De campagne tegen koeien, varkens en schapen is dom klimaatbeleid en kan ons bij oorlogsdreiging duur komen te staan
Artikel beluisteren
‘De impact van vlees eten is buitensporig groot,’ zo staat te lezen op de website van Greenpeace. Dat wisten onze voorouders ook. Die leefden van vlees en vis totdat 7000 jaar voor Christus de eerste boeren binnenkwamen uit Turkije om hen te laten zien hoe je in plaats van jager ook boer kon worden. Daarna aten ze meer gevarieerd maar nog steeds met veel vlees.
Greenpeace bedoelt het anders en denkt bij vlees aan uitstoot van CO2 en methaan. Giften aan Greenpeace gaan naar harde acties tegen de vleessector. Ik herinner me nog dat Caroline van der Plas (BBB) met tranen in de ogen vertelde dat zij wel iedere week hoorde van een boer die het niet meer aankon en tragisch koos voor suïcide. Nu dreigen de acties van Greenpeace tegen koeien, varkens en schapen nog veel meer leed te veroorzaken, niet alleen bij wanhopige boeren, maar waarschijnlijk ook door duizenden extra gevallen van Alzheimer.
Een op de vijf Nederlanders heeft het APOE3/4-gen geërfd van onze vleesetende voorouders. Dat gen blijkt bepalend voor hun risico op Alzheimer en de kans dat ze daaraan overlijden is veel groter dan voor de gemiddelde burger. Van de Nederlandse slachtoffers van Alzheimer heeft 70 procent een van die twee genen. Al die mensen blijken volgens een zorgvuldige Zweedse studie van Jakob Norgren en co-auteurs hun risico op Alzheimer gelukkig tot gemiddeld te kunnen verminderen door royaal vlees te eten.
Verwrongen en onbetrouwbaar
De biologische verklaring is nog niet vastgesteld. Waarom precies hebben de hersenen dierlijk eiwit nodig? En is het ook gezond om plantaardig te eten en de B- en E-vitamines via supplementen in te nemen? Maar de dreiging voor de 20 procent Nederlanders met het APOE3/4-gen is reëel. De Zweedse onderzoekers hebben de uitkomsten voor Alzheimer gecorrigeerd voor beroepsgroep, overgewicht en hoge bloeddruk. Daarom is hun studie overtuigender dan veel andere publicaties over mogelijk verband tussen dieet en dementie. Het ‘voorzorgsprincipe’ betekent daarom dat dragers van APOE3/4 er goed aan doen door royaal vlees te eten.
Toch sluiten minister Sophie Hermans van Volksgezondheid (VVD) en haar ambtenaren zich hartelijk aan bij Greenpeace. Zij hopen dat wij ons vleesgebruik (alle vlees behalve kip) terugbrengen tot een zesde deel van vroeger. Niet vanwege nieuwe dieetkunde, maar omdat minder koeien, varkens, schapen en geiten helpen in de richting van minder CO2 en methaan. Zo wordt advies over gezond eten verwrongen en onbetrouwbaar.
Mijn vriend dr. Taco Bottema, Wageninger en jarenlang een leidinggevende figuur bij de United Nations Economic and Social Commission for Asia and the Pacific (ESCAP), spant zich ook in voor minder CO2 en methaan, maar heel anders dan Greenpeace. Hij is na zijn carrière bij de VN als landbouwspecialist gaan wonen in Bogor bij Jakarta en stuurt mij elke paar weken een enthousiaste brief over wat valt te bereiken met nieuwe research naar duurzame landbouw en ook naar verbetering van het water langs de kusten van de 17.000 eilanden van Indonesië.
Hier is mijn simpele vergelijking tussen wat mogelijk is op Java en de Nederlandse aanbevelingen van Greenpeace. Met twee of soms zelfs drie oogsten van rijst per jaar stoot Indonesië nu ongeveer 110 megaton CO2 en methaan uit. Nederlandse koeien, varkens en schapen zijn voor consumptie in eigen land goed voor nog geen 3 megaton CO2, methaan en lachgas (vooral varkens lachen heel wat af in de schuur!).
Als wij die vleesconsumptie terugbrengen tot een zesde deel besparen we daarmee dus in Nederland 2,5 megaton aan broeikasgassen. Maar eenzelfde besparing is al bereikt wanneer de Indonesische rijstbouw 2 of 3 procent minder broeikasgas uitstoot. Dr. Bottema weet zeker dat zelfs een veel grotere besparing realistisch is. Dat is in de lijn van ‘Technologies and perspectives for achieving carbon neutrality’, een groot overzichtsartikel van vijftig researchers uit de hele wereld die schrijven: ‘Intermitterende Irrigatie kan de productie van methaan aanzienlijk verminderen en tegelijk de oxidatie van methaan verhogen en is daarom belangrijk om de methaanuitstoot van rijstvelden te beperken.’
CO2 en methaan maken de planeet warmer en dat is een serieuze zaak. Maar Greenpeace en de ambtenaren in Den Haag kiezen voor harde maatregelen die onze economie zwakker maken. Dat is fout, want de catastrofe dat het ijs van Groenland smelt en dat de zeespiegel stijgt is niet de enige ramp de wereld kan treffen. Denk aan een nieuwe covid-epidemie. Of een Noord-Koreaanse atoombom op Seoul (slechts 55 kilometer van de grens met Noord-Korea zodat zo’n bom niet tijdig kan worden onderschept). Of een Chinese blokkade van Taiwan. Of een koffer met radioactief materiaal in Wall Street.
Dubbel fout beleid
Bij elke catastrofe hopen we dat zoveel mogelijk mensen in een land leven met een gezonde economie en vertrouwen in de overheid die dan snel zware beslissingen moet nemen.
Dit beleid jegens de boeren is daarom dubbel fout: een overheid die vertrouwen verliest én zorgt voor minder gezond voedsel uit eigen land. Zwitserland en Finland zijn betere voorbeelden van landen die hun eigen landbouw helpen voor zelfvoorziening in oorlogstijd.
Nederland wordt minder leuk en armer onder druk van Greenpeace. De zorgen over toekomstige risico’s met de zeespiegel door CO2 en methaan zijn terecht, maar het afgedwongen beleid is te vaak verkeerd, onbetrouwbaar en slecht voor de economie. Volgende week nog een keer over ‘netto nul’.
Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!




















