Er is nu een Vakbond voor Dieren. Maar willen koeien wel echt zwangerschapsverlof en een pensioenregeling?

2
Het dogma van gelijkwaardigheid van mens en dier wordt niet zelden gebruikt om anderen een politieke en levensbeschouwelijke bias door de strot te duwen. Foto: Göksun Barış Gökalp/Pexels.

Artikel beluisteren

Het wordt druk in het kippenhok van de dierenbeschermers. Moesten de beesten in ons land het vroeger doen met een handvol organisaties als de Dierenbescherming en de Vogelbescherming, tegenwoordig lijkt er elke maand wel een stichtingkje bij te komen, en die graaien natuurlijk ook allemaal ongegeneerd naar het geld van de brave burger. Al dat vrijwilligerswerk moet immers ondersteund worden, al vermeldt de Stichting DierenLot – het is maar een voorbeeld – in de ellenlange en peperdure tv-reclame niet dat de twee directeuren naar verluidt 216.000 euro per jaar verdienen.

Pratende koe

De dieren hebben er ondertussen weer een clubje bij: een heuse vakbond nog wel. In de NRC las ik over het eerste congres dat deze Vakbond voor Dieren heeft gehouden in een circulair gebouwtje in Bussum. Daar had ik bij willen zijn. Dan had ik het glimmende gezicht kunnen zien van ene Leonie die kan praten met koeien. Echt waar, ze heeft ooit een koetje horen vragen waar haar kalf was.

Ik hoor mijn kippen nooit praten. Ze kakelen wat af, maar praten… nee, echt niet. De haan heeft zelfs niet om hulp gevraagd toen hij vorige week op een koude winternacht aan zijn kop door een of andere hongerige predator hardvochtig door de tralies van het hek werd getrokken. De volgende ochtend, toen ik hem vond, kon hij praten noch kakelen. Laat staan een klacht indienen bij de vakbond.

Volgens het verslag in de NRC was het congres een strijdbare vertoning. Dierethicus Bernice Bovenkerk van de Wageningen Universiteit was uitgenodigd voor een lezing en er was een heuse cursus ‘Chicks in Dialogue’ waarmee theatermaakster Lindertje Mans het handjevol dierenknuffelaars inwijdde in één van de veertig kakelfrases. Dat had ik evenmin willen missen, want een woordje kips kan altijd van pas komen. Lijkt me best leuk: de troonrede in het kips of Ursula von der Leyen die Donald Trump een stevig woordje kips laat horen namens alle NAVO-bondgenoten van het continent in verval.

De vakbond werd trouwens opgericht door dierenrecht-activiste Marjolein de Rooij. Die schreef ooit een boekje  met de aansprekende titel Hoeveel vakantiedagen heeft een varken? Dat is een vraag waar het weldenkende deel van de natie zich niet dagelijks het hoofd over breekt, maar het antwoord lijkt mij duidelijk: een varken heeft geen vakantiedagen, want een varken is een dier. Vakantie lijkt mij een typisch mensending dat nauw verweven is met de opkomst van onze welvaartsstaat.

‘Spekkoek’ van belangenclubjes

De link met de Partij voor de Dieren wekt nauwelijks verbazing. Die partij grossiert in allerlei satellietclubjes, zoals de Faunabescherming, Wakker Dier en Animal Rights, die allemaal een eigen rol spelen, maar op een of andere manier gelieerd zijn aan de partij en het maatschappelijk debat proberen te beïnvloeden. In het boek Nederwolf schrijven Wouter Roorda en ik over die ‘spekkoek’ van belangenclubjes. Een Vakbond voor Dieren kan daar ook nog wel bij. En de ambities zijn hoog. De Rooij wil aan tafel bij de Sociaal Economische Raad (SER), want ‘niemand vraagt Albert Hein wat zij een geschikt minimumloon vinden voor hun personeel, maar als het over vee gaat mag de sector zelf alles bepalen’.

Nu gun ik elke koe een goede pensioenregeling en ook zwangerschapsverlof, maar ik heb toch de indruk dat die beesten daar zelf maling aan hebben. En daar wringt de schoen: al die Peter Singer-achtige praatjes vallen stuk op de realiteit. Een dier is geen mens en mensen kunnen hooguit het beste voor hebben met dieren. Ze kijken altijd door een mensenbril. Dieren zijn geen medeburgers en ook geen arbeidskrachten. Het dogma van gelijkwaardigheid is niet zelden een manier om anderen een hyperpersoonlijke, maatschappelijke, politieke en levensbeschouwelijke bias door de strot te duwen. Zo bekeken is dat vakbondje natuurlijk gewoon het zoveelste actiegroepje dat vooralsnog kraait als een haan op de mesthoop.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee, ook in het nieuwe jaar?Doneren kan zo. Hartelijk dank!