Jammer voor artikel 1 van onze Grondwet, maar laten we stoppen met de gelijke behandeling van godsdiensten

WW Bouwman 20 oktober 2026
In de herziene Grondwet die in 1983 in werking trad, wordt de burger al in het eerste artikel met een verbodsbepaling om de oren geslagen: gij zult niet discrimineren! Foto: ANP/Henriette Guest.

Artikel beluisteren

Nederland was eeuwenlang een door en door christelijk land en dus zijn we ook van oudsher vertrouwd met het fenomeen heilige teksten. Het lijkt soms wel of nu onze Grondwet in die categorie is gaan vallen.

Want hoe vaak gebeurt het niet dat een discussie wordt afgekapt met de uitroep dat een idee of voorstel ‘in strijd is met de Grondwet’. Alsof het gaat om onfeilbare wetteksten die uit de hemel zijn neergedaald en voor eeuwig vaststaan.

Fundamentele herziening

In werkelijkheid zijn wijzigingen van onze Grondwet al heel lang schering en inslag. Daarbij gaat het niet zelden om fundamentele zaken. Neem de herziening van de Grondwet die in 1983 in werking trad.

Voor het eerst werden toen ‘sociale grondrechten’ aan de tekst toegevoegd. Als ‘voorwerp van zorg der overheid’ golden voortaan ‘bevordering van voldoende werkgelegenheid’ (artikel 19), ‘spreiding van welvaart’ (artikel 20) en ‘verbetering van het leefmilieu’ (artikel 21). Ook diende de overheid ‘voldoende woongelegenheid’ te stimuleren en ‘voorwaarden’ te scheppen voor ‘maatschappelijke en culturele ontplooiing en voor vrijetijdsbesteding’ (artikel 22).

‘Gij zult niet discrimineren’

Grondrechten worden traditioneel vastgelegd om de burger tegen de staat te beschermen en desnoods tegen andere burgers. Met die gewoonte, zo stelden critici vast, werd in 1983 gebroken: grondrechten waren er voortaan vooral om overheidshandelen te legitimeren.

Ook artikel 1 van de herziene Grondwet, waarin ‘gelijke behandeling’ werd geproclameerd, baarde opzien. De eminente historicus E.H. Kossmann schreef dat hem geen andere Europese grondwet bekend was waarin de burger al in het eerste artikel met een verbodsbepaling om de oren wordt geslagen: gij zult niet discrimineren!

In 2023 werden ‘handicap’ en ‘seksuele gerichtheid’ toegevoegd aan de discriminatieverboden in artikel 1. Klare taal, zo op het eerste oog. Maar zouden echt álle seksuele gerichtheden worden bedoeld?

Nee, natuurlijk niet. Illustratief is een voorval uit 2019.

De pedoclub ‘Kinderbevrijdingsfront’ wilde toen meedoen aan de jaarlijkse Canal Parade van Pride Amsterdam. De organisatie bleek dat echter geen goed idee te vinden. Vervolgens greep de politie in toen de pedo’s gingen flyeren in het Vondelpark.

Dat was volkomen in de haak en géén discriminatie, constateerde later het College voor de Rechten van de Mens. ‘We vonden al dat we in ons recht stonden, maar het is goed dat wordt bevestigd dat de eisen van het Kinderbevrijdingsfront niet binnen de wet vallen,’ reageerde Lucien Spee, directeur van Amsterdam Pride.

Politieke gezindheid

Ook discriminatie op grond van politieke gezindheid is volgens artikel 1 onze grondwet niet toegestaan. Wederom lijkt hier sprake van klare taal. Maar worden echt álle politieke gezindheden bedoeld?

Nee, natuurlijk niet. Rechtsextremisten bijvoorbeeld hebben in Nederland nooit op veel bescherming kunnen rekenen. Zo werd na de Tweede Wereldoorlog niet alleen de NSB verboden, maar in 1955 ook de Nationaal Europese Sociale Beweging (NESB), die was bedoeld als doorstart. Een poging om de Nederlandse Volks-Unie (NVU) te verbieden mislukte deels (de rechter verbood de NVU in 1978 wel, maar ontbond haar niet), maar slaagde in 1998 wel bij de Centrumpartij ’86 (CP’86).

Ook het discrimineren van linksextremisten is in Nederland nooit een punt geweest. Zo deed de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD), de belangrijkste voorloper van de AIVD, decennialang weinig anders dan het permanent bespioneren, infiltreren en ontregelen van de communistische CPN. Paul de Groot alias ‘Stalin aan de Amstel’, partijleider in de jaren 1938-1977, werd zelfs thuis door de BVD afgeluisterd.

Iedereen snapt de nuances die hier een rol spelen. Wat de Grondwet ook mag zeggen: niet álle seksuele gerichtheden zijn even mooi en niet álle politieke gezindheden zijn even humanitair. En dus is gelijke behandeling niet in alle omstandigheden even dringend.

Het rare is dat die nuances vaak meteen uit beeld verdwijnen wanneer het gaat om godsdiensten. Anders dan seksuele gerichtheden en politieke gezindheden schijnen religieuze overtuigingen namelijk wél allemaal even prachtig te zijn.

Dus, zo zeggen progressieve opiniemakers onder verwijzing naar artikel 1 van onze Grondwet, als boa’s geen hoofddoek mogen dragen, dan moet dat verbod ook gelden voor keppeltjes en kruisjes.

Dus, zo zeggen vooruitstrevende politici, als islamitische scholen er een potje van maken, moeten ook katholieke, joodse en protestantse scholen worden gesloten.

Dus, zo vinden linkse columnisten, als het organiseren, faciliteren of bijwonen van iftars in politie-uniform wordt verboden, mag op politiebureaus ook geen kerstboom meer staan.

Curieuze toestand

‘Eén Nederlander is een geloof, twee Nederlanders zijn een kerk en drie Nederlanders zijn een kerkscheuring,’ zo luidt een oude zegswijze. Maar nu onze kerken zijn leeggelopen en de islam onder 18- tot 25-jarigen de grootste godsdienst is – andere leeftijdscohorten zullen naar verwachting later deze eeuw volgen – willen we opeens van verschillen tussen geloofsrichtingen niets meer weten.

Wat een curieuze toestand. Theologen zouden vroeger waarschijnlijk niet hebben geaarzeld om van ‘een wonder’ te spreken.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!