NGO’s en andere gesubsidieerde actiegroepen krijgen in de rechtszaal nog meer macht – met dank aan de Europese Unie
Artikel beluisteren
Een nieuwe Europese richtlijn wil ‘publieke participatie’ beter beschermen. Dat klinkt mooier dan het in werkelijkheid is.
Behalve om gelijk te krijgen, kunnen rechtszaken ook worden gebruikt (lees: misbruikt) om journalisten, onderzoekers en klokkenluiders te intimideren of financieel uit te putten. In de jaren negentig bedachten de Amerikaanse rechtswetenschappers George Pring en Penelope Canan daarvoor een term: Strategic Lawsuit Against Public Participation (SLAPP).
De aandacht voor SLAPP-procedures kwam in Europa op gang na de moord op de journaliste Daphne Caruana Galizia, die onder meer schreef over corruptie in de Maltese politiek, witwasconstructies en andere geheime banden tussen de zakenwereld en het openbaar bestuur. Ze kwam in 2017 om het leven door een aanslag met een autobom, en was op dat verwikkeld in tientallen civiele procedures. De meeste eisers waren politici en zakenmensen waarover zij kritische stukken had geschreven.
Betere bescherming
Volgens de Europese Commissie en de Coalition Against SLAPPS in Europe (CASE) is er sprake van een toename van dergelijke intimiderende rechtszaken. Daarom zijn nieuwe regels geïntroduceerd om ‘publieke participatie’ beter te beschermen.
In dit kader is in 2024 de Europese anti-SLAPP-richtlijn in het leven geroepen. De richtlijn geeft rechters onder meer de bevoegdheid om SLAPP-rechtszaken in een vroeg stadium af te wijzen en eisers te veroordelen tot volledige vergoeding van de proceskosten van de verweerder. Daarnaast wordt in SLAPP-gerelateerde zaken de bewijslast omgedraaid: de eiser moet aantonen dat de vordering legitiem is en niet is bedoeld om te intimideren.
De richtlijn lijkt, kort gezegd, bedoeld om relatief zwakke stemmen in het publieke debat te beschermen. Toch kunnen er kanttekeningen bij worden geplaatst.
Allereerst rijst de vraag of optreden vanuit Brussel hier wel noodzakelijk is. Het is namelijk zo dat het Europese subsidiariteitsbeginsel – dat volgt uit artikel 5 van het EU-werkingsverdrag – bepaalt dat de EU slechts buiten zijn bevoegdheid mag optreden wanneer doelen niet voldoende door de afzonderlijke lidstaten kunnen worden bereikt.
Is dat het geval? Het lijkt erop dat SLAPP-zaken niet overal in de Europa even makkelijk zijn te voeren. In Polen werden er tussen 2010 en 2023 maar liefst 135 gerapporteerd, maar in bijvoorbeeld Zwitserland, Slowakije, Hongarije, Denemarken en Nederland komen ze vrijwel niet voor. Bij ons kwamen volgens CASE tussen 2010 en 2023 welgeteld twaalf SLAPP-zaken bij de rechter.
Brede definitie
Daarnaast wordt uit de preambule van de anti-SLAPP-richtlijn duidelijk dat het niet alleen gaat om het beschermen van journalisten, onderzoekers en klokkenluiders. ‘Publieke participatie’ wordt namelijk gedefinieerd als ‘het doen van elke verklaring of activiteit door een natuurlijke persoon of rechtspersoon in de uitoefening van haar grondrechten zoals de vrijheid van meningsuiting en van informatie, vrijheid van kunsten en wetenschappen, of vrijheid van vergadering en vereniging en betreffende een zaak van huidig of toekomstig algemeen belang’.
Onder ‘algemeen belang’ wordt verstaan: ‘aangelegenheden die relevant zijn voor het genot van de grondrechten’. Voorbeelden daarvan die in de richtlijn worden genoemd zijn kwesties als ‘gendergelijkheid, bescherming tegen gendergerelateerd geweld en non-discriminatie, bescherming van de rechtsstaat en vrijheid en pluriformiteit van de media’. Ook zaken op het gebied van mensenrechten, volksgezondheid, veiligheid, milieu of het klimaat worden gezien als zaken van algemeen belang.
Het is uiteindelijk aan de rechter om te oordelen wanneer er sprake is van publieke participatie, wanneer iets het algemeen belang dient en of er sprake is van een ‘kennelijk ongegronde’ SLAPP-zaak. Al eerder schreef Lucas Bergkamp in Wynia’s Week dat de discretionaire macht van de rechter zo ‘onverantwoord groot’ wordt.
De rechter kan bijvoorbeeld oordelen dat sprake is van misbruik van procesrecht wanneer (een deel van) de vordering van de eiser een onredelijk karakter heeft, de eiser een verleden heeft van juridische intimidatie of procestactieken gebruikt in combinatie met intimidatie, pesterijen of bedreigingen. Er kunnen dan flinke sancties worden opgelegd.
In de preambule van de richtlijn wordt ook een paragraaf gewijd aan mensenrechtenverdedigers. Zij moeten, zo heet het, actief aan het openbare leven kunnen deelnemen en ‘de verantwoordingsplicht bevorderen zonder vrees voor intimidatie’. Daarmee zal niemand het oneens zijn, maar krijgen pro-lifeorganisaties en stichting CLINTEL dan dus dezelfde bescherming als Greenpeace en Dolle Mina’s? De financiering van CASE – lobbyist voor de richtlijn – door de Limelight Foundation (voorzitter: Hans Laroes, oud-hoofdredacteur van het NOS Journaal) en de Open Society Foundation van George Soros, wijst niet onmiddellijk in die richting.
Greenpeace voorop
Het zal nog even duren voordat de anti-SLAPP-richtlijn ook in Nederland wordt geïmplementeerd. Eerst is er op 25 mei nog een debat in de Tweede Kamer. Wel loopt er al een zaak waarin op de richtlijn een beroep wordt gedaan: door Greenpeace, die zo een Amerikaanse miljoenenboete hoopt te ontlopen. Op 3 juni zal de rechter beslissen of hij bevoegd is om te oordelen over deze zaak.
Het heeft er alle schijn van dat de anti-SLAPP-richtlijn – onder het mom van bescherming van ‘publieke participatie’ – in ieder geval de positie van ngo’s en andere gesubsidieerde actiegroepen zal versterken. Met misschien wel Greenpeace voorop.
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!






















