Antarctische ijskap gaat niet instorten maar dat zult u pas over vijf jaar in de krant lezen
Artikel beluisteren
Vorige week vroeg ik me hier hardop af, of er wel zoiets als rechtswetenschap bestaat. Die twijfel heb ik niet over klimaatwetenschap. Er zijn nog steeds vele integere klimaatonderzoekers die op basis van echte data en/of goed geteste modellen naar beste weten hun resultaten presenteren, ongeacht of dat in het straatje van Greenpeace en Greta Thunberg past.
Er zijn welswaar ook afdelingen klimaat’wetenschap’ die gekidnapt zijn door de heersende ideologie – zoals het Potsdam-Institut für Klimafolgenforschung en in Nederland het Copernicus-instituut – maar wat betreft klimaat ligt het probleem toch vooral bij de media en de milieulobby. Die zetten met hun selectieve aandacht en framing alles op alles om politiek, burger en jeugd een klimaatangstobsessie aan te smeren, met veel succes helaas.
Ineenstorting ijskap
Die angst moet periodiek aangejaagd worden met doemscenario’s over ‘kantelpunten’ in het klimaat waardoor we er allemaal op korte termijn aan gaan – tenzij we de torenhoge energiebelastingen en de verplichte warmtepomp van het kabinet-Jetten omarmen, natuurlijk, want dan blijft de mondiale opwarming onder de veilige 1,5 graad.
Voor een goed begrip van het volgende moeten we nu een heel stuk op herhaling. Eén zo´n kantelpunt is de ineenstorting van de West-Antarctische ijskap door MISI en MICI. Dit zijn afkortingen voor twee in 2016 door klimaatonderzoekers David Pollard en Rob DeConto bedachte instabiliteiten in afkalvende dikke ijslagen. Hoewel dit slechts hypothetische mechanismes waren, geen voorspellingen – ook volgens die onderzoekers zelf – leidde dat meteen tot grote koppen in de krant en werd deze MISI/MICI-ineenstorting prompt als scenario verwerkt in alle prognoses van Deltares en het KNMI. Resultaat: een meter extra zeespiegelstijging aan de Nederlandse kust in 2100 en nog een paar meter in 2300.
Het MISI-deel van die hypothetische ineenstorting (Marine Ice Sheet Instability) berust op het feit dat een groot deel van de West-Antarctische ijskap onder de zeespiegel op de rotsbodem rust. Naarmate de grens van de afsmelting door de opwarming oprukt, perst zich oceaanwater onder dat grondijs, waardoor dat grondijs ineens gaat drijven, wat de afkalving dramatisch zou versnellen.
In een column uit 2024 is tot in detail besproken hoe het verder ging met die MISI: dat gaat onder alle plausible CO2-uitstootscenario’s niet gebeuren. M’n geloof dat er nog echte klimaatwetenschap bestaat, is onder meer gebaseerd op het feit dat Pollard en De Conto, met aan boordneming van kritiek van andere klimaatwetenschappers zoals Valentina Barletta, zelf met een verbeterd ijskapmodel kwamen dat dit veel genuanceerdere beeld geeft.
Hype wordt nieuwe normaal
Heeft dat geleid tot het bijstellen van de desbetreffende rampscenario’s van Deltares en hoe de media over de ineenstorting van de Antarctische ijskap berichten? Uiteraard niet, dat duurt nog vijf à tien jaar, net zoals het tien jaar duurde voordat het IPCC het onrealistische, extreme CO2-uitstootscenario RCP 8.5 eindelijk afschafte, terwijl het KNMI daar nog altijd aan vasthoudt.
Dat is het patroon hoe media en politiek met milieu- en klimaatwetenschap omgaan: wat als theoretische, worst case-prognose een hype wordt, is een half jaar later het nieuwe normaal waar het beleid ‘dus’ op gebaseerd moet zijn.
Ook MICI ten grave gedragen
Maar het verhaal van de MISI/MICI-ineenstorting is nog niet af, want hoe zit het met die andere instabiliteit, de MICI (Marine Ice Cliff Instability)? Het idee daarachter is, dat een verticale ijsklip van meer dan 90 meter hoog instabiel is, en puur door z’n eigen gewicht in kan storten. Als door dat afkalven een nog dikker stuk van de ijskap de buitenrand wordt, zal ook dat stuk instabiel worden en afkalven, zodat het afkalven op hol slaat. Pollard en De Conto veronderstelden dat dit overal aan de rand van de West-Antarctische ijskap kon gaan gebeuren als door klimaatopwarming het afsmelten dikkere gedeeltes van de ijskap bereikte.
Ook MICI is deze week zo ongeveer ten grave gedragen door drie Amerikaanse onderzoekers die in vakblad Science hun gedetailleerde satellietwaarnemingen van maar liefst 15.000 van die ijsklippen aan de randen van Antarctica en Groenland publiceerden. Een klein percentage van die klippen is nu al hoger dan 90 meter, maar ze vonden daar geen enkel bewijs voor MICI-achtige, versnelde afkalving. Ook dat blijkt weer zo’n scenario van op hol slaan dat slechts in een zeer simplistisch model optreedt, niet in de realiteit.
Profijtelijk rampverhaal
De heuglijke boodschap is: ook dit kantelpunt in het klimaatsysteem bestaat niet. De ijskappen van Antarctica en Groenland zijn stukken stabieler dan klimaatwetenschappers een paar jaar geleden nog vreesden, alle extreme scenario’s met meer dan een meter zeespiegelstijging in 2100 kunnen de prullenbak in.
In dit geval heeft de klimaatwetenschap gewoon gedaan wat die moest doen: er was een alarmerende hypothese, die is nader onderzocht, het bleek allemaal wel los te lopen, en ook dat is keurig gepubliceerd. Helaas zal de instabiele West-Antarctische ijskap die overmorgen in z’n geheel in zee dreigt te schuiven nog heel lang voortleven in de talking points van Greenpeace en andere klimaatagitators. Zo’n rampverhaal is te profijtelijk om kapot te laten checken.
Insectenarmageddon
Graag had ik hier meteen het laatste nieuws over nog zo’n episch rampverhaal met u gedeeld: het insectenarmageddon. Door de gifspuiterij in de landbouw zouden insecten massaal aan het uitsterven zijn, waardoor er straks geen bijen en andere natuurlijke bestuivers van onze voedselgewassen meer zijn en we allemaal van honger omkomen. Daar sloeg The Guardian in 2017 groot alarm over, en het geldt sindsdien als een onomstotelijke waarheid voor de ecolobby.
Maar dat nieuws houdt u van me tegoed voor volgende week, want daarop rust nog een embargo (wetenschapsjournalisten mogen nieuws uit wetenschappelijke bladen een week voor publicatie al inzien, mits ze plechtig beloven er voor die datum niets over te zeggen. We koesteren ons privilege).
Wynia’s Week brengt broodnodige, onafhankelijke berichtgeving: drie keer per week, 156 keer per jaar, met artikelen en columns, video’s en podcasts. Onze donateurs maken dat mogelijk. Doet u (weer) mee? Hartelijk dank!


