Milieudefensie heeft ongelijk: klimaatbeleid is een zaak voor de wetgever, niet voor de rechter
Artikel beluisteren
Dit artikel is geschreven door Lucas Bergkamp, arts en advocaat te Brussel. Hij heeft de Stichting Milieu & Mens bijgestaan in de procedure tegen Milieudefensie.
Afgelopen vrijdag diende voor de Hoge Raad het cassatieberoep dat Milieudefensie tegen Shell en de Stichting Milieu en Mens (M&M) instelde. De drie partijen kregen de gelegenheid hun standpunten toe te lichten. Milieudefensie draaide het bekende verhaal over de klimaatcrisis af, Shell had een sterk, maar nogal technisch verweer. M&M had als gevoegde partij een vrije rol en legde uit waarom klimaatbeleid niet bij de rechterlijke macht thuishoort. ‘Zo heeft Montesquieu het niet bedoeld’, zei de advocaat van de stichting.
Cassatieberoep
Bij de rechtbank Den Haag trok Milieudefensie in 2021nog aan het langste eind. De rechter legde Shell en diens klanten een emissiereductiebevel op: 45% in 2030. In november 2024 kwam het Gerechtshof Den Haag vervolgens tot het oordeel dat er geen specifiek percentage uit open normen val af te leiden en een bevel aan alleen Shell sowieso geen enkel positief effect op het klimaat zal hebben. Vervolgens ging Milieudefensie in beroep bij onze hoogste rechter, de Hoge Raad.
In zo’n cassatieberoep gaat het alleen nog maar om de toepassing van het recht; de feiten staan vast. Normaal gesproken beslist de Hoge Raad op basis van schriftelijke stukken, maar nu waren uitzonderlijk pleidooien voorzien. Milieudefensie begon, daarna volgde Shell en als laatste kwam de stichting Milieu en Mens, die zich gevoegd heeft aan de zijde van Shell, aan het woord. Deze stichting behartigt de belangen van burgers en bedrijven die geraakt worden door ambitieus klimaatbeleid en de energietransitie en vertegenwoordigt hun belangen in deze procedure.
Omdat partijen voor de Hoge Raad alleen de uitleg en toepassing van het recht ter discussie mogen stellen, zou je verwachten dat Milieudefensie geen tijd zou verkwisten en in detail zou uitleggen waarom het Hof het recht verkeerd begrepen heeft. Dat was duidelijk teveel gevraagd.
Het pleidooi van Milieudefensie was beschamend. Ze kregen anderhalf uur om hun punt te maken, maar veel verder dan een klimaatalarmistische litanie en samenzweringstheorieën over de olie- en gassector die ambitieus klimaatbeleid getorpedeerd zou hebben, kwamen ze niet. Over de uitleg van het recht herhaalden ze slechts wat vage suggesties die het Hof al overtuigend verworpen had. Ze willen, vreemd genoeg, dat modelmatige projecties op basis van scenario’s door de rechter als normen worden gezien; alsof het IPCC ons de wet kunnen voorschrijven.
Met de mond vol tanden
De raadsheren en advocaten-generaal maakten tijdens het langdradige betoog van Milieudefensie nauwelijks aantekeningen; iedereen kent het verhaal inmiddels. Ze hadden wel een voor de hand liggende vraag aan Milieudefensie: ‘Hoe kun je uit de vage, open gevaarzettingsleer en intergenerationele rechtvaardigheid waarop Milieudefensie zich beroept, een specifiek percentage voor emissiereductie voor Shell afleiden?’
De advocaten van Milieudefensie stonden vreemd genoeg met de mond vol tanden. Op de vraag kwam nooit antwoord. Veel verder dan wat gemompel over ‘scenario’s’ en ‘in ieder geval een minimumpercentage’ kwamen ze niet. Het was duidelijk dat de klimaatkeizer geen kleren aan had. Vanwege de opwarming zeker, zou je haast denken.
‘Cap-and-trade’
Gelukkig hadden de andere twee partijen zich wel grondig in het recht verdiept. Shell gaf een overzicht van het uitgebreide en veeleisende pakket aan overheidsmaatregelen dat bedoeld is om de emissies omlaag te brengen. Daarin speelt het EU Emissions Trading System (ETS), het Europese handelssysteem voor emissierechten, een cruciale rol. Dat systeem wordt door de EU steeds strenger gemaakt en verder uitgebreid — ETS2 zal ook de individuele consumenten van fossiele brandstoffen gaan raken.
Het ‘cap-and-trade’-ETS is gebaseerd op het idee dat emissierechten verhandelbaar zijn en daardoor dus uiteindelijk terechtkomen bij de onderneming die er het meest voor wil betalen. Dit principe staat haaks op de eis van Milieudefensie dat Shell een afzonderlijk individueel emissiereductiepercentage opgelegd moet krijgen, want een basisbeginsel van het ETS is juist dat er geen individuele ‘caps’ zijn, alleen een algemeen budget.
Nederlandse rechter als klimaatwereldwetgever
Om toch nog iets te kunnen redden van de ‘klimaatzaak van de eeuw’ antwoordde Milieudefensie dat ze het eigenlijk niet voor Europa doen (waar slechts 16% van de uitstoot van de klanten van Shell plaatsvindt), maar voor alle landen die nog geen of niet afdoende klimaatwetgeving hebben. Met het door Milieudefensie gevorderde bevel zou de rechter een soort van Shell-klimaatwet voor de hele wereld moeten uitvaardigen, suggereerde Milieudefensie.
Het was plotseling voor iedereen duidelijk hoe de vork in de steel zit: Milieudefensie wil dat de rechter niet alleen als wetgever-plaatsvervanger in Nederland optreedt, maar als wetgever voor de hele wereld. Een soort klimaatwereldregering in Den Haag dus en dan ook nog van rechters. Milieudefensie vergat erbij te zeggen dat de rest van de wereld de gevolgen van die rechterlijke wet zou moeten dragen en dat dan niet alleen de Nederlandse democratie ‘onder curatele wordt gesteld’, zoals Milieudefensie wil, maar ook de andere landen waar Shell actief is.
Om het gebrek aan juridische kracht te verbloemen greep Milieudefensie met regelmaat naar het populistische verhaal om hun eisen kleur te geven, zelfs als iedereen eenvoudig de waarheid zelf kan vaststellen. Zo zei Milieudefensie dat de energietransitie tot ‘meer energiezekerheid’ en ‘goedkopere energie’ zal leiden en bovendien energiecrises voorkomt, terwijl het inmiddels duidelijk is dat de energietransitie de energiezekerheid vermindert, de prijzen fors doet stijgen en steeds meer energiearmoede veroorzaakt. De energietransitie zelf is de energiecrisis geworden waar Milieudefensie de mand van vol heeft.
Milieudefensie klaagde ook eindeloos over de lobby van de olie- en gassector en zogenaamde ‘carbon lock-in’, het voor de hand liggende punt dat investeringen in gas en olie langetermijn-investeringen zijn. Ironisch genoeg heeft Milieudefensie zelf met anti-nucleaire propaganda een ‘nuclear lock-out’ veroorzaakt waardoor de belangrijkste bron van CO2-vrije energie niet beschikbaar is. Milieudefensie wil fossiele energie niet vervangen door betrouwbare kernenergie, maar door onbetrouwbare wiebelstroom die het netwerk destabiliseert en die ook nog peperduur is.
‘Gevaarlijker dan staten’
Daarmee was het met het populisme in de rechtszaak nog niet gedaan. Het gevaarlijke gedachtegoed van Milieudefensie bleek misschien wel het best uit de stelling dat ‘privaatrechtelijke entiteiten gevaarlijker zijn dan staten’. Hoe dat kan als die entiteiten exact doen wat de staten eisen en voldoen aan de vrijwillige vraag van consumenten wereldwijd, legde de advocaat niet uit.
De boodschap van Milieudefensie is dat zowel staten als ondernemingen falen en destructief zijn. Maar de politiek van die staten wordt bepaald door de kiezers en consumenten kopen vrijwillig de producten die ondernemingen aanbieden. Milieudefensie zegt dus eigenlijk dat de burger zelf het gevaar is dat ze wil bestrijden.
Emotionele chantage met totalitair karakter
Zoals inmiddels gebruikelijk, voerde de advocaat van Milieudefensie een hele reeks aan artikelen, rapporten en inzichten op die allemaal zouden aantonen hoe erg de gevolgen van klimaatverandering wel niet zullen blijken te zijn. Daarmee zou de noodzaak van het gevraagde bevel aan Shell gegeven zijn. Aansluitend volgde het emotionele beroep op de rechter: ‘Ik richt mij direct tot u … er is een grote rol weggelegd voor rechters.’ Om de wereld te redden uiteraard.
De raadsheren leken onaangenaam verrast door deze emotionele chantage met een totalitair karakter. Zoals Hannah Arendt schreef in haar befaamde werk met de titel De oorsprong van het totalitarisme: ‘Er is geen betere manier om een debat te vermijden dan door een argument los te koppelen van de controle van het heden en te stellen dat alleen de toekomst de verdienste ervan zal uitwijzen.’ Maar welke rechter zou een eiser gelijk geven op grond van het argument dat alleen de toekomst zal bewijzen dat hij gelijk heeft?
Milieudefensie oogt vermoeid
Het vertrek van Donald Pols naar Tata lijkt Milieudefensie reddeloos te hebben achtergelaten. De organisatie oogt vermoeid en klonk voor de Hoge Raad als een verwend kind. Dat bleek ook uit het feit dat hun advocaat op nogal doorzichtige wijze Shell woorden in de mond probeerde te leggen.
Milieudefensie lijkt steeds meer te gaan beseffen dat ‘de wilde uitspraak’ van de rechtbank Den Haag, om de woorden van oud-advocaat-generaal Spier te gebruiken, een eendagsvlieg was. Dat is slecht nieuws voor de klimaatbeweging die ook rechtszaken aanspande tegen nog eens Shell, ING en de Rotterdamse haven.
Machtenscheiding
Tegen de achtergrond van het extremisme van Milieudefensie klonken zowel Shell en M&M als de rede zelve. Terwijl Shell zich meer richtte op de juridische punten waarover de Hoge Raad zich moet buigen, plaatste M&M de zaak in een bredere context. Met name de trias politica en de machtenscheiding kregen daarbij de aandacht.
Tegenover het jengelende kind Milieudefensie dat de wereld naar zijn hand wil zetten, stond de Stichting Milieu en Mens als de redelijke volwassene. Met een rationeel, juridisch doorwrocht en kort betoog had de Stichting Milieu en Mens het oor van de raadsheren.
M&M kon verwijzen naar een zeer recent arrest van het hoogste gerechtshof van Duitsland dat korte metten maakt met klimaatzaken tegen ondernemingen. In dat arrest staat, zonder voorbehoud, zonder kwalificaties en onomwonden, dat klimaatbeleid een zaak is voor de wetgever, niet de rechter. Milieudefensie probeerde het belang van die zaak te relativeren door te verwijzen naar enkele irrelevante verschillen, maar de relevante overeenkomsten sprongen zo in het oog dat die poging tevergeefs was.
Aan de hand van de trias politica van Montesquieu legde M&M glashelder uit waarom de rechter Shell geen emissiereductiebevel kan en mag opleggen. De collectieve actie is geen remedie voor het falen van het collectief, stelde M&M. Het burgerlijk recht gaat immers over de verhouding tussen burgers onderling en is bedoeld noch geschikt om algemene reglementen uit te vaardigen. Daarnaast is klimaatbeleid een dusdanig complex, ‘poly-centrisch’ en wereldwijd vraagstuk dat nationale rechters aan de oplossing geen bijdrage kunnen leveren.
De toekomst van strategische procedures
In de oorlogskas voor klimaatzaken van de klimaatbeweging zitten tientallen miljoenen euro’s aan subsidies en giften. Dat die zaken voor het klimaat niets doen deert de beweging niet, want de schoorsteen moet daar ook roken. Milieudefensie heeft zelf ook al toegegeven dat ze die rechtszaken niet aanspannen om te winnen, maar om druk uit te oefenen op de politiek en ondernemingen. Een twijfelachtige praktijk, want naast de SLAPP-wetgeving is misbruik van recht verboden en hebben procespartijen een waarheidsplicht. De ‘Revolutie met Recht’, zoals Milieudefensie’s advocaat klimaatzaken noemt, verdraagt zich steeds minder met het recht.
Na de pleidooien komt er nog een schriftelijke ronde. Het advies van de advocaat-generaal volgt waarschijnlijk in het vierde kwartaal van dit jaar. En dan is ‘het tere vaasje dat democratische rechtsstaat heet’, om met Rutte te spreken, weer in handen van het hoogste rechtscollege.
Eigenlijk heeft dat college een eenvoudige taak: beslissen op basis van de trias politica zoals Montesquieu haar wel bedoeld heeft.
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!





















