genoemd in de jaarverslagen van Buitenlandse Zaken en Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp, spreekt de subsidie-database van het ministerie van Financiën duidelijke taal: het WRI kreeg in 2023 11 miljoen en in 2024 6,6 miljoen euro.

Om een idee te krijgen: blijkens de ANBI-aangifte voor de Nederlandse Belastingdienst gaf de WRI Europe Stichting (voorzitter: Stientje van Veldhoven) in de jaren 2023 en 2024 in totaal achtereenvolgens 13,3 en 15,7 miljoen euro uit, voor een belangrijk deel aan de personeelskosten voor de 129 medewerkers. De verwevenheid van particuliere lobbyclub WRI Europe met de Nederlandse overheid is dus substantieel.

Botsende opvattingen

Interessant is ook dat Van Veldhovens (eerdere) opvattingen op een zeer belangrijk onderdeel van haar huidige portefeuille nogal schuren met het regeringsbeleid. Waar het kersverse kabinet-Jetten het nucleaire cluster in Nederland wil ‘versterken’ en minstens vier nieuwe kerncentrales wil realiseren, lijken Van Veldhoven – en het WRI – allerminst fan van kernenergie.

In 2016 werd Van Veldhoven in een interview met VNO-NCW de vraag gesteld: ‘Kolen of kernenergie?’ Haar respons: ‘Als ik écht moet kiezen, dan maar kernenergie, want we moeten gewoon van de kolen af vanwege het klimaatprobleem. Wat niets afdoet aan de nadelen van kernenergie: het afvalprobleem en de veiligheid.’

In 2018, toen Van Veldhoven nog staatssecretaris was, organiseerde het WRI een prijsuitreiking ter ere van twee activisten die erin geslaagd waren de bouw van een kerncentrale in Zuid-Afrika tegen te houden. Het duo werd door het WRI geprezen voor een ‘overwinning die Zuid-Afrika heeft behoed voor een ongekende uitbreiding van de nucleaire industrie’.

De benoeming van Van Veldhoven tot klimaatminister roept een reeks vragen op. Ten eerste haar dubbelrol als staatssecretaris en sponsor van een organisatie waar ze zelf in het bestuur zat. Ten tweede haar ongebruikelijke en vroegtijdige overstap van het kabinet naar een activistische particuliere lobbyclub die aanhoudend en ook ruimhartig wordt gesubsidieerd door de Nederlandse overheid. Vervolgens werd Van Veldhoven een schoolvoorbeeld van een draaideurpoliticus: door daarna weer op te duiken in de landspolitiek, als klimaatminister in het kabinet-Jetten.

En dat allemaal zonder dat er een haan naar kraait, terwijl het fenomeen van de draaideurpoliticus onder meer bij de Raad van Europa sinds jaar en dag onder vuur ligt. Voor burgers en kiezers komt daar nog bij dat er alle reden is voor gerede twijfel aan de inzet van Van Veldhoven om de door het kabinet beloofde kerncentrales te bouwen. En hoe zijn de banden tussen de lobbyclubs PACE en WRI en het kabinet-Jetten nu? Worden die wellicht onderhouden door Van Veldhoven die daar de beste contacten heeft?

Het personeelsbeleid van Rob Jetten

Bij dat alles dient opgemerkt dat Van Veldhoven in 2021 weliswaar uit het derde kabinet-Rutte stapte, maar – niet heel ongebruikelijk in lobbyland – de politiek nooit verlaten heeft. Haar activiteiten als vice-president van de Europese afdeling van het WRI bewijzen dat meer dan voldoende. Zo bleef Van Veldhoven ook nauwe banden onderhouden met haar partij D66, zoals ook mag blijken uit de uitnodiging die toenmalig klimaatminister Rob Jetten kreeg bij het 40-jarig bestaan van het WRI.

Jetten was ook de man die, nu als partijleider van D66, de activistische lobbyist Van Veldhoven terughaalde naar het landsbestuur, in een nieuwe rol als klimaatminister. Jetten moest al een beoogde D66-staatssecretaris (Nathalie van Berkel) terugtrekken omdat ze haar cv wel heel royaal had opgepoetst. Jetten selecteerde een minister voor Buitenlandse Handel (Sjoerd Sjoerdsma) die als Tweede Kamerlid door China de toegang was geweigerd. Jetten selecteerde een hoge militair (Elanor Boekholt-O’Sullivan) voor het ministerschap van Volkshuisvesting die al meteen onder vuur kwam te liggen. Het zou zeer voor de hand liggen wanneer ook het door Jetten bewerkstelligde ministerschap van Stientje van Veldhoven door de Tweede Kamer eens kritisch onder de loep werd genomen.

Wynia’s Week is wakker als anderen slapen. Steunt u onze broodnodige onafhankelijke journalistiek? Hartelijk dank!