Wir schaffen das nicht: ‘Meeste Duitse steden bijna failliet’

WW Van der Meer 3 januari 2026
Voor het eerst in jaren is Duitsland geen koploper meer in nieuwe asielaanvragen, maar de kosten door migratie rijzen de pan uit. Beeld: YouTube

Door Alexander van der Meer*

De Duitse steden en gemeenten staan voor een totale financiële catastrofe, een ‘Finanz-Kollaps’, zo waarschuwden onlangs verschillende burgemeesters bondskanselier Friedrich Merz. Hoe kon het zover komen bij onze toch zo financieel verantwoordelijke oosterburen? Rusland en de coronacrisis hielpen natuurlijk niet, maar twee factoren vormen de grondslag voor de huidige crisis: de zelfsabotage met nucleaire energie, en de uit de hand lopende kosten van asiel en migratie.

Tien jaar geleden deed toenmalig bondskanselier Angela Merkel haar omstreden uitspraak ‘Wir schaffen das’. De president van de Deutsche Bank ging zelfs verder: de toevloed van asielzoekers uit de derde wereld, in 2015 al 1,1 miljoen, zou voor een nieuw economisch wonder zorgen. Nu blijkt: ‘Wir haben es nicht geschafft.’

Migratiekosten taboe

Inmiddels staan bijna alle Duitse steden op de rand van het faillissement, zegt burgemeester Thomas Kufen (CDU) van Essen, medeondertekenaar van een brandbrief aan bondskanselier Friedrich Merz. Enig gevoel voor drama is Kufen niet vreemd. De steden kunnen hooguit onder curatele worden gesteld. De begroting van het 600.000 inwoners tellende Essen voorzag voor dit jaar een klein overschot, maar komt waarschijnlijk uit op een tekort van 124 miljoen. Dat is nog maar een fractie van de naar schatting 30 miljard die Duitse gemeenten dit jaar te kort zullen komen.

Kufen noemt als belangrijke oorzaak de kosten van het vluchtelingenbeleid. Van wat Duitse steden bijvoorbeeld aan bijstandsuitkeringen betalen, gaat bijna de helft naar mensen zonder Duits paspoort. Uitkeringen aan migranten en asielzoekers van buiten Europa bedragen 63,5 procent van het totaal, in sommige deelstaten zelfs meer dan driekwart. Om nog te zwijgen over noodzakelijke extra uitgaven voor gezondheidszorg en onderwijs; bijna elke Duitse stad moet scholen bijbouwen of verbouwen.

Met zijn uitspraken doorbrak de burgemeester van Essen een taboe: Duitse media zwijgen doorgaans als het graf over de kosten van migratie. Als het onderwerp onmogelijk vermeden kan worden, gaat het over ‘vluchtelingen’, nooit over migranten.

Het is natuurlijk lang niet het enige dat financieel malheur heeft veroorzaakt op lokaal niveau. De coronacrisis hakte erin, net als het dichtdraaien van de Russische gaskraan. Maar zoals bekend heeft Duitsland vooral de eigen glazen ingegooid met de al rond de eeuwwisseling bekokstoofde en door groene ministers doorgedrukte sluiting van alle kerncentrales. Dat heeft geleid tot een flinke economische krimp. Vooral in een industriegebied als Nordrhein-Westfalen, waar Essen ligt, kan de zware industrie de huidige extreem hoge energieprijzen nauwelijks nog aan.

Duitse gemeenten heffen rechtstreeks bedrijfsbelasting op lokale ondernemingen via een complex systeem dat uniek Duits is. Het percentage mogen ze tot op zekere hoogte zelf bepalen, wat zelfs heeft geleid tot het ontstaan van binnenlandse belastingparadijzen: dorpen met de laagste ‘Gewerbesteuer’, waar een onwaarschijnlijk hoog aantal bedrijven is gevestigd.

In dit systeem betalen vooral grote bedrijven flink mee aan het gemeentelijke sociale vangnet, dat daarom extra gevoelig is voor economische neergang. Neem staalbedrijf ThyssenKrupp in Essen, dat als grootverbruiker van peperdure energie al 11.000 banen moest schrappen. Hun bijdrage aan de gemeentekas van Essen is navenant gedaald.

Honderden miljoenen minder

In Stuttgart en München, twee van de rijkste gemeentes van Duitsland, lijkt de situatie financieel helemaal uit de hand te lopen. Deze zuidelijke steden halen hun bedrijfsbelasting vooral bij de auto-industrie, die om allerlei redenen in het slop zit en waar mogelijk de productie wordt verplaatst naar elders. Deze bron van inkomsten begon na 2023 in hoog tempo op te drogen: in Stuttgart zakten de ontvangsten met 33 procent in 2024, dit jaar naar schatting nog eens met 23 procent.

Dit jaar zal Stuttgart een kwart miljard te kort komen en de verwachting is dat de opgehaalde bedrijfsbelasting nog met ‘honderden miljoenen’ zal dalen. Uiteindelijk zal de stad 7,4 miljard euro moeten lenen, vooral om geplande woningbouw te laten doorgaan.

De initiatiefnemer van de brandbrief aan bondskanselier Merz was dan ook Oberbürgemeister Frank Nopper (CDU) van Stuttgart. Volgens hem staan de Duitse steden voor een ‘Finanz-Kollaps’: ‘De centrale overheid moet eindelijk begrijpen dat we absoluut de limiet van onze capaciteiten hebben bereikt. We kunnen niet meer!’

Nopper lijkt daar overigens zelf aan te hebben bijgedragen. In zijn stad rommelt het al langere tijd omdat duizenden asielzoekers permanent in dure hotels verblijven. Terwijl tegelijk sommige gebouwen van de gemeente al jaren leegstaan, zoals een vroeger verpleeghuis.

Maar wat voor Duitse oudjes goed genoeg was, is niet noodzakelijk toereikend voor immigranten of vluchtelingen. De Duitse wet stelt hoge eisen aan de leefomstandigheden van asielzoekers en migranten, en een hele rits ngo’s maakt zich druk of er wel aan die normen wordt voldaan. Veel van hen, waaronder de bekendste, ProAsyl, houden zich bovendien bezig met het naar Duitsland halen van zoveel mogelijk asielzoekers. ProAsyl heeft bijvoorbeeld actie gevoerd om per maand minimaal duizend Afghanen in risicovolle situaties naar de Bondsrepubliek te laten komen.

Op aandrang van een parlementslid van de rechtse AfD maakte het ministerie van Binnenlandse Zaken onlangs bekend hoeveel uitgeprocedeerde asielzoekers illegaal in Duitsland blijven. Dat zijn er bijna een miljoen, waaronder 153.550 Afghanen. Volgens de AfD is de Duitse regering ‘alle controle kwijt’.

De wind draait

De pro-asiel ngo’s lijken inmiddels de wind tegen te hebben. Bondskanselier Merz zegt paal en perk te willen stellen aan het binnenhalen van asielzoekers, en dat lijkt in 2025 ook gelukt. Wat niet wegneemt dat verschillende organisaties nog altijd alles in het werk stellen om zoveel mogelijk ‘vluchtelingen’ te laten komen.

Hun grote held is Carola Rackete, ook buiten Duitsland nog wel bekend als de kapitein van reddingsschip Sea Watch 3. Zij ging door roeien en ruiten om voor de kust van Libië opgepikte asielzoekers te verschepen, eerst naar Italië en dan naar Duitsland. Rackete zit nu in het Europees Parlement, voor Die Linke. Volgens haar is Duitsland ‘groot, rijk en leeg’, en heeft het een ‘historische verantwoordelijkheid’. De opname van ‘honderdduizenden vluchtelingen’ per jaar zou ‘technisch, economisch en demografisch’ geen probleem moeten zijn.

De cijfers voor de eerste helft van 2025 zijn inmiddels bekend. Dankzij nieuw beleid en de verbeterde situatie in Syrië staat Duitsland voor het eerst sinds 2011 niet meer op de eerste plaats, met 65.495 asielaanvragen. Spanje (76.020) en Frankrijk (75.428) staan nu bovenaan. Hekkensluiter is Hongarije (47 asielaanvragen).

*Alexander van der Meer is schrijver, wiskundige en documentairemaker. Dit artikel verscheen eerder op Doorbraak.be.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee, ook in het nieuwe jaar? Doneren kan zo. Hartelijk dank!