Beperk Defensie-uitgaven en investeer ze niet in manschappen en munitie maar in geavanceerde technologie.
Artikel beluisteren
Door Theo Wolters*
De Nederlandse defensie is decennia achter elkaar uitgekleed: de uitgaven gingen van 3% van ons BBP in 1982 naar 1% in 2013. Vanwege het wegvallen van de Sovjetunie voelden we ons onbedreigd en leek een defensie-leger overbodig. Deze drastische, jarenlange, steeds slopendere afbraak was uiteraard diep frustrerend voor de defensiemacht en haar leiding.

De ommekeer
In 2014 begon het gevoel van 30 jaar onbedreigde veiligheid te wankelen door de spanningen in Oekraïne en de Krim. Rutte II besloot de uitgaven op te gaan hogen naar de eigenlijk al die tijd al voor de NAVO verplichte 2%.
Dat betekende een verdubbeling van onze defensie-uitgaven.
Al snel bleek dat wat zo achteloos in 30 jaar was afgebroken, niet zomaar even opnieuw op te bouwen en functioneel te maken was. Er braken tijden aan van extreme overvloed op defensie, het geld klotste tegen de plinten op, en een goede besteding ervan was moeilijk te vinden omdat bijna alle uitgaven zeer veel tijd kostten: geavanceerde wapensystemen bestel je niet zomaar op een maandagmiddag, en extra personeel werven in een overspannen arbeidsmarkt is ook een kwestie van lange adem.
In de jaren na 2014 stegen de uitgaven dan ook maar zeer beperkt: in 2018 zaten we op 1,2%, in 2020 op 1,5%. Pas in 2025 werd de 2% bereikt, 11 jaar na het besluit, en drie jaar nadat de dreiging acuut geworden was door de inval van Rusland in Oekraïne.
De defensie-uitgaven worden altijd vergeleken op basis van percentage van het BBP. Maar wij hebben een zeer hoog BBP in vergelijking met andere Europese landen. Is het BBP eigenlijk een zinnige een maat voor hoe hoog de defensie-uitgaven moeten zijn? Of eerder het aantal inwoners, of de mate van dreiging? Spanje en Finland gaan uit van het laatste, met tegengestelde uitkomst.
Het is sowieso niet voor de hand liggend dat een land met een veel hoger BBP ook een veel groter deel van de bevolking onder de wapenen zou moeten roepen. Nederland heeft op het ogenblik relatief weinig militairen gemeten naar BBP, maar om het aantal daarom meer dan te verdubbelen is moeilijk te rechtvaardigen.

De NAVO-top in Den Haag
Terwijl de hele wereld nog in verwarring was over het doldrieste optreden van Trump in zijn eerste vijf maanden, kwam de NAVO in Scheveningen bij elkaar om onderdanigheid te tonen aan Trump. De VS mochten niet weglopen uit de NAVO en wij moesten alles doen om Trump over te halen. Hij genoot.
Rutte liep zich het vuur uit de schoenen om met een voor Trump acceptabel compromis te komen. Trump had 5% BBP geëist, Rutte maakte daar 3,5% van, en (bijna) iedereen ging akkoord.
Maar niemand had een berekening gemaakt van wat we als Europese landen op langere termijn kunnen opbrengen voor defensie, of van hoeveel geld er eigenlijk nodig was voor een Europese verdediging. Het werd 3,5 % omdat Rutte dacht dat dat het minimum was dat Trump zou accepteren.
Alleen Spanje had de moed om te zeggen: dat is absurd veel geld, dat hebben we helemaal niet (wat klopt), en we doen dus ook niet mee. Iets wat voor Italië en Frankrijk (en andere zuidelijke landen) al gauw evenzeer het geval zal blijken te zijn.
Champagne bij Defensie
Bij defensie ging uiteraard de champagne open! Na de recente verdubbeling van de uitgaven, die 11 jaar gekost had, zou een tweede (bijna) verdubbeling volgen in nog minder tijd. Er moesten dus overal nieuwe, moderne kazernes komen; het aantal militairen kon enorm opgevoerd worden; er moesten dus ook oefenterreinen komen, en nieuwe militaire vliegvelden; en er moesten enorme hoeveelheden wapensystemen gekocht worden. En natuurlijk kwamen de tanks terug! Eindelijk zouden ze weer een volwaardig leger zijn.
Enige probleem: hoe krijgen we al dat geld opgemaakt…
Gezien het oude trauma van 30 jaar afbraak is dat een begrijpelijke reactie.
Realitycheck
De werkelijkheid is dat de 3,5% waartoe besloten is, een absurde hoeveelheid geld vraagt. Ons BBP is ca €1.170 miljard, dus zou er dit jaar €41 miljard naar defensie moeten. Dat is zo’n €9.000 per vierpersoonsgezin per jaar aan welvaartsverlies.
Ons overheidsbudget is €486 miljard, dus defensie vraagt dan met €41 miljard 8,5% van onze begroting. Daarmee komt het direct na de vier hoofdposten: uitkeringen (124 miljard), zorg (120 miljard), gemeentes en provinciën (57 miljard) en onderwijs (55 miljard). Alle overige (veel kleinere) ministeries kosten samen nog €89 miljard.

Dit maakt ook duidelijk waar veruit het grootste deel van de defensie-uitgaven aan moet worden onttrokken: zorg en uitkeringen. Maar op deze posten is door de vergrijzing juist grote druk om de uitgaven op te voeren, en is er bij de bevolking geen draagvlak om daar voelbaar op in te leveren.
De gemeentes krijgen al veel te weinig, en grote bedragen op onderwijs bezuinigen is uitgestelde economische zelfmoord. Het peil van het onderwijs van lagere scholen tot universiteiten aan toe daalt sowieso al schrikbarend.
Uit de grootste vier posten is dus eigenlijk geen drastische toename van de defensie-uitgaven te halen. De overige ministeries zijn zo klein dat ze sowieso alleen marginaal zouden kunnen bijdragen. Waar moet het geld dan vandaan komen?
Zwaar weer
Het echte probleem is echter dat we aan de vooravond staan van zwaar weer. De wereldeconomie dreigt in de problemen te komen: de oorlog in het Midden-Oosten kon wel eens langdurig hoge energieprijzen gaan veroorzaken. Dat gaan we voelen.
Maar ook aan de inkomstenkant gaat het in Nederland helemaal mis: onze basis- en maakindustrie bezwijken onder de lasten en problemen van de energietransitie, en een grote uittocht van bedrijven is in volle gang.
Steeds hoger oplopende uitgaven aan de transitie en immigratie, en dalende inkomsten door een instortende basis- en maakindustrie, dat is wat Nederland te wachten staat. Een komende regering zal in zwaar weer harde keuzes moeten maken, en daarbij zullen de verhoogde defensie-uitgaven beslist snel in het vizier komen!
Hoeveel geld is er eigenlijk nodig voor defensie?
Laten we allereerst vaststellen wat we ermee willen bereiken: een veilig Europa.
We hoeven niet de overheersende wereldmacht te worden en militair overal op de wereld onze wil op te kunnen leggen: we willen alleen ons werelddeel geloofwaardig kunnen verdedigen tegen aanvallende wereldmachten, en in het bijzonder Rusland.
Dan gelden er twee militaire vuistregels:
- Om een aanvalsoorlog te winnen en een gebied te veroveren, moet je minstens driemaal zoveel manschappen en wapens hebben als de verdedigende partij.
- Als je in een langdurige oorlog verzeild raakt, wint de partij met de sterkste economie.
Laten we deze regels op Rusland toepassen:
Ad regel 1
In 2024, dus met de nog zwaar achtergebleven defensie uitgaven van de EU, had de NAVO 3,3 miljoen man, Rusland 1,3. Zonder de VS had de NAVO nog steeds 2 miljoen man, 66% meer dan de Russen.
De uitgaven zijn nog absurder: de NAVO gaf in 2020 ongeveer 1000 miljard uit, Rusland 60 miljard; in 2024 is dat opgelopen naar 1500 miljard, tegen Rusland 150 miljard. We zijn dus als NAVO van 17x zoveel defensie-uitgaven als Rusland gegaan naar 10x zoveel als Rusland.
Het Europese deel daarvan is nu zo’n 500 miljard, dus zelfs zonder de VS geven we nu al meer dan 3x zoveel aan defensie uit als Rusland. Zelfs met de voor de hand liggende verschillen in ‘koopkracht’ van deze uitgaven in de verschillende landen, lijkt dit een afdoende groot verschil. Let wel: deze getallen komen uit de tijd dat de Europese landen de 2% norm niet eens haalden!
Regel 1 wordt bevestigd in Oekraïne: De Russen waren aanvankelijk met 5x zoveel man en materieel, en rukten snel op; maar inmiddels heeft het Oekraïense leger bijna evenveel soldaten. De Russen lopen nu vast op het verzet van het veel kleinere Oekraïne.
Ad regel 2
De Russische economie is zo groot als die van de Benelux en kleiner dan die van Italië. Geen reus om als Europa bang voor te zijn. Bij een langdurige oorlog zou Rusland geen partij zijn voor Europa, ook zonder de VS.
In Oekraïne zou deze tweede regel inmiddels tot een overwinning van Rusland geleid hebben, ware het niet dat de grote economieën van Europa (en aanvankelijk de VS) zorgden voor voldoende economische ondersteuning.
Rusland maakt dus geen schijn van kans in een aanvalsoorlog tegen Europa met de huidige militaire kracht, laat staan de hele NAVO, en zal die dus heel graag willen vermijden.

Vergelijking met de VS
Een tweede berekening kun je maken op basis van de defensie-uitgaven van de VS. De VS hebben een enorm leger, maar hebben daar een totaal ander doel mee.
Sinds de Koude Oorlog wil de VS in staat zijn om hun militaire en economische belangen overal ter wereld af te dwingen. Daarom heeft het ruim 750 militaire bases in tegen de 100 landen overal ter wereld, waarop zo’n 200.000 militairen gelegerd zijn. Daarnaast heeft de VS voor dit doel 11 vliegdekschepen met totaal zo’n 800 vliegtuigen en duizenden kruisraketten. Al die militaire macht wordt ook regelmatig ingezet bij conflicten.
Buitenlandse bases, vliegdekschepen en militaire acties vormen samen ruwweg 15% tot 25% van de defensie-uitgaven van de VS. De totale defensie-uitgaven bedragen 3,5% van het BBP van de VS. Het defensieve deel daarvan zou dus liggen tussen de 2,6% en 3%. Trumps eis van 5% was dus redelijk absurd, gezien de eigen defensie-uitgaven van de VS.

We kunnen concluderen dat we als defensieve uitgaven tegen Rusland met de huidige 2% al ruim aan de veilige kant zitten, en dat er bij een eventueel politiek gewenste evenredigheid met de VS een (tijdelijke) verhoging tot ca. 2,8% overwogen kan worden. Voor structureel 3,5% is geen redelijke argumentatie te geven.
Het is begrijpelijk dat de defensietop zijn geluk niet op kan, en druk bezig is om de 3,5% zo snel mogelijk structureel in te vullen, en liefst op een manier die vastgelegd is in verplichtingen en wetten, zodat ze niet nog eens kaalgestript kunnen worden.
Maar daarmee vaart men af op een ijsberg: in nieuwe tijden, bijvoorbeeld na Poetin, of wanneer de economieën van Europa in zeer zwaar weer zitten, zullen de meeste landen de defensie-uitgaven weer moeten terugdraaien naar onder de 2%. Frankrijk en Italië dreigen failliet te gaan op hun pensioenstelsel, en zullen dramatische maatregelen moeten nemen. Ze zullen waarschijnlijk als eerste op de 3,5% voor defensie bezuinigen, als ze überhaupt van plan zijn om echt ver boven de 2% te komen. In die situatie zal de Kamer ook de Nederlandse defensiebegroting niet onaantastbaar meer achten. Waarbij wij niet op omvallen staan zoals Frankrijk, maar wel degelijk in economisch zwaar weer terecht dreigen te komen.
Uitbreiden manschappen schaadt economie
Wijsheid is dus om te beseffen dat de huidige 3,5% een tijdelijke zaak zal blijken te zijn, en dat structurele uitgaven aan bijvoorbeeld manschappen, tanks, vliegtuigen, schepen en kazernes gebaseerd moeten zijn op maximaal 2%, zodat ingrijpende afbraakrondes met veel kapitaalvernietiging in de nabije toekomst voorkomen kunnen worden.
Zeker het sterk uitbreiden van het aantal manschappen is ongewenst: er is grote krapte op de arbeidsmarkt waar defensie wil werven, dus dit schaadt de economie ook rechtstreeks. Daarbij is er geen enkele reden voor meer troepen. De vraag van defensie naar technici op het gebied van drones en researchers voor defensietechnologie gaat al meer dan genoeg druk op de uiterst krappe markt van goede technici zetten.
Dezelfde wapens voor twee keer zoveel geld
Een tweede nadeel van de plotse extreme verhoging van de defensiebudgetten van alle NAVO-landen, is dat hierdoor de vraag naar defensiematerialen enorm stijgt, terwijl de productie amper flexibel is. Het ligt dus voor de hand dat de prijzen sterk gaan stijgen. Dan komt de verdubbeling van de defensie-uitgaven er als we niet uitkijken simpelweg op neer dat we evenveel wapens kopen, maar voor twee keer zoveel geld. We voldoen dan aan de 3,5% eis, maar verspillen enorme hoeveelheden belastinggeld. Dat is geen wijsheid.
Het is de laatste 12 jaar bewezen dat een verhoging van de defensie-uitgaven erg veel tijd en geduld vraagt. Daar moeten we dus verstandig mee omgaan.
Defensietechnologie
Het ligt voor de hand dat Nederland met haar dure productieruimte en arbeid niet de munitiefabriek van Europa moet worden. Voldoende (nood-)productie voor eigen gebruik volstaat.
Wij kunnen veel beter een paar zeer geavanceerde niches van de defensietechnologie oppakken en daarin een voorsprong opbouwen. Dit levert gegarandeerd ook civiele spin-off op. Je zou kunnen denken aan geavanceerde drone-bestrijdingssystemen, bijvoorbeeld met laserstralen of EMP; mini-satelliet observatiesystemen; of een betrouwbare verdediging tegen hypersone wapens. We kunnen daarbij voortbouwen op de leidende positie in defensie-radartechnologie van TNO en Thales Hengelo.
Daarbij moet in aanmerking genomen worden dat onze grootste vijand op termijn wel eens niet Rusland zou kunnen zijn, maar het extremisme in eigen land. De rapporten van de AIVD hierover zijn verontrustend.
Aanslagen op vitale infrastructuur met drones vanuit extremistische hoek zijn op dit moment niet te voorkomen en zouden ons hele land met erg weinig moeite langdurig kunnen platleggen. Er moet daarom een enorme inspanning geleverd worden om snel een betaalbare en betrouwbare drone-verdediging te ontwikkelen voor elektriciteitscentrales, waterbedrijven, stations, vliegvelden, petrochemie, waterstoffabrieken etcetera.
Uiteraard zouden grote defensie-uitgaven van nu af aan in principe alleen in Europa gedaan moeten worden. Als dat moet, kan de Europese industrie dezelfde kwaliteit aan defensiemateriaal ontwikkelen als de VS, al zal de inhaalslag tijd en een flinke financiële inspanning vragen. Gelukkig zitten we niet in een kwetsbare situatie en hebben we voldoende tijd.
Een toekomstvisie
Defensie heeft door het oude afbraaktrauma de neiging om in klassieke defensietermen te denken: grote hoeveelheden gevechtsgetrainde manschappen, de modernste gevechtstanks, gevechtsvliegtuigen, oorlogsschepen en kazernes.
Maar dit zijn allang niet meer de middelen waarmee een oorlog gevoerd en gewonnen wordt. Laat staan dat dat over tien jaar zo is, wanneer het Europese leger op sterkte moet zijn. Sterker nog, deze klassieke oorlogsmiddelen blijken juist zeer kwetsbaar voor nieuwe technologie. Je zult maar op een vliegdekschip varen in de Perzische Golf, binnen bereik van de Iraanse/Russische ballistische/hypersone raketten. Er zal daarom geïnvesteerd moeten worden in het leger van de verdere toekomst, met een horizon van 10 tot 15 jaar.
Stop de waan van de dag
Net als de noodlottige afbraak van ons leger eind vorige eeuw, komt de nu voorgenomen enorme toename van de structurele defensie-uitgaven voort uit de Haagse waan van de dag. Een prudente regering kijkt vooruit, en zet in op stabiele structurele defensie-uitgaven van 2% BBP, met daarop afgestemde hoeveelheden gevechtstroepen, kazernes en wapensystemen. Daarnaast kan tijdelijk een extra inspanning geleverd worden om ons leger om te vormen naar de nieuwe, technologische wijze van oorlogsvoering, en om als Europa onafhankelijk te kunnen functioneren van de VS.
Daaronder valt zowel de high tech-oorlogsvoering met vijanden als Rusland als de beveiliging van onze infrastructuur tegen aanvallen van terreurorganisaties en buitenlandse mogendheden. De structurele uitgaven aan deze nieuwe defensietaken dienen dan uiteraard uit de 2% betaald te kunnen worden.
*Theo Wolters is voorzitter van de Stichting Milieu, Wetenschap & Beleid
De uitgebreide versie van dit artikel vindt u hier.
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!


