Steeds meer regels voor duurzaamheid – en ze lossen geen enkel probleem op
Artikel beluisteren
Nederlandse en Europese politici maken steeds meer duurzaamheidsregels voor houtige biomassa en mijnbouw. Ze veronderstellen – tegen beter weten in – dat alle wereldwijde producenten van hout en zeldzame metalen die regels ook respecteren en naleven. Met die illusie wanen onze machthebbers zich politiek en juridisch ingedekt, alsof dat het enige is wat ertoe doet. Ze zijn te veel bezig met hoe het hoort en te weinig met hoe het is.
De realiteit en het gezonde verstand maken korte metten met die illusie. We kunnen allemaal dagelijks zien dat de Nederlandse en Europese normen en waarden beslist geen gemeengoed zijn in de rest van de wereld. Journalistieke en wetenschappelijke publicaties over bijvoorbeeld illegale houtkap in Amerika en Azië, kindslaven in Afrikaanse kobaltmijnen en gruwelijke milieuvervuiling door nikkelmijnbouw in Oceanië zijn talrijk en aanhoudend. Ze zijn op zijn minst aanleiding om de aan andere werelddelen opgelegde duurzaamheidsregels niet als werkelijke garantie voor duurzaamheid te beschouwen.
Het is veel te makkelijk en vrijblijvend om ons achter die zelfgemaakte regels te verschansen, zonder oog te hebben voor de gruwelijke praktijken in buitenlandse boskap en mijnbouw. De essentie van de verbinding die het kabinet-Jetten nastreeft, is juist om eerst en vooral oog te hebben voor wat er werkelijk gebeurt in de samenleving, en niet zomaar te veronderstellen dat iedereen in de wereld zich keurig conformeert aan onze immer groeiende hoeveelheid duurzaamheids- en milieuregels. De tijd dat Europese landen hun wil aan andere delen van de wereld konden opleggen is allang voorbij.
Papieren werkelijkheid
De jarenlang aanzwellende hoeveelheid vernietigende publicaties over de winning van houtige biomassa voor verbranding in energiecentrales, heeft de EU niet doen besluiten om houtige biomassa niet langer als duurzaam en CO2-neutraal te beschouwen. In plaats daarvan heeft voormalig Eurocommissaris Frans Timmermans in 2023 strengere regels voor houtige biomassa opgenomen in de nieuwe Europese Renewable Energy Directive RED-3. Het maken van meer strenge regels maakt de boskap- en mijnbouwpraktijken in de wereld echter niet schoner en duurzamer, en het hout en de metalen die we daarvan importeren ook niet. Dat is een papieren werkelijkheid die alleen in Haagse en Brusselse burelen bestaat, maar niet in de bossen en natuurgebieden van tientallen verre landen.
Het hout dat wij verbranden in onze energiecentrales en de metalen waarvan onze windmolens, elektrische auto’s, stroomkabels en batterijen zijn gemaakt, hebben vele duizenden kilometers afgelegd, in ingewikkelde wereldwijde productie- en transportketens die dagelijks kunnen veranderen. Het is een collectieve illusie dat we dat met onze Nederlandse en Europese regels allemaal zouden kunnen beheersen en controleren op duurzaamheid. Het kleine Nederland en Europa kunnen beter andersom te werk gaan: als veel boskap en mijnbouw in de wereld niet duurzaam blijkt moeten wij een energietransitie zo min mogelijk op hout en zeldzame metalen baseren.
Het is bovenal een collectieve hypocrisie om een energietransitie te baseren op materialen die we te vervuilend of te duur vinden om in eigen land te produceren. We hebben enorme hoeveelheden staal en aluminimum nodig om windmolens te bouwen, maar veel politici en activisten willen Tata Steel het land uit hebben. Aluminiumproducent Aldel in Delfzijl ging in 2022 al definitief failliet vanwege te hoge stroomprijzen.
Onze binnenlandse windmolenwieken bevatten tienduizenden tonnen van aardolie gemaakte kunststoffen, maar veel politici en activisten willen de olieraffinage en petrochemie het land uit hebben. Er zitten honderdduizenden tonnen giftige batterijchemicaliën in onze elektrische auto’s, thuisbatterijen en openbare batterijinstallaties, maar veel politici en activisten willen ook de chemische industrie het land uit hebben. Canada heeft gigantische hoeveelheden koper nodig voor het landelijke elektrificatienetwerk, maar wil het enige grote koperraffinage- en recyclingbedrijf in Quebec sluiten vanwege strengere milieuregels.
Die strengere milieuregels in Canada vatten de collectieve hypocrisie van de huidige energietransitie in een notendop samen. Het koperbedrijf in Quebec dreigt te verdwijnen, en de Canadezen kunnen dan samen met de Europeanen voortleven in de illusie dat de strengere milieuregels de koperindustrie schoner en gezonder hebben gemaakt. Het omgekeerde is natuurlijk waar, want het koper dat zij en wij nodig hebben voor onze elektrificatie komt straks niet meer mede uit Quebec. Dat komt dan uit andere landen en werelddelen, die minder strenge milieu- en gezondheidsregels hanteren dan wij.
Niet verminderd, maar verplaatst
Mens en milieu gaan er per saldo dus op achteruit. De vervuiling en gezondheidsschade die het koper in onze elektriciteitskabels veroorzaakt is dan niet verminderd, maar verplaatst en daardoor vermeerderd. Uit het oog, uit het hart. Dat geldt ook voor elektrische auto’s. Die lijken in onze stedelijke milieuzones heel schoon, maar dat betekent zeker niet dat ze wereldwijd minder vervuiling en gezondheidsschade veroorzaken dan brandstofauto’s.
Elektrische auto’s besparen binnen onze eigen landsgrenzen wel CO2, maar dat is deels een verplaatsing van CO2-uitstoot naar het buitenland. Ze veroorzaken bovendien veel milieuvervuiling in andere landen, door de mijnbouw en productie van batterijchemicaliën. Het is daarom slecht dat het kabinet nu naar aanleiding van de hoge brandstofprijzen extra subsidies voor elektrische auto’s wil geven, ten koste van de staatsschuld en dus van alle belastingbetalers. Bovendien zijn veel lagere inkomens daar nu niet mee geholpen, want die zullen ook met subsidie hun bestaande brandstofauto niet zomaar kunnen inruilen voor een duurdere elektrische auto.
Het Nederlandse elektrificatiebeleid van de afgelopen tien jaar heeft de stroomprijzen tot de hoogste van Europa opgestuwd, en een netcongestie opgeleverd die energiespecialisten al vóór 2015 voorzagen. Momenteel wachten 14.000 bedrijven en instellingen vaak jarenlang op een nieuwe of zwaardere netaansluiting. Netbeheerder Tennet heeft eerdere toezeggingen aan bedrijven voor stroomaansluitingen zelfs ingetrokken. Aanleiding is de dreigende overbelasting van het elektriciteitsstation Vijfhuizen, dat onder andere Haarlem, Schiphol en de Amsterdamse Zuidas van stroom voorziet. Tennet is in de afgelopen jaren door de politiek gedwongen om het net steeds zwaarder te belasten, met het stimuleren en subsidiëren van steeds meer elektrische auto’s, laadpalen, zonnepanelen, warmtepompen en industriële elektrificatie.
Tennet waarschuwt al jaren dat die toenemende netbelasting sneller gaat dan de lopende en geplande netuitbreidingen, mede vanwege vergunningsprocedures, stikstofbeperkingen en arbeidsmarktekorten. Energiespecialist Remco de Boer noemt dit terecht ‘dweilen met de kraan open’. Tot overmaat van ramp dreigt het Australische bedrijf Goodman met een rechtszaak en een miljoenenclaim als ze de toegezegde stroomaansluiting van 70 megawatt voor hun in aanbouw zijnde datacenter niet op tijd krijgen. Dat zou Tennet een dwangsom van 500.000 euro per dag kunnen kosten.
Als een kip zonder kop
Het kabinet en de meeste politieke partijen beweren dat de netuitbreiding achterloopt op de elektrificatie, en willen die tegen beter weten in versnellen. De waarheid is echter andersom: het elektrificatiebeleid loopt als een kip zonder kop vooruit op de netuitbreiding. Die netuitbreiding met meer dan 100.000 kilometer nieuwe bovengrondse en ondergrondse stroomkabels is een zeer groot nationaal infrastructureel werk. Dat vergt meer dan tien jaar, en had voor 2015 al moeten worden ingezet, vóórdat we op grote schaal windmolens, zonnepanelen, elektrische auto’s en warmtepompen gingen subsidiëren. Nu zitten we met al die extra miljoenen variabele opwekkers en verbruikers van elektriciteit, zonder de benodigde infrastructuur om de toegenomen stroompieken te transporteren.
De enige manier om dit probleem niet erger te maken is opschorting van het elektrificatiebeleid, door afbouw van alle subsidies daarvoor. Daarmee verminderen we niet alleen de netcongestie, de jarenlange wachtlijsten en het risico van miljoenenclaims zoals die van Goodman, maar maken we ook miljarden euro’s vrij voor defensie, zorg, onderwijs, infrastructuur, innovatie en het bestrijden van energiearmoede. Voor dat laatste zijn maatregelen zoals een verhoging van de kilometervergoeding met 2 cent, en een extra subsidie voor huisisolatie en elektrische auto’s volstrekt ontoereikend. Het kabinet Jetten moet nu toch echt gaan laten zien dat het wél kan.
Wynia’s Week verschijnt drie keer per week, 156 keer per jaar, met even onafhankelijke als broodnodige artikelen en columns, video’s en podcasts. De groei en bloei van Wynia’s Week is te danken aan de donateurs. Doet u al mee? Doneren kan op verschillende manieren. Kijk HIER. Hartelijk dank!



















