Het Spanje van Pedro Sánchez ondermijnt Europa en de NAVO
Artikel beluisteren
Nu de door Brussel vermaledijde Viktor Orbán van het politieke toneel van Europa is verdwenen, wordt er vanzelfsprekend door links Europa volop gespeculeerd over de vraag wie als nieuwe zondebok en verstoorder van de Brusselse orde kan worden bestempeld. Hoewel de nieuwe Hongaarse premier niet onderdoet voor zijn voorganger als het gaat om conservatieve standpunten, trekt toch vooral de nieuwe premier van Bulgarije in dit verband de aandacht.
Maar zijn er geen andere landen die zwak scoren voor wat betreft hun loyaliteit aan de rest van Europa en de NAVO? Jazeker. Er is één land dat – onder een links-populistische regering – behoorlijk uit de pas loopt.
Bulgaarse sympathie voor Rusland
Oud-militair Rumen Radev verkreeg vorige week de absolute meerderheid in het parlement van Bulgarije en werd vrijwel onmiddellijk in diverse media aangeduid als een potentiële lastpak en Poetin-vriend. Radev – al sinds 2017 president van Bulgarije zonder grote controverses – heeft in het verleden wel eens aangegeven te twijfelen aan de mate van steun voor Oekraïne, is kritisch geweest over de invoering van de euro in zijn land en is voorstander van het opstarten van een dialoog met Poetin. Maar vooralsnog is er geen enkel bewijs geleverd van Russische beïnvloeding of financiering.
Dat men in Bulgarije enige sympathie kan opbrengen voor Rusland heeft bovendien historische wortels. Het land heeft zich eind negentiende eeuw met steun van de tsaren ontworsteld aan de Turkse bezetting en heeft meer dan de helft van zijn daaropvolgend bestaan in de Russische of Sovjet-invloedssfeer geleefd. Recent heeft het land echter zijn afhankelijkheid van Russische energieleveranties afgebouwd en experts zeggen dat Radev weinig speelruimte zal hebben voor een eigen koers ten opzichte van de rest van Europa en de NAVO.
Maar laten we intussen eens kijken naar het eigenzinnige en ondermijnende gedrag van een ander land. Spanje, onder de linkse premier Pedro Sánchez, mag zich op dit moment verheugen in negatieve aandacht van Donald Trump. De Amerikaanse president ziet het land als het prototype van de Europese free rider op veiligheidsgebied en als wanbetaler binnen de NAVO.
Met enige reden, want Spanje’s solidariteit was ver te zoeken toen het vorig jaar als enige lidstaat op de NAVO-top in Den Haag weigerde de defensie-uitgaven naar het gewenste niveau van 5 procent te tillen. Recenter nog stond Sánchez niet toe dat de Amerikaanse luchtmacht gebruik kon maken van bestaande rechten op Spaanse militaire bases voor hun – in de ogen van de Spaanse regering illegale – aanvallen op Iran.
Spaans lidmaatschap NAVO ter discussie
Nu is het deze dagen niet zo moeilijk om de toorn van Trump op te wekken en vaak werkt dat juist in het voordeel van de regering in kwestie. De Amerikaanse president heeft zich nu eenmaal niet populair gemaakt in Europa. Zo’n 53 procent van de Spanjaarden keurde de weigering van Sánchez dan ook goed. Maar de Amerikanen pesten terug. Een vorige week – wellicht opzettelijk – gelekt intern memo van het Pentagon maakte gewag van de optie om Spanje uit de NAVO te zetten vanwege het weigeren van ABO-rechten (access, basing and overflight). Deze rechten zijn voor de Amerikanen cruciaal, omdat het land daarmee in staat wordt gesteld snel op te treden in onder andere het Midden-Oosten.
Andere Europese leiders namen het echter snel voor Sánchez op en onder anderen onze jeune premier Rob Jetten stelde dat het NAVO-lidmaatschap van Spanje boven elke twijfel verheven is. NAVO-experts bevestigden dat het lastig is om een land uit het bondgenootschap te zetten, maar gaven ook aan dat Washington het Spaanse lidmaatschap op andere manieren zou kunnen ontregelen, bijvoorbeeld door het blokkeren van benoemingen van Spanjaarden op posten binnen de NAVO.
Marokko als alternatief voor Spanje
Duidelijk is inmiddels dat de Amerikanen zoeken naar alternatieve bases in de nabijheid van de Straat van Gibraltar. Een recent bezoek van Under Secretary for War Elbridge Colby (één van de strategen van het Pentagon) aan Marokko wijst in die richting. Marokko is weliswaar geen NAVO-lid, maar wordt door de VS wel gezien als een MNNA (Major Non-NATO Ally) en de landen onderhouden al vriendschapsbanden sinds nota bene 1776. Nauwere militaire samenwerking tussen beide landen is een tik op de vingers voor Spanje en een waarschuwing voor Marokko’s buurland en eeuwige rivaal Algerije, dat door onder meer Rusland tot de tanden bewapend is met zeer modern materieel.
De VS stellen hiermee niet alleen de strategische Straat van Gibraltar veilig voor de wereldhandel, maar ook de verbindingen met hun nauwste bondgenoot Israël. Voor het zich economisch snel ontwikkelende Marokko is de toenadering natuurlijk een flinke steun in de rug en de regering van het land zal zich er behoorlijk door gesterkt voelen.
Alliantie met extreemlinks en Catalaanse separatisten
Maar niet alleen bij de Amerikanen is er zorg om de koers van Madrid, ook onder Europeanen. Als je de lange lijst van issues ziet ga je vanzelf de vraag stellen aan welke kant Sánchez eigenlijk staat. Tijd dus om naar zijn trackrecord van de afgelopen jaren te kijken, waarbij we de zweem van corruptie die om zijn familie heen hangt maar even laten voor wat die is.
Sánchez en zijn socialistische PSOE slaagden er in 2023 in aan de macht te blijven door een brede alliantie te vormen met extreemlinkse en regionale partijen, waaronder de Catalaanse afscheidingsbeweging van de voorheen voortvluchtige Carles Puigdemont. Om even met laatstgenoemde te beginnen: voor wie altijd een zwak had voor het romantisch ideaal van een eigen Catalaanse staat is er slecht nieuws. De Catalaanse separatisten zouden mogelijk steun van Poetin hebben ontvangen. Omdat Sánchez voor een meerderheid van hem afhankelijk is, verleende hij Puigdemont en zijn kameraden gratie.
Buiten eigen land zijn de betrekkingen minstens zo controversieel. Voor wat betreft Venezuela was Sánchez buitengewoon kritisch op het handelen van Trump. Het gaat te ver om te stellen dat hij Maduro stiekem als een bondgenoot zag, maar hij pakte hem wel met fluwelen handschoenen aan. Dat dat hem nog steeds parten speelt kwam aan het licht toen de Venezolaanse oppositieleider Machado vorige week een ontmoeting met Sánchez weigerde, terwijl ze de centrumrechtse oppositie in het land (en zelfs de leider van het extreemrechtse Vox) nadrukkelijk wel opzocht.
Eenzelfde houding heeft Sánchez tegenover Cuba, waar hij liever ‘dialoog en geleidelijke verandering’ voorstaat en geen omverwerping van het zittend regime. Spanje wil samen met Brazilië humanitaire hulp verlenen aan Cuba, waarbij de soevereiniteit van Havana benadrukt wordt in het licht van de spanningen met de VS. Oppositie voeren tegen Trump legt linkse leiders wereldwijd nu eenmaal geen windeieren en het lijkt soms wel een businessmodel te worden.
(Extreem)linkse conferentie
Het bezoek van Machado viel samen met een grote door Sánchez belegde bijeenkomst van linkse wereldleiders in Barcelona – de nogal marxistisch klinkende Wereldwijde Progressieve Mobilisatie (GPM) – die als doel had een front te vormen tegen ‘de opkomst van extreemrechts en het versterken van democratische instituties’. In de juichende woorden van de linkse Britse krant The Guardian krijgt links eindelijk een tegenhanger van Orbans Conservative Political Action Conference (CPAC).
De onderwerpen van de conferentie passen naadloos in de (extreem)linkse hoek: de strijd tegen het fascisme, grote bedrijven, de genocide door Israël op de Palestijnen, de superrijken en andere elites. Het zal dan ook niet verbazen dat de Nederlandse delegatie onder meer bestond uit vertegenwoordigers van oppositiepartij PRO. Belangrijke Europese politici, om maar te zwijgen van regeringsleiders, lieten het afweten.
Naast actief verzet tegen de Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran, valt ook de relatie van Sánchez met China op. Spanje onderschrijft het One China Principle dat Taiwan ziet als provincie van China. Tijdens een staatsbezoek eerder deze maand heeft Sánchez de betrekkingen met Beijing nog verder versterkt. Chinese investeringen stromen vrijelijk binnen, al heeft Spanje een structureel handelstekort met het Aziatische land. Merkwaardig genoeg heeft Spanje het omstreden Chinese bedrijf Huawei ingehuurd om kritieke Spaanse infrastructuur (met name in Barcelona), 5G-netwerken en zelfs gevoelige data van de politie te beheren – dit tegen herhaalde waarschuwingen van de EU en de NAVO in.
En last but not least heeft Spanje nu aan 500.000 illegale inwoners van het land beloofd hun verblijf te regulariseren, wat volgens critici niet echt helpt bij het ontmoedigen van illegale immigratie naar Europa en in scherp contrast staat bij pogingen van andere Europese landen om strenger op te treden tegen illegale immigratie.
Tijd voor regime change?
Je kunt je dus terecht afvragen aan welke kant Spanje onder Sánchez staat. Zijn regering gaat lijnrecht tegen Europees en NAVO-beleid in en toont geen solidariteit met andere landen als het gaat om het terugdringen van illegale immigratie. Nederlandse bewindslieden hadden in het verleden vaker te stellen met een nalatig Spanje. Dat gebeurde tijdens de Eurocrisis en ook in 2020, toen minister Wopke Hoekstra terechte kritiek had op het gebrek aan financiële reserves van het land. Sánchez, toen ook premier, vroeg excuses van zijn toenmalige collega Rutte.
Tja, wat moet Europa met een lidstaat die structureel uit de pas loopt met breed geaccepteerd Europees en NAVO-beleid, zich gedraagt als vriend van China, een groot lek vormt op het gebied van illegale immigratie, maar intussen zelf geen financiële middelen beschikbaar houdt om wel keer op keer solidariteit van de rest van Europa te eisen?
Riep daar iemand tijd voor regime change?
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!




















