Eerst was GroenLinks een reclasseringsinstelling voor politieke delinquenten, nu wordt Progressief Nederland dat
Artikel beluisteren
Op 13 juni is het zover: op het oprichtingscongres van Progressief Nederland (PN) komt dan – na ruim tachtig jaar – een einde aan het bestaan van de Partij van de Arbeid. Ook met de geschiedenis van de Nederlandse sociaaldemocratie, die begon in het laatste kwart van de negentiende eeuw, is het dan over en uit.
Een interessante rode lijn in die geschiedenis is dat sociaaldemocraten steeds hebben geprobeerd om radikalinski’s en andere malle extremisten buiten de deur te houden.
Anarchisten, communisten, trotskisten
Dat begon al in 1894, bij de oprichting van de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (SDAP). Met dat initiatief werd een breuk geforceerd met de in anarchistisch vaarwater belande socialisten rond het voormalige Tweede Kamerlid Ferdinand Domela Nieuwenhuis.
In 1909, op het roemruchte Deventer Congres van de SDAP, ontstond opnieuw een schisma en werd een groepje orthodoxe marxisten geroyeerd. Ze richtten later de SDP op, de voorloper van de communistische CPN.
In de jaren vijftig ontstond wederom gedonder, dit keer door toedoen van een clubje trotskisten dat zich onder valse voorwendselen bij de PvdA had aangesloten. ‘Ratten die knagen aan de wortels van de partij,’ waarschuwde PvdA-voorzitter Evert Vermeer en dus werd het functioneren van het door trotskisten gedomineerde Sociaal-Democratisch Centrum (SDC) onmogelijk gemaakt. De angst voor trotskistische binnendringers bleef echter bestaan. Met name Joop den Uyl, partijleider tussen 1967 en 1986, was er beducht voor. Hij informeerde regelmatig bij de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) naar mogelijke risico’s.
De fusie van de PvdA met GroenLinks is zo bezien een cesuur van jewelste. Laatstgenoemde partij werd in 2008 in een hoofdredactioneel commentaar van de Volkskrant nog getypeerd als ‘een reclasseringsinstelling voor politieke delinquenten’.
Directe aanleiding was het GroenLinkse Tweede Kamerlid Wijnand Duyvendak, die betrokken bleek te zijn geweest bij een inbraak in het ministerie van Economische Zaken. Daarbij werden plannen voor kerncentrales gestolen en ook adresgegevens van hoge ambtenaren, wat vervolgens leidde tot bedreiging en brandstichting. ‘GroenLinks,’ memoreerde de Volkskrant, ‘is ontstaan uit een fusie van de linkse splinterpartijen CPN, PSP, PPR en EVP en was van het begin af aan een toevluchtsoord voor militante activisten uit de kraakbeweging, de milieubeweging en de vredesbeweging’.
Verzonnen vluchtverhalen
Ook in 2026 is dat nog altijd een in het oog springend kenmerk van GroenLinks – met als verschil dat de betrokkenen dankzij de aanstaande fusie met de PvdA nu een PN-speldje op hun revers dragen. Sterker nog: ze trekken in de nieuwe partij aan de belangrijkste touwtjes.
Denk aan Paul Rosenmöller, fractievoorzitter van PN in de Eerste Kamer. Tussen 1976 en 1982 was hij (bestuurs)lid van de Groep Marxisten-Leninisten (GML), een op maoïstische leest geschoeide organisatie die streefde naar een ‘gewapende revolutie’ en luidkeels steun betuigde aan de Cambodjaanse massamoordenaar Pol Pot. Op de vraag of hij spijt had van zijn maoïstische verleden, antwoordde Rosenmöller in 2004 voor de EO-microfoon: ‘Spijt is niet het begrip dat bij mij bovenkomt.’
Of denk aan de prominente PN-senator Farah Karimi. In 2005 werd bekend dat ze in de jaren tachtig in haar geboorteland Iran en ook in Duitsland en Frankrijk actief was voor de terreurbeweging Volksmoedjahedien. Vanuit Parijs hielp ze zo’n honderdvijftig Iraanse leden van de beweging aan een verblijfsvergunning door valse vluchtverhalen te verzinnen. ‘Ja, dat is misbruik maken van de asielprocedure,’ zei Karimi in een interview.
PN-aanvoerder Jesse Klaver was in 2007 bestuurslid van de GroenLinkse jongerenorganisatie Dwars toen in het Utrechtse hoofdkwartier van de club een professionele bomkoffer werd gevonden, compleet met ontstekers, timers en bedrading. De herkomst van de koffer bleef onduidelijk, maar veel media legden een verband met uitspraken van voormalig Dwars-voorman Rugter van den Dool. Die had in 2003 zijn steun uitgesproken voor gewelddadige acties tegen fokkers van pelsdieren.
Nog een voorbeeld: PN wordt ook de partij van Jack Bogers, de voormalige locoburgemeester van GroenLinks in Wageningen. In 2004 werd hij door het gerechtshof in Arnhem veroordeeld omdat hij zijn geheimhoudingsplicht brak vlak na de moord op Pim Fortuyn. Bogers gaf stiekem een seintje aan de compagnon van moordenaar Volkert van der Graaf bij de Vereniging Milieu-Offensief. Kort daarop werden tweehonderd bestanden van de computer van Van der Graaf gewist.
Automatisch aansprakelijk
Bij een fusie – elke notaris weet het – gaan alle lusten en lasten van de verdwijnende rechtspersonen onder algemene titel over op de verkrijgende rechtspersoon. Dit betekent dat de verkrijgende partij automatisch aansprakelijk wordt voor alle schulden, verplichtingen en claims uit het verleden.
Met PN is het niet anders. En dus worden de voormalige PvdA’ers in de fusiepartij nu aanspreekbaar op de gedragingen van extremisten en malloten die ze zelf decennialang uit hun midden wisten te weren, maar die nu aan de knoppen mogen zitten.
Eerst was GroenLinks een reclasseringsinstelling voor politieke delinquenten, nu wordt Progressief Nederland dat. En daar heeft de PvdA helemaal zelf voor gekozen.
Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!




















