Worden vrouwelijke aandoeningen in de gezondheidszorg minder serieus genomen? Nee, dat is een gevaarlijke mythe

WW Groot 14 maart 2026
Bijna tweederde van de huisartsen en meer dan de helft van alle medisch specialisten is vrouw. Beeld: Pexels.

Artikel beluisteren

Vrouwen maken meer gebruik van zorg dan mannen. Het bezoek aan de huisarts is onder vrouwen 9 procent hoger en ook gaan zij vaker naar een medisch specialist, fysiotherapeut, psycholoog en psychiater. Met dat bericht leverde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vorige week vrijdag een bijdrage aan Internationale Vrouwendag.

Het verschil in zorggebruik komt deels doordat vrouwen een langere levensverwachting hebben en ouderen meer gezondheidsproblemen hebben dan jongeren. Maar het zorggebruik van vrouwen is volgens het CBS binnen álle leeftijdsgroepen hoger en ook is er vaker sprake van gezondheidsklachten. Zo hebben vrouwen vier keer vaker dan mannen last van onvrijwillig urineverlies. Migraine, darmstoornissen en gewrichtsklachten komen bij vrouwen twee keer vaker voor. Daarentegen hebben mannen tweemaal zo veel kans op een hartinfarct.

Het NOS Radio 1 Journaal vroeg een hoogleraar verloskunde en gynaecologie om een reactie op dit onderzoek. Zij was volgens de aankondiging ‘gespecialiseerd in vrouwenspecifieke aandoeningen’. Een van de oorzaken dat vrouwen vaker gezondheidsklachten hebben en meer gebruik maken van de zorg was volgens de hoogleraar dat ‘vrouwenklachten vaak minder serieus worden genomen’.

Dat verbaasde me. Bijna tweederde van de huisartsen en meer dan de helft van alle medisch specialisten is vrouw. Waarom zouden die vrouwenklachten minder serieus nemen? Het is ook niet duidelijk waarom vrouwen vaker naar de huisarts gaan als ze denken daar niet serieus genomen te worden.

‘Ernstige discriminatie’

Het NPO-radioprogramma EenVandaag besteedde eveneens aandacht aan het onderwerp. Ook zij vroegen een hoogleraar gynaecologie om commentaar, ditmaal iemand van de Universiteit van Amsterdam. Volgens deze hoogleraar was er te weinig geld voor onderzoek naar vrouwspecifieke aandoeningen. Er gaat, zei ze, slechts 1 procent van het budget voor medisch onderzoek naar onderzoek naar endometriosis (goedaardige woekering van het baarmoederslijmvlies). Hier was sprake van ernstige discriminatie van vrouwen en vrouwelijke aandoeningen.

Nu komen vrouwen er in gezondheidsonderzoek niet altijd bekaaid van af. Van al het geld voor kankeronderzoek gaat 11 procent naar onderzoek naar borstkanker. Tussen 2016 en 2020 werd wereldwijd jaarlijks 2,6 miljard dollar uitgegeven aan deze meest voorkomende vorm van kanker onder vrouwen. Dat is meer dan aan welke vorm van kanker dan ook. Dankzij dat onderzoek zijn de overlevingskansen van vrouwen met borstkanker de afgelopen decennia aanzienlijk verbeterd.

Uit de studie waaruit deze cijfers komen en die in 2023 in het wetenschappelijke tijdschrift The Lancet werd gepubliceerd, blijkt verder dat prostaatkankeronderzoek slechts de helft van het budget krijgt dat voor borstkankeronderzoek geldt, ondanks dat jaarlijks vrijwel evenveel mannen te maken krijgen met prostaatkanker als vrouwen met borstkanker. De Nederlandse overheid geeft jaarlijks ook nog eens 158 miljoen euro uit aan het bevolkingsonderzoek naar borstkanker bij vrouwen. Een bevolkingsonderzoek voor prostaatkanker onder mannen is er niet.

De Nijmeegse hoogleraar gynaecologie noemde ook nog dat nieuwe geneesmiddelen alleen onder mannen worden getest. Omdat vrouwen soms anders reageren op medicijnen, worden zij benadeeld doordat doseringen en de werkzaamheid zijn afgestemd op mannen, aldus de hoogleraar. Het damesblad Libelle besteedde er vier jaar geleden al aandacht aan: ‘Ja, ja, this is a man’s world en medische kennis is vooral gebaseerd op het mannenlichaam.’ Veel medicatie wordt getest op mannen, ‘jonge en gezonde mannen welteverstaan’, aldus het blad. Maar dit is een broodjeaapverhaal.

Geneesmiddelenonderzoek gebeurt in verschillende fasen. Eerst worden nieuwe geneesmiddelen op dieren getest, meestal op muizen. Als de bevindingen op muizen positief zijn, worden deze middelen ook op mensen getest. Daarbij wordt eerst onder kleine groepen jonge gezonde proefpersonen onderzocht of het middel veilig is en geen ernstige bijwerkingen heeft.

En ja, de meerderheid van deze proefpersonen is vaak man. Maar aan deze onderzoeksfase kleven ook risico’s. Soms blijkt dat een middel ernstige bijwerkingen heeft. Er zijn voorbeelden bekend van middelen die tot psychoses of zelfmoordgedachten leiden. Daarom worden voor dit onderzoek jonge gezonde mensen gebruikt. Eerlijk gezegd mogen vrouwen blij zijn dat jonge gezonde mannen bereid zijn deze risico’s te lopen voor het ontwikkelen van veilige geneesmiddelen.

Onzinnige bewering

Als het middel veilig genoeg is, wordt onderzocht of het middel ook echt werkt. Voor dit onderzoek naar de werkzaamheid worden in de regel evenveel mannelijke als vrouwelijke patiënten gebruikt. Een middel mag alleen voor vrouwen worden voorgeschreven als het ook getest is op vrouwelijke patiënten. Als er tijdens het onderzoek blijkt dat de werking verschilt tussen mannen en vrouwen, dan moet dat op de bijsluiter worden vermeld. Kortom, de bewering dat medicijnen alleen op mannen wordt getest, is onzin.

Dat neemt niet weg dat er bij geneesmiddelenonderzoek soms sprake is van genderbias. Een overzicht van studies naar de werkzaamheid van medicatie tegen migraine, dat drie jaar geleden werd gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift PlosOne, vond bijvoorbeeld dat 85 procent van de patiënten in deze studies vrouw was. In slechts twee van de 25 studies die waren opgenomen in dit overzicht werd een onderscheid gemaakt in de werkzaamheid van migrainemedicijnen op vrouwen en mannen. In het overgrote deel van de studies werd geen onderscheid gemaakt. Omdat slechts 15 procent van de patiënten in deze studies man was, werd de werkzaamheid van deze medicijnen dus vooral onderzocht op het vrouwelijke lichaam.

Deze hele en halve onwaarheden over medische onderzoek en zorg zijn schadelijk voor het vertrouwen dat met name vrouwen hebben in de gezondheidszorg. Het is kwalijk dat zelfs artsen daaraan meewerken.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zoHartelijk dank!