De EU wordt eindelijk verstandiger over natuur en milieu, maar het kortzichtige Nederland graaft zich steeds dieper in
Artikel beluisteren
We kennen de horror stories: D66-landbouwminister Jaimi van Essen dwingt boeren in de buurt van een natuurgebied failliet te gaan. Bouwers krijgen geen vergunning om huizen te bouwen. En als een project dan al van start zou kunnen gaan, komt een tweede golf van nieuwe procedures die een stop eisen totdat de laatst overgebleven pad of vleermuis klaar is om te verhuizen. Afgelasting dreigt op het laatste moment voor een festival omdat één van onze tienduizend uilen op het feestterrein op het nest zit.
Gelukkig komt de EU in beweging. Ik schreef onlangs al dat de Europese Commissie alle lidstaten vroeg om vóór 10 augustus te komen met ideeën voor een beter evenwicht tussen economische, sociale en natuur-doelen. Die 10 augustus is gepasseerd, maar lidstaat Nederland heeft geen enkele suggestie gedaan. Onze PRO/D66-ambtenaren zijn kennelijk wel comfortabel met hun enorme macht.
Tweede signaal
Gelukkig kwam dit jaar nog een belangrijk tweede signaal dat Europa het anders en beter wil doen. Het Europese Hof van Justitie wordt minder extreem. Het gaat dan om drie thema’s die zo vaak conflicten hebben veroorzaakt tussen mens, economie en natuur:
- Europa verbood tot nog toe het opzettelijk jagen en neerschieten van vogels. Maar is die term ‘opzettelijk’ ook van toepassing wanneer een boom wordt gekapt om een heel andere reden die niets met jacht heeft te maken?
- Mag er een redelijke balans komen tussen vrijheid van mensen en natuur? We accepteren toch ook het houden van huiskatten hoewel een kat wel eens een vogel vangt?
- Als een snelweg of een nieuwe woonwijk natuur aantast – kan het anders? – mag er dan goedkeuring komen wanneer vogels, planten en dieren op een andere locatie ter compensatie méér ruimte krijgen?
Daarover heeft het Europese Hof op 26 februari een bevrijdende uitspraak gedaan. Gangmaker bij het Europese Hof was ook in deze zaak de Duitse juriste Juliane Kokott, hoogleraar aan de Universiteit van Sankt Gallen (Zwitserland) en een van de twaalf officiële advocaten-generaal die voor de EU optreden bij het Europese Hof.
Haar eerste grote milieuzaak uit 2020 ging over een Zweedse onderneming die een bos beheerde. Het Zweedse gerechtshof had het kappen van bomen verboden vanwege risico voor vogels. Kokott zag het als eerste bij het hof anders: het doel van de kap was niet het opzettelijk verstoren van de vogels, maar het gezond houden van een natuurgebied. Het hof sprak zich toen nog niet uit over wat ‘opzettelijk’ inhoudt, maar Kokott ging door.
Even tussendoor: deze zomer is dit onderwerp tragisch actueel geworden dankzij de vele aangestoken bosbranden. Brandgevaar neemt toe wanneer omgevallen bomen moeten blijven liggen en onderhoud aan brandgangen wordt gezien als aantasting van de natuur.
Kokott deed vorig jaar een tweede poging in een zaak uit Estland. Toen zei ze onder meer: ‘De verbodsbepalingen van de EU-vogelrichtlijn gelden voor alle Europese vogels, dus ook soorten die bijna overal worden aangetroffen. Dan kan moeilijk worden beweerd dat de mogelijke aantasting van deze soorten veel voorkomende vogels door moderne samenlevingen niet wordt aanvaard. Het is juist algemeen bekend dat deze soorten vogels aanzienlijk worden aangetast door de meest uiteenlopende menselijke activiteiten, zoals bouw en wegverkeer. Denk ook aan de verliezen veroorzaakt door huiskatten en landbouw.’
Ruimte voor evenwicht
Daarna kwam Kokott met een bijdrage in een zaak van een Oostenrijkse milieugroep die de aanleg van een snelweg wilde blokkeren. Driemaal bleek scheepsrecht: op 26 februari 2026 ging het Europese Hof in veel opzichten met haar mee. Juristen zullen nog lang deze belangrijke uitspraak analyseren – zie nu al bijvoorbeeld deze bijdrage van Alice Whittaker – maar ook een niet-jurist kan zien dat er met deze uitspraak meer ruimte is gekomen voor een beter evenwicht tussen mensen, economie en natuur.
Onze duizenden milieuambtenaren bij rijk en provincies moeten dus op herscholing. Superbelangrijk is ook dat compensatie elders voor een mogelijke beschadiging aan de natuur mogelijk gaat worden binnen artikel 6:3 van de Europese Habitatrichtlijn. Het lijkt nu ook niet meer nodig om voor een enkele vleermuis of ransuil noodmaatregelen te nemen. En de Europese Commissie heeft toegezegd om zelf aan het werk te gaan met nieuwe voorstellen van lidstaten voor een beter evenwicht van doelen op economisch, sociaal en natuurgebied (gelukkig is Nederland met de weigering om mee te denken een uitzondering).
Kortzichtig en gevaarlijk
In plaats van urgente herscholing graven de Nederlandse milieuambtenaren zich dieper in. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) kwam in april met het rapport Werken aan transformatie. Een handelingsrepertoire in ontwikkeling bij het Rijk voor opgaven in de leefomgeving. Vijftien keer staat daarin het woord ‘weerstand’, want dat is de term die het PBL graag gebruikt voor iedereen die nog afwijkt van de milieuambtenaren. Een griezelige uitdrukking die doet denken aan de leninistische variant van het marxisme. De voorhoede, zo leert Lenin, is niet geïnteresseerd in samenwerken en consensus, maar in het overwinnen van weerstand.
Het is kortzichtig en gevaarlijk van het PBL om alle geluiden van buiten te zien als vijandige weerstand. Waarom niet de universiteiten van Luik en Augsburg gevolgd en professor Kokott respectvol een Wagenings eredoctoraat aangeboden, en daarbij en passant vertrouwelijk haar advies gevraagd over de deze maand actueel lopende procedure om een nieuwe Nederlandse advocaat-generaal voor te dragen? De eigenmachtige Nederlandse milieuambtenaren hebben op het terrein van natuurbeleid een veel te grote broek aangetrokken en zouden van Kokott veel kunnen leren.
Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!


