Gerri Eickhof moet ophouden andersdenkenden als racist te betitelen

Gerri Eickhof

Het zal de trouwe lezers van Wynia’s Week niet zijn ontgaan dat er tegenwoordig veel aandacht bestaat voor de schadelijke gevolgen van racisme. Ook de jongste troonrede maakt daar melding van. Dat is terecht, want racisme deelt de Nederlanders in naar huidskleur en afkomst en dat is onzinnig. Daar moeten we tegen vechten al was het maar omdat we iedereen nodig hebben om ons hoge welvaartsniveau en onze solidaire samenleving in stand te houden.

Bovendien moeten we nooit vergeten dat de racistische ideologie van het nationaalsocialisme een moordpartij heeft ontketend van ongekende omvang. Voor racist te worden uitgemaakt is dan ook de ergste beschuldiging, die je vandaag de dag kunt uiten.

Dat is precies wat NOS-verslaggever Gerri Eickhof heeft gedaan toen hij in een interview in de Volkskrant van 1 augustus jl. mij voor ‘racistische professor’ uitmaakte. Daarover heb ik een klacht bij de Raad voor de Journalistiek ingediend, omdat ik wel eens wil weten – gelet op de zwaarte van de beschuldiging – of je in de krant zomaar racist kan worden genoemd zonder onderbouwing of wederhoor.

Een toelichting is nog geen rectificatie

Omdat deze beschuldiging in de pers enige stof deed opwaaien heeft Eickhof contact met mij gezocht en dat gaf me de gelegenheid een rectificatie te eisen. Die is er niet gekomen. Wel heeft de NOS-verslaggever een brief naar de opiniepagina van de Volkskrant (16-9-2020) gestuurd, waarin hij zijn beledigende uitspraak toelicht. Die onderbouwing is een onthutsend samenraapsel van verkeerde citaten, onbegrepen wetenschappelijk begrippen en ondoordachte veronderstellingen.

Zo noemt Eickhof mijn wetenschappelijk analyse racistisch, die aantoont dat de parlementen in de koloniale moederlanden en niet het verzet van de slaven een einde aan de slavernij hebben gemaakt. Ben je ook een racist als je volhoudt dat niet het Nederlandse verzet de Duitsers uit ons land heeft verdreven, maar de geallieerde troepen?

Het slavenverzet vormde weliswaar een constante verzwakking van het slavenregime, maar het kan geen verklaring vormen voor het plotselinge einde ervan. Alleen op het Franse Saint-Domingue is het slavenverzet erin geslaagd de macht te grijpen, de slaveneigenaren te verjagen of te vermoorden en de ex-slavenrepubliek Haïti te stichten. Zelfs dat was niet alleen het gevolg van het slavenverzet, maar ook van het feit dat de slaveneigenaren in de kolonie niet langer één front vormden en uiteenvielen in aanhangers van de monarchie en aanhanger van de revolutie.   

Hoezo beenruimte?

Zonder enig eigen onderzoek herhaalt Eickhof de mythe dat ik beenruimte van de slaven aan boord van de slavenschepen in gunstige zin zou hebben vergeleken met die van vliegtuigpassagiers. Dat duidt erop dat hij mijn slavenhandelsboek en in ieder geval de desbetreffende passage helemaal niet heeft gelezen, want daarin komt het woord beenruimte niet voor.

Wel berekende ik het aantal kubieke centimeters dat een slaaf aan boord gemiddeld ter beschikking had. De uitkomst kwam ongeveer overeen met de ruimte, waarover een passagier in de economy class van een Boeing 747 beschikte. Die vergelijking had ik nodig om aan te tonen hoe onmenselijk het slavenvervoer was, want de tekst gaat verder met de essentiële toevoeging dat een slavenreis gemiddeld zes weken duurde en een vliegreis hoogstens tien tot twaalf uur.

Die informatie laat Eickhof bewust weg om mij zo van racisme te kunnen beschuldigen. Dat werpt een schril licht op zijn werkwijze als NOS-verslaggever en op zijn bezwering dat hij hecht ‘aan zorgvuldigheid en nuance’.  Overigens kan de krappe ruimte evenmin worden gebaseerd op het toenmalige racisme, want de Europese landverhuizers, die uit Rotterdam naar Noord-Amerika vertrokken, zaten nog benauwder.    

Slaven waren niet altijd slechter af

Is het racistisch om te constateren dat de verre nakomelingen van de slaven in Noord- en Zuid-Amerika en Europa in materiële zin thans beter af zijn dan de nakomelingen van de slaven, die niet uit Afrika zijn weggevoerd? Het gemiddeld inkomen per hoofd van de bevolking bedraagt in Ghana op dit ogenblik 2.223 dollar per jaar, in Suriname 7.966 dollar en in Nederland 53.048 dollar. Een geluk bij een ongeluk dus, maar Eickhof zou deze cijfers voor zijn kijkers geheimhouden, omdat ze blijkbaar racistisch zijn.  

Is het streven naar individuele vrijheid een Europees verschijnsel? Ja, want in Afrika was vrij zijn het laatste wat je wilde. Daar wilde je juist afhankelijk zijn van een meester of van een collectief om jezelf te beschermen tegen hongersnoden, beroving, slavenjachten en doodslag. In het feodale Europa met zijn adel, horigen en lijfeigenen was dat niet anders. Alleen in de Europese steden (‘stadslucht maakt vrij’) kon je als individu vrij zijn. Wat is er racistisch aan deze constatering?

Viel de slavernij wel mee?  Dat is een onzinnige vraag, want niets kan de onvrijheid van de slavernij compenseren. Wel is het nuttig om de materiële leef- en werkomstandigheden van de slaven te vergelijken met die van vrije arbeiders in die tijd. Naar gelang de periode en gebied pakt zo’n vergelijking in een enkel geval soms gunstig uit voor de slaven. Weer een geluk bij een ongeluk, maar als het aan Gerri Eickhof had gelegen was dat nooit aan het licht gekomen.    

Misschien zou deze journaalverslaggever eens moeten ophouden iedereen een racist te noemen, die anders over de slavernij oordeelt dan hij.