Met hun dubbelhartige koers zijn VVD en CDA medeverantwoordelijk voor de islamisering van Nederland

WW De Jongh 14 maart 2026
Doğukan Ergin (Denk) kreeg een meerderheid voor zijn verzoek om een Kamerdebat bij zonsondergang meteen te schorsen voor een maaltijd tijdens de ramadan, de zogenoemde iftar. Beeld: YouTube.

Artikel beluisteren

Het was niets minder dan een historische gebeurtenis: het schorsen van een vergadering in het Nederlandse parlement vanwege een religieus ritueel. Niet toevallig was de primeur voor de islam. En niet toevallig was de ramadan de aanleiding.

De iftar-schorsing gaat de boeken in als het zoveelste hoofdstuk van de islamisering van Nederland. De reacties van betrokkenen zeggen veel over hoe zij anno 2026 het gevaar van deze steeds verder oprukkende ideologie, vermomd als godsdienst, beoordelen.

Wat gebeurde er? Bij aanvang van het commissiedebat op maandag 9 maart over – nota bene – ‘Integratie en maatschappelijke samenhang’, zei Doğukan Ergin, Tweede Kamerlid namens Denk: ‘Over krap twee uurtjes is het iftar-tijd. Ik doe een ordevoorstel dat we de schorsing die al plaats gaat vinden exact om 18.40 uur doen.’

Apathische Kamerleden

PVV-Kamerlid Maikel Boon zei ‘voor de notulen’ aan te willen tekenen dat zijn partij geen steun gaf, waarna voorzitter Mpanzu Bamenga van D66 de vergadering opende. Twee uur later, toen de zon in de Noordzee verdween voor de kust van Den Haag, zei Ergin: ‘Ik stel voor dat we gewoon gaan schorsen. Zodat iedereen die er behoefte aan heeft een soepje kan doen en een dadeltje.’ PVV’er Boon herhaalde z’n kritische opmerking en JA21-Kamerlid Annabel Nanninga zei: ‘Ik vind het ook echt bezopen dat we hier in Nederland voor een iftar onze vergadering met Nederlandse volksvertegenwoordigers en een Nederlandse minister gaan schorsen.‘ Waarna de voorzitter de vergadering alsnog schorste alsof het de normaalste zaak van de wereld was.

Wat allereerst opviel was het apathische gedrag van een merendeel van de aanwezige Kamerleden. De laatste debatbijdrage vóór de ramadan-schorsing van het CDA-Kamerlid Tijs van den Brink was tekenend: ‘Ik sluit af met het element van wederkerigheid. We vragen van nieuwkomers hun best te doen te integreren. En terecht. Dat betekent ook dat wij klaar moeten staan om mensen echt op te nemen.’ Toen die wederkerigheid een tiental seconden later danig op de proef werd gesteld omdat er – niet voor de eerste keer – om een uitzonderingspositie voor de islam werd gevraagd, had verwacht mogen worden dat het CDA-Kamerlid iets van zich liet horen. Maar het bleef stil.

Voorzitter Bamenga had – als hij de temperatuur in de Kamer en in het land enigszins had aangevoeld – het voorstel kunnen doen om de termijn van Ergin te laten doorgaan, zodat hij tien minuutjes later tijdens de reguliere schorsing z’n ‘soepje en dadeltje’ had kunnen eten. Of Ergin had ook een dadel of Snickers kunnen eten tijdens de vergadering. Maar Bamenga was er als de kippen om ‘zoals afgesproken te schorsen’.

Thierry Aartsen, minister van Participatie, stribbelde nog wat tegen om praktische redenen. Aangezien bewindslieden als gast in de Kamer aanwezig zijn, was Aartsen misschien niet de eerst aangewezene om zich met de procedure te bemoeien. Dat gezegd is het niet de eerste keer tijdens z’n jonge ministerschap dat Aartsen enige nonchalance aan de dag legt als het gaat om islamitische beïnvloeding. De eerste de beste test voor de minister was een onderzoek naar moslimdiscriminatie waarbij de ISN Academie, onderdeel van de Islamitische Stichting Nederland (ISN), ofwel de Turkse moskeekoepel Diyanet, ofwel de lange arm van de Turkse president Recep Tayyip Erdogan, betrokken was. Bij dat onderzoek was naast buitenlandse beïnvloeding sprake van een ondeugdelijk onderzoeksmethode en vriendjespolitiek. Aartsen wil z’n vingers er niet aan branden, zoveel is duidelijk. Hij vindt een ‘stevig gesprek met betrokkenen’ en ‘een onderzoek naar de betrouwbaarheid’ afdoende.

Het gedrag van Aartsen is symptomatisch voor de VVD. De partij geeft – als puntje bij paaltje komt – de islam alle ruimte. Vaak gebeurt dit onder het mom van een compromis, pragmatiek of ‘je verantwoordelijkheid nemen’. Natuurlijk komt de partij regelmatig fel uit de hoek bij misstanden – vooral in verkiezingstijd – bijvoorbeeld als het gaat om eerwraak. Maar meestal wordt eerst en vooral de lieve bestuurlijke vrede bewaard. Het is alsof de trein koste wat kost in beweging moet blijven, al rijdt hij de verkeerde kant op. Dat terwijl de VVD als rechtse middenpartij en deelnemer aan talloze opeenvolgende kabinetten een cruciale rol vervult als het gaat om de cohesie en veiligheid van het land.

Zwabberende VVD

In het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA wordt met geen woord gerept over de rol van de islam op de Nederlandse samenleving. Alsof niet reeds in 2013 uit onderzoek van Peil.nl bleek dat 77 procent van de Nederlanders de islam geen verrijking vindt voor ons land. Alsof niet bijna de helft van jonge moslims zich aangetrokken voelt tot islamfundamentalisme, zoals de Duitse federale recherche onlangs vaststelde.

Het is de uitruil tussen D66 en VVD die al sinds het begin van deze eeuw een smet werpt op dit dossier én de politiek als geheel: D66 krijgt de sociaal-culturele kraaltjes en de VVD de sociaaleconomische spiegeltjes. En we gaan weer over tot de orde van de dag.

Meer dan 35 jaar nadat Frits Bolkestein in 1991 het debat opende over de multiculturele samenleving en de islam, en bijna 25 jaar na de moord op Pim Fortuyn in 2002, zwabbert de VVD nog steeds alle kanten op. Natuurlijk, een ‘brede liberale volkspartij’ zoals de VVD zichzelf graag noemt, heeft meerdere vleugels. De VVD is de partij van Frits Bolkestein én Hans Dijkstal. Van Rita Verdonk én Mark Rutte. Van Ulysse Ellian én Eric van der Burg. Van Dilan Yeşilgöz én Thom van Campen.

Finest hour

Diezelfde Van Campen was Kamervoorzitter toen Gidi Markuszower (Groep Markuszower) de dag na de iftar-schorsing een debat aanvroeg tijdens de regeling van werkzaamheden. Van Campen, die zodanig tot de linkervleugel van de VVD behoort dat hij evengoed D66’er of zelfs GroenLinkser had kunnen zijn, deed een opzichtige poging de iftar-schorsing te versimpelen tot een procedurele kwestie. Volgens Markuszower, SGP’er André Flach en JA21’er Simon Ceulemans nam Van Campen daarmee een misplaatst, te inhoudelijk voorschot op het debat, dat er overigens niet komt omdat een Kamermeerderheid ontbreekt.

Verder viel in de plenaire vergaderzaal de glunderende Ergin op, waar de alerte cameraman regelmatig op inzoomde. Aan zijn zijde stond zijn partijgenoot en collega-Kamerlid Ismail el Abassi, die het feestje overduidelijk niet wilde missen. Het was Ergins finest hour, zoveel was duidelijk. Richting de links-progressieve kant van de Kamer kon hij het slachtoffer uithangen: iemand die na een dag lang vasten (hetgeen feitelijk niet veel meer is dan de lunch overslaan) door ‘extreemrechts’ z’n hoognodige avondmaaltijd dreigde te worden ontzegd. Voor het goedgelovige, brave midden van de Kamer speelde hij de verbinder. En richting de rechterkant van de Kamer nam hij met verve de rol op zich van schurk.

Dagenlang ventte Ergin zijn overwinning uit op sociale media met teksten als ‘Wen er maar aan’, die voor de goede verstaander een belofte inhoudt voor een overwegend islamitisch Nederland, de natte droom der islamisten. ‘In Nederland houden we rekening met elkaar,’ tweette Ergin schijnheilig. ‘De Kamer gaat met Kerst drie weken met reces. Maar als we een schorsing vijftien minuten eerder willen laten beginnen voor een iftar tijdens ramadan is dat ineens een probleem.’

Veel interessanter dan de Denk-mannen is het gedrag van de andere partijen, de zelfverklaarde progressieven en de middenpartijen, die deze islamisten blijven faciliteren. Of zoals de Brits-Amerikaanse schrijver en religiecriticus Christopher Hitchens het treffend verwoordde: ‘De barbaren veroveren nooit een stad zonder dat iemand de poorten voor hen openhoudt. En het zijn uw eigen multiculturele autoriteiten die dat voor u zullen doen.’ De poortwachters in Nederland zijn de VVD en het CDA. Daar zijn ze als middenpartijen toe veroordeeld en zo zien ze zichzelf ook maar al te graag, getuige het eeuwig herhaalde mantra van ‘wij nemen onze verantwoordelijkheid’. De vraag is vervolgens wel: hoelang nog houden ze de poorten open voor de barbaren?

Misschien kan je de VVD en het CDA nog wel meer verwijten dat ze hun eigen cultuur in de uitverkoop doen dan de PvdA en GroenLinks. Bijna een kwart eeuw na de moord op Fortuyn moeten we constateren dat de christendemocraten en liberalen nog steeds niet de urgentie voelen Nederland te redden – een ander woord is er niet – van een ideologie die z’n eigen dominante karakter niet gaat beteugelen, zeker niet als we het lief vragen.

Op de bagagedrager van Allah

Misschien dat de ontwikkeling de afgelopen decennia niet helemaal in een rechte lijn is verlopen, maar één ding is zeker: grosso modo buigen het CDA en de VVD steeds dieper voor de islam. Terwijl de VVD hiervoor pragmatische, opportunistische motieven heeft, zijn de beweegredenen voor het CDA eerder quasi-religieus van aard. Het is bijna alsof sommige christendemocraten in de moslim de fanatieke gelovige herkennen die zijzelf diep in hun hart ook nog hadden willen zijn. De opvatting dat alle religies zo’n beetje op hetzelfde neerkomen is ook wijdverbreid in christelijke kringen. Daar komt bij: christenen voelen zich bondgenoot met moslims als het gaat om bijvoorbeeld de vrijheid van onderwijs. En ook in de strijd om de vrijheid van meningsuiting krijgen moslims vaak bijval van uit christelijke hoek. Of zoals Carel Brendel het formuleert in zijn boek De Onzichtbare Ayatollah: ‘Op de bagagedrager van Allah proberen de aanhangers van God, zowel uit orthodoxe hoek als uit het vrijzinnige kamp, een einde te maken aan “kwetsende kritiek en satire”’.

Voorbeeld daarvan is Gregorius Nekschot, die in 2008 ten tijde van het kabinet-Balkenende IV (CDA, PvdA en ChristenUnie) van zijn bed werd gelicht en twee dagen werd vastgehouden. De cartoonist werd verdacht van ‘belediging dan wel aanzetten tot haat wegens ras, godsdienst of levensovertuiging gepleegd door iemand, die daarvan een beroep of gewoonte maakt’. Nekschot maakte geregeld tekeningen over moslims en de islam, alsmede het christendom en andere ‘gevoelige’ zaken. CDA-minister van Justitie Ernst Hirsch Ballin ontkende later met klem een ‘aanwijzing’ aan het OM te hebben gegeven om Nekschot te arresteren. Hirsch Ballin deed in elk geval niets om de verdenking weg te nemen dat de arrestatie als doel had om de vrijheid van meningsuiting in te perken. De aanhouding volgde op een aangifte die in 2005 tegen Nekschot was gedaan bij het Meldpunt Discriminatie door de Nederlandse imam Abdul-Jabbar van de Ven.

Een ander prangend voorbeeld van een CDA-minister die er geen problemen mee leek te hebben zijn cultuur te verpatsen aan de barbaren, was Piet Hein Donner, de voorganger van Hirsch Ballin. Kort na de moord op Theo van Gogh, in 2004, zei hij dat bij godslastering een strenger vervolgingsbeleid overwogen zou moeten worden. Dezelfde minister Donner zei enkele jaren later dat wanneer een meerderheid van de Nederlanders vóór de islamitische wetgeving sharia is, die wat hem betreft mag worden ingevoerd.

‘Het cultuurrelativisme is in christelijke kring ver doorgedrongen’, schrijft Brendel. ‘Zelfs de van oorsprong rechtzinnige ChristenUnie, begonnen als verzamelpunt van vrijgemaakt gereformeerden, evangelische groepen en rechtse CDA’ers, is behoorlijk in de war geraakt.’ Zo kon het zijn dat ChristenUnie-voorman Arie Slob tijdens een tv-debat met Geert Wilders geen rechtsreeks antwoord kon geven op de vraag of voor hem de christelijke cultuur gelijk is aan de islamitische. Of neem de Rotterdamse ChristenUnie-burgemeester Carola Schouten die aan de nationale talkshowtafel van Pauw & De Wit zijige teksten bezigt als: ‘Wees u ervan bewust dat woorden ertoe doen. Dat woorden een gevoel kunnen oproepen die de samenleving niet bij elkaar brengt, maar verder uit elkaar drijft.’

Elk jaar wordt er in Den Haag en Hilversum meer geklaagd over de ‘toon’ van het debat en dus gaat het steeds minder over de negatieve (zijn er ook positieve?) aspecten van de oprukkende islam, die ten koste gaan van de westerse en Nederlandse cultuur. Of zoals Elma Drayer in een van haar columns schrijft over de ‘geëngageerde christenen’ van het CDA en ChristenUnie: ‘Altijd bereid om de eigen traditie bij het grofvuil te zetten, opperen ze met zekere regelmaat om een eigen feestdag in te ruilen voor het Suikerfeest.’

Nuttige idioten

Het CDA is tegenwoordig de partij van Henri Bontenbal, die zich voor laat staan op zijn pragmatische en fatsoenlijke inborst. Intussen zijn de christendemocraten amper meer te onderscheiden van D66, of het nu gaat om immigratie, de Europese Unie, defensie, klimaat of de houding ten opzichte van de islam.

Het gedrag van CDA-Kamerlid Harmen Krul tijdens de debataanvraag van Markuszower sprak boekdelen. Als tv-kijker is het verraderlijk om teveel af te gaan op de beelden die je worden voorgeschoteld vanuit de plenaire zaak, maar Krul lachtte het gedoe rondom de iftar-schorsing openlijk weg. Hij was opzichtig aan het opvrijen tegen de Denk-mannen. Ook uit de verbale reactie van Krul bleek dat hij de historische aard van de gebeurtenis niet op waarde kon schatten: ‘De uitdrukking spijkers op laag water zoeken krijgt staande deze vergadering een nieuwe lading. Hier wordt van niks iets groots gemaakt. Absoluut geen steun voor een apart debat. Dat zou zonde zijn van de plenaire zaal die we voor heel belangrijke dingen kunnen inzetten in plaats van deze onzin,’ aldus Krul.

Ook bij de PvdA, GroenLinks en D66 stikt het van de nuttige idioten. Als ware dhimmi’s verrichten zij het werk voor de islamisten, met als excuus om ‘extreemrechts’ buiten de deur te houden. In het beste geval zien de leden het gevaar van de islamisering niet. In het slechtste geval hebben ze een dusdanige hekel aan de westerse cultuur gekregen, dat ze die maar al te graag weggeven. Het is treurig maar waar: zolang er geen sterke sociaaldemocratische partij zoals in Denemarken opstaat en rechts zich niet verenigt, zijn het de middenpartijen VVD en CDA die de sleutel in handen hebben.

‘Wen er maar aan.’ Dat zinnetje gaan we nog heel vaak horen de komende jaren, zelfverzekerd uitgesproken door islamisten. Het zou niet verbazen als de slogan groot op de Denk-poster komt te staan bij de volgende Tweede Kamerverkiezingen. Intussen went de bestuurlijke elite veel te snel aan de islamisering van Nederland.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zoHartelijk dank!