Waarom België met de asielopvang slimmer is dan Nederland

Eppink 070626 De Wever asiel
De koorddanser en de architect: de nieuwe Nederlandse premier Rob Jetten op 4 maart van dit jaar op kennismakingsbezoek bij de Belgische eerste minister Bart de Wever. BEELD: post van Bart de Wever op Facebook.

Artikel beluisteren

Naarmate Nederland in stevig tempo bureaucratiseert, verdwaalt het kabinet-Jetten in vergezichten. Den Haag wil steevast Europa’s ‘koploper’ zijn, maar hinkt in feite achterop. Met een hoge prijs. Het energie- en klimaatbeleid is nu, ontdaan van afschrikwekkend VN-doemscenario, ideologisch gecastreerd. Het asielbeleid, moeder aller deugdzaamheid, stuit op burgerverzet. Uiteindelijk rijst in arren moede de vraag: waarom doen de Belgen het beter?

Tot verbijstering van Haagse politici weten ‘de Belgen’ de toestroom van asielzoekers flink te verminderen. Nederland niet. Waarom? In politiek en bestuur geldt dezelfde wet als in de natuur: de vis begint te rotten vanaf de kop. Slecht bestuur produceert slechte resultaten. Leidende politici die hun klassiekers niet kennen, laten burgers lijden. Met al zijn ‘experts en deskundigen’, claimt Den Haag het grote gelijk maar koerst blindelings richting betonnen muur. Migratie is (al decennia) het voorbeeld.

In Nederland en België dragen de premiers de politieke verantwoordelijkheid: in Nederland Rob Jetten; in België Bart De Wever. Beide zitten geruime tijd in de politiek. Jetten was parlementair medewerker van voormalig D66-leider Alexander Pechtold en De Wever groeide uit tot boegbeeld van de Nieuwe Vlaamse Alliantie (N-VA). In 2013 werd hij burgemeester van Antwerpen en in 2025 premier van het federale België, dus inclusief z’n Franstalige landgenoten.

De Wever populair, Jetten niet

Jetten is volgens peilingen momenteel de meest impopulaire premier van Nederland; De Wever de meest populaire premier van België. Zelfs onder Franstalige kiezers die altijd te horen kregen dat hij een extreme Vlaamse nationalist was. In een voorgaande generatie had Nederland Ruud Lubbers en Wim Kok als premier en België Wilfried Martens en Jean-Luc Dehaene; premiers van hetzelfde type en niveau.

Die verhouding is nu onevenwichtig. De Wever won gezag door bijvoorbeeld te voorkomen dat België alle nadelen zou krijgen van een EU-plan: het deblokkeren van Russische tegoeden (180 miljard), gestald bij Euroclear in Brussel. Dat laatste zou België een enorme schadevergoedingseis kunnen opleveren wegens confiscatie. De Wever voorkwam dat, vanuit isolement, met een uitgekiende strategie, het vinden van bondgenoten en het overtuigen van Duitsland. De Wever kent zijn klassiekers en spreekt diverse talen. Hij groeide uit tot ‘moedigste aller Belgen’, in navolging van de Keltische stamvader Ambiorix. En dat voor de ‘Vlaams nationalist’. De Wever telt mee in Europa.

Hoe zit het met premier Jetten? Honderd dagen is te kort voor een té hard oordeel, maar wat vooral opvalt is een gebrek aan inzicht. Met helder inzicht slaagde De Wever. Jetten reist de wereld. Dankzij de vele selfies lijkt hij erg verliefd op zichzelf. Hij oogt als een ‘kind-premier’, terwijl Nederland in opstand komt tegen de Spreidingswet die zowel asielzoekers als het burgerprotest over Nederland verspreidt. De onvrede groeit, terwijl Jetten de statuur van een vakantiefotograaf aanneemt. Ergo: zijn aanzien (en dat van zijn functie) maken de duikvlucht van een vallende ster. Aangezien hij premier van een minderheidskabinet is, is het gevaar nooit ver weg.

Jetten opereert als koorddanser, terwijl De Wever de architect is van zijn centrumrechtse alliantie N-VA, met voldoende electorale kracht om het politieke landschap in Vlaanderen en België te domineren. Met een kleine 25% in Vlaanderen is N-VA onmisbaar voor coalitievorming in Vlaanderen én België en zet De Wever de koers uit. Het werd een ommekeer, terwijl Nederland politiek is gefragmenteerd.

Kolderiek

België kende, vooral in de jaren tachtig, kolderieke taferelen met dronken prominente Waalse socialisten, die wartaal uitsloegen tijdens de zittingen van de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Een voorbeeld dat ik ooit zelf zag was de Waalse socialist Michel Daerden, federaal minister van verkeerszaken (!), die het parlement stomdronken toesprak. Die tijd is voorbij, al is de nieuwe generatie niet meteen geheelonthouder.

Het verschil tussen De Wever en Jetten is de kwaliteit van ‘inzicht’. Premiers zonder inzicht fabriceren ‘beleid’ zonder uitzicht. De Spreidingswet is een goed voorbeeld. Het lost niets op maar verspreidt het asielprobleem. Veel asielzoekers gooien hun paspoort weg, maar hun mobieltje niet. Foto’s van asielopvang in Van der Valk hotels en cruiseschepen gaan de wereld over: Nederland wordt een populaire asielbestemming.

België voorkomt dat door karige opvang. Zelfs de Vlaamse socialisten, met wie De Wever regeert, steunen de minimale opvang. Frank Vandenbroucke (70), de vice-eerste minister van België, Vlaams socialist in de regering-De Wever, kent de gevolgen van overmatige immigratie. En niet omdat hij een Vlaamse socialist is met calvinistische trekken.

Vlaamse socialisten waren ooit machtig, maar verloren aan de rechterzijde kiezers aan het Vlaams Belang en ter linkerzijde aan de radicaal-socialistische Partij van de Arbeid (PVDA). Een cruiseschip voor asielzoekers zal er in Antwerpen niet snel komen. Daarom gaan ze verderop, naar ‘Hotel Holland’. Logisch, zou ik ook doen. De fout ligt niet in Brussel, maar in Den Haag. De Wever ziet, wat Jetten niet inziet.

Verzet in haarvaten van de politiek

Er zou in België geen enkele steun zijn voor een asielbeleid op z’n Nederlands omdat het verzet al begint in de haarvaten van de politiek. In Vlaanderen wordt ‘identiteit’ bewuster beleefd omdat men ervoor moest strijden, terwijl het in Nederland als vanzelfsprekend wordt ervaren. De Vlaming ziet overmatige immigratie met grote cultuurverschillen als bedreiging voor de eigen identiteit.

Het kiessysteem staat in België dichter bij de burgers dan in Nederland, dat centralistisch vanuit Den Haag wordt bestuurd. Zodra een Vlaamse burger overlast heeft van asielzoekers gaat hij of zij klagen bij de gekozenen, zoals de burgemeester, en bij leden van het Vlaams of federaal parlement. Zij worden gekozen in hun kieskringen waarbij voorkeurstemmen heel belangrijk zijn. Elke Vlaamse politicus met veel voorkeurstemmen gaat dat rondbazuinen, en eist vervolgens een hoge plaats op in de partij en daarna in het parlement. De ‘sterkhouders’ van de partij worden minister in de federale of regionale regering. En de ‘sterk(ste)houder’ premier van België. Wie hoog in de Belgische politiek wil, moet niet tegen de kar van de kiezers rijden.

In Nederland is dat precies andersom. Er is één landelijke kieslijst voor bijvoorbeeld de Tweede Kamer. De kandidaat wordt op de lijst gezet, met dank aan de partijleiding waarbij voorkeurstemmen niet essentieel zijn. Wel mooi meegenomen, maar niet beslissend voor de politieke loopbaan. De lijsttrekker moet het werk doen en vooral goed overkomen op televisie. Dat was het geval bij premier Jetten, en hij voerde een effectieve campagne. Contact met de bevolking is minimaal en vaak geregisseerd. Wat er leeft ‘onder de mensen’ is geen leidraad. De Spreidingswet bewijst dat. Er ontstaat zo een disconnectie tussen wat Den Haag wil (de term: ‘het moet’) en de belevingswereld van gewone burgers.

In België komen tegenwoordig doorgaans ministers in de regering met een ‘record’; een staat van dienst. Dat zijn de ‘sterkhouders’ uit de diverse partijen. Een miskleun zoals met de huidige Nederlandse minister van Volkshuisvesting, Elanor Boekholt-O’Sullivan (50, D66), zou in België niet snel plaatsvinden. Ze werd door ex-minister van Defensie Kajsa Ollongren (D66) benoemd tot luchtmachtgeneraal, weliswaar zonder vliegbrevet, en staat op mislukken in Den Haag. Die benoeming heeft meer te maken met ‘vriendinnetjespolitiek’ dan met goed bestuur.

De asielproblemen waar Nederland nu mee kampt zijn problemen van eigen makelij, zoals ook al bij het energie- en klimaatbeleid, met hoge kosten die de burgers op hun bord krijgen via hogere belastingen. Belgische politici staan doorgaans dichter bij de kiezers en weten waar de eindgrens ligt. Den Haag voelt niets, en ontspoort ongestoord.

Wynia’s Week biedt drie keer per week de achtergronden die u elders zelden krijgt. En dat via een unieke formule: iedereen kan er kennis van nemen, de supporters maken het mogelijk. Doet u al mee?