Was Harry Kuitert er nog maar om de malle linkse asieldominees van de Raad van Kerken eens flink op hun sodemieter te geven
Artikel beluisteren
Je zou het niet zeggen als je op zondag rondkijkt in de winkelstraten en woonboulevards, maar eeuwenlang was ons land een door en door christelijke natie. Pas in de jaren dertig van de vorige eeuw steeg het aantal Nederlanders zonder kerkelijke gezindte voor het eerst boven de 10 procent.
Theologen hadden bijgevolg een groot en belangstellend publiek. De meest toonaangevende Nederlandse godgeleerden genoten zelfs de status van bestsellerauteur. In boekhandels lag hun werk hoog opgestapeld.
Neem de gereformeerde theoloog en hoogleraar ethiek Harry Kuitert. Van zijn bekendste boek, Het algemeen betwijfeld christelijk geloof, werden in 1992 maar liefst 60.000 exemplaren verkocht.
Die roem bleek vergankelijk. Bij zijn overlijden in 2017 stelde Trouw vast dat Kuitert al bijna een vergeten figuur was. ‘Wie de balans opmaakt, kan concluderen dat Kuitert vooral de theoloog van één generatie is geweest, die van hemzelf. Jonge theologen kennen zijn naam vooral als voetnoot in de collegestof.’
Belachelijke redenering
Dat is jammer, want Kuitert was een theoloog die veel zinnige en nog altijd actuele inzichten verkondigde. Bijvoorbeeld in zijn boek Alles is politiek maar politiek is niet alles, verschenen in 1985.
Onder aanvoering van het Interkerkelijk Vredesberaad (IKV) van de gereformeerde activist Mient Jan Faber maakten veel dominees en pastoors zich destijds sterk voor eenzijdige ontwapening. We dienden ervoor te waken, zo was hun boodschap, om Rusland – toen een communistische grootmacht die in heel Oost-Europa, tot in Oost-Duitsland toe, de lakens uitdeelde – door ‘een westerse bril’ te bekijken. Dan bevorderden we het ‘vijanddenken’ en dat was slecht voor de ‘ontspanning tussen Oost en West’. Als de NAVO-landen hun kernwapens wegdeden, zouden de Russen ons goede voorbeeld vanzelf volgen en was het gedaan met de oorlogsdreiging.
Kuitert vond dat een belachelijke redenering. ‘Ethiek was mijn vak en daarin had ik geleerd dat als er twee met een bijl tegenover elkaar staan en er één zijn bijl neerlegt, de ander hem meteen zal doodslaan.’
Theologen kunnen in de politiek alleen maar ‘napraters of beunhazen’ worden, betoogde Kuitert. Ze zijn er immers niet voor opgeleid. Hun politieke acties scheppen bovendien verdeeldheid binnen de kerk doordat elk politiek vraagstuk tot een geloofskwestie wordt gemaakt. ‘Dat ruïneert de kerken en ook de politiek. Kerken kunnen geen verantwoording afleggen, je kunt ze niet naar huis sturen. Ze kunnen gratis iedere mening verkondigen. Doen ze ook. De meningsvorming is er niet democratisch tot stand gekomen, ook dat nog.’
In 1983 proclameerde de gereformeerde synode dat de plaatsing van kruisraketten op Nederlandse bodem in strijd was ‘met een leven in navolging van Christus’. ‘Hoe wist de synode dat?’ vroeg Kuitert zich af. ‘Had ze soms een rechtstreekse telefoonlijn met de Heer?’ Al snel bleek dat de kerkleiding niet had gesproken namens de eigen achterban: slechts een minderheid van de gereformeerden (20 à 30 procent) bleek de bezwaren tegen kruisraketten te delen.
Er is een goede reden om dit allemaal op te rakelen. Dit voorjaar deed de Raad van Kerken een oproep aan de leden van de Eerste Kamer om tegen de asielnoodmaatregelenwet te stemmen. Even later werd een tien pagina’s tellende ‘handreiking’ tegen ‘radicaalrechts gedachtegoed’ gepubliceerd. ‘Kerken schudden hun politieke schuchterheid af’ juichte Trouw, veertig jaar geleden ook al het fanclubblad van vredesapostel Mient Jan Faber.
Intolerantie bij links
Zijn de verpolitiekte jaren zeventig en tachtig weer terug in kringen van Nederlandse theologen? Het heeft er alle schijn van. Wat zou Kuitert de malle linkse asieldominees van katoen hebben gegeven. Kerkleiders die aan politiek doen ontwijken de democratie, waarschuwde hij in 1985 in een interview met weekblad De Tijd:
‘Want voor het oplossen van de concrete sociaal-maatschappelijke vraagstukken hebben we nou net al die politieke partijen opgericht om samen te overleggen en met meerderheid van stemmen beslissingen te nemen. En dan komen plotseling, buiten dat hele proces om, “de” kerken binnenzoemen en doen allerlei politiek-actuele uitspraken. Ze meten zich daarbij een moreel gezag aan dat ze in dit soort zaken helemaal niet hebben. Vroeger probeerde rechts je de mond te snoeren, nu ligt de intolerantie vooral bij links.’
Politieke disciplinering
Kuitert, zo kan daarbij worden aangetekend, was oud genoeg om zich het befaamde Bisschoppelijk Mandement uit 1954 te herinneren. Daarin werd het lidmaatschap van de PvdA aan katholieken ontraden. De VARA en de socialistische vakbond NVV werden zelfs compleet in de ban gedaan, op straffe van weigering van de heilige sacramenten. Tegenwoordig wordt rechts door kerkelijke hotemetoten verketterd, voor de rest lijkt alles hetzelfde gebleven.
Behalve dan dat onze intolerante dominees en pastoors bij de politieke disciplinering van het kerkvolk niet meer voor de voeten worden gelopen door de verstandige theoloog Harry Kuitert. Zonde!
Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!


