Ilja Leonard Pfeijffer: linkse chic in het gedrang

WW Spruyt 15 augustus 2026
Ilja Leonard Pfeijffer bepleit een wending naar radicaallinks – tegen beter weten in. Beeld: Wikipedia.

Artikel beluisteren

Ook schrijver Ilja Leonard Pfeijffer is bezorgd. Maar zijn analyse van de politieke ontwikkelingen laten zich vooral lezen als het product van oude linkse chic die zich door die ontwikkelingen in het gedrang voelt komen. Pfeijffer bepleit een wending naar radicaallinks – tegen beter weten in.

In het grote koor van de grote verontrusten over de toekomst van onze democratie heeft zich ook de Nederlandse schrijver Ilja Leonard Pfeijffer gevoegd. Hij zingt zelfs boven allen uit. Dat heeft ongetwijfeld te maken met zijn imposante verschijning – een hippie in pak en das – en zijn status als groot schrijver, auteur van veelgelezen boeken als Grand Hotel Europa en Alkibiades.

Pfeijffer woont in Genua en schrijft tussendoor voor de Belgische krant De Morgen. Het geruchtmakende interview (‘democratiedialoog’) met Frans Timmermans in die krant werd door Pfeijffer opgetekend, tamelijk kritiekloos, inclusief de waanzinnige vergelijking die Timmermans trok tussen de Joden en de nazi’s.

De columns die Pfeijffer voor deze krant schreef, zijn recent gebundeld in het lijvige boek Absolute democratie: kroniek van een aangekondigde afrekening. Wie geen zin heeft in dat boek kan terecht bij een recent interview met Pfeijffer in Nieuwe Revu.

Historisch keerpunt

Twee jaar lang heeft Pfeijffer in de krant lucht mogen geven aan een bepaalde onrust. We staan voor een keerpunt in de geschiedenis. De democratie wordt ontmanteld. Want de ‘oude, vertrouwde democratie’, oftewel de constitutionele democratie (een bestel waarin de politiek zich schikte binnen de kaders van Grondwet en rechtsstaat) staat onder druk, en maakt langzaam maar zeker plaats voor een ‘absolute democratie’.

Dat is een bestel waarin de verkiezingsuitslag wordt gezien als een vrijbrief voor de winnaar om een autoritaire agenda uit te rollen, een dictatuur van de meerderheid. Aan die omslag ligt de onvrede en woede onder de bevolking ten grondslag.

Die is reëel, geeft Pfeijffer toe. Maar het volk wordt misleid door populisten die migranten als de grote zondebok aanwijzen. Terwijl het eigenlijk gaat over economische ongelijkheid, klimaatproblemen, woningtekort en problemen in de zorg. Allemaal uitwassen van vrije markt en kapitalisme. Links moet weer radicaler worden en dit ‘neoliberalisme’ bij de strot grijpen – zoals Bernie Sanders in de VS en Jean-Luc Mélenchon in Frankrijk.

Het is de bekende linkse riedel, opgeroepen door de politieke ontwikkelingen in de VS (Trump), Italië (Meloni) en Frankrijk (Le Pen). Maar wat is de relevantie van deze analyse voor de Nederlandse situatie?

Dreigt ook hier een dictatuur van de meerderheid onder leiding van één man met een autoritaire agenda? Het kan zijn dat ik wat gemist heb, maar ik heb hem nog nergens ontwaard.

Wat we in Nederland zien is eigenlijk het tegenovergestelde: een dictatuur van een minderheid, die krampachtig de terechte onvrede en woede van een groot deel van de bevolking van zich af probeert te duwen. Die een grote kans heeft laten liggen door JA21 buiten de coalitie te houden. En die weet dat het heeft verloren, dat het dominante verhaal niet meer door links wordt geschreven, dat de linkse era voorbij is en die met veel kunst- en vliegwerk (‘wisselende coalities’) verbeten vasthoudt aan de macht.

Links despotisme

De democratie waar Pfeijffer het over heeft beoefende vroeger een zacht en mild despotisme, net zo dictatoriaal en autocratisch als het regime waar Pfeijffer bang voor zegt te zijn. Maar dat linkse despotisme krijgt nu iets pesterigs, met de voorgenomen stikstofmaatregelen en onteigeningen, de volgehouden onwil om de immigratie te beperken en modieuze voorstellen op (medisch-)ethisch terrein. Het is de rancune om verloren macht.

‘De deftigheid in het gedrang’ noemde de sociaaldemocraat Jacques de Kadt de rechtse onrust over cultureel verval, naar aanleiding van de publicaties van Johan Huizinga. De ‘linkse chic in het gedrang’ is de beste samenvatting van de columns van Pfeijffer en het profiel van dit spartelende kabinet. Met een moreel verheven verhaal om de eigen aftocht te dekken: zij hebben niets fout gedaan, maar het volk is verleid door boze machten.

Wat Pfeijffer in feite beschrijft – in zijn columns en in zijn grote boek over Alkibiades – is wat in de politieke filosofie de overgang van een democratie naar een ochlocratie heet. Het is niet langer het volk (demos) dat regeert maar de massa (ochlos). Dat leidt tot chaos en dreigende anarchie. En dan staat de grote leider op, die met voorbijzien van alle recht en verdragen de orde belooft te herstellen.

Pfeijffer weet dat als geen ander, want hij is een begaafd classicus en zijn boek over Alkibiades (en het vervolg: De luimen van de leeuw) getuigt van een grote eruditie en een meeslepende schrijfstijl. Maar dan weet Pfeijffer ook iets wat hij stelselmatig verzwijgt. De door hem opgevoerde denkers die die overgang (dat ‘keerpunt in de geschiedenis’) wilden voorkomen, stelden vast dat een democratie aan een aantal voorwaarden moest voldoen om dat verval te voorkomen. Die voorwaarden waren en zijn van culturele en morele aard.

Het is met links niet misgegaan toen Wim Kok en Tony Blair in de jaren negentig hun ideologische veren afschudden en ‘bondgenoot’ van het ‘neoliberalisme’ werden, maar al eerder, toen links het oude ideaal van de volksverheffing opgaf en dat ideaal, geïnspireerd door een noodlottig cultureel en moreel relativisme, inwisselde voor het transponeren van de libertijnse levensstijl van een elite naar alle lagen van de bevolking.

Niet radicaallinks is de oplossing, maar een fatsoenlijke conservatieve partij.

Literaire bijsluiter

Het blijft voor mij een raadsel dat een zo geleerd man als Pfeijffer zijn grote talent niet in dienst stelt van een ideaal dat hij kent maar negeert. In een analyse van moderne Nederlandse literatuur schreef Hans van Willigenburg dat veel hedendaagse literatuur zich laat lezen als een ‘bijsluiter van het partijprogramma van GroenLinks-PvdA’. Het is niet zo aardig om zoiets te stellen, maar daar komt het uiteindelijk wel op neer.

Wynia’s Week verschijnt 156 keer per jaar en wordt volledig mogelijk gemaakt door de donateurs. Doet u mee? Doneren kan zo.Hartelijk dank!