Europa alleen verder? Nee, wat gloort is neo-Atlanticisme – en Nederland kan niet anders dan volgen
Artikel beluisteren
Europese regeringsleiders, analisten en andere waarnemers slaakten een zucht van verlichting toen de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Marco Rubio, op de veiligheidsconferentie van München een verzoenende toon aansloeg richting Europa. Hij eindigde zijn betoog zelfs met de wat zoetsappige uitspraak dat ‘de VS altijd een kind van Europa zullen zijn’. Maar wie goed luisterde, hoorde dat er eigenlijk niets is veranderd aan de heldere boodschap van Washington aan het adres van de Europeanen. Die luidt nog altijd: zorg beter voor je eigen veiligheid. Maar hoe gaat de relatie tussen ons continent en de VS zich nu verder ontwikkelen? En wat wordt de plek van Nederland daarin?
Europeanen waren geschokt door de toespraak van vicepresident JD Vance in München, exact een jaar eerder. Die van Rubio daarentegen vonden ze geweldig. ‘Het verschil zat hem in de toon’, schrijft Wolfgang Munchau in Unherd: ‘In tegenstelling tot Vance verpakte Rubio de boodschap in een zoet jasje. Europeanen vinden het fantastisch als Amerikanen respect tonen voor hun cultureel erfgoed. Het streelt hun gevoel van trots – en superioriteit.’
Junior partners
Inderdaad, Europese NAVO-landen zien zichzelf graag als volwaardige bondgenoten van de VS, met privileges, inspraak en allerlei rechten in Washington. Stiekem vinden we ons superieur aan de Amerikanen met hun platte cultuur in het algemeen en natuurlijk aan de persoon van Donald Trump in het bijzonder. Zowel bij de arrestatie van Nicolás Maduro als nu – tijdens de troepenopbouw van de VS voor een mogelijk conflict met Iran – willen Nederlandse journalisten nog weleens indringend aan onze minister van Defensie vragen of de VS ons wel voortdurend op de hoogte houden van de operaties? En zo niet, waarom niet? We zijn toch bondgenoten?
Jawel, we zijn bondgenoten in de zin dat we lid zijn van dezelfde bond, maar de inbreng van individuele staten is beslist niet gelijkwaardig en – sterker nog – is dat natuurlijk nooit geweest. We zijn hooguit junior partners – volgens kwadere tongen zelfs niet meer dan vazallen. Nee, de NAVO is geen democratie. Het is het grootste lid, met wereldwijde militaire macht en een enorme atoomparaplu, dat vrijwel alles bepaalt – al sinds de oprichting. Het is een raar misverstand te denken dat kleine NAVO-landen zoals het onze op gelijke voet zouden staan met de VS.
Maar de toespraak van Vance, de harde door Trump geëiste percentages op de NAVO-top in Den Haag en de kwestie-Groenland hebben wel degelijk effect gesorteerd. Kijk naar het nieuws van de afgelopen weken. Ineens is daar een Noord-Atlantische focus bij een groot aantal NAVO-landen, inclusief Zuid-Europese. De Europanen sturen de ene carrier group – samengesteld uit schepen van diverse marines – na de andere het ijskoude poolgebied in. De voormalige Amerikaanse luchtmachtbasis op IJsland heeft het plotsklaps druk met allerlei luchtmachteenheden uit Europa: van Deense F35s, Zweedse Saab Gripens tot Duitse Eurofighters. Het gapende gat in de verdediging van het noorden – een doorn in het oog van Washington – wordt razendsnel gedicht.
Ook zijn onlangs de belangrijkste commando’s van de NAVO herschikt. Het Verenigd Koninkrijk, Italië, Duitsland en Polen (de laatste twee bij toerbeurt) nemen drie belangrijke commandocentra over van de Amerikanen. De Verenigde Staten zullen nog wel de drie hogere, strategische commando’s blijven leiden.
Betekent dit dat de Verenigde Staten zich terugtrekken? Nee, niet echt. De VS beschikken nog steeds over de grootste militaire capaciteit, leveren de Supreme Allied Commander Europe (SACEUR, de hoogste commandant in Europa) en domineren de belangrijke strategische middelen (luchtmacht, logistiek, inlichtingen, verkenning en nucleaire afschrikking). Het operationele leiderschap wordt meer Europees, maar het strategisch toezicht blijft sterk Amerikaans.
Maar is dit niet precies waar Europeanen van dromen? Europese opperofficieren en hun staven kunnen hiermee belangwekkende ervaring opdoen in het leiden van regionale troepenmachten. In een volgende stap kunnen er wellicht ook strategische commando’s door Europeanen worden geleid. Maar daarvoor moet je eerst – naast je kennis en kunde – ook ervaring opdoen. Dat Europa nu meer eigen capaciteit kan opbouwen binnen het bondgenootschap is dus ongekende luxe. De trans-Atlantische betrekkingen verslechteren niet – ze evolueren.
VVD-taal en D66-taal
Hoe moet Nederland hierop inspelen? De regering-Jetten heeft een rudimentair buitenlands beleid in haar conceptregeerakkoord opgeschreven. Het stuk stelt helder dat de NAVO de hoeksteen van onze collectieve veiligheid is en, cruciaal, dat de Verenigde Staten de wereldmacht zijn met wie wij de meeste belangen delen. Dat lijkt duidelijke VVD-taal en je zou bijna denken dat het lijnrecht uit de mond van Mark Rutte is opgetekend.
D66-taal is er echter ook. De coalitie vindt dat het kleine Nederland ‘de aanjager’ (sic) moet zijn van een geopolitieke en sterke Europese Unie die daadkrachtig optreedt. Want ‘door onze eenzijdige afhankelijkheden af te bouwen en te bouwen aan een Europese pijler binnen de NAVO kunnen we de VS en andere grootmachten geloofwaardig aanspreken wanneer hun handelen onze fundamentele waarden en belangen raken.’ Ja, het staat er echt.
Binnen het nieuwe kabinet krijgt de VVD de post Defensie, in te vullen door realist en atlanticus Dilan Yeşilgöz. Met de pro-Europese Jetten krijgt D66 het premierschap en daarmee de hoofdrol bij Europese toppen en staats- en andere officiële bezoeken. Het CDA krijgt Buitenlandse Zaken, dat geleid zal worden door voormalig Europarlementariër Tom Berendsen, die vooralsnog – gezien zijn uitlatingen – meer op een atlanticus lijkt dan een Europeaan, al lijkt zijn partij zelf de laatste tijd juist wat meer pro-Europees dan Atlantisch.
Dat het kleine Nederland een aanjager gaat worden van een sterk Europa zal het natuurlijk goed doen op het eerstvolgende D66-partijcongres. De realiteit is echter anders. Zelfs veel grotere NAVO-landen missen de statuur om Europa, de EU of de Europese NAVO te leiden. Het Verenigd Koninkrijk heeft het Britse luchtruim gesloten voor Amerikaanse aanvallen op Iran, terwijl de regering-Starmer in de ogen van het nieuwe establishment in Washington een links lachertje is.
Frankrijk en Duitsland ruzieden onlangs om een gezamenlijk te bouwen straaljager van de volgende generatie en dat liep slecht af. Maar Frankrijk heeft zich in de loop der decennia wel consequent opgesteld. Het gaullisme regeert en dat schrijft voor dat het land zoveel mogelijk haar eigen militaire uitrusting vervaardigt en niet afhankelijk raakt van Amerikanen. In dit opzicht loopt Frankrijk voorop. Intussen lijkt het wel moeite te hebben met de ontluikende macht van Duitsland.
Dat land bouwt inmiddels aan de sterkste krijgsmacht van Europa. Trump heeft zich al eens laten ontvallen dat Duitsland eigenlijk Europa (en een Duitse generaal de NAVO) zou moeten leiden. Maar de Amerikaanse president heeft ook het halve land op de kast gekregen door via de MAGA-beweging openlijk steun te verlenen aan de rechtse oppositiepartij AfD. Zelfs die partij nam echter afstand van Trumps geflirt met een overname van Groenland. Toch is het voor Nederland van groot belang om juist de Duitse lijn in het oog te houden. We zijn immers niet alleen economisch met het land verweven, maar ook militair – getuige de volledige integratie van onze landmacht in de Bundeswehr.
Nieuw trans-Atlantisch partnerschap
En wat is de Duitse lijn nu voor wat betreft de trans-Atlantische relatie? Bondskanselier Friedrich Merz tekende zijn visie op in Foreign Affairs: Duitsland is stevig verankerd in Europa, maar het moet ook zijn eigen realistische koers uitzetten, schrijft hij. Topprioriteit is het versterken van de Europese pijler binnen de NAVO. Versterking van Europa vindt plaats door ons te richten op het behoud van de Europese vrijheid, veiligheid en concurrentiekracht, door Europese bureaucratie en regelgeving te beteugelen.
En ja, Merz vindt ook dat Europa een mondiale politieke speler worden met een eigen veiligheidsbeleid, echter niet als vervanging voor de NAVO, maar als een zelfvoorzienende, sterke pijler binnen het bondgenootschap. Ook nucleaire afschrikking, waar Duitsland in geïnteresseerd is, moet in Europa strikt zijn ingebed in de NAVO. De weg is helder. ‘We gaan in kleine groepen vooruit – zoals de E3, bestaande uit Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk – maar ook met Italië en Polen. Tegelijkertijd mogen we het grote potentieel dat nog steeds in ons partnerschap met de Verenigde Staten schuilt, ondanks alle moeilijkheden waarmee het te kampen heeft, niet onderschatten.’ Kortom, Duitsland streeft naar een nieuw trans-Atlantisch partnerschap, zo stelt hij.
Eigen bilaterale kanalen
De trans-Atlantische relatie is dus allesbehalve dood en lijkt eerder een nieuwe fase in te gaan: realistischer, pragmatischer, transactioneler, zo u wilt, met meer input en verantwoordelijkheid van Europese NAVO-leden – maar nog altijd met erkenning van Amerikaans leiderschap. Voor de toekomst – als primus inter pares aan onze kant van de oceaan – ligt een militair krachtig Duitsland in het verschiet. Al eerder zagen we dat een ander element aan het hernieuwde trans-Atlantische verbond ten grondslag ligt: een innig met elkaar verweven defensie-industrie.
Met dit ontluikend neo-Atlanticisme zal ook D66 – linksom of rechtsom – moeten leren leven. Nederland kan immers niet anders dan volgen. Maar, we zijn dan wel nauw verweven op economisch en militair gebied met onze bondgenoot Duitsland, we zullen dat altijd zijn als junior partner. Dus hou – met het oog op de toekomst – zoveel mogelijk eigen bilaterale kanalen wijd open. Zeker die met de VS.
Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!





















