De minister is helder: geen hoofddoek op het uniform

pffffrt
Vijf jaar geleden liep een – niet-islamitische – Amsterdamse agente doelbewust provocerend met hoofddoek op straat. (Beeld: Esmaa Alariachi)

De minister van Justitie en Veiligheid, Dilan Yesilgöz-Zegerius (VVD), heeft zich in de Tweede Kamer fel uitgesproken tegen de hoofddoek op het politie-uniform. De minister stelt: ‘Zolang ik Minister van Justitie en Veiligheid ben zijn uniformen van de politie neutraal. En daar hoort geen hoofddoek of wat voor toevoeging dan ook bij, wat mij betreft. Daarom heet het uniform.’

Criminoloog Bart Collard analyseert de opvatting van de minister dat haar benadering helemaal niets met discriminatie of racisme te maken heeft, maar juist een veilige politie voor iedereen garandeert. 

Neutraliteit is geen discriminatie

Eerder wees de minister er al op dat het onwenselijk is als Buitengewone Opsporingsambtenaren (BOA’s) religieuze symbolen zouden dragen op hun uniformen omdat ‘de boa’s gezag, neutraliteit en veiligheid moeten uitstralen’. En dat laatste conflicteert volgens haar met dergelijke symbolen. Meerdere gemeenteraden hebben echter wel voor de combinatie van religieuze symbolen en het BOA-uniform gestemd.

Coen de Jong , auteur bij Wynia’s Week, schrijft in zijn nieuwe boek Wokeland hoe ‘boze BN’ers, journalisten en vele ‘weldenkenden’’ aannemen ‘dat kritiek op de hoofddoek gelijk staat aan racisme’. Zij beweren dat er geen sprake is van draagdwang onder moslims – in de meest extreme vorm wordt de hoofddoek zelfs gezien als een symbool van vrijheid – en dat het stukje stof dermate bepalend is voor de identiteit van de draagster dat het haar door de overheid onmogelijk wordt gemaakt om functies in uniform uit te voeren.

De persoon of de politie?

Het doet de vraag rijzen in hoeverre de persoonlijke identiteit van een agent in uniform belangrijker mag zijn dan het uitdragen van waar het ambt en uniform voor staan: neutraliteit, herkenbaarheid en dienstbaarheid. Kan dat een loyaliteitsvraagstuk creëren tussen, enerzijds, de persoon in het uniform en, anderzijds, de entiteit van dé politie, waar het uniform voor staat? Wat als die persoonlijke identiteit botst met een of meerdere normen of waarden van de politie?

Het laten vallen van de schijn van neutraliteit – in tegenstelling tot neutraliteit – als eis voor het politieoptreden zorgt voor allerlei problemen. Waarom zouden immers religieuze symbolen geaccepteerd worden, maar andere levensbeschouwelijke symbolen niet? Het zou juist discriminatie zijn als daartussen onderscheid gemaakt zou worden.

Het discriminatieverbod doet hier weer de vraag rijzen hoe omgegaan moet worden met de agent die groot op zijn onderarm ‘vegan’ heeft getatoeëerd en vervolgens een veebedrijf ontruimt. In hoeverre kan de boer vermoeden dat de agent wellicht persoonlijke overwegingen liet meewegen in zijn beslissing?

En mag een sticker van Forum voor Democratie of Bij1 op de achterzijde van de politietelefoon? Hoe zou u zich voelen als VVD- of SP-stemmende burger? Wat als de agent met een pen van Ongehoord Nederland in de hand een verkeerscontrole houdt bij het pand van de NOS en boetes gaat uitdelen? Zo zijn er nog talloze voorbeelden te bedenken.

Juist hierom wijst minister Yesilgöz-Zegerius erop dat pleiten voor de neutraliteit van het uniform niets te maken heeft met discriminatie of racisme. Uit de hiervoor genoemde voorbeelden ontstaat zelfs het tegenovergestelde beeld: dat het los laten van de eis van schijn van neutraliteit – waarbij allerlei levensbeschouwelijke symbolen geuit mogen worden door de agent in uniform – wellicht tot ervaren discriminatie kan leiden. De minister benoemt overigens zelfs dat de kwestie tot onrust zorgt binnen de politie, omdat agenten nu al te vaak onterecht als discriminerende professionals worden gezien.

Vrouwen met hoofddoek welkom bij de politie

Daarnaast stelt de minister dat iedereen meer dan welkom is bij de politie. Zij benoemt dat zij tal van politiemedewerkers kent die werken met een hoofddoek op. ‘Er zijn ontzettend veel functies waar je geen uniform voor aan hoeft, dus ook functies voor vrouwen die kiezen voor een hoofddoek. Wees welkom, zou ik zeggen.’

In debat met de minister wijst Farid Azarkan van DENK er echter op dat hooggeplaatste politiefunctionarissen zelf pleiten voor die hoofddoek en noemt de positie van de minister ‘raar’. De minister reageert dat het belangrijk is dat het instituut van de politie neutraal vertegenwoordigd wordt:

‘Ik zou iedereen mee willen geven om niet het beeld te creëren alsof – of het nou gaat over keppels, kruizen, hoofddoeken, whatever – alsof die mensen niet welkom zouden zijn bij de politie. Want ze zijn niet alleen welkom. Ze doen ook ontiegelijk goed werk. Daar ben ik ook heel erg trots op.’

Er werken mensen die religieuze symbolen dragen, ook tijdens hun werk, bij de politie. In uniform wordt dat echter niet getolereerd. De minister wil kennelijk geen wildgroei aan varianten van dat uniform.

Boosheid van wokisten

Tijdens de H.J. Schoo-lezing in september 2022 ageerde minister Yesilgöz-Zegerius tegen het wokisme. Wanneer wokisten hun zin niet krijgen wordt al gauw de discriminatiekaart getrokken. Nu is de minister wederom fel op die beweging, wanneer zij stelt dat het verdedigen van een politie-uniform zonder hoofddoek geen discriminatie of racisme is.

De politie handelt als verlengstuk van de machtshebbers en bezit als zodanig het geweldsmonopolie. Volgens de minister moet de politie niet alleen neutraal zijn, maar ook neutraliteit uitstralen. Anders gesteld: naast neutraliteit is de schijn van neutraliteit een belangrijke eis, die voorwaardelijk is voor het vertrouwen van de burger in de politie. Het laten vallen van die eis werkt ervaren discriminatie in de hand.

De politie kan immers neutraal handelen, maar als de burger dat anders ervaart heeft zij een probleem met haar legitimiteit. Nu is dat natuurlijk niet geheel te voorkomen, aangezien sommige burgers zich zelfs met een meer objectiveerbare schijn van neutraliteit nog steeds gediscrimineerd kunnen, en zullen, voelen. Maar om dat zoveel mogelijk tegen te gaan dient de politie ook in haar handelen neutraliteit uit te stralen. Daar past de hoofddoek volgens de minister niet bij. Gelijk heeft ze.

Deze week verschijnt het boek ‘Wokeland, hoe een radicale voorhoede vat kreeg op de samenleving’. Daarin beschrijft auteur Coen de Jong ook hoe de politietop vatbaar bleek voor druk uit radicaal-islamitische kring. ‘Wokeland’ is overal te koop, zoals ook HIER https://www.wyniasweek.nl/product/wokeland-paperback/ .

Wynia’s Week is er iedere woensdag en zaterdag. Dat wordt mogelijk gemaakt door alle donateurs, groot en klein. Zo valt Wynia’s Week ook in 2023 weer 104 keer bij tienduizenden lezers in de mailbox. Doet u ook mee? Hartelijk dank!