Lhbtiq+-enquête drijft op moeras van verzwegen vooronderstellingen en sociale-wenselijkheidsdwang
Artikel beluisteren
Afgelopen week kwam een rapport uit over de lhbtiq+-opvattingen van Nederlandse jongeren, gebaseerd op twee enquêtes. Er is veel anekdotisch bewijs dat homo-tolerantie afneemt, zeker in de grote steden, en ook komen verontrustende signalen uit het onderwijs dat het daarmee treurig gesteld is.
De media pikten uit het rapport op dat maar liefst 41 procent van de Nederlandse scholieren niet de volgende stelling onderschrijft: ‘Alle mensen zijn gelijkwaardig, ook mannen die op mannen, vrouwen die op vrouwen, en mannen die op vrouwen verliefd worden.’
Vrijwillige deelname
Verbazing wekte wel, dat volgens de UvA-onderzoekers deze opvattingen niet samenhangen met de migratieachtergrond van de scholieren, en dat scholieren de afgelopen jaren ook niet conservatiever geworden zijn. Dat lijkt niet alleen in tegenspraak met bovenvermeld anekdotisch bewijs, maar ook met eerder onderzoek op dit gebied.
Daar kwam ook al gauw kritiek op: ‘migratie-achtergrond’ is in dit onderzoek vrij smal gedefinieerd, want als je geen in het buitenland geboren ouder hebt – de 3e generatie – tel je niet mee. Ook was deelname aan de enquête vrijwillig.
Welke selectie-bias introduceert dat? Als jij als scholier opvattingen hebt over lhbtiq+, waarvan je weet dat je docenten die afkeuren, ga je dan meedoen aan zo’n onderzoek – op school, onder toezicht van een docent? Daarom zou je graag weten welk percentage van de scholieren er voor koos om die enquête niet in te vullen, en of dat samenhangt met migratie-achtergrond, maar daar zijn geen cijfers over beschikbaar. Het feit dat een relatief laag percentage leerlingen die de enquête wel invulde een migratie-achtergrond had – vergeleken met alle Nederlandse scholieren – suggereert dat deze selectie-bias inderdaad een rol speelt.
Overigens, ‘migratie-achtergrond’ wordt in zulke discussies op social media vaak gelijk gesteld aan ‘islamitisch’, maar dat is slechts ten dele waar. Er zitten ook legio kinderen van Oost-Europese en Joegoslavische immigranten op die scholen, en met ouders uit de EU.
Wie het rapport helemaal leest, ziet dat islamitische leerlingen wel degelijk veel conservatiever zijn dan alle andere subgroepen. De onderzoekers vegen dat onder de mat door moslims op één hoop te gooien met christenen, en dan ‘religie’ als belangrijke verklarende factor voor ‘conservatisme’ op te voeren. Ook in een interview met het Parool trekken ze dat rookgordijn op: ‘Religieuze jongeren zijn namelijk wel vaker conservatief dan niet-religieuze jongeren, maar deze verschillen zijn groter onder jongeren zonder migratie-achtergrond.’
Warhoofdig
Sowieso drijven zulke enquêtes op een moeras van verzwegen vooronderstellingen en sociale-wenselijkheidsdwang. Hieronder spit ik een voorbeeld tot in detail uit. De deelnemers is onder meer deze stelling voorgelegd: ‘Of je een jongen of meisje bent, staat vast vanaf je geboorte.’ Ze konden reageren op een zeven-punts schaal (1: helemaal eens tot 7: helemaal oneens).
Eerst een overzicht van de resultaten:

Islamitische leerlingen scoren dus veel lager dan elke andere groep op dit item.
Hier zien we in optima forma hoe de onderzoekers deze scholieren blootstellen aan hun woke warhoofdigheid. Als je het helemaal eens bent met die stelling, scoor je een 1 op die zeven-puntsschaal, en ben je oer-conservatief. Ben je het er helemaal mee oneens, dan scoor je 7 punten en ben je voorbeeldig progressief.
Gender of sekse
Echter, de onderzoekers maken niet duidelijk of ze het hier over gender of over sekse hebben. ‘Vanaf je geboorte’ suggereert vrij sterk dat ze hier naar een standpunt over sekse vragen. En dat standpunt heeft niets met iemands morele waarden te maken, het is een biologie-vraag met als wetenschappelijk correct antwoord: een baby komt als een jongen of als een meisje ter wereld. De zeldzame genetische afwijkingen waardoor daarover optisch verwarring ontstaat – zoals bij bokser Imane Khelif gebeurd is – doet aan dat biologische basisfeit niets af. Maar wie dat feitelijk correcte antwoord geeft, geldt voor dit onderzoek als oer-conservatief.
Je wordt als 12- of 16-jarige scholier geacht te begrijpen, dat de onderzoekers hier van je willen horen of je wel tolerant bent ten opzichte van transmensen. En echt tolerant ben je pas als je gelooft dat een transvrouw/man een echte vrouw/man is, dus dan dien je het geheel oneens te zijn met de stelling dat je als jongetje of als meisje geboren wordt.
Gezien het woke klimaat op onze scholen zullen verreweg de meeste leerlingen dat ook zo interpreteren: ‘eens’ is conservatief, ‘oneens’ is progressief, ik identificeer me als conservatief/progressief, dus ik vul in eens/oneens. Dat islamitische leerlingen massaal ‘eens’ aanvinken komt niet omdat ze biologisch beter onderlegd zijn dan de rest, maar omdat ze zich door hun godsdienst en ouderlijk huis gesteund voelen in dit niet-woke standpunt dat iets vaags over gender en/of sekse poneert.
Verder – maar dat is een technische voetnoot – is het strikt genomen onzin om de scores op zo’n 7-puntsschaal te middelen voor een hele groep, zoals in deze grafiek gebeurt. Dat is schering en inslag in de sociale wetenschappen, want je moet toch wat met je physics envy als je geen bruikbare data hebt. Die getalletjes 1 t/m 7 zijn namelijk willekeurig (in jargon: het zijn ordinale getallen), ze corresponderen met niks meetbaars in de echte wereld. De onderzoekers hadden die scores net zo goed van -4 tot + 2 kunnen laten lopen, of van 0 tot 100 procent.
Zelfs voetbaltrainers geven blijk van beter statistisch inzicht dan sociale wetenschappers. Je plek in de eindstand van de competitie is een ordinaal getal. Ajax werd de afgelopen vijf seizoenen respectievelijk 2de, 5de, 3de en twee keer 1ste in de competitie. Niemand in de voetballerij gaat die klasseringen middelen en dan zeggen dat Ajax gemiddeld, afgerond, op plaats 2 eindigde. Immers, een club kan met 1 of met 11 punten voorsprong op de nummer 2 kampioen worden, en dat is een fors verschil in kwaliteit. Wat je trainers wel ziet doen, terecht, is kijken naar het aantal wedstrijdpunten of gescoorde doelpunten in vorige seizoenen, want dat zijn geen ordinale getallen.
Tolerant of deugdrammer?
Terug naar die enquêtes: om de ‘progressiviteit’ van de leerlingen te toetsen, kregen ze ook de volgende stellingen voor hun kiezen:
- ‘Alle scholen moeten Paarse Vrijdag vieren’
- ‘Minstens de helft van de toiletten op school moet genderneutraal zijn’
Hoe hebben de onderzoekers vastgesteld of er een hoge correlatie is tussen hoe leerlingen reageren op zulke stellingen en hun werkelijke tolerantie voor homo’s en transmensen? Als je er voorstander van bent dat iedereen eens per jaar in paarse kleding naar school moet komen, ben je dan een voorvechter van tolerantie of een maoïstische deugdrammer? En over die genderneutrale toiletten op scholen kunnen we kort zijn: die stinken na een paar dagen net zo erg als de jongenstoiletten, dus meisjes zul je daar dan met stokslagen nog niet naar binnen krijgen.
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!






















