Asielopvang zet gemeenten klem. Maar de kiezers hebben woensdag het laatste woord
Artikel beluisteren
Woensdag 18 maart zijn er gemeenteraadsverkiezingen. De opkomst is doorgaans veel lager dan bij de Tweede Kamerverkiezingen. Bovendien is er sprake van een dalende trend: in 2022 ging slechts 51 procent van de kiezers naar de stembus. Volgens peilingen zal dat er nu niet beter op worden.
Toch zijn gemeenten verantwoordelijk voor veel thema’s die direct invloed hebben op het dagelijks leven van bewoners, zoals woningbouw, veiligheid, milieu, zorg en armoedebestrijding. Ook op het gebied van asiel en migratie staan gemeenten voor een enorme opgave. Zij worden op grond van landelijke regelgeving verantwoordelijk voor het opvangen van een grote stroom asielzoekers en het huisvesten van statushouders. Tegelijkertijd kampen veel gemeenten met een tekort aan sociale huurwoningen en een afnemend draagvlak voor asielzoekers onder bewoners.
Banale werkelijkheid
Het migratiesaldo blijft onverminderd hoog. Sinds het piekjaar 2022 is het iets gedaald, maar ook in 2025 kwamen er 100.000 mensen meer naar Nederland dan er vertrokken. Zowel in 2024 als in 2025 arriveerden meer dan 40.000 asielzoekers en nareizigers in Nederland. Verder valt op dat van een aanzienlijk deel van de asielzoekers het herkomstland onbekend is. In veel andere Europese landen komen ze zonder identiteitsbewijs binnen.
Vluchtelingenwerk laat dan tv-spotjes zien van kinderen die op de vlucht slaan terwijl de bommen en granaten overal om hen heen inslaan. De werkelijkheid is echter veel banaler. Vaak gaat het om mensen die al heel wat veilige landen zijn doorgereisd en dan hun papieren weggooien omdat ze als ongedocumenteerde meer kans maken in Nederland.
De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) moet aan strenge zorgvuldigheidseisen voldoen bij de beoordeling van een asielaanvraag. Zelfs als de ongedocumenteerde een vluchtverhaal ophangt waarvan de IND medewerker weet dat het niet klopt, zijn de eisen dusdanig opgeschroefd dat de facto de bewijslast bij de IND-medewerker komt te liggen.
Het afwijzen van asielaanvragen kost de dienst veel tijd, omdat die afwijzingen uitgebreid moeten worden gemotiveerd. Volgens de wet komen aanvragers bovendien in aanmerking voor een vergoeding als de IND niet op tijd beslist. In 2025 heeft de IND 79 miljoen euro aan dwangsommen betaald aan asielzoekers omdat de dienst niet op tijd besliste over aanvragen voor een verblijfsvergunning. Dat is een verdubbeling ten opzichte van 2024, toen de dienst 36,8 miljoen euro aan dwangsommen moest betalen.
Sinds begin 2024 is de Spreidingswet van kracht, waardoor gemeenten verantwoordelijk zijn geworden voor het opvangen van asielzoekers. Dit is een gevolg van het tekort aan opvangplekken en overbevolking in het aanmeldcentrum in Ter Apel. De hoeveelheid asielzoekers die elke gemeente moet opvangen, wordt bepaald op basis van de grootte en sociaal-economische draagkracht van die gemeente.
Hoewel gemeenten weinig invloed hebben op de beslissing om überhaupt asielzoekers op te vangen, kunnen ze wel bepalen hoe de opvang wordt ingericht. Ze kunnen bijvoorbeeld kiezen voor grote opvanglocaties met veel plaatsen of voor meerdere kleinere locaties.
Voor halverwege 2027 wordt verwacht dat Nederland 88.000 opvangplekken voor asielzoekers nodig heeft. Begin februari waren er ongeveer 77.500 plekken, maar ruim 27.000 daarvan vervallen de komende tijd. Dat betekent dat er de komende anderhalf jaar bijna 38.000 plekken bij moeten komen, wat een bijna onmogelijke opgave is.
Maatschappelijke spanningen
Deze opgave wordt nog moeilijker door de onderliggende maatschappelijke spanningen. In veel gemeenten, vooral op het platteland en in kleinere dorpen, bestaat er grote weerstand tegen de komst van azc’s. Volgens Vluchtelingenwerk komt overlast door vluchtelingen nauwelijks voor en gaat het vooral om onderbuiksgevoelens. Daarbij wordt verwezen naar onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek en Documentatie Centrum (WODC).
Het is niet duidelijk op welk onderzoek gedoeld wordt, maar onderstaande grafiek uit het rapport ‘Incidenten en misdrijven 2017-2024’ van het WODC laat duidelijk zien dat met de toename van het aantal asielzoekers ook het aantal incidenten en misdrijven toeneemt.

Uit een onderzoek van Regioplan uit 2021 bleek dat er met enige regelmaat signalen komen van intimidatie en geweld tegen LHBTI- en bekeerlingasielzoekers op de opvangcentra. Bij die laatste categorie gaat het meestal om moslims die tot het christendom zijn bekeerd.
Uit een recente reportage van EenVandaag bleek dat het er sindsdien nauwelijks beter op geworden is. Vooral vluchtelingen uit de lhbti-gemeenschap die in azc’s verblijven, zijn vaak slachtoffer van geweld en seksueel misbruik. Van hen wil 90 procent overgeplaatst worden naar veilige units, maar die zijn er onvoldoende. Het is begrijpelijk dat de slachtoffers een veilige ruimte willen, maar een fundamenteler probleem is dat Nederland op grote schaal jonge mannen toelaat uit culturen waar vrouwen niets te vertellen hebben en lhbti taboe is.
Naast de opvang van asielzoekers speelt ook de huisvesting van statushouders een grote rol in de lokale politiek. Zodra mensen die in ons land asiel hebben aangevraagd een verblijfsvergunning krijgen, hebben zij recht op huisvesting.
De rijksoverheid bepaalt op grond van het aantal inwoners hoeveel mensen per gemeente aan een woning geholpen moeten worden, maar het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) bepaalt welke personen aan welke gemeente worden gekoppeld.
Gemeenten streven ernaar binnen tien weken na de koppeling woonruimte aan te bieden aan mensen met een verblijfsvergunning. Vanwege de krapte op de woningmarkt is dat echter in de meeste gevallen niet haalbaar en zijn er langere wachttijden.
De sociale huursector telt ongeveer 2,3 miljoen woningen. Elk jaar komen er ongeveer 165.000 sociale huurwoningen vrij, maar de meeste daarvan gaan naar mensen die al een sociale huurwoning hebben. Het kan daarbij gaan om verhuizing van de ene sociale huurwoning naar de andere of om mensen die geen sociale huurwoning achterlaten, omdat hun huis gesloopt wordt. Uiteindelijk blijven er zo’n 40.000 woningen over voor mensen die nog geen huis hebben.
In het eerste halfjaar van 2026 moeten volgens de landelijke taakstelling 15.000 statushouders aan een woning worden geholpen. Dat komt neer op ongeveer 9.000 woningen. Dat betekent dat bijna een kwart van de beschikbare woningen naar statushouders gaat.
Migratiekritische partijen
Hoe de gemeenten met de consequenties van het landelijke beleid op gebied van asiel en migratie omgaan, zal voor een belangrijk deel afhangen van de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart.
Van de landelijke partijen komt het verzet tegen de spreidingswet en de taakstellingen voor huisvesting van statushouders vooral van FvD en PVV. Zij doen echter in veel van de 342 gemeenten niet mee. Forum voor Democratie is present in 104 gemeenten, de PVV in veertig. Ook andere migratiekritische partijen ontbreken op de meeste stembiljetten: de BBB doet mee in 29 en JA21 in slechtst zeven gemeenten. Het gevolg is dat volgens een recente peiling van Ipsos I&O deze vier partijen samen op zo’n 7 procent blijven steken, terwijl ze in landelijke peilingen goed zijn voor zo’n 30 procent van de stemmen. Winst wordt vooral verwacht voor de lokale partijen: 34,5 procent volgens de peiling van Ipsos I&O, maar ook Maurice de Hond verwacht dat de stijgende trend voor lokale partijen verder doorzet.
De gemeenten worden opgezadeld met een vrijwel onmogelijke taak. Doordat de landelijke overheid onvoldoende maatregelen treft om de asielinstroom te beperken, moeten de gemeenten steeds meer asielzoekers opvangen en statushouders huisvesten, terwijl er een tekort is aan sociale huurwoningen. Toch hebben burgers op 18 maart de mogelijkheid om hun stem te laten horen. Ze kunnen kiezen voor partijen die vanuit politieke correctheid meer asielzoekers willen opvangen en willen vasthouden aan het voorrangsbeleid voor statushouders, of voor (lokale) partijen die meer oog hebben voor de belangen van de eigen lokale gemeenschap.
Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!






















