Is Nederland van de gevestigde politiek en de ongekozen bestuurders of van de grote groep kiezers die een scherpe koerswijziging wil inzake migratie, klimaat en de Nederlandse identiteit?
Artikel beluisteren
Onder druk van hoogoplopende discussies rond asiel en immigratie valt Nederland steeds meer uiteen in twee ‘emotiekampen’. De tegenstelling concentreert zich momenteel op AZC’s en noodopvang, maar een standpunt over de Spreidingswet of de komst van een AZC is inmiddels een goede indicatie voor iemands opvattingen over andere emotioneel beladen onderwerpen als racisme, Gaza en het klimaat. Beide kampen luisteren amper nog naar elkaars opvattingen en argumenten.
Kiezer wil in meerderheid minder asielzoekers
Voor het pro-asiel kamp zit de wereld helder in elkaar: de asiel-instroom is laag of dalende en er is – door ondoordachte bezuinigingen op de asielketen uit het verleden – alleen sprake van een ‘opvangcrisis’.
Het recent verschenen Nationaal Kiezers Onderzoek 2025 tekende echter op dat veel kiezers al decennia minder asielmigratie willen en in dat standpunt de laatste jaren zelfs verharden. Het verklaart mede waarom partijen rechts van de VVD bij de laatste verkiezingen meer dan 45 zetels haalden en in recente peilingen al rond de 60 zetels staan.
Ondanks een numerieke meerderheid krijgt het ‘anti-asiel’ kamp qua beleidsuitkomsten voorlopig niet wat het wil, met meer boosheid tot gevolg. Van een gelijk speelveld voor opvattingen rond thema’s als asiel, met een neutrale overheid als scheidsrechter erboven, is niet echt sprake. Het ‘pro-asiel’ kamp is daarvoor te stevig geworteld in overheidsorganisaties, publieke instellingen en de non-profitsector. De huidige minderheidscoalitie én overheidsinstellingen gieten hun beleid en hun communicatie bovendien graag in termen van diversiteit, vergroening en solidariteit. De kortzittende coalitie Schoof-1 heeft daar weinig aan veranderd.
Utopische beloften
Het helpt daarbij niet dat Jetten-1, een voortzetting van Rutte-3 en 4, Nederlanders vraagt de asielinstroom als ‘dure morele plicht’ te accepteren, in ruil voor wat diffuus geformuleerde voordelen in de verre toekomst (‘arbeidskrachten’, ‘bejaardenverzorgers voor later’). De Nederlandse burger moet van Jetten-1 ook al pijn lijden om de planeet te redden, blijmoedig de hoge kosten van de ‘energietransitie’ dragen en liefst afzien van gebruik van de wasmachine op courante tijden. De agrarische sector krijgt het verzoek in te krimpen zodat Nederland binnenkort een ideale ‘staat van de natuur’ zal kennen. Het is een politiek van oncontroleerbare utopische beloften.
De regering én de instituties manen hun burgers bovendien tot gehoorzaamheid vanachter een verdedigingslinie van wetten en normen: ‘We hebben de democratisch tot stand gekomen Spreidingswet!’ roept CDA-minister Bart van den Brink, in de media bijgevallen door ongekozen bestuurders als Commissaris der Koning in Zuid-Holland Wouter Kolff van de VVD. Op dezelfde gebiedende toon hoort de burger ook regelmatig een beroep op ‘het Internationaal Recht’, ‘de Klimaatwet’, ‘de Habitat-richtlijn’ en ‘de NAVO-norm van 5 procent’.
Ontkoppeling wereldbeelden
De emotionele tegenstelling gaat uiteraard om meer dan de precieze instroom-aantallen in Ter Apel. Asiel symboliseert de ontkoppeling tussen het wereldbeeld van de politiek-bestuurlijke bovenlaag (en hun trouwe electorale aanhang) en de belevingswereld van een groter deel van het electoraat over migratie, klimaat en de Nederlandse identiteit (met als grootste pijnpunt de invloed van de islam). De toenemende emotionele verwijdering kan leiden tot een vertrouwensbreuk tussen bestuur en autoriteiten en een deel van de bevolking. Niet voor niets waarschuwde korpschef Janny Knol na rellen in Loosdrecht dat de politie de politieke problemen in Den Haag rond asiel niet kan oplossen.
Demonstraties
Duiders, columnisten én politici spraken schande van de demonstraties tegen de noodopvang van asielzoekers in Loosdrecht. Geweldsuitbarstingen geven daar zeker aanleiding toe. Tegelijk wordt vaak ook het puur deelnemen aan demonstraties verdacht gemaakt. ‘De demonstranten komen niet eens uit die gemeente!’ klinkt het dan verontwaardigd. Nergens in de wet staat die verplichting.
Ook overheidsdiensten als de NCTV én extremisme-experts als oud-AIVD’er Jelle Postma (die de stichting Justice for Prosperity aanvoert die zegt ‘ondermijnende dreigingen’ te signaleren) problematiseren de weerstand tegen AZC’s of immigratie. Postma sprak omineus over ‘olie op het vuur gooien’ door ‘mensen met een voorbeeldfunctie in de politiek of media’. Er begint ook een heuse opinie- en woordpolitie te ontstaan rond het gebruik van termen als ‘remigratie’. Onduidelijk blijft welke wettelijke basis overheidsdiensten hebben om het woordgebruik van politici en burgers te problematiseren.
Media
De media gaan moeiteloos mee in de verdeling in emotiekampen. Hoofdredacteur van de Volkskrant Pieter Klok beweerde dat zijn collega-hoofdredacteur Kamran Ullah van De Telegraaf in de asieldiscussie alleen ‘emotie-feiten’ zou erkennen. In hun wekelijkse podcast bestempelen Klok en Volkskrant-columnist Sheila Sitalsing argumenten tegen de Spreidingswet, tegen immigratie of tegen stikstof- en klimaatbeleid routinematig als ‘desinformatie’.
Favoriete doelwitten van journalisten uit het pro-asiel kamp zijn opiniemakers van De Telegraaf Wierd Duk en Marianne Zwagerman, die goed beluisterde eigen podcasts maken. Als opiniemakers staan ze zelf ook gekleurd in de wedstrijd maar ze vervullen wél een belangrijke antenne-functie voor de maatschappelijke onvrede in het anti-asiel kamp. Desondanks maken radicaliseringsexperts als Cas Mudde of Leonie de Jonge en NPO-programma’s als Medialogica deze opiniemakers juist verdacht als vermeende aanjagers van polarisatie.
Strijd om beloning emoties
De emotionele gevoelstemperatuur stijgt verder door toenemende ‘Palestijnisering’ in het pro-asiel kamp, waarbij activisten allerlei kwesties (van Dodenherdenking tot onrust rond voetbalwedstrijden van Marokko) zien door de lens van kolonialisme en westerse schuld. Burgemeesters als Femke Halsema en Sharon Dijksma gingen – onder druk van hun radicale achterban – al over tot theatrale ‘Nakba’-herdenkingen.
Tussen beide kampen ontstaat langzamerhand een vorm van ‘emotionele klassenstrijd’: wiens grieven krijgen erkenning, aan wiens culturele gevoeligheden conformeren gezagsdragers zich, wiens emoties krijgen een beloning vanuit Den Haag (‘de woede over Gaza’) of ontvangen juist hoon aan de talkshowtafel (‘behoud van de Nederlandse cultuur’)?
Uiteindelijk gaat de emotionele strijd om de onderliggende vraag: van wie is Nederland? Is het van de gevestigde politiek, de ongekozen bestuurslagen en de daarmee synchroon lopende media? Of van de relatief grote groep kiezers die via verkiezingen een scherpe koerswijziging wil kunnen afdwingen, allereerst op asielgebied?
‘Desnoods met geweld’
Het Nationaal Kiezers Onderzoek meldde ook dat de ideologische afkeer tussen kiezersgroepen toeneemt, dat een kwart van de kiezers een sterke afkeer van de Haagse politiek heeft en dat binnen die groep ontevreden kiezers al 18 procent meent dat de democratie zo slecht functioneert ‘dat die omvergeworpen mag worden, desnoods met geweld’. Veel kiezers maken zich inmiddels zorgen over mogelijke conflicten tussen mensen met een Nederlandse achtergrond en mensen met een migratieachtergrond.
Overheidsinstellingen doen weinig om alle emoties te dempen en de situatie te stabiliseren, prekerige TV-spotjes tegen polarisatie daargelaten. De emotionele tegenstelling is er vooral ook één tussen een deel van de kiezers aan de ene kant en de regering Jetten-1, ongekozen bestuurders en moraliserende instituties en non-profit organisaties aan de andere kant. Geen ongevaarlijke situatie.
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!


