Energietransitie in de praktijk: hoe Twente de hoogste windturbines van Nederland door de strot krijgt geduwd

WW Schukkink 18 juli 2026 BEELD
Windturbines op een bouwplaats in Werlte, in de Duitse deelstaat Nedersaksen. Foto: Pexels.

Artikel beluisteren

Van de beloofde samenwerking tussen inwoners, gemeenten en provincies bij de bouw van windturbines en zonneparken komt in de praktijk weinig terecht. Sterker nog: de lokale democratie wordt dikwijls omzeild. Overijssel spant de kroon.

In het Klimaatakkoord uit 2019 is vastgelegd dat Nederland in 2030 ten minste 35 terawattuur (TWh) aan duurzame elektriciteit uit wind- en zonne-energie op land realiseert. Dit plan wordt uitgevoerd met behulp van Regionale Energiestrategieën (RES), verdeeld over zogeheten ‘RES-regio’s’.

Overijssel heeft zich gecommitteerd om 2,3 TWh aan windenergie te realiseren in 2030. Om aan deze doelstelling te voldoen, moeten in de provincie ongeveer negentig windturbines worden bijgebouwd. Nu zijn dat er nog 32.

Provincie en gemeenten moeten in het kader van de RES samen optrekken om te bekijken hoe, waar en hoeveel energieopwekking mogelijk is. Dat was ook in Overijssel het idee, tot de Provinciale Staten in juni 2023 de motie ‘Grip op wind’ aannam.

Machtsgreep van de provincie

In deze motie werd het college van Gedeputeerde Staten opgeroepen meer regie te nemen en richting te geven bij het uitbreiden van windenergie in de provincie. Onder leiding van gedeputeerde Tijs de Bree (PvdA) kregen de Overijsselse gemeenten vervolgens de opdracht om zogenoemde ‘zoekgebieden’ te selecteren waar windturbines zouden kunnen worden gebouwd.

In 2024 werd de nieuwe Omgevingswet van kracht. Deze wet maakte de provincie – en niet langer de gemeente – het bevoegd gezag bij windenergieprojecten tussen de 5 en 100 megawatt (MW), van vergunningverlening tot coördinatie van de ruimtelijke inpassing. ‘We lopen achter met de realisatie van windenergie,’ reageerde De Bree op klachten van gemeenten die een machtsgreep van de provincie vermoedden. ‘Als we onze doelen in 2030 willen halen, dan moeten we nu aan de slag.’ Bovendien zou alles ‘in goed overleg’ met de gemeenten worden geregeld.

In de praktijk verliep dat heel anders.

Acht Overijsselse ‘weigergemeenten’ bleken politieke of praktische bezwaren te hebben tegen zogeheten programmeringsafspraken met de provincie. Zo wilde de gemeente Enschede wachten totdat de nieuwe landelijke milieunormen voor windturbines zijn vastgesteld. Ook de gemeenten die wél meewerkten, deden dat vaak niet zonder reserves.

Eind 2024 besloot de provincie Overijssel voor tegenstribbelende gemeenten eigenhandig maxima voor windenergie en beschikbare zoekgebieden vast te stellen. Ook Enschede kreeg een ‘windopgave’: 80 gigawattuur (GWh) per jaar. Ook bepaalde de provincie dat het hele grondgebied van de gemeente open zou komen te staan voor het indienen van initiatieven voor nieuwe windturbines.

In een bezwaarschrift (mei 2025) protesteerde het college van B en W van Enschede tegen deze gang van zaken. De provincie zou voortijdig en zonder draagvlak handelen en ook nog eens in strijd met eigen afspraken en wetgevende kaders. ‘De provincie is willens en wetens op ramkoers gegaan. Wij kunnen en willen nu niet anders dan stevig optreden tegen deze ingezette koers,’ aldus wethouder Niels van den Berg.

Het bezwaar van de gemeente Enschede werd op 31 maart door de provincie niet-ontvankelijk verklaard. Het college heeft inmiddels beroep ingesteld bij de bestuursrechter.

Hoogste windturbines van Nederland

Het is niet de enige zaak waarbij de provincie haar plannen voor de rechter moet verdedigen. Ook Stichting Twickel, beheerder van het gelijknamige landgoed rond het Twentse stadje Delden, eist in een lopende procedure dat de provincie afziet van de plaatsing van windturbines. De stichting vreest voor aantasting van landschap en natuur, geluidsoverlast, slagschaduwen en mogelijke gezondheidsrisico’s, zo laat rentmeester Egbert-Jaap Mooiweer weten aan Wynia’s Week.

Ondertussen sloot in januari 2025 de inschrijving voor de in Enschede te plaatsen windturbines. De gemeente kreeg van de provincie te horen dat alle aanvragen zijn gedaan door energieleverancier Pure Energie. Het gaat om aanvragen voor Windpark Aamsveen, Windpark N18 en Windproject Windmolenweg. Saillant detail: bij het Aamsveen, een grensoverschrijdend en beschermd hoogveengebied, wil Pure Energie de vier hoogste windturbines van Nederland bouwen: met een tiphoogte – het bovenste puntje als een wiek rechtovereind staat – van liefst 280 meter. Ter vergelijking: de Euromast in Rotterdam is 185 meter hoog.

Keiharde provinciale regie

De in het kader van de RES beloofde soepele samenwerking tussen inwoners, gemeenten en provincies, heeft in Overijssel plaatsgemaakt voor keiharde, provinciale regie met een top-down karakter. Gemeenten die niet meewerken, verliezen hun invloed op locatie en omvang van de windenergieprojecten. Bezwaren van inwoners of het uitblijven van landelijke windturbinenormen doen er niet toe. Voor de provincie lijkt het doel – 2,3 TWh aan windenergie in 2030 – alle middelen te heiligen. Wat dat doet met het draagvlak voor de energietransitie, laat zich raden.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!