Klimaatverandering doet in Europa weinig tot niets met onze gezondheid. Dus waar bemoeit de WHO zich mee?

WW Jaspers 23 mei 2026
Doorgeslagen alarmisme moet bewijzen dat er een catastrofale gezondheidscrisis in Europa aankomt, en dat is het excuus voor de WHO om ver buiten het eigen mandaat te treden. Beeld: YouTube.

Artikel beluisteren

Dankzij de recente uitbraak van het hantavirus op een cruiseschip staat de World Health Organization (WHO) weer even in het brandpunt van de belangstelling. Over hun aanpak van deze uitbraak – die zeker geen epidemie van het kaliber corona zal worden – kun je discussiëren, maar het staat buiten kijf dat de WHO hier een taak heeft; onder meer daarvoor is de WHO opgericht. En ik zal nooit ontkennen dat de WHO op dit gebied nuttige dingen heeft gedaan en vast nog gaat doen.

Maar de laatste tijd verbeeldt de WHO zich ook dat ze klimaatactivist zijn. Daartoe moet de ‘klimaatcrisis’ geframed worden als een gezondheidscrisis, en dat is precies wat een net verschenen WHO-rapport doet, dat zich speciaal op Europa richt, de Pan-European Commission on Climate and Health, Call to Action.

Nieuwe verdienmodellen

De WHO die bestrijden van klimaatverandering als kerntaak omarmt, is het zoveelste voorbeeld van de woke breinrot die op de hoofdkantoren van veel internationale organisaties en ngo’s heeft toegeslagen. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor het Rode Kruis en Artsen zonder Grenzen – en ik denk dat het geen toeval is, dat deze clubs ook uitblinken qua partijdigheid in de Gaza-oorlog. Ziedaar de intersectionaliteit van het Greta Thunberg-syndroom.

Aanhaken bij de klimaatalarmisme-trein heeft in de boardroom weinig tot niets met oprechte zorgen te maken; sluwe managers zijn altijd op zoek naar nieuwe verdienmodellen. Als je er met je organisatie in slaagt een VN-klimaatfonds aan te boren, vliegen je alras de miljarden dollars om de oren.

Alvorens het over de inhoud van die Pan-Europese Call to Action te hebben, ook even een opmerking over de vorm, want die is bij vlagen lachwekkend pretentieus. Het document vertoont trekjes van een religieuze incantatie, met de telkens herhaalde aanhef: ‘We, the Commission, call on…’ en dan gaat er weer een vlammende ‘oproep tot actie’ naar de WHO, of alle Europese regeringen, of ‘gemeentelijke en regionale netwerken’. Die overspannen retoriek vindt de Pan-Europese Commissie blijkbaar nodig, omdat ze ‘de confrontatie met klimaatverandering aangaan als een catastrofale dreiging voor de menselijke gezondheid, veiligheid en sociale stabiliteit’.

Eén lid van de Commissie is een oude bekende: Ernst Kuipers, de D66-gezondheidsminister die er op 10 januari 2024 van de ene dag op de andere de brui aan gaf, schermend met een nieuwe baan waarover hij niets mocht zeggen. Dat bleek een baan in Singapore te zijn waar hij pas op 1 mei hoefde te beginnen. Inmiddels is Kuipers weer helemaal terug in Nederland, nu dus onder andere als klimaatexpert.

Toen de NOS hem een microfoon onder de neus hield, wees hij er onder andere op dat extreem weer, veroorzaakt door klimaatverandering, invloed heeft op migratie: ‘En dus ook de verspreiding van infectieziekten en antimicrobiële resistentie. Daar merken we allemaal wat van.’

Vergezocht

Hebben ze dit op het partijbureau van D66 ook gelezen? Wat Kuipers hier eigenlijk zegt is: we moeten uit alle macht klimaatverandering tegengaan, want dan komen er minder van die exotische migranten binnen die allemaal enge ziektes meenemen. Het is een fraai voorbeeld van het what-aboutism in dit rapport: van alles wordt erbij gesleept om de dreiging van klimaatverandering urgenter te maken, ongeacht hoe vergezocht of onbelangrijk die effecten ook mogen zijn.

Wanneer het gaat over de mondiale gevolgen van klimaatverandering, wordt de toename van het aantal hitte-gerelateerde doden altijd als voornaamste bron van ellende opgevoerd. Het rapport wijst op de naar schatting 63.000 extra doden in Europa tijdens de extreme hittegolf van 2024, maar geeft niet aan welk deel daarvan kan worden toegeschreven aan klimaatverandering. Hittegolven waren er immers altijd al.

Voor het perspectief: in een gewoon jaar overlijden in heel Europa ongeveer 5 miljoen mensen. Stel dat die hittegolf puur door klimaatverandering de helft erger werd, dan heeft dat in dat jaar voor 0,6 procent meer doden dan normaal gezorgd. Dit betreft vrijwel allemaal zeer fragiele bejaarden, die binnen een jaar toch overleden waren. Bovendien is in Spanje gebleken dat de tol van zulke hittegolven drastisch (30 tot 60 procent) kan worden teruggebracht met simpele maatregelen die neerkomen op: beter voor fragiele bejaarden zorgen. Er is niks extreems aan, om elke nieuwe of renoverende instelling voor zieken of bejaarden voortaan te voorzien van airconditioning. Daarvoor hoeft echt niet de hele maatschappij op de schop, zoals de Commissie in dit rapport in allerlei toonaarden beweert.

En net als in al die alarmistische rapporten over de effecten van klimaatverandering, wordt in deze Call to Action verzwegen dat er in het huidige klimaat circa tien keer zo veel koude- als hitte-gerelateerde doden vallen, en dat eerste aantal neemt af naarmate het klimaat warmer wordt. In een van de schaarse onderzoeken, in Nature Medicine, die wel beide kanten van de medaille bekijken, volgt weliswaar uit hun modelexercitie dat bij voortgaande opwarming het aantal hitte-doden sterker stijgt dan dat het aantal koude-doden daalt. Netto zou het aantal ‘temperatuur-gerelateerde’ doden dus stijgen. Maar dan moet je ook in de kleine lettertjes kijken: dit model gaat uit van ‘geen aanpassing aan hitte’.

Het idee, dat mens en maatschappij dertig, veertig jaar lang geen simpele, praktische maatregelen nemen om zich aan te passen aan een paar graden opwarming en extremere hittegolven, is natuurlijk onzin. Mensen in Thailand leven anders dan die in Noorwegen, en een Noor in Thailand of vice versa doet er echt geen dertig jaar over om zich aan te passen.

Langer leven

Het onderzoek in Nature Medicine verdient de credits dat het ook diverse mates van aanpassing probeert door te rekenen. Dat komt allemaal samen in onderstaand plaatje:

Bron: https://www.nature.com/articles/s41591-024-03452-2

Het rechter paneel is het onlangs officieel onzinnig verklaarde rampscenario RCP8.5 (later, simpel gesteld, omgedoopt tot SSP3-7.0), dus dat negeren we. Het linker paneel is het eveneens achterhaalde klimaatscenario waarin we de opwarming nog onder de 1,5 graden deze eeuw houden. Een realistisch scenario is het middelste paneel, waar het netto effect van de opwarming bij 50 procent adaptatie resulteert in netto minder temperatuur-gerelateerde doden. Die 50 procent adaptatie is makkelijk haalbaar, zoals bijvoorbeeld uit bovengenoemd Spaans voorbeeld is gebleken.

In plaats van korter, leven we met z’n allen in Europa dan langer door klimaatverandering, al gaat het om een marginaal effect; de levensverwachting stijgt een of twee weken.

Dit onderzoek noemt 90 procent adaptatie onrealistisch, maar waarom eigenlijk? Hittedoden zijn vooral een armoede- en verwaarlozingsprobleem, waar al enorme verbeteringen gerealiseerd zijn, en dat gaat nog steeds door. Meer in het algemeen is het aantal doden door weer- en klimaatgerelateerde rampen de afgelopen eeuw met 99 procent verminderd (met de groei van de wereldbevolking verdisconteerd). Dat is bewezen adaptatie in de praktijk, en die is spectaculair effectief.

Dit onderzoek rekent per Europees land de effecten door, die nogal verschillen van noord tot zuid in Europa. Nederland zit daar tussenin: bij ons doet de opwarming – binnen de modelonzekerheid – netto niets met de temperatuurgerelateerde sterfte, zelfs zonder aanpassing, en zelfs in het extreme SSP3-7.0 scenario.

Zo laat een nuchtere analyse bijzonder weinig heel van het grootste kwaad van klimaatverandering voor Europa. Vergelijkbare kritiek is mogelijk – en nodig – op andere ‘catastrofale’ kwaden die de Commissie aanroept, zoals luchtverontreiniging door meer bosbranden, voedselonzekerheid door meer extreem weer en het al genoemde oprukken van sommige ziektes. Maar dan zou deze column uitdijen tot een long read van 5000 woorden.

Terug naar de kerntaken

Waar het op neerkomt: doorgeslagen alarmisme moet bewijzen dat er een catastrofale gezondheidscrisis in Europa aankomt, en dat is het excuus voor de WHO om ver buiten het eigen mandaat te treden. In plaats van zich druk te maken over concrete, acute bedreigingen van de volksgezondheid nu, gooit de WHO zijn volle gewicht achter de ‘hernieuwbare’ revolutie, wat inhoudt: geforceerde afschaffing van fossiele brandstoffen en het drastisch terugdringen van vlees eten. Dat laatste niet eens wegens beweerde directe gezondheidseffecten, maar om de uitstoot van broeikasgassen in Europa terug te dringen – een fraai staaltje branchevervaging.

De WHO, Artsen zonder Grenzen, het Rode Kruis, Oxfam Novib en andere ngo’s moeten al die woke obsessies afzweren en zich weer concentreren op hun oorspronkelijke kerntaken. Zó jammer dat Ernst Kuipers dan weer op zoek moet naar een andere bijbaan met internationaal carrièreperspectief…

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!