In Brussel en Parijs wordt nu een Europees leger voorbereid

OTTENS120322-eu-leger
De Franse president Macron ontving de EU-leiders in Versailles, onder meer over het opbouwen van een Europese defensie, in reactie op de invasie in Oekraïne

In Parijs, Brussel en andere Europese hoofdsteden wordt de Russische inval in Oekraïne als wake up call gezien voor meer Europese integratie. Niet alleen op het gebied van energie en buitenlandse politiek, maar zeker ook voor meer defensie-uitgaven als onderdeel van de opbouw van EU-defensiesamenwerking of zelfs een EU-krijgsmacht.

‘Europa moet nu niet alleen zijn geografische situatie heroverwegen, maar ook zijn architectuur,’ zei de Franse president Emmanuel Macron bij het begin van een informele EU-top in Versailles, donderdag en vrijdag. ‘Europa is verenigd in reactie op de oorlog en gaat sneller en krachtiger veranderen door die oorlog.’

Groeistuip voor de EU

Le Figaro concludeerde: ‘Europa heeft de afgelopen twee weken meer vooruitgang geboekt dan in twintig voorgaande jaren. De oorlog in Oekraïne is een enorme, historische aanjager voor de EU.’

Komt er zo dan ook een Europees leger?

De Fransen willen het al sinds het begin van de Europese integratie begin jaren vijftig, al waren het ook de Fransen die het vervolgens weer afbliezen. Het Franse idee: met militaire samenwerking binnen de Europese Unie zou de EU minder afhankelijk worden van Amerika en de NAVO en de EU een meer zelfstandige rol in de wereld kunnen geven. Het zou ook de Franse wapenindustrie een steun in de rug geven.

Macron wist de andere EU-regeringsleiders er donderdag en vrijdag op een informele top in Versailles van te overtuigen vaart te zetten achter de militarisering van de EU. De Europese Commissie zou in mei met voorstellen moeten komen om gaten in de Europese defensie te dichten. Vervolgens komt daar weer een extra informele topbijeenkomst over, weer onder Franse leiding. Militaire samenwerking in EU-verband is dan niet meer vrijblijvend, zo is het idee.

Vladimir Poetin zorgt zo voor een, wellicht historische, wending ten gunste van EU-defensiesamenwerking of zefs een EU-krijgsmacht. Maar hij is niet de eerste. De vorige Amerikaanse president, Donald Trump, zorgde met zijn anti-Navo en anti-EU-uitlatingen vooral bij de vorige Duitse bondskanselier Angela Merkel voor een zodanig shock-effect, dat ze zich vijf jaar geleden al achter de Europese defensieplannen van Macron schaarde.

EU: papieren tijger

De EU is in theorie al een defensiepact. Net als voor de NAVO geldt: een aanval op één lidstaat is een aanval op allemaal. Maar veel meer stelt Europa op veiligheidsgebied niet voor.

Landen die hechten aan de bescherming door de Verenigde Staten, zoals Polen en het Verenigd Koninkrijk, maar ook Denemarken en Nederland, hielden jarenlang de boot af en kochten liever Amerikaanse helikopters, straaljagers en luchtafweersysteem, ook om hun nut als bondgenoten te bewijzen. Duitsland wilde helemaal niet in de krijgsmacht investeren, of die nu onder een blauwe NAVO- of een blauwe EU-vlag zou opereren. De Russische invasie in Oekraïne heeft landen op andere gedachten gebracht.

De Duitsers zijn van hun geloof gevallen dat ze door handel te drijven Wandel (verandering) in Rusland teweeg kunnen brengen. Bondskanselier Olaf Scholz steekt 100 miljard euro in defensie.

Met de Britse exit uit de EU is de grootste vriend van Amerika vertrokken, en daarmee ook een stem tegen concurrentie met de NAVO. Ten slotte is Europa de schrik van Donald Trump nog niet te boven, weet Bruno Lété, de defensie- en NAVO-deskundige van het German Marshall Fund of the United States, een Amerikaanse denktank die in de jaren zeventig met Duits geld is opgericht als dank voor de Marshallhulp.

Vechten onder Italiaans opperbevel?

Één Europees leger gaat Lété nog te ver. Nederlandse troepen gaan niet voor een Italiaanse EU-generaal vechten. Europese landen kunnen wel beter samenwerken, vooral in de aanschaf en ontwikkeling van wapensystemen. Dat scheelt geld en komt de zogenoemde interoperabiliteit ten goede.

Dat betekent dat soldaten uit verschillende landen in oorlogstijd moeiteloos als één strijdkracht kunnen optreden. Denk aan Britse en Nederlandse mariniers die gezamenlijk missies uitvoeren omdat ze dezelfde taal spreken en dezelfde training hebben gehad. Of Nederlandse soldaten die Duitse Leopard-tanks besturen. Zelf hebben we immers geen tanks meer. Wel leasen we achttien Duitse Leopards, die weer deel uitmaken van een geïntegreerd Duits-Nederlands tankbataljon.

Wel met de buurlanden

Nederland is wat bilaterale samenwerking betreft niet terughoudend. Zo delen we ook de Karel Doorman met de Duitsers en hebben we onze luchtverdediging samengevoegd met België en Luxemburg. Er staat altijd ergens in de Benelux een straaljager klaar om onbekende vliegtuigen te onderscheppen.

Dat doen we niet zozeer uit Europese overtuiging, maar meer uit geldnood. Wapens worden steeds duurder en West-Europese landen gaven jarenlang steeds minder uit aan defensie. Nederland kocht ooit meer dan 200 F-16’s voor omgerekend 14 miljoen euro per stuk. Voor de opvolger, de F-35, betalen we meer dan 70 miljoen euro per toestel. Daar komen de operationele kosten (brandstof, onderhoud, personeel) nog bovenop, en ook dat kost steeds meer.

Europees militair complex

Hoe meer vliegtuigen een fabrikant kan maken, des te goedkoper ze worden. Finland, Israël, Japan en Zuid-Korea werkten niet mee aan het Joint Strike Fighter ontwikkelingsprogramma, maar kopen de F-35 toch, waardoor de prijs zakt, waardoor Nederland zich nog negen extra toestellen kan veroorloven.

Concurrenten als Dassault (maker van de Franse Mirage) en Saab (Gripen) kijken jaloers naar het succes van Lockheed. In Brussel en Parijs wordt het gezien als een gemiste kans voor de Europese wapenindustrie.

Duitsland, Italië, Spanje en het Verenigd Koninkrijk hebben weliswaar samen de Eurofighter Typhoon ontwikkeld, en Duitsland, Frankrijk, Italië en Spanje werken samen aan een Europese drone, maar Brussel wil meer. Er liggen plannen om een nieuwe ‘Eurocopter’ te bouwen, als opvolger van de Duits-Franse Tiger. Ook zou er één Europees infanterievoertuig moeten komen, een Europees raketsysteem, zelfs een Europese onderwaterdrone om onderzeeërs op te sporen. Deze plannen zijn de afgelopen weken afgestoft.

De hoge vertegenwoordiger voor het buitenlandse beleid van de EU, Josep Borrell, schrijft al maanden aan een ‘strategisch kompas’ met daarin een gedeelde ‘dreigingsanalyse’. Dat is vooral papierwerk, maar om tot een gezamenlijke defensie te komen is het wel handig als lidstaten het eens zijn over waar zij zich dan tegen willen verdedigen. Daar was tot een paar weken geleden onenigheid over.

Er bestaat een Europees Defensie Fonds waaruit gezamenlijk projecten kunnen worden gefinancierd, maar daar zit maar 1 miljard euro per jaar in. Grote kans dat de Europese Commissie in mei vaststelt dat er geld bij moet.

‘Gestructureerde samenwerking’

Er lopen sinds een paar jaar 60 projecten voor militaire samenwerking onder de noemer van de Permanente Gestructureerde Samenwerking (Engelse afkorting: PESCO). Dat is allemaal vrijwillig. Twee landen, Denemarken en Malta, doen helemaal niet mee. De Denen mogen in juni in een referendum beslissen of zij alsnog willen aansluiten bij de Europese defensie. In 1993 bedongen ze nog met behulp van een referendum over het Verdrag van Maastricht dat ze daar niet aan mee hoefden te doen.

Nederland is binnen PESCO verantwoordelijk voor militaire mobiliteit. Doel is troepen sneller door Europa te kunnen verplaatsen. Die krijgen nu nog vaak te maken met te smalle wegen en te zwakke bruggen en soms zelfs papierwerk van de douane! Nederland heeft drie corridors aangewezen waardoor troepen in oorlogstijd naar het oostfront zouden worden gestuurd. Waar die corridors liggen is geheim.

Buiten de PESCO om stuurt Frankrijk nog een Europese ‘flitsmacht’ aan van 5.000 soldaten uit onder meer Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Die zouden ieder moment inzetbaar moeten zijn, maar dat is papieren werkelijkheid.

Het Defensie Fonds en PESCO vallen onder een Europese Defensieagentschap: een kantoor met 140 medewerkers aan de Lakenweversstraat in Brussel. Ter vergelijking: op het NAVO-hoofdkwartier aan de rand van de Belgische hoofdstad werken 4.000 Amerikanen, Canadezen en Europeanen.

Het Europese agentschap moest in haar meest recente evaluatie van het Europese defensiebeleid vaststellen dat er nog geen zoden aan de dijk zijn gezet. De meeste Europese landen hebben structureel te weinig in defensie geïnvesteerd, waardoor er grote achterstanden in materieel en personeel zijn in te halen.

Samenwerking tussen landen komt met horten en stoten. De Europese Unie heeft niet de capaciteit om haar ambities waar te maken. Slechts 60 procent van de troepen en wapens die op papier beschikbaar zijn, zijn werkelijk inzetbaar.

Het roept de vraag of: is de EU echt het antwoord op de Russische dreiging? Kunnen we niet beter de NAVO versterken? Jens Stoltenberg, de secretaris-generaal van de NAVO, juicht de Europese investeringen in defensie weliswaar toe, maar zegt ook: ‘de EU kan Europa niet verdedigen.’

NAVO heeft al dezelfde regels

NAVO-landen hebben al dezelfde procedures, protocollen, rangen en uniformen. En ervaring. Amerikaanse, Canadese en Europese soldaten hebben samen opgetreden in Bosnië, Kosovo, Afghanistan en Libië.

De NAVO heeft ook een flitsmacht, niet van 5.000 maar van 40.000 militairen. Die is vorige maand voor het eerst opgetrommeld om Oost-Europa te verdedigen. Het is binnen NAVO- en niet EU-verband dat Westerse landen sinds 2014 – het jaar dat Rusland de Krim annexeerde – troepen en gevechtsvliegtuigen in de Baltische staten hebben gestationeerd.

Lété wijst er op dat de NAVO ook de commandostructuren heeft om in oorlogstijd echt als één leger te fungeren. Admiraal James Stavridis stond van 2009 to 2013 aan het hoofd van die commandostructuur. De oud-opperbevelhebber raadt de NAVO aan meer troepen in Polen en Roemenië te baseren en wel permanent.

Oost-Europeanen hechten wel aan de NAVO

De Polen vragen al jaren om een NAVO-basis, net als de Britten, Duitsers en Italianen die hebben, en zijn daarvoor bereid te betalen. In Roemenië staat een deel van het Europese raketschild. Met marinebases aan de Zwarte Zee kan het land ook helpen de Russische vloot in toom te houden. De Amerikaanse oorlogsschepen die in Spanje liggen zou Stavridis naar Roemenië verplaatsen.

De reden dat Europese landen niet vol op de NAVO inzetten is het trauma van Trump dat Lété aanhaalde. Macron ging wel erg ver toen hij de NAVO in 2019 ‘hersendood’ verklaarde, maar de herhaalde verbale aanvallen van Trump op Europese bondgenoten, met name Duitsland, kwamen hard aan. Trump was niet de eerste president die klaagde dat de Europeanen te weinig aan defensie uitgaven; hij was wel de eerste die dreigde daar consequenties aan te verbinden.

Amerikaanse klachten over Europese militaire zwakte zijn niet nieuw, noch Europese twijfel of Amerika in het uiterste geval een kernoorlog met Rusland zou riskeren om het continent te beschermen. Tijdens de Koude Oorlog zagen de Amerikanen de vrijheid van Europa echter wel als eigenbelang. Tegenwoordig neigt het Amerikaanse belang naar Azië. Rusland werd door zowel Trump als diens voorganger, Barack Obama, onderschat.

Stavridis had tien jaar geleden moeite beleidsmakers in Washington ervan te overtuigen dat Rusland nog steeds een bedreiging vormde: ‘Onze aanwezigheid bleef krimpen, ondanks smeekbeden van NAVO-partners als Estland, Letland en Litouwen, die me constant waarschuwden voor de dreiging van Poetins Rusland.’

Stavridis, een Democraat, noemt hem niet bij naam, maar het was Obama die over de rug van Oost-Europa een raketschild afzwakte om Poetin te vriend te houden. Polen en Tsjechië kregen toch geen raketten.

Dezelfde Obama dreef eind 2012 de spot met zijn Republikeinse uitdager, Mitt Romney, toen die Rusland en niet China aanwees als de belangrijkste rivaal van Amerika. Koude Oorlog-mentaliteit, noemde hij dat. De Polen en de Tsjechen en de Roemenen wisten wel beter. Een jaar later viel Rusland de Krim binnen.

Met medewerking van Syp Wynia

Wynia’s Week brengt iedere woensdag en zaterdag onafhankelijk nieuws en achtergronden. Dat is helemaal gratis, mogelijk gemaakt door de donateurs. Bent u al donateur? Doneren kan HIER. Hartelijk dank!