Apartheid is het nieuwe verbinden. Hoe zijn we in deze waanzin beland?
Artikel beluisteren
Onder de dekmantel van ‘diversiteit’ en ‘inclusie’ is het startschot gegeven voor een nieuwe vorm van apartheid.
In 2022 bood de toenmalige premier Mark Rutte namens de Nederlandse regering excuses aan voor het Nederlandse aandeel in de slavernij in Suriname en op de Nederlands-Caraïbische eilanden. Die werd per 1 juli 1863 in heel het koninkrijk afgeschaft. Koning Willem-Alexander bood vervolgens in 2023 nogmaals verontschuldigingen aan. Ook vroeg hij om vergiffenis voor het leed dat de voorouders van de nazaten was aangedaan.
Honderdzestig jaar na de afschaffing van de slavernij zette Rutte geen punt achter dat verleden, maar plaatste hij nadrukkelijk een komma. Die markeerde het begin van de emancipatie: het langverbeide proces van – zoals het mantra wil – ‘erkennen, excuses en herstel’.
Tot op de dag van vandaag
Dit betekende dat vooraleerst ‘alle’ hedendaagse Nederlanders daadwerkelijk dienden te ervaren wat slavernij toentertijd behelsde. Bovendien moest voor ‘alle’ Nederlanders invoelbaar worden gemaakt hoe wijdverspreid ‘witte’ Nederlanders hadden geprofiteerd van de slavernij – tot op de dag van vandaag. Bovendien mocht niet onderschat worden hoe juist de nazaten van de slaven hadden geleden – ook weer tot op de dag van vandaag.
De ongunstige nawerking was overrompelend, dat was vanzelfsprekend en diende nog slechts onderbouwd te worden door onderzoek. Het sprak tevens voor zich dat het een en ander zou worden gestut door de ontwikkeling van een groots Nationaal Slavernijmuseum.
De komma van Rutte ontkende praktisch het bestaan van een al eeuwen uitgerold emancipatieproces van slaven en hun nazaten. Hij zweeg dan ook over de rol van blanken in dit proces. Het ondermijnen van emancipatie door ‘zwart’ doen en laten, zoals van de Surinaamse legerleider Desi Bouterse, bleek ook taboe.
In aanwezigheid van een ontroerd publiek en gesteund door Zijne Majesteit, gaf Rutte het startschot voor de op- en uitbouw van een gemoderniseerde vorm van apartheid. Etniciteit werd hét doorslaggevende criterium om zich gunstig of juist ongunstig uit te spreken over actoren en hun handelen in verleden, heden en veronderstelde toekomst.
Moslims hoeven zich sowieso niet aangesproken te voelen. Hoewel het koninkrijk er ruim een miljoen heeft geregistreerd staan, scheidden Rutte en de koning de moslims af van de rest van de Nederlanders. Ze zijn mogelijk nazaten van slaveneigenaren of hadden geprofiteerd van de slavernij in hun islamitische land van herkomst, maar tot deze allochtonen richtten de gezaghebbers zich niet.
Gemeenschappelijk stempel
Dit gold eveneens voor de immigranten in het koninkrijk, die uit een Afrikaans land afkomstig waren en mogelijk de nazaten zijn van de verkopers van slaven aan islamitische handelaren of voor trans-Atlantisch transport. Over de nog bestaande slavernij in bepaalde landen van herkomst van nieuwe Nederlanders zwegen de premier en de koning eveneens. Al die mensen behoren eigenlijk niet tot het gewortelde Nederlandse volk.
Rutte en de koning – inmiddels gesteund door premier Rob Jetten – richtten zich tot enerzijds de authentieke blanke Nederlanders en, anderzijds, Afro-Caraïbische mensen uit en in de West. Na de komma werd het vereist om van ‘witten’ (zonder hoofdletter) respectievelijk ‘Zwarten’ (met hoofdletter) te spreken. Even nadrukkelijk werd op het verleden van de ‘witten’ en de ‘Zwarten’ het stempel ‘gemeenschappelijk’ gedrukt.
Hiermee werd niet de gemeenschappelijke inspanning om te emanciperen bedoeld, ook al was de afschaffing van de slavernij een exclusief westers fenomeen en mede bewerkstelligd door blanken. Het gemeenschappelijke verleden kent namelijk een duidelijke scheiding. De ‘witten’ waren de kwaadaardige slavenhouders en de ‘Zwarten’ hun slachtoffers. Heden ten dage waren alle blanken nog aansprakelijk: ze hadden en hebben direct of indirect geprofiteerd van de slavernij. Alle Afro-Caraibische mensen zijn nazaten van – zo vereist het discours – ‘tot slaaf gemaakten’ (een weinig van kleur is al voldoende om als zodanig te worden opgemerkt).
Honderden miljoenen euro’s werden geoormerkt door de Nederlandse overheid – op diverse bestuurlijke niveaus – om invulling te geven aan de excuses, het etaleren van het leed in verleden en heden en aan ‘herstel’. Om een greep te kunnen doen naar subsidies is het van primair belang zoveel als mogelijk de uitvoerders en het onderwerp te etaleren met de Afro-Caraïbische etniciteit.
Versluierde bewoordingen
Kortom, wanneer maar enigszins mogelijk ben je geen Nederlander, maar een creoolse Surinamer. Je bent geen Nederlander maar – hoewel je hier bent geboren en geen Papiaments spreekt – wel degelijk een Curaçaoënaar, Arubaan of Bonairiaan. Je bent geen Nederlander maar ‘a child of Sint-Eustatius or Sint-Maarten’.
Onder de versluierende bewoordingen van ‘diversiteit’ en ‘inclusie’ blijkt het startschot voor apartheid te zijn afgegaan. Hieraan hebben alleen Sabanen zich onttrokken. Die hebben een iets andere kijk op de zaak. ‘Yes, indeed we are from Saba, we are Saban,’ zo zeggen ze. ‘But, yes, indeed we are Dutch just as well, we have been for ages, on this island of ours, also known as The Unspoiled Queen’.
Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!


