Rechters laten nog steeds tbs’ers vrij tegen het advies van de behandelaars in. En jawel, hun recidive is hoger
Artikel beluisteren
Het is alweer een tijd geleden, maar deze oude koe is het waard om uit de sloot gehaald te worden: in de jaren tachtig raakte het tbs-systeem in een crisis omdat rechters steeds massaler tbs’ers vrijlieten tegen het advies van hun behandelaars in. Anders dan gevangenisstraf, heeft tbs geen vooraf bepaald eindpunt. Als iemand tot tbs is veroordeeld, moet een rechter iedere twee jaar beoordelen of deze dwangbehandeling nog twee jaar voortgezet mag worden. Dat is meer regel dan uitzondering: de tbs-maatregel wordt gemiddeld drie à vier keer verlengd, en soms nog vaker.
Uiteraard wil de ‘cliënt’ vrijwel altijd dat de tbs-maatregel wordt opgeheven (‘want de behandeling heeft een ander mens van me gemaakt’, of woorden van gelijke strekking), terwijl zijn therapeuten en de officier van justitie doorgaans pleiten voor nog twee jaar doorbehandelen.
Als de rechter het negatieve advies van de behandelaars negeert en de tbs’er toch vrijlaat, heet het dat diens tbs ‘contrair’ beëindigd wordt. Contraire beëindiging is nooit zeldzaam geweest; begin jaren zeventig schommelde het rond de 20 procent van alle vrijlatingen, maar daarna begon dat percentage snel op te lopen, tot wel 70 procent eind jaren tachtig, volgens de commissie-Fokkens. Die commissie werd in 1993 juist ingesteld om dit tij te keren.
Hogere recidive
Dat is toch iets om bij stil te staan: dat decennialang de meerderheid van de vrijgelaten tbs’ers naar het oordeel van hun eigen behandelaars nog te gevaarlijk was om op de maatschappij los te laten.
Onderzoek liet zien dat die behandelaars een punt hadden: de recidive binnen tien jaar na vrijlating van contrair beëindigde tbs’ers lag rond de 60 procent, terwijl die voor niet-contrair (‘conform’) beëindigden ‘slechts’ iets meer dan 40 procent was. En die recidive betreft dus niet door rood licht rijden of een winkeldiefstalletje, maar serieuze misdrijven.
Die explosie van contraire beëindigingen heeft destijds bij mijn weten nooit tot ophef of media-aandacht geleid. Burgers denken waarschijnlijk dat dit helemaal niet kan: dat een rechter een geestelijk gestoorde verkrachter of moordenaar tegen het advies van diens eigen behandelaars in, zonder enige beperkende voorwaarde naar buiten laat lopen, soms zelfs meteen na de rechtszitting. Ook misdaadjournalisten heb ik er nooit over gehoord.
De belangrijkste aanbeveling van de commissie-Fokkens om deze golf aan contraire vrijlatingen in te dammen, was het instellen van een nieuwe wettelijke optie: de voorwaardelijke beëindiging van tbs (VB). Tot dan toe was beëindiging alles of niets: van opsluiting in een tbs-kliniek naar zonder enig toezicht losgelaten worden in de maatschappij. Bij VB wordt de tbs-cliënt niet langer opgesloten in een tbs-kliniek, maar moet nog een tijd lang aan allerlei voorwaarden voldoen, zoals wonen in een ‘beschermde woonvorm’, geen alcohol gebruiken en dat laten controleren, en dergelijke. Schenden van die voorwaarden kan resulteren in weer worden opgesloten in een tbs-kliniek. Oorspronkelijk was de duur van die VB maximaal drie jaar, maar na een wetswijziging in 2008 kan ook de VB tot sint juttemis verlengd worden, net als tbs onder periodieke rechterlijke toetsing.
En dan nu de hamvraag: heeft dit alles gewerkt? Over het terugdringen van de recidive, een van de drie doelstellingen van de VB, kunnen we kort zijn: nee. In een evaluatierapport van het WOCD uit 2025, Inzicht in Toezicht, staat dat er na tien jaar geen significante verschillen in recidive te vinden zijn tussen ex-tbs’ers voor en na de invoering van het VB-systeem. Dit geldt zowel voor ‘ernstige’ als ‘zeer ernstige’ recidive (met een strafdreiging van respectievelijk minstens vier jaar en minstens acht jaar cel).
Ongeneeslijke stommiteit
Van de tweede doelstelling van VB, snellere doorstroming van tbs-cliënten door het systeem zodat het tekort aan plaatsen minder wordt, is ook weinig terechtgekomen, vooral door de toename van het totale aantal tbs-klanten. Doorgaans wachten een paar honderd van hen daarom maanden tot meer dan een jaar in de gevangenis op een plek. En net als bij asielzoekers die te lang op een beslissing van de IND moeten wachten, heeft de politiek in zijn ongeneeslijke stommiteit besloten dat die tbs’ers dan recht hebben op een schadevergoeding van een paar honderd euro per maand.
We hebben het hier dus over, bijvoorbeeld, een moordenaar en verkrachter die eerst zijn vijf jaar celstraf heeft uitgezeten, en nu, bovenop alles wat al voor hem betaald wordt door de staat, ook nog zijn spaarpot gevuld krijgt omdat hij niet meteen terecht kan in een tbs-kliniek. Alsof zulke dwangsommen en maandvergoedingen ook maar iets bijdragen aan de oplossing van het capaciteitsprobleem: het is puur deugseinen van de politiek op andermans kosten.
Op het eerste gezicht heeft de VB wel de tsunami aan contraire vrijlatingen ingedamd. Dat percentage fluctueert nogal van jaar tot jaar, maar de trend van 1995 tot 2022 is een daling van rond de 50 naar amper 20 procent. Blijkbaar maken rechters volop gebruik van VB als een, ook voor de behandelaars aanvaardbare, tussenstap tussen voortzetten van dwangbehandeling in een kliniek en volledige vrijheid.
Echter, als je gewoon naar de aantallen kijkt, is het beeld minder florissant. De totale hoeveelheid vrijlatingen uit tbs verdubbelde in die periode namelijk ook ruimschoots, een direct gevolg van steeds meer tbs-veroordelingen aan de voorkant van de pijplijn. Eigenlijk is het aantal contrair beëindigden over de hele rapportageperiode 1995-2022 opmerkelijk stabiel, en schommelt tussen de 15 en 35. Dus al decennia, en nog steeds, laten rechters elke twee of drie weken een moordenaar of pyromaan onvoorwaardelijk vrij tegen het advies van diens behandelaren in. Over deze hele periode waren het er in totaal 717.
Ongemakkelijke rekensom
We kunnen nu een ongemakkelijke rekensom maken: hoeveel extra ernstige misdrijven hebben die contrair besluitende rechters Nederland opgeleverd? We eisen dus niet dat de recidive van tbs’ers nul had moeten zijn, dat is immers onhaalbaar, maar kijken hoeveel lager die was geweest als rechters altijd het advies van de tbs-behandelaars hadden gevolgd.
Gegeven dat contrairen een 15 tot 20 procentpunt hogere recidive hebben dan conformen, had dat in een kleine dertig jaar tussen de 100 en 140 ernstige misdrijven gescheeld, ofwel circa vier per jaar, waaronder moord en verkrachting. De WODC data zijn uiteraard geanonimiseerd, dus we kunnen in de statistiek niet nagaan of specifieke ex-tbs’ers die gruwelijk de fout in gingen en Nederland in rep en roer brachten, contrair waren vrijgelaten of niet. Ik heb er ook nog nooit een journalist naar horen vragen, maar dan bij deze de tip om dat de volgende keer wel te doen. Justitie zal dan wel weigeren om daar antwoord op te geven, ‘vanwege de privacy van de verdachte’.
Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!




















