40 jaar na de lugubere aanslag in Kedichem heeft de Tweede Kamer nog wat goed te maken

WW Bouwman 13 januari 2026
Voorpagina Algemeen Dagblad, 1 april 1986

‘Uit ecologisch en sociaal-economisch oogpunt kan Nederland onmogelijk een immigratieland zijn.’

‘Met de regeringen van Suriname, Turkije, Marokko en andere herkomstlanden van migranten in Nederland worden duidelijke afspraken gemaakt om vrijwillige remigratie te bevorderen.’

‘Vluchtelingen dienen zo dicht mogelijk bij hun land van oorsprong gehuisvest te worden, teneinde hun terugkeer optimaal mogelijk te maken.’

Zomaar drie quotes uit het verkiezingsprogramma waarmee de Centrumpartij in 1982 de boer op ging. Het leverde ruim 68.000 stemmen op, genoeg voor één zetel in de Tweede Kamer. Die werd ingenomen door Hans Janmaat, een Haagse politicoloog en leraar maatschappijleer die voorheen politiek actief was voor de KVP en DS’70.

De opschudding was enorm. Volgens de andere partijen in de Tweede Kamer en ook volgens een groot deel van de publieke opinie verkondigde Janmaat standpunten die getuigden van een ‘racistische’ en ‘extreem-rechtse’ gezindheid. In linkse kring werden nog scherpere conclusies getrokken: de Centrumpartij zou een ‘ondemocratische’, ja zelfs ‘fascistische’ organisatie zijn. Alom werden vergelijkingen gemaakt met de NSB, Adolf Hitler en de nazi’s. Ook de Februaristaking, Anne Frank en Auschwitz figureerden in veel commentaren.  

Vogelvrij

In de praktijk bleken de leden en vertegenwoordigers van de Centrumpartij en de in 1984 daarvan afgesplitste Centrumdemocraten vogelvrij. Zo’n beetje alles was geoorloofd. De Leidse historicus Jan de Vetten verrichte onderzoek naar de bestrijding die beide partijen in de jaren tachtig en negentig ten deel viel en deed er in zijn dissertatie In de ban van goed en fout (2016) uitgebreid verslag van.

Een kleine greep: in februari 1984 werd een cursusavond van de Centrumpartij in Rotterdam overvallen door een gemaskerde en met ijzeren staven bewapende groep van zo’n dertig ‘antifascisten’. Ze sloegen het interieur kort en klein en vernielden buiten de auto’s van de cursisten.

Drie maanden later werd een congres van de Centrumpartij in het Brabantse Boekel door gewelddadige actievoerders verstoord. Ze gooiden een traangasbom naar binnen, tuigden vluchtende congresgangers af met stokken en kettingen en achtervolgden hun bus toen ze huiswaarts probeerden te keren. De bus werd zelfs beschoten met een vuurwapen. ‘Om escalatie te voorkomen’ verrichte de politie geen arrestaties.

In een daaropvolgend interpellatiedebat in de Tweede Kamer lieten de woordvoerders van D66, PPR, PSP en CPN weten weliswaar tegen geweld te zijn, maar ook dat de Centrumpartij het er eigenlijk zelf naar had gemaakt. ‘Er hebben zich inderdaad ernstige gebeurtenissen in Boekel afgespeeld,’ sprak PSP-fractievoorzitter Fred van der Spek. ‘De ergste daarvan is naar mijn mening dat er een congres is gehouden van de Centrumpartij.’ Enkele dagen later werd Willem Bruyn, voorzitter van het Wetenschappelijk Bureau van de Centrumpartij, voor zijn Amsterdamse woning vastgeketend aan een blok beton met het bordje ‘racist’. De brandweer moest hem loszagen.

‘Wij kunnen u niet beschermen’

Het ergste moest toen nog komen. Op 29 maart 1986 belegden de Centrumpartij en de Centrumdemocraten een gezamenlijke bijeenkomst in Hotel Cosmopolite in Kedichem, gemeente Leerdam. De vergadering was net begonnen toen de politie het woord nam. Er waren, zo luidde de mededeling, honderden linkse actievoerders op weg naar het hotel. ‘Wij kunnen u niet beschermen.’

Niet veel later vlogen tegels, stenen en rookbommen naar binnen en stond het hotel in lichterlaaie. Bij een wanhopige vluchtpoging belandde Wil Schuurman, de secretaresse van Janmaat, met haar been op een gesprongen ruit. ‘Het been werd afgebonden om het bloeden te stelpen. Pas na lang wachten arriveerde een ambulance,’ verhaalt De Vetten. Na een mislukte operatie in het ziekenhuis van Gorinchem werd Schuurman naar het Rotterdamse Dijkzigt-ziekenhuis gebracht. ‘Deze artsen konden haar leven redden, maar moesten het gewonde been afzetten.’ Schuurman was voor de rest van haar leven invalide.

Op het Binnenhof vielen in de wandelgangen afkeurende reacties van politici te beluisteren, maar van commotie was geen sprake. CDA-premier Ruud Lubbers onthield zich van commentaar, PSP’er Wilbert Willems liet weten dat de oorzaak van het geweld in het bestaan van de Centrumpartij zelf lag, en, schrijft De Vetten, ‘in de Tweede Kamer kwam Kedichem niet aan de orde’. Nogal een verzuim.

Zes ‘antifascistische’ activisten werden veroordeeld tot een celstraf van zes maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De meeste van de echte daders werden niet gepakt. Die waren alweer op weg naar huis – lees: hun Amsterdamse kraakpanden – toen de Leerdamse politie ten langen leste besloot de toegangswegen naar het hotel af te zetten.

Passend gebaar

‘Kedichem’ is binnenkort veertig jaar geleden. Het was een lugubere aanslag op onze parlementaire democratie waarbij de Tweede Kamer de andere kant opkeek. Een motie van treurnis waarin dat wordt vastgesteld, zou dat geen passend gebaar zijn?

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee, ook in het nieuwe jaar? Doneren kan zo. Hartelijk dank!