Minder asiel, islam en EU, strengere straffen en meer kernenergie: Nederlanders zijn eensgezinder dan ooit. Dus hoezo ‘toenemende polarisatie’?
Artikel beluisteren
Zou er nog weleens iemand aan Ed van Thijn denken?
De vijf jaar geleden overleden PvdA-prominent was fractievoorzitter in de Tweede Kamer, senator en twee keer kortstondig minister, maar werd tussen 1983 en 1994 vooral bekend als burgemeester van Amsterdam.
Daar genoot Van Thijn een reputatie als fervent propagandist van politieke correctheid. In dat kader mocht – er is in het Amsterdam van 2026 niks nieuws onder de zon – ook gelogen en gemanipuleerd worden. Ter opfrissing van het geheugen: toen in 1988 via Het Parool een geheim gemeentelijk onderzoeksrapport uitlekte over de activiteiten van Marokkaanse jeugdbendes in de Amsterdamse binnenstad, kreeg de opsteller ervan door de burgemeester een spreekverbod opgelegd.
De ‘nafjes’, constateerde toenmalig Parool-hoofdredacteur Sytze van der Zee in zijn memoires, mochten onder geen beding voor het hoofd worden gestoten. Na de exodus tussen 1960 en 1985 van zo’n 200.000 Amsterdammers naar Almere, Lelystad, Hoorn en Purmerend, konden de Marokkanen immers een vruchtbaar nieuw electoraat voor de PvdA gaan vormen.
Tweedeling als doel
Groei en bloei van de PvdA gingen Van Thijn altijd zeer ter harte. In dat kader bedacht hij eind jaren zestig de zogenoemde ‘polarisatiestrategie’. Wilden de progressieve partijen in Nederland een meerderheid krijgen, zo luidde de achterliggende gedachte, dat dienden de kiezers in het politieke midden gedwongen te worden tot een keuze voor links of voor rechts. Om zo’n tweedeling te bereiken was het nodig de politieke tegenstellingen zo scherp mogelijk neer te zetten.
De zaak werd zeer serieus genomen. Bij de weduwe van PvdA-leider Joop den Uyl ging het polarisatiestreven zelfs zo ver dat ze in 1987 niet toestond dat voormalig CDA-premier Dries van Agt de herdenkingsbijeenkomst voor haar man bijwoonde.
Geen toverwoord meer
In 2026 is polarisatie allang geen hip progressief toverwoord meer. Anders dan in de hoogtijdagen van Ed van Thijn is links er nu juist zeer beducht voor. Door polarisatie, zo waarschuwt Jesse Klaver keer op keer, dreigt Nederland ‘uit elkaar te worden getrokken’.
Ook de AIVD maakt zich grote zorgen. Onze inlichtingen- en veiligheidsdienst noemt polarisatie steevast in één adem met ‘radicalisering’, ‘discriminatie’ en ‘racisme’. Erger bestaat niet.
Gek genoeg zijn er nauwelijks aanwijzingen dat de polarisatie in Nederland hand over hand toeneemt. Integendeel.
Zo deed aan de Tweede Kamerverkiezingen van vorig jaar geen enkele lijsttrekker mee die, zoals vijftig jaar geleden Joop Glimmerveen van de Nederlandse Volks-Unie (NVU), enthousiast was over Adolf Hitler en de Waffen-SS. Ook zijn er in Nederland geen partijen meer die vinden dat de overheid maatregelen moet nemen tegen ‘de publieke uitingen van de homoseksuele subcultuur’, zoals in 1981 stond te lezen in het verkiezingsprogramma van de RPF, een voorloper van de ChristenUnie.
Wat de linkerzijde betreft: de knotsgekke PSP, die zowel het leger, de mobiele eenheid als de strafbaarstelling van pedofilie wilde afschaffen, bestaat niet meer. De SP, tot 1991 een marxistisch-leninistische partij die jarenlang reclame maakte voor de massamoordenaars Josef Stalin en Mao Tse-toeng, is grondig gederadicaliseerd.
PRO heeft minderheidsstandpunten
Bovendien bestaat onder de Nederlandse burgers, zo blijkt uit opiniepeilingen, grote eensgezindheid over de belangrijkste politieke thema’s.
Om een paar in het oog springende kwesties te noemen: al vele jaren wil een ruime meerderheid van de Nederlanders minder bemoeienis van de Europese Unie met onze nationale aangelegenheden. Ook zijn we in grote meerderheid bezorgd over de opmars van de islam en het oprukken van de georganiseerde misdaad – we willen dat rechters strenger straffen – en zijn we massaal voorstander van het bouwen van nieuwe kerncentrales.
Het grootst is de eensgezindheid over asielmigratie. Nog onlangs bleek uit een peiling van Maurice de Hond dat maar liefst 75 procent van de Nederlanders vindt dat de asielinstroom fors moet worden ingeperkt. Zelfs onder D66-aanhangers is een meerderheid (55 procent) daar voorstander van. Bij de kiezers van VVD, CDA, PVV, JA21 en FvD liggen de scores tussen de 86 en 100 procent.
Slim omweggetje
Van de grote(re) partijen heeft alleen de achterban van PRO een dissident standpunt: slechts een kleine minderheid (22 procent) wil minder asielzoekers. Dat is toch wel frappant voor de partij die het hardst roept dat we ten onder dreigen te gaan aan polarisatie.
Of zouden die waarschuwingen deel uitmaken van een nieuwe polarisatiestrategie, nu met als doel om via een slim omweggetje de linkse minderheidsstandpunten over asiel, de islam, misdaad, de EU en kernenergie minstens evenveel soortelijk gewicht te geven als de rechtse meerderheidsstandpunten?
De politiek correcte polarisatiestrateeg Ed van Thijn is ons weliswaar ontvallen – en zijn PvdA inmiddels ook – maar laten we het desondanks maar niet uitsluiten.
Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo. Hartelijk dank!





















