Kaag praat maar wat over het onderwijs

Sigrid Kaag

Als je jezelf altijd dé onderwijspartij hebt genoemd en je levert de zwakste minister van onderwijs sinds decennia, dan heb je een probleem. Maar de nieuwe partijleider van D66 – over die partij hebben we het – draait daar haar hand niet voor om.

Zonder plichtplegingen gooide Sigrid Kaag minister Van Engelshoven voor de bus. ‘De regering heeft de verwachtingen niet waargemaakt’, aldus Kaag, alsof ze niet zelf in het kabinet zit.

Haagse omgangsvormen, we kijken er niet meer van op. Hooguit voelen we even een lichte kriebel als we Kaag’s getrompetter horen over de noodzaak van normen en waarden in ‘de nieuwe economie’ die ze voorstaat. Mevrouw mag nauwelijks enige binding met ons land hebben, de politieke mores heeft zich snel eigen gemaakt.

Voor het Torentje

Haar achterban mort niet, want die meent met Kaag een winnaar in huis te hebben. Niet voor niets liet de lijsttrekker die mag rekenen op een zeteltje of 14, zich alvast fotograferen voor het Torentje, wat Rutte de uitspraak zou hebben ontlokt dat hij zich altijd op zijn eigen werkplek liet fotograferen.

Van bescheidenheid of subtiliteit moet Kaag het dus niet hebben.

Bij de opening van het Academisch Jaar in Groningen meldde Kaag met veel aplomb dat het budget voor onderwijs en onderzoek omhoog moet. En wel naar de Europese norm van 3% van het bruto binnenlands product (bbp).

De setting waarin deze uitspraak werd gedaan, leidde bij het hooggeleerde publiek tot het begrijpelijke misverstand dat het onderzoeksbudget van de universiteiten met vele miljarden zou worden opgekrikt. Zo gek is die vergissing niet, omdat er ook een Europese norm van 3% is voor research en innovatie. Ons land haalt die in de verste verte niet (nauwelijks 2%) en dus zag men in de leidster van de onderwijspartij de reddende engel.

Vergeet het maar. Waarschijnlijk getraind door jarenlange onderhandelingen met dictators in het Midden-Oosten weet Kaag met woorden en beelden te jongleren. Ze had het over 3% van het bbp voor alle onderwijs en onderzoek, dus van primair onderwijs tot en met de universiteit.

Waar 3 procent voor?

Mocht iemand denken: beter iets dan niets, reken dan even mee.

In 2019 was ons bbp 812 miljard euro. Drie procent daarvan is 24 miljard. De uitgaven voor onderwijs en onderzoek (begroting OCW) waren in hetzelfde jaar ongeveer 39 miljard.

De nieuwe leidster van de onderwijspartij, Kaag, wil dus een bezuiniging voor van circa 35% op onderwijs en onderzoek.

Of zou ze toch alleen het oog hebben gehad op het hoger onderwijs? Even rekenen: het huidige budget is 4.5 miljard. Ophogen naar 24 miljard, dus 19,5 miljard erbij? Dat zal ook wel niet zijn bedoeld.

Of had ze het toch over research en innovatie? De uitgaven in 2019 waren ruim 15 miljard, een gat met de 3%-norm van een dikke 9 miljard. Zelfs als je bedenkt dat slechts 30% van het totale R&I-budget door de overheid wordt bekostigd, is het ondenkbaar dat er 3 miljard bij komt.

Kaag kletst.

We gaan Van Engelshoven nog missen.