Zuid-Italië, waar de staat het aflegt tegen de maffia

Taurianova, waar het gemeentebestuur ontbonden werd tegen de maffia. Maar helaas.

Italië kent een wet waarmee de overheid democratisch gekozen gemeenteraden naar huis kan sturen, en ook de door de lokale bevolking gekozen burgemeester en de wethouders. Ze worden voor maximaal twee jaar vervangen door drie speciaal daartoe door de regering aangestelde commissarissen. En pas daarna worden nieuwe verkiezingen uitgeschreven. Een draconische maatregel die de regering alleen neemt als onomstotelijk vaststaat dat het bestuur van een bepaalde gemeente banden heeft met de maffia.

Het ontbinden van het gemeentebestuur is niet bedoeld als straf, maar als preventiemaatregel. Voorkomen moet worden dat het net zo erg uit de hand loopt als in 1991, het jaar dat de wet van kracht werd. Op Goede Vrijdag laaide toen de strijd tussen verschillende maffiafamilies in het stadje Taurianova, in het zuiden van Calabrië hoog op. Er waren in drie jaar tijd al 31 slachtoffers gevallen in die oorlog, maar nu werd de keurige slager Giuseppe Grimaldi midden op straat met een machete onthoofd. Zijn moordenaars gooiden daarna dat hoofd omhoog en schoten het aan flarden. Dat was nog niet genoeg. De daders hebben een paar dagen later ook een poging ondernomen om de rest van het gezin Grimaldi uit te moorden. Vermomd als carabinieri zijn ze bij de rouwende weduwe langsgegaan en hebben in huis op haar volwassen zoons en 14-jarige dochter geschoten. En dat alles omdat een andere zoon, een jongen van 20 jaar, in de maffiastrijd verwikkeld was geraakt.

De foto’s van het bloedbad van Taurianova schokten heel Italië. De maat was vol en de regering trof maatregelen. Turianova moest het eind markeren van al dat bloedvergieten, er kwam een wet op ‘het ontbinden van lokale besturen vanwege infiltratie door de maffia’ en in elke ontspoorde gemeente werden drie commissarissen aangesteld om orde op zaken stellen. Na anderhalf à twee jaar werden er dan nieuwe lokale verkiezingen uitgeschreven en zo zou de bevolking de eigen stad met een schone lei kunnen laten beginnen.

Maar het liep anders.

Twee, soms drie keer ontbonden

In de bijna 30 jaar dat de wet nu van kracht is, zijn 349 gemeentebesturen ontbonden.

21 daarvan in 2019 en dit jaar alweer 9. In 50 gemeentes is het bestuur al twee keer ontbonden en in 18 gemeentes was het zelfs al drie keer raak. In Casal di Principe, even buiten Napels, is het bestuur ontbonden in 1991, in 1996 en in 2012. De burgemeester vreest dat zijn stad binnenkort weer aan de beurt is.

Op de kaart van Italië waarop met een rood punt elke gemeente staat aangegeven waarvan het bestuur wel eens ontbonden is, valt het in het noorden wel mee: hier en daar een rood puntje. Maar rond Napels zien we één grote rode klont, en richting Sicilië wordt het al maar erger: Calabrië is helemaal rood en op Sicilië is alleen het dunbevolkte binnenland de dans ontsprongen. Het zijn vaak kleinere stadjes en dorpen waar de maffia het bestuur blijkt te infiltreren, maar toch is ook de hoofdstad van Calabrië, Reggio Calabria, een keer onder curatele gesteld.

Waarom lukt het niet?

Er zijn wel redenen te bedenken waarom de wet geen blijvende verandering teweeg brengt. Allereerst die drie commissarissen. Dat zijn vaak ambtenaren van het ministerie van Justitie, of gepensioneerde rechters. Die moeten met z’n drietjes een gemeente besturen die eerst door een burgemeester, wethouders en een raad werden bestuurd, mensen die de stad als hun broekzak kenden.

De drie commissarissen weten er heg noch steg en hebben vaak nog meer gemeentes onder hun hoede. Daarbij komt dat een gepensioneerde rechter niet altijd in staat is om de boekhouding te controleren. Het ontbreekt de commissarissen dus aan praktische vaardigheden en aan tijd.

Bovendien ondervinden ze regelmatig tegenwerking vanuit de lokale ambtenarij, want die is vaak hecht verweven met de maffia.

Niet de politici, maar de ambtenaren

De weggestuurde burgemeesters klagen dat hun college zonder wederhoor ontbonden wordt. En dat lang niet altijd de politiek besmet raakt, maar dat het vaak de bureaucratie is waarin de maffia infiltreert. Een vijfde colonne van ambtenaren wordt ongemoeid gelaten door de overheid en kan de banden met de maffia in stand houden. Het maakt dan niets uit wie er twee jaar later de verkiezingen wint.

Daar waar het college wel terecht is ontbonden, blijkt bij die nieuwe verkiezingen na twee jaar trouwens vaak dat de ene nieuwe lijsttrekker uit een bekende maffiafamilie komt en dat de andere de dochter is van de vorige burgemeester, die weg moest vanwege zijn banden met de maffia.

De bevolking werkt tegen

Er gaan toch ook stemmen op om een burgemeester van onbesproken gedrag op zijn plek te laten zitten en hem in zijn strijd tegen de maffia alleen ondersteuning te bieden vanuit Rome. Op die manier blijft althans één onderdeel van de democratische structuren ongemoeid.

Alleen heeft de lokale bevolking helemaal geen boodschap aan die democratie. Vooral in dorpjes in het uiterste zuiden van Calabrië moet de bevolking niets hebben van de overheid. Daar zijn geen politieke partijen actief en daar stemmen de mensen al jaren niet meer. ‘Daar moet,’ aldus een lokale officier van justitie, ‘de staat proberen te infiltreren.’